← Nederland

ECLI:NL:RBZWB:2026:1407

RECHTBANK ZEELAND-WEST-BRABANT Familie- en Jeugdrecht Locatie Middelburg Zaaknummer: C/02/444224 / FA RK 26-339 Datum uitspraak: 2 februari 2026 Beschikking zorgmachtiging op het verzoek van de officier van justitie voor [betrokkene] , geboren op [geboortedag] 1988 in [geboorteplaats] , hierna te noemen betrokkene, wonend in [woonplaats], advocaat mr. C.E.J.E. Kouijzer uit Middelburg. 1Het verloop van de procedure 1.

  1. De rechtbank neemt de volgende stukken mee in de beoordeling: - het verzoekschrift met bijlagen, binnengekomen bij de rechtbank op 20 januari
  2. 1.
  3. De zitting met gesloten deuren heeft plaatsgevonden op 2 februari
  4. Daarbij zijn gehoord: betrokkene, bijgestaan door zijn advocaat; mevrouw [persoon 1] , verpleegkundig specialist; mevrouw [persoon 2] , sociaalpsychiatrisch verpleegkundige (hierna: SPV’er) de vader van betrokkene. 2Het verzoek 2.
  5. De officier van justitie verzoekt de rechtbank een zorgmachtiging te verlenen voor de duur van zes maanden. 3De standpunten 3.
  6. Tijdens de zitting geeft betrokkene aan dat het goed met hem gaat. Betrokkene erkent dat hij een psychose heeft gehad. Sinds zo’n drieënhalve maand gebruikt betrokkene zijn medicatie weer dagelijks. Zijn moeder ondersteunt hem daarbij. Betrokkene was daarvoor niet volledig gestopt met het gebruik van de medicatie, maar gebruikte de medicatie af en toe niet. Betrokkene erkent dat het de afgelopen maanden onrustig is geweest. Betrokkene doet geen vlieg kwaad en betwist te hebben geschreeuwd naar kinderen in het park. Wel heeft hij ruzie gehad en moet daarvoor binnenkort voorkomen bij de politierechter. Betrokkene werd gepest en kreeg geen hulp van de instanties. Betrokkene kan dit onderscheiden van het gedrag dat voorkwam uit de psychose. 3.
  7. De SPV’er licht toe dat het verleden heeft uitgewezen dat er bij vrijwillige zorg onvoldoende motivatie is bij betrokkene om de medicatie in te blijven nemen. Toen de situatie van betrokkene was gestabiliseerd is hij uit zorg gegaan. Toen heeft hij zelf besloten om de medicatie inname te staken en is in een psychose geraakt. Het is dan ook noodzakelijk dat betrokkene zijn medicatie blijft innemen. De SPV’er heeft er onvoldoende vertrouwen in dat dit op vrijwillige basis kan plaatsvinden. De verzochte vormen van verplichte zorg zijn daarbij noodzakelijk. Het beperken van de communicatiemiddelen is niet nodig. 3.
  8. De verpleegkundig specialist verklaart dat betrokkene eerder vrijwillig in behandeling is geweest. Vanaf het moment van uitschrijven, is het een tijd goed gegaan. Op een gegeven moment werd dit minder doordat betrokkene de medicatie niet innam. Het is daarbij lastig om met betrokkene tot een behandelovereenkomst te komen. Inmiddels is er wel een samenwerking bereikt, maar die is nog te broos en te pril om de behandeling op vrijwillige basis voort te zetten. Bij wijze van verplichte zorg is het toedienen van medicatie, het verrichten van medische controles en het aanbrengen van beperkingen in de vrijheid het eigen leven in te richten noodzakelijk. Het beperken van de communicatiemiddelen kan worden geschrapt. 3.
  9. De vader licht toe dat het de laatste paar maanden goed gaat met betrokkene. Betrokkene neemt de medicatie in en komt de afspraken na. De vader wil dat dit zo blijft en dat betrokkene geen ruzie maakt. 3.
  10. Door de advocaat is verzocht om het verzoek toe te wijzen. Het komende halfjaar zal moeten uitwijzen of verplichte zorg nodig is of dat de behandeling op vrijwillige basis kan worden voortgezet. Hoewel betrokkene liever op vrijwillige basis de zorg ontvangt, heeft hij geen bezwaar tegen het verlenen van de zorgmachtiging met de zorgvormen zoals tijdens de zitting besproken. 4De beoordeling 4.
  11. De rechtbank verleent de gevraagde machtiging voor de duur van zes maanden. Zij legt hierna uit waarom zij deze beslissing neemt. 4.
