200905726/1/M
- Datum uitspraak: 22 juni 2011 AFDELING BESTUURSRECHTSPRAAK Uitspraak in het geding tussen: [appellant], wonend te Yerseke, gemeente Reimerswaal, en het college van gedeputeerde staten van Zeeland, verweerder.
- Procesverloop Bij besluit van 2 juni 2009 heeft het college besloten over de goedkeuring van het door de raad van de gemeente Reimerswaal bij besluit van 28 oktober 2008 vastgestelde bestemmingsplan "Bedrijventerrein Olzendepolder, 2e herziening". Tegen dit besluit heeft [appellant] bij brief, bij de Raad van State ingekomen op 3 augustus 2009, beroep ingesteld. Het college heeft een verweerschrift ingediend. De zaak is door een meervoudige kamer van de Afdeling verwezen naar een enkelvoudige. De Afdeling heeft de zaak ter zitting behandeld op 27 mei 2011, waar [appellant], in persoon, en het college, vertegenwoordigd door mr. J.K. de Feijter-Vinke, werkzaam bij de provincie, zijn verschenen. Voorts is daar gehoord de raad, vertegenwoordigd door J.K. van Rooijen-van den Berg en ing. S. Wijkhuis, beiden werkzaam bij de gemeente.
- Overwegingen 2.
- Het bestemmingsplan voorziet in een uitbreiding van het bestaande bedrijventerrein Olzendepolder in Yerseke, gemeente Reimerswaal. [appellant] heeft binnen het plangebied agrarische percelen in eigendom en pacht. De bedrijfsbebouwing van het agrarische bedrijf van [appellant] is gelegen buiten het plangebied. 2.
- [appellant] wijst in zijn beroep op problemen die hij ondervindt bij de onderhandelingen met de gemeente Reimerswaal over de verwerving van zijn percelen binnen het plangebied. [appellant] wenst te bereiken dat deze gronden tegen een goede prijs door de gemeente worden aangekocht. Daarnaast wijst [appellant] op de in zijn ogen moeizaam verlopende onderhandelingen over het verplaatsen van zijn agrarisch bedrijf. [appellant] wil zijn bedrijf vestigen binnen het plangebied. 2.
- Uit de stukken komt naar voren dat [appellant] geen inhoudelijke bezwaren heeft tegen de in het bestemmingsplan aan de gronden gegeven bedrijfsbestemming. Ter zitting is door [appellant] erkend dat door hem niet wordt betwist dat het college heeft kunnen instemmen met het bestemmingsplan. Het door [appellant] in beroep aangevoerde richt zich dan ook niet tegen het goedkeuringsbesluit als zodanig en kan om die reden dan ook niet leiden tot vernietiging daarvan. Hetgeen [appellant] heeft aangevoerd, gaat het bereik van het bestreden besluit te buiten en kan daarom in het kader van deze procedure inhoudelijk niet aan de orde komen. 2.
- Het beroep is ongegrond. 2.
- Voor een proceskostenveroordeling bestaat geen aanleiding.
- Beslissing De Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State Recht doende in naam der Koningin: verklaart het beroep ongegrond. Aldus vastgesteld door mr. W.D.M. van Diepenbeek, lid van de enkelvoudige kamer, in tegenwoordigheid van mr. R. van Heusden, ambtenaar van staat. w.g. Van Diepenbeek w.g. Van Heusden lid van de enkelvoudige kamer ambtenaar van staat Uitgesproken in het openbaar op 22 juni 2011 163-678.
🔗 Naar officiële bron
AI-uitleg op basis van de officiële wettekst. Indicatief, vervangt geen juridisch advies.