← Nederland

ECLI:NL:RVS:2010:BO8255

201007214/2/H

  1. Datum uitspraak: 15 december 2010 AFDELING BESTUURSRECHTSPRAAK Uitspraak van de voorzitter van de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State op een verzoek om het treffen van een voorlopige voorziening (artikel 8:81 van de Algemene wet bestuursrecht) hangende het hoger beroep van: het college van burgemeester en wethouders van Alphen-Chaam, verzoeker, tegen de uitspraak van de rechtbank Breda van 9 juni 2010 in zaak nr. 09/4004 in het geding tussen: [wederpartij], wonend te [woonplaats], en het college.
  2. Procesverloop Op 21 juli 2009 heeft het college besloten tot verplaatsing van het bord dat de locatie van een bushalte aanduidt. Bij uitspraak van 9 juni 2010, verzonden op 15 juni 2010, heeft de rechtbank het door [wederpartij] daartegen ingestelde beroep niet-ontvankelijk verklaard. Tegen deze uitspraak heeft het college bij brief, bij de Raad van State ingekomen op 26 juli 2010, hoger beroep ingesteld. Bij brief, bij de Raad van State ingekomen op 24 november 2010, heeft het college de voorzitter verzocht een voorlopige voorziening te treffen.
  3. Overwegingen 2.
  4. De voorzitter doet uitspraak zonder zitting. 2.
  5. De rechtbank heeft geoordeeld dat deze zaak niet geschikt is voor rechtstreeks beroep, als bedoeld in artikel 7:1a van de Algemene wet bestuursrecht. Daartoe heeft zij overwogen dat blijkens de gedingstukken en de behandeling ter zitting het college tot op heden geen onderzoek heeft verricht of laten verrichten naar mogelijke schade die de gewraakte plaatsing van de bushalte aan [wederpartij] berokkent, en evenmin of eventuele schade aan hem moet worden vergoed, hetgeen te meer klemt nu partijen juist door deze vragen verdeeld worden gehouden. In de bezwaarfase kan het college alsnog nader onderzoek laten verrichten. De rechtbank heeft overwogen zich niet geroepen te voelen dit onderzoek, en de daarmee gepaarde kosten, voor haar rekening te nemen. Zij heeft het beroep van [wederpartij] niet-ontvankelijk verklaard en het beroep ter behandeling als bezwaar doorgezonden aan het college. 2.
  6. Het college verzoekt bij wijze van voorlopige voorziening te bepalen dat het hangende het door hem ingestelde hoger beroep geen besluit op bezwaar hoeft te nemen. Niet is gebleken van zwaarwegende belangen van de zijde van [wederpartij] die zich verzetten tegen toewijzing van het verzoek. Nu de bodemzaak reeds op 20 januari 2011 ter zitting bij de Afdeling wordt behandeld en derhalve op korte termijn duidelijk zal zijn of het oordeel van de rechtbank dat het college een besluit op bezwaar moet nemen stand houdt, ziet de voorzitter aanleiding de hierna te melden voorlopige voorziening te treffen. 2.
  7. Voor een proceskostenveroordeling bestaat geen aanleiding.
  8. Beslissing De voorzitter van de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State: bepaalt bij wijze van voorlopige voorziening dat het college van burgemeester en wethouders van Alphen-Chaam geen besluit op bezwaar hoeft te nemen voordat de Afdeling op het hoger beroep heeft beslist. Aldus vastgesteld door mr. M. Vlasblom, als voorzitter, in tegenwoordigheid van mr. M.M. van der Smissen, ambtenaar van staat. w.g. Vlasblom w.g. Van der Smissen voorzitter ambtenaar van staat Uitgesproken in het openbaar op 15 december 2010 419.

🔗 Naar officiële bron

AI-uitleg op basis van de officiële wettekst. Indicatief, vervangt geen juridisch advies.