200604193/1. Datum uitspraak: 28 februari 2007 AFDELING BESTUURSRECHTSPRAAK Uitspraak op het hoger beroep van: [appellanten], wonend te [woonplaats], tegen de uitspraak in zaak no. AWB 05/2957 van de rechtbank 's-Hertogenbosch van 21 april 2006 in het geding tussen: appellanten en het college van burgemeester en wethouders van Vught. 1. Procesverloop Bij besluit van 19 oktober 2004 heeft het college van burgemeester en wethouders van Vught (hierna: het college) aan [vergunninghouder] een bouwvergunning verleend voor het uitbreiden van de woning op de eerste verdieping, het vernieuwen van de bestaande dakkapel en het plaatsen van een dakkapel op het achterdakvlak van de woning op het perceel [locatie] te [plaats] (hierna: het perceel). Bij besluit van 10 mei 2005 heeft het college het door appellanten daartegen gemaakte bezwaar ongegrond verklaard. Bij uitspraak van 21 april 2006, verzonden op 26 april 2006, heeft de rechtbank 's-Hertogenbosch (hierna: de rechtbank) het daartegen door appellanten ingestelde beroep ongegrond verklaard en het verzoek om schadevergoeding afgewezen. Deze uitspraak is aangehecht. Tegen deze uitspraak hebben appellanten bij brief van 6 juni 2006, bij de Raad van State ingekomen op 7 juni 2006, hoger beroep ingesteld. De gronden zijn aangevuld bij brief van 5 juli 2006. Deze brieven zijn aangehecht. Bij brief van 7 augustus 2006 heeft het college van antwoord gediend. [vergunninghouder] is in de gelegenheid gesteld als partij aan het geding deel te nemen. Na afloop van het vooronderzoek zijn nadere stukken ontvangen van appellanten. Deze zijn aan de andere partijen toegezonden. De Afdeling heeft de zaak ter zitting behandeld op 23 januari 2007, waar het college, vertegenwoordigd door D.N. Bastin, ambtenaar van de gemeente, is verschenen. Appellanten zijn met bericht van verhindering niet verschenen. 2. Overwegingen 2.1. Het verweer van het college dat de rechtbank het beroep van appellanten niet-ontvankelijk had moeten verklaren wegens het ontbreken van procesbelang, nu zij het perceel op 19 juli 2005 hebben verkocht, kan niet leiden tot het daarmee beoogde doel. Procesbelang kan bestaan indien appellanten stellen schade te hebben geleden ten gevolge van bestuurlijke besluitvorming. Daartoe is vereist dat tot op zekere hoogte aannemelijk wordt gemaakt dat deze schade daadwerkelijk is geleden als gevolg van de verleende vergunning. De rechtbank heeft terecht geoordeeld dat appellanten met het overleggen van het schade-advies van Van den Berk & Kerkhof van 20 januari 2006 tot op zekere hoogte aannemelijk hebben gemaakt dat zij schade hebben geleden ten gevolge van de verleende vergunning. Voor een verdergaande beoordeling van de gestelde schade is, anders dan het college van mening is, geen ruimte bij de beoordeling van de ontvankelijkheid. 2.2. Ingevolge het bestemmingsplan "Loonsebaan-West-herziening 1985" (hierna: het bestemmingsplan) rust op het perceel de bestemming "Woondoeleinden Wc (vrijstaande eengezinshuizen)". Ingevolge artikel 1, aanhef en onder G1, van de bij dit plan behorende voorschriften wordt onder hoofdgebouw verstaan een vrijstaand of een aan (een) ander(
AI-uitleg op basis van de officiële wettekst. Indicatief, vervangt geen juridisch advies.