(2009)313 definitief; hierna: de richtsnoeren) een handvat voor de interpretatie van de Verblijfsrichtlijn. Volgens paragraaf 3.2 van deze richtsnoeren kunnen onder bepaalde omstandigheden veelvuldig gepleegde lichte feiten een bedreiging voor de openbare orde vormen, niettegenstaande dat elk strafbaar feit op zichzelf geen voldoende ernstige bedreiging vormt. De nationale autoriteiten moeten dit aantonen en bij hun beoordeling met name rekening houden met de aard van de strafbare feiten, het aantal strafbare feiten en de veroorzaakte schade. Het feit dat een persoon meermaals is veroordeeld, is op zichzelf niet voldoende. 2.
- De vreemdeling, is blijkens het uittreksel Justitiële Documentatie van 2 april 2016 en een uitdraai uit het datasysteem van het parket Den Haag van 5 april 2016 voor het plegen van elf diefstallen in de periode van juni 2015 tot en met maart 2016 door de strafrechter meermaals onherroepelijk veroordeeld tot onvoorwaardelijke gevangenisstraffen variërend van een paar dagen tot 4 weken. 2.
- De rechtbank heeft overwogen dat de staatssecretaris op goede gronden heeft geconcludeerd dat van het gedrag van de vreemdeling een actuele en werkelijke bedreiging uitgaat, omdat de vreemdeling in korte tijd voor meerdere lichte strafbare feiten is veroordeeld, hij die feiten recent heeft gepleegd en niet is gebleken van verandering van het gedrag. Verder heeft de rechtbank overwogen dat de staatssecretaris zich terecht op het standpunt heeft gesteld dat de vreemdeling ook een voldoende ernstige bedreiging vormt, omdat hij de strafbare feiten veelvuldig en stelselmatig heeft gepleegd en daarbij schade heeft veroorzaakt voor winkeliers en het publiek. Hierbij heeft de rechtbank betrokken dat de laatste diefstal tot oplegging van een hogere straf dan de gebruikelijke straf heeft geleid, dat de vreemdeling kort in Nederland heeft verbleven, een alcoholprobleem heeft en in Nederland niet over werk noch over een woning beschikt. 2.
- De rechtbank heeft terecht overwogen dat de staatssecretaris zich terecht op het standpunt heeft gesteld dat de vreemdeling een actuele en werkelijke bedreiging vormt, nu de vreemdeling zich in een tijdsbestek van nog geen jaar veelvuldig en recent schuldig heeft gemaakt aan het plegen van strafbare feiten, daardoor herhaaldelijk overlast heeft veroorzaakt en elf keer is veroordeeld door de strafrechter tot in totaal 26 weken onvoorwaardelijke gevangenisstraf. Hieruit volgt dat de staatssecretaris zich niet ten onrechte op het standpunt heeft gesteld dat de vreemdeling geen positieve gedragsverandering heeft laten zien. In zoverre faalt de grief. 2.
- De vreemdeling klaagt onder verwijzing naar de uitspraak van de Afdeling van 18 juni 2013, ECLI:NL:RVS:2013:3232, echter terecht dat de rechtbank ten onrechte heeft overwogen dat de staatssecretaris zich deugdelijk gemotiveerd op het standpunt heeft gesteld dat de vreemdeling een ernstige bedreiging voor een fundamenteel belang van de samenleving vormt. De staatssecretaris heeft niet toegelicht hoe zijn standpunt dat de vreemdeling, gelet op het aantal onherroepelijke gevangenisstraffen in zeer korte tijd, een zodanige bedreiging voor de samenleving vormt, zich verhoudt tot de omstandigheid dat het Openbaar Ministerie geen ISD-maatregel heeft gevorderd, in aanmerking genomen dat zodanige maatregel strekt tot beveiliging van de maatschappij en beëindiging van de recidive van een verdachte. Zoals blijkt uit het besluit van 14 april 2016 heeft de staatssecretaris voormelde uitspraak van 18 juni 2013 bij de beoordeling betrokken, maar heeft hij niettemin nagelaten in te gaan op de vraag waarom is afgezien van het vorderen van een ISD-maatregel. Met de algemene tegenwerping aan de vreemdeling, dat hij als veelpleger overlast en maatschappelijke schade teweegbrengt, heeft de staatssecretaris voorts ten onrechte niet nader geconcretiseerd dat en waarom het effect daarvan zodanig ingrijpend is dat een fundamenteel belang van de samenleving op het spel staat en evenmin welke schade de vreemdeling aldus heeft veroorzaakt. Gelet op het voorgaande heeft de rechtbank niet onderkend dat de staatssecretaris ondeugdelijk heeft gemotiveerd waarom de vreemdeling een ernstige bedreiging voor een fundamenteel belang van de samenleving vormt in de zin van artikel 8.22, eerste lid, van het Vb
- In zoverre slaagt de grief.
