(33)dat via Het Bos wordt ontsloten, zal dit op basis van een vuistregel van 8 verkeersbewegingen per etmaal een aantal van 264 verkeersbewegingen per etmaal genereren. De 80 extra verkeersbewegingen per etmaal leiden niet tot problemen in de verkeersafwikkeling. Het Bos is een straat met een maximumsnelheid van 30 km/uur waar op het noordelijke gedeelte een trottoir ontbreekt. Er wordt geparkeerd in parkeervakken en op de rijbaan. Doordat er geen doorgaand verkeer aanwezig is, zijn dit straten waar zich op het gebied van verkeersveiligheid normaliter geen knelpunten voordoen. De verkeersveiligheid zal door de 80 extra verkeersbewegingen niet disproportioneel worden benadeeld, aldus Royal Haskoning. Royal Haskoning merkt op dat de geparkeerde voertuigen op Het Bos wel voor een toename van de taakbelasting kunnen leiden. Door het ontbreken van een trottoir moeten de bestuurders alert zijn op voetgangers op de rijbaan, maar dat is in de bestaande situatie ook al zo. Wat het doorgaande fietsverkeer betreft stelt Royal Haskoning dat mogelijk een percentage van het fietsverkeer de nieuwe route door het plangebied zal nemen van en naar het winkelcentrum van Meerkerk. Op de Zouwendijk rijden op een werkdag gemiddeld 480 fietsers in beide richtingen. De route voor het fietsverkeer van en naar het centrum vanaf de Zouwendijk loopt nu door de Kerkweg en Kerkplein. Die route blijft korter dan de route die ontstaat wanneer men door het plangebied rijdt. De verleiding om de nieuw ontstane route te nemen, is dus beperkt en zal niet leiden tot een substantiële stijging van fietsers met bijbehorend veiligheidsrisico, aldus Royal Haskoning. 6.
- Het bestuursorgaan mag op het advies van een deskundige afgaan, nadat het is nagegaan of dit advies op zorgvuldige wijze tot stand is gekomen, de redenering daarin begrijpelijk is en de getrokken conclusies daarop aansluiten. Deze verplichting is neergelegd in artikel 3:9 van de Algemene wet bestuursrecht (hierna: de Awb) voor de wettelijke adviseur en volgt uit artikel 3:2 van de Awb voor andere adviseurs. Als een partij concrete aanknopingspunten voor twijfel aan de zorgvuldigheid van de totstandkoming van het advies, de begrijpelijkheid van de in het advies gevolgde redenering of het aansluiten van de conclusies daarop naar voren heeft gebracht, mag het bestuursorgaan niet zonder nadere motivering op het advies afgaan. Zo nodig vraagt het orgaan de adviseur om een reactie op wat een partij over het advies heeft aangevoerd. 6.
