201108983/2/H1 en 201108984/2/H
- Datum uitspraak: 21 september 2011 AFDELING BESTUURSRECHTSPRAAK Uitspraak van de voorzitter van de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State op verzoeken om het treffen van een voorlopige voorziening (artikel 8:81 van de Algemene wet bestuursrecht) hangende de hoger beroepen van:
- [verzoeker sub 1] en anderen,
- [verzoeker sub 2], allen wonend te Egchel, gemeente Peel en Maas, tegen de uitspraak van de rechtbank Roermond van 8 juli 2011 in zaken nrs. 2011/71 t/m 75, 78 t/m 81, 84 t/m 86 en 89 in het geding tussen: [verzoeker sub 1] en anderen, [verzoeker sub 2] en het college van burgemeester en wethouders van Leudal.
- Procesverloop Bij besluit van 24 november 2009 heeft het college aan [vergunninghoudster] vrijstelling en bouwvergunning verleend voor het plaatsen van vier windmolens aan de Boerderijweg ongenummerd in Neer. Bij besluit van 7 december 2010 heeft het college de door [verzoeker sub 1] en anderen en [verzoeker sub 2] daartegen gemaakte bezwaren ongegrond verklaard. Bij uitspraak van 8 juli 2011, verzonden op dezelfde dag, heeft de rechtbank de door [verzoeker sub 1] en anderen en [verzoeker sub 2] daartegen ingestelde beroepen ongegrond verklaard. Tegen deze uitspraak hebben [verzoeker sub 1] en anderen en [verzoeker sub 2] bij brieven, bij de Raad van State ingekomen op 17 augustus 2011, hoger beroep ingesteld. Bij brieven, bij de Raad van State ingekomen op dezelfde dag, hebben [verzoeker sub 1] en anderen en [verzoeker sub 2] de voorzitter verzocht een voorlopige voorziening te treffen. De voorzitter heeft de verzoeken ter zitting behandeld op 8 september 2011, waar [verzoeker sub 1] en anderen, vertegenwoordigd door dr. ir. T.W.J. Scheenen, [verzoeker sub 2], in persoon, en het college, vertegenwoordigd door M.A.N. Gerards, werkzaam bij de gemeente, zijn verschenen. Voorts is daar [vergunninghoudster], vertegenwoordigd door mr. ing. A.P.J. Timmermans, als partij gehoord.
- Overwegingen 2.
- Het oordeel van de voorzitter heeft een voorlopig karakter en is niet bindend in de bodemprocedure. 2.
- [vergunninghoudster] is begonnen met voorbereidende werkzaamheden voor de oprichting van de windmolens. De ingediende verzoeken strekken ertoe in afwachting van het oordeel van de Afdeling op de hoger beroepen te voorkomen dat een onomkeerbare situatie ontstaat. 2.
- In hetgeen verzoekers naar voren hebben gebracht, wordt geen aanleiding gezien voor het oordeel dat op voorhand moet worden aangenomen dat de aangevallen uitspraak in de bodemprocedures niet in stand zal blijven, althans dat - indien de Afdeling zou oordelen dat voor de wijziging van het bouwplan van vijf naar twee keer twee windmolens een nieuwe aanvraag had moeten worden gedaan - uiteindelijk zal blijken dat geen bouwvergunning voor het bouwplan mocht worden verleend. Het college heeft bij afweging van de betrokken belangen aan de belangen bij realisatie van het bouwplan in redelijkheid meer betekenis kunnen toekennen dan aan de door [verzoeker sub 1] en anderen en [verzoeker sub 2] gestelde belangen bij het voorkomen daarvan. Daarbij wordt overwogen dat, ofschoon niet is uit te sluiten dat het bouwplan zal leiden tot het wegblijven van een deel van de campinggasten, geen aanleiding bestaat voor de vooronderstelling dat de gevolgen voor het bedrijf van [verzoeker sub 2] zodanig zijn dat voor het voortbestaan moet worden gevreesd. Hierbij wordt in aanmerking genomen dat de afstand tussen het bouwplan en de camping ongeveer 1 km bedraagt en de geluidsbelasting afkomstig van de windmolens ter plaatse van de camping 10 dB onder de geldende geluidsnorm ligt. 2.
- Gelet hierop worden de verzoeken om het treffen van een voorlopige voorziening afgewezen. 2.
- Voor een proceskostenveroordeling bestaat geen aanleiding.
- Beslissing De voorzitter van de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State: wijst de verzoeken af. Aldus vastgesteld door mr. D.A.C. Slump, als voorzitter, in tegenwoordigheid van mr. A.M.L. Hanrath, ambtenaar van staat. w.g. Slump w.g. Hanrath voorzitter ambtenaar van staat Uitgesproken in het openbaar op 21 september 2011 392.
🔗 Naar officiële bron
AI-uitleg op basis van de officiële wettekst. Indicatief, vervangt geen juridisch advies.