  12. De rechtbank is van oordeel dat betrokkene lijdt aan een psychische stoornis. Betrokkene is bekend met een psychotische kwetsbaarheid en heeft al meerdere paranoïde psychoses doorgemaakt. Daarnaast is er sprake van cannabisgebruik en bestaat er het vermoeden van een onder gemiddeld intelligentieniveau. De psychische stoornis is door of namens betrokkene niet betwist. 4.
  13. Deze stoornis veroorzaakt ernstig nadeel. Dit nadeel bestaat uit: - ernstig lichamelijk letsel; - ernstige psychische schade; - maatschappelijke teloorgang; - het oproepen van agressie van een ander door het vertonen van hinderlijk gedrag; - gevaar voor de algemene veiligheid van personen en goederen. 4.
  14. Daarbij neemt de rechtbank in aanmerking dat betrokkene, vanuit zijn psychotische toestandsbeeld dat gepaard gaat met extreme achterdocht, dreigend en (verbaal en fysiek) agressief gedrag kan vertonen richting derden. Zo is er aangifte gedaan tegen betrokkene wegens bedreiging en mishandeling. Verder is betrokkene door de verschillende conflicten zijn baan verloren. Het ontbreekt betrokkene daardoor thans aan zinvolle dagbesteding. Een eerdere poging tot beschermd wonen is mislukt en door het verblijf van betrokkene in de thuissituatie dreigen zijn ouders overbelast te geraken. 4.
  15. Om het ernstig nadeel af te wenden of de geestelijke gezondheid van betrokkene te stabiliseren of te herstellen heeft betrokkene zorg nodig. 4.
  16. Er zijn geen mogelijkheden voor passende zorg op vrijwillige basis. Hoewel betrokkene zich momenteel aan de afspraken houdt en de voorgeschreven medicatie inneemt, acht de rechtbank de zorgmachtiging op het moment noodzakelijk. Om ervoor te zorgen dat betrokkene de noodzakelijk geachte (medicamenteuze) behandeling blijft accepteren en zich niet opnieuw onttrekt aan de benodigde zorg is (voorlopig) verplichte zorg nodig. De rechtbank acht het herstel van betrokkene en de bereidheid om de zorg op vrijwillige basis te accepteren in dat kader thans nog te pril, te kwetsbaar en onvoldoende stabiel. Daarbij acht de rechtbank bovendien van belang dat betrokkene zelf aangeeft geen bezwaren tegen de zorgmachtiging te hebben. 4.
  17. De rechtbank is op grond van het zorgplan, de medische verklaring, de visie van de geneesheer-directeur en de toelichting tijdens de zitting van oordeel dat de volgende vormen van verplichte zorg nodig zijn: - het toedienen van medicatie; - het verrichten van medische controles; - aanbrengen van beperkingen in de vrijheid het eigen leven in te richten die tot gevolg hebben dat betrokkene iets moet doen of nalaten. 4.
  18. De rechtbank acht het ‘beperken van de communicatiemiddelen’ onder de zorgvorm het aanbrengen van beperkingen in de vrijheid het eigen leven in te richten, gelet op de toelichting van verpleegkundig specialist en de SPV’er, niet noodzakelijk. De rechtbank zal deze vorm van verplichte zorg dan ook afwijzen. 4.
  19. Er zijn geen minder bezwarende alternatieven die hetzelfde beoogde effect hebben. De vormen van verplichte zorg die de rechtbank toewijst zijn evenredig en naar verwachting effectief. Bij het bepalen van de juiste vormen van zorg is rekening gehouden met de voorwaarden die noodzakelijk zijn om deelname van betrokkene aan het maatschappelijk leven te bevorderen en om te zorgen voor de veiligheid van betrokkene en zijn omgeving. 5De beslissing De rechtbank: 5.
  20. verleent een zorgmachtiging voor [betrokkene] , geboren op [geboortedag] 1988 in [geboorteplaats] , wat inhoudt dat de maatregelen die in 4.7 staan kunnen worden toegepast; 5.
  21. bepaalt dat deze machtiging geldt tot en met 2 augustus 2026; 5.
  22. wijst af het meer of anders verzochte. Deze beschikking is mondeling gegeven en in het openbaar uitgesproken op 2 februari 2026 door mr. Borm, rechter, in aanwezigheid van mr. Palings, griffier en op schrift gesteld op 9 februari
  23. Tegen deze beschikking staat het rechtsmiddel van cassatie open.

🔗 Naar officiële bron

AI-uitleg op basis van de officiële wettekst. Indicatief, vervangt geen juridisch advies.