(1979)(AB 1981, 585) en 19 mei 2004, zaak no. 200306758/1 is artikel 51, eerste lid, van de Woningwet (oud) niet van toepassing. Immers, de aanwijzing van Kralingen Midden als beschermd stadsgezicht ingevolge artikel 35 van de Monumentenwet dateert van 25 augustus 2000, terwijl de aanvraag om bouwvergunning reeds op 21 maart 1995 is ingediend. De rechtbank heeft terecht geoordeeld dat het dagelijks bestuur niet gehouden was de bouwaanvraag aan te houden. 2.
- Anders dan appellanten betogen, heeft de rechtbank terecht geoordeeld dat het niet tijdig beslissen op hun bezwaarschrift niet leidt tot vernietiging van de beslissing op bezwaar, nu de termijn van artikel 7:10, eerste lid, van de Algemene wet bestuursrecht (hierna: Awb) een termijn van orde is. Hetgeen appellanten betogen ten aanzien van de lange voorgeschiedenis, doet daaraan niet af. Overigens staat ingevolge de Awb voor een belanghebbende een voorziening open tegen het niet tijdig nemen van een besluit. 2.
- In de door appellanten ook in hoger beroep gehandhaafde stelling dat de door het ministerie van Welzijn Volksgezondheid en Cultuur verleende vergunning in strijd is met de Wet ziekenhuisvoorzieningen, heeft de rechtbank terecht geen grond gevonden voor vernietiging van de beslissing op bezwaar. Bij de beslissing om al dan niet vrijstelling te verlenen behoefde het dagelijks bestuur niet te beoordelen of deze, rechtens onaantastbaar geworden, vergunning terecht was verleend. 2.
- Het hoger beroep is ongegrond. De aangevallen uitspraak dient te worden bevestigd. 2.
- Voor een proceskostenveroordeling bestaat geen aanleiding.
- Beslissing De Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State Recht doende in naam der Koningin: bevestigt de aangevallen uitspraak. Aldus vastgesteld door mr. T.M.A. Claessens, Voorzitter, en mr. R. van der Spoel en mr. M.A.A. Mondt-Schouten, Leden, in tegenwoordigheid van mr. C.E.C.M. van Roosmalen, ambtenaar van Staat. w.g. Claessens w.g. Van Roosmalen Voorzitter ambtenaar van Staat Uitgesproken in het openbaar op 14 december 2005 53-494.