- Het hoger beroep is kennelijk gegrond. De aangevallen uitspraak moet worden vernietigd. De Afdeling zal, doende hetgeen de rechtbank zou behoren te doen, het beroep tegen het besluit van 11 augustus 2016 alsnog gegrond verklaren en dat besluit wegens strijd met artikel 7:12, eerste lid, van de Awb vernietigen.
- De staatssecretaris moet op de na te melden wijze tot vergoeding van de proceskosten worden veroordeeld. De Afdeling neemt daarbij in aanmerking dat aan de vreemdeling zowel in beroep als in hoger beroep is bericht dat vooralsnog wordt afgezien van het heffen van griffierecht. Beslissing De Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State: I. verklaart het hoger beroep gegrond; II. vernietigt de uitspraak van de rechtbank Den Haag van 26 januari 2017 in zaak nr. 16/20053; III. verklaart het in die zaak ingestelde beroep gegrond; IV. vernietigt het besluit van 11 augustus 2016, V-nummer […]; V. veroordeelt de staatssecretaris van Justitie en Veiligheid tot vergoeding van bij de vreemdeling in verband met de behandeling van het bezwaar, van het beroep en het hoger beroep opgekomen proceskosten tot een bedrag van € 1.485,00 (zegge: veertienhonderdvijfentachtig euro), geheel toe te rekenen aan door een derde beroepsmatig verleende rechtsbijstand. Aldus vastgesteld door mr. H.G. Sevenster, voorzitter, en mr. R. van der Spoel en mr. G.M.H. Hoogvliet, leden, in tegenwoordigheid van mr. J. Willems, griffier. w.g. Sevenster w.g. Willems voorzitter griffier Uitgesproken in het openbaar op 14 november 2017 412-
- BIJLAGE Verblijfsrichtlijn Artikel 27
- Onverminderd het bepaalde in dit hoofdstuk kunnen de lidstaten de vrijheid van verkeer en verblijf van burgers van de Unie en hun familieleden, ongeacht hun nationaliteit, beperken om redenen van openbare orde, openbare veiligheid of volksgezondheid. Deze redenen mogen niet voor economische doeleinden worden aangevoerd.
- De om redenen van openbare orde of openbare veiligheid genomen maatregelen moeten in overeenstemming zijn met het evenredigheidsbeginsel en uitsluitend gebaseerd zijn op het gedrag van betrokkene. Strafrechtelijke veroordelingen vormen als zodanig geen reden voor deze maatregelen. Het gedrag moet een actuele, werkelijke en voldoende ernstige bedreiging voor een fundamenteel belang van de samenleving vormen. Motiveringen die los staan van het individuele geval of die verband houden met algemene preventieve redenen mogen niet worden aangevoerd. […] Vreemdelingenwet 2000 Artikel 67
- Tenzij afdeling 3 van toepassing is, kan Onze Minister de vreemdeling ongewenst verklaren: […] b. indien hij bij onherroepelijk geworden rechterlijk vonnis is veroordeeld wegens een misdrijf waartegen een gevangenisstraf van drie jaren of meer is bedreigd dan wel hem terzake de maatregel als bedoeld in artikel 37a van het Wetboek van Strafrecht is opgelegd; […] Vreemdelingenbesluit 2000 Artikel 8.7
- Deze paragraaf is van toepassing op vreemdelingen die de nationaliteit bezitten van een staat die partij is bij het Verdrag betreffende de werking van de Europese Unie of bij de Overeenkomst betreffende de Europese Economische Ruimte, dan wel van Zwitserland, en die zich naar Nederland begeven of in Nederland verblijven. […] Artikel 8.22
- Onze Minister kan het rechtmatig verblijf ontzeggen of beëindigen, om redenen van openbare orde of openbare veiligheid, indien het persoonlijke gedrag van de vreemdeling een actuele, werkelijke en ernstige bedreiging voor een fundamenteel belang van de samenleving vormt. Alvorens hierover een besluit te nemen, houdt Onze Minister in het bijzonder rekening met de duur van het verblijf van de betrokkene in Nederland, diens leeftijd, gezondheidstoestand, gezins- en economische situatie en sociale en culturele integratie in Nederland en met de mate waarin hij bindingen heeft met zijn land van herkomst. […]