- Naar het oordeel van de Afdeling moet de in de raad aangenomen motie worden gelezen in samenhang met het besluit tot vaststelling van het bestemmingsplan. De motie moet dan ook zo worden begrepen dat de verkeerssituatie volgens de raad aanvaardbaar is, maar dat in overleg met omwonenden moet worden onderzocht of de verkeerssituatie kan worden verbeterd. Gelet hierop geeft de motie geen aanleiding voor het oordeel dat de verkeerssituatie onaanvaardbaar is. Ter zitting hebben [appellant sub 1] en [appellant sub 2] aangegeven dat het aantal verkeersbewegingen waarvan DTV en Royal Haskoning zijn uitgegaan verkeerd wordt gewaardeerd, maar dat zij dat aantal als zodanig niet betwisten. Op grond van de adviezen van DTV en Royal Haskoning is het aannemelijk dat de verkeersgeneratie van het plan 80-100 ritten per etmaal bedraagt. Uitgaande van 100 ritten per etmaal en een spitsuurintensiteit van 10% van de etmaalintensiteit, rijden er in de spits 10 extra auto’s per uur over Het Bos. Dat is dus gemiddeld maar 1 auto extra per 6 minuten. Gelet hierop en op het feit dat een maximumsnelheid van 30 km/uur geldt, heeft de raad zich in redelijkheid op het standpunt kunnen stellen dat het bestemmingsplan in zoverre niet leidt tot een verkeersonveilige situatie. Wat betreft de toename van het aantal fietsers, komen DTV en Royal Haskoning beide tot de conclusie dat die toename beperkt zal zijn en niet zal leiden tot een onaanvaardbare verkeerssituatie. Daarbij heeft Royal Haskoning uiteengezet dat het aannemelijk is dat fietsers naar het winkelcentrum niet de nieuwe route via Het Bos zullen gebruiken, maar de al bestaande, kortere route via de Zouwendijk. [appellant sub 1] en [appellant sub 2] hebben geen concrete aanknopingspunten voor twijfel aan de juistheid van de conclusies van DTV en Royal Haskoning naar voren gebracht. Wat betreft de uitbreiding van de supermarkt Plus aan het Raadhuisplein en het laden en lossen van vrachtwagens op de hoek van de Prinses Marijkeweg en Het Bos, overweegt de Afdeling dat het niet aannemelijk is dat een toename van 1 auto per zes minuten in de spits zal leiden tot een verkeersonveilige situatie. Gelet hierop heeft de raad in redelijkheid kunnen oordelen dat de uitbreiding van de supermarkt zich niet verzet tegen de vaststelling van het bestemmingsplan. Verder hoefde het onderzoek van Royal Haskoning geen onderdeel uit te maken van het bestemmingsplan, omdat dat onderzoek slechts een aanvullend onderzoek is dat de conclusie van DTV bevestigt. Het betoog slaagt niet. Parkeergelegenheid in de omgeving van het plangebied
- [appellant sub 2] betoogt dat er twaalf bestaande parkeerplaatsen buiten het plangebied zullen verdwijnen door de ontsluiting via de weg Het Bos. Ter onderbouwing voert hij aan dat het verwijderen van parkeerplaatsen noodzakelijk is om veilig tweerichtingsverkeer in Het Bos mogelijk te maken. Een rechtstreeks gevolg van het bestemmingsplan is volgens [appellant sub 2] dan ook dat er een groot parkeerprobleem zal ontstaan voor omwonenden. 7.
- De raad heeft in zijn verweerschrift aangegeven dat er geen parkeerplaatsen buiten het plangebied zullen verdwijnen. Daarbij heeft de raad aangegeven dat uit het onderzoek van Royal Haskoning blijkt dat de verkeersontsluiting via de weg Het Bos de meest veilige route is en dat bij het onderzoek naar die verkeersontsluiting ook de breedte van de weg en het parkeren van auto’s in en buiten de parkeervakken is meegenomen. 7.
- Het bestemmingsplan zelf verandert niets aan het aantal parkeerplaatsen buiten het plangebied. Daarnaast is, zoals hiervoor is overwogen, niet aannemelijk dat het bestemmingsplan zal leiden tot een verkeersonveilige situatie. Er is dan ook geen reden om aan te nemen dat er twaalf parkeerplaatsen buiten het plangebied moeten verdwijnen om een verkeersveilige ontsluiting van het plangebied mogelijk te maken. Het betoog slaagt niet. Conclusie
- De beroepen zijn ongegrond.
- De raad hoeft geen proceskosten te vergoeden. Beslissing De Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State: verklaart de beroepen ongegrond. Aldus vastgesteld door mr. P.H.A. Knol, lid van de enkelvoudige kamer, in tegenwoordigheid van mr. J.A.A. van Roessel, griffier. Het lid van de enkelvoudige kamer is verhinderd de uitspraak te ondertekenen. De griffier is verhinderd de uitspraak te ondertekenen. Uitgesproken in het openbaar op 29 december 2021 457-991