200703051/1. Datum uitspraak: 23 januari 2008 AFDELING BESTUURSRECHTSPRAAK Uitspraak in het geding tussen: [appellant], wonend te [woonplaats], en het college van burgemeester en wethouders van Lingewaard, verweerder. 1. Procesverloop Bij besluit van 26 juni 2006 heeft het college van burgemeester en wethouders van Lingewaard (hierna: het college) aan [appellant] een last onder dwangsom opgelegd vanwege overtreding van de ingevolge het Besluit horeca-, sport- en recreatie-inrichtingen milieubeheer voor een inrichting aan de [locatie 1] te [plaats] geldende geluidvoorschriften. Op 6 juli 2006 heeft [appellant] een aan hem gerichte brief van Alcedo B.V. van 4 juli 2006 betreffende "onderzoek geluidsniveau muziekgeluid in [herberg] te [plaats] per fax naar het college gezonden. Tegen het uitblijven van een beslissing op een bezwaarschrift heeft [appellant] bij brief van 26 maart 2006 (lees: 2007), bij de Rechtbank Arnhem ingekomen op dezelfde dag, beroep ingesteld. De gronden zijn aangevuld bij brief van 17 april 2007. De rechtbank Arnhem heeft het beroepschrift en de op de zaak betrekking hebbende stukken op 25 april 2007 naar de Afdeling doorgezonden. Het college heeft een verweerschrift ingediend. De zaak is door een meervoudige kamer van de Afdeling verwezen naar een enkelvoudige. De Afdeling heeft de zaak ter zitting behandeld op 16 november 2007, waar [appellant], in persoon en bijgestaan door mr. G.A. Schimmel, advocaat te Woerden, en het college, vertegenwoordigd door E.T.J. Moolhuizen en S. Cornelissen, zijn verschenen. Buiten bezwaren van partijen zijn nog stukken in het geding gebracht. 2. Overwegingen 2.1. [appellant] betoogt dat het college de doorgefaxte brief van 4 juli 2006 ten onrechte niet als een bezwaarschrift heeft aangemerkt. Volgens appellant blijkt uit de inhoud van deze brief en uit een telefoongesprek dat hij eerder met een ambtenaar van de gemeente heeft gevoerd, dat hij bezwaar heeft willen maken tegen het besluit van 26 juni 2006. 2.2. Het college betoogt dat de doorgefaxte brief van 4 juli 2006 niet kan worden opgevat als een bezwaarschrift. Het is ervan uitgegaan en houdt staande dat deze brief verband hield met overleg over een mogelijke vrijstelling van het bestemmingsplan voor het gebruik van een deel van het pand [locatie 1] voor de inrichting en betrekking heeft op het bestreden besluit. 2.3. In genoemde brief worden de resultaten van een akoestisch onderzoek van Alcedo B.V. naar de gevolgen in de aanpandige woning aan de [locatie 2] van het muziekgeluid in de door [appellant] gedreven inrichting meegedeeld. [appellant] heeft deze aan hem gerichte brief zonder begeleidend schrijven naar het college gefaxt. Het college heeft gezien de inhoud van deze brief terecht de enkele doorzending ervan niet aangemerkt als bezwaarschrift tegen het dwangsombesluit. De Afdeling neemt daarbij in aanmerking dat de strekking van de brief niet is dat (
AI-uitleg op basis van de officiële wettekst. Indicatief, vervangt geen juridisch advies.