(3), Ledscherm [vergunninghouder] Metalen" van Lichtconsult.nl van 7 april 2016 de motivering van het besluit nader aangevuld en geconcludeerd dat dit lichthinderrapport de eerder getrokken conclusie dat het led-scherm voldoet aan de NSVV-richtlijnen, bevestigt. Deze besluiten worden, gelet op artikel 6:19, eerste lid van de Algemene wet bestuursrecht (hierna: de Awb), gelezen in samenhang met artikel 6:24 van die wet, van rechtswege geacht onderwerp te zijn van dit geding. 6.
- Gelet op hetgeen hiervoor in rechtsoverweging 4.1 is overwogen, komt de Afdeling tot het oordeel dat het besluit van 8 december 2015, zoals dat is gewijzigd bij besluit van 13 mei 2016, dat ter uitvoering van de aangevallen uitspraak is genomen en waaraan ten grondslag ligt dat het bouwplan in overeenstemming is met het welstandsbeleid, voor vernietiging in aanmerking komt. Als gevolg van de vernietiging van dit besluit herleeft het ter uitvoering van de aangevallen uitspraak genomen en door het besluit van 8 december 2015 ingetrokken besluit van 4 augustus 2015, dat er eveneens van uitgaat dat het bouwplan in overeenstemming is met het welstandsbeleid. Dat besluit dient gelet op vorenstaande ook te worden vernietigd. De van rechtswege ontstane beroepen tegen het besluit van 4 augustus 2015 en het besluit van 8 december 2015, zoals dat is gewijzigd bij besluit van 13 mei 2016, zijn gegrond. Aan bespreking van de door [appellant] tegen deze besluiten naar voren gebrachte gronden, wordt niet meer toegekomen.
- Met het oog op een efficiënte afdoening van het geschil ziet de Afdeling aanleiding om met toepassing van artikel 8:113, tweede lid, van de Awb te bepalen dat tegen het nieuw te nemen besluit slechts bij haar beroep kan worden ingesteld.
- Het college dient op na te melden wijze tot vergoeding van de proceskosten te worden veroordeeld. Beslissing De Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State: I. verklaart het hoger beroep gegrond; II. verklaart de beroepen tegen de besluiten van het college van burgemeester en wethouders van Zaltbommel van 4 augustus 2015 en van 8 december 2015, zoals dat is gewijzigd bij besluit van 13 mei 2016, gegrond; III. vernietigt het besluit van het college van burgemeester en wethouders van Zaltbommel van 4 augustus 2015, kenmerk 90722/ODR 021426727; IV. vernietigt het besluit van het college van burgemeester en wethouders van Zaltbommel van 8 december 2015, kenmerk 90722/021432482, zoals dat is gewijzigd bij besluit van 13 mei 2016, kenmerk 90722; V. bepaalt dat tegen het door het college van burgemeester en wethouders van Zaltbommel te nemen nieuwe besluit slechts bij de Afdeling beroep kan worden ingesteld; VI. veroordeelt het college van burgemeester en wethouders van Zaltbommel tot vergoeding van bij [appellant] in verband met de behandeling van het hoger beroep opgekomen proceskosten tot een bedrag van € 1240,00 (zegge: twaalfhonderdveertig euro), geheel toe te rekenen aan door een derde beroepsmatig verleende rechtsbijstand; VII. gelast dat het college van burgemeester en wethouders van Zaltbommel aan [appellant] het door hem betaalde griffierecht ten bedrage van € 248,00 (zegge: tweehonderdachtenveertig euro) voor de behandeling van het hoger beroep vergoedt. Aldus vastgesteld door mr. C.J. Borman, lid van de enkelvoudige kamer, in tegenwoordigheid van mr. G.J. Deen, griffier. w.g. Borman w.g. Deen lid van de enkelvoudige kamer griffier Uitgesproken in het openbaar op 24 augustus 2016 604.