201508553/3/R
- Datum uitspraak: 5 december 2016 AFDELING BESTUURSRECHTSPRAAK PROCES-VERBAAL van de mondelinge uitspraak (artikel 8:67 van de Algemene wet bestuursrecht) in het geding tussen:
- [appellante sub 1] en anderen, wonend te Purmerend,
- [appellante sub 2A] en [appellant sub 2B], wonend te Purmerend,
- [appellant sub 3A] en [appellante sub 3B], wonend te Purmerend,
- [appellante sub 4], wonend te Purmerend,
- [appellant sub 5] en anderen, wonend te Purmerend, en de raad van de gemeente Purmerend, verweerder. Openbare zitting gehouden op 5 december 2016 om 13.00 uur. Tegenwoordig: Staatsraad mr. W.D.M. van Diepenbeek voorzitter Staatsraad mr. J.C. Kranenburg rapporteur (rapp.) Staatsraad mr. E.J. Daalder lid griffier: mr. M.L.M. van Loo Verschenen: [appellante sub 1] en anderen, in persoon; [appellant sub 2B] en [appellante sub 2A], in persoon; [appellant sub 3A] en [appellante sub 3B], in persoon; [appellante sub 4], in persoon; [appellant sub 5] en anderen, vertegenwoordigd door [gemachtigde]; de raad van de gemeente Purmerend, vertegenwoordigd door mr. J.R. van Angeren, advocaat te Amsterdam. Bij besluit van 26 mei 2016 heeft de raad van de gemeente Purmerend het bestemmingsplan "Horizon-/Regiocollege Karekietpark 2015" gewijzigd vastgesteld. [appellante sub 1] en anderen, [appellant sub 2B], [appellante sub 4] en [appellant sub 3A] en [appellant sub 5] en anderen hebben tegen dit besluit beroep ingesteld omdat zij niet wensen dat in het zuidelijk deel van het Karekietpark een onderwijsgebouw voor een tweetal MBO-scholen wordt gebouwd. De Afdeling verklaart het beroep van [appellante sub 1] en anderen, [appellant sub 2B], [appellante sub 4] en [appellant sub 3A] en [appellant sub 5] en anderen tegen het besluit van 26 mei 2016 niet-ontvankelijk. De Afdeling overweegt daartoe het volgende. Het besluit van 26 mei 2016 bevat een wijziging van de oorspronkelijke vaststelling van het bestemmingsplan "Horizon-/Regiocollege Karekietpark 2015" dat op 1 oktober 2015 is vastgesteld. Op 26 mei 2016 is het bebouwingspercentrage van 80%, dat het besluit van 1 oktober 2015 toestond, verwijderd en vervangen door een maximum bedrijfsvloeroppervlak van 10.000 m². Ook is een parkeernorm in de planregels opgenomen. De Afdeling stelt vast dat [appellante sub 1] en anderen, [appellant sub 2B], [appellante sub 4], [appellant sub 3A] en [appellant sub 5] en anderen geen beroep hebben ingesteld tegen het besluit van 1 oktober
- Gelet op het belang van een efficiënte geschilbeslechting alsmede de rechtszekerheid van de andere partijen moet er in zo'n geval van worden uitgegaan dat zij in het besluit van 1 oktober 2015 hebben berust. Dit betekent dat zij tegen het besluit van 26 mei 2016 slechts kunnen opkomen voor zover dat besluit hen ten opzichte van het besluit van 1 oktober 2015 in een nadeliger positie brengt. De Afdeling is van oordeel dat dit niet het geval is. De wijziging ten opzichte van het besluit van 1 oktober 2015 ziet immers slechts op een beperking van het toegelaten bouwvolume en de toevoeging van een parkeernorm. Die wijziging en aanvulling brengen [appellante sub 1] en anderen, [appellant sub 2B], [appellante sub 4] en [appellant sub 3A] en [appellant sub 5] en anderen niet in een nadeliger positie. [appellante sub 1] en anderen, [appellant sub 2B], [appellant sub 3A], [appellante sub 4] en [appellant sub 5] en anderen hebben ook niet aangetoond dat zij redelijkerwijs niet in staat waren om beroep in te stellen tegen het besluit van 1 oktober
- De beroepen van [appellante sub 1] en anderen, [appellant sub 2B], [appellant sub 3A], [appellante sub 4] en [appellant sub 5] en anderen zijn dan ook niet-ontvankelijk. Voor een proceskostenveroordeling bestaat geen aanleiding. w.g. Van Diepenbeek w.g. Van Loo voorzitter griffier 418.
🔗 Naar officiële bron
AI-uitleg op basis van de officiële wettekst. Indicatief, vervangt geen juridisch advies.