ECLI:NL:RVS:2022:2959
202106592/1/V1.
Datum uitspraak: 13 oktober 2022 AFDELING BESTUURSRECHTSPRAAK Uitspraak met toepassing van artikel 8:54, eerste lid, van de Algemene wet bestuursrecht op het hoger beroep van: [vreemdeling 1], [vreemdeling 2], [vreemdeling 3], [vreemdeling 4] en [vreemdeling 5], appellanten, tegen de uitspraak van de rechtbank Den Haag, zittingsplaats Amsterdam, van 21 september 2021 in zaak nr. 21/1060 in het geding tussen: de vreemdelingen en de staatssecretaris van Justitie en Veiligheid.
Procesverloop Bij besluit van 27 december 2019 heeft de staatssecretaris een aanvraag om de vreemdelingen een machtiging tot voorlopig verblijf te verlenen, afgewezen.
Bij besluit van 21 januari 2021 heeft de staatssecretaris het daartegen door de vreemdelingen gemaakte bezwaar ongegrond verklaard.
Bij uitspraak van 21 september 2021 heeft de rechtbank het daartegen door de vreemdelingen ingestelde beroep ongegrond verklaard.
Tegen deze uitspraak hebben de vreemdelingen, vertegenwoordigd door mr. E.E.M. Bezem, advocaat te Amsterdam, hoger beroep ingesteld.
Overwegingen 1. De vreemdelingen zijn vijf van de in totaal dertien minderjarige kinderen van referent, bij wie zij verblijf wensen in het kader van nareis. De kinderen van referent hebben drie verschillende moeders, met wie referent allen getrouwd is. De staatssecretaris heeft aan één van de echtgenotes van referent en hun acht kinderen eerder een mvv verleend. De vreemdelingen zijn de kinderen van de andere twee echtgenotes. De staatssecretaris heeft de aanvraag afgewezen vanwege de polygame situatie, onder verwijzing naar artikel 3.16 van het Vb 2000. Hij heeft zich op het standpunt gesteld dat polygamie in Nederland in strijd is met de openbare orde en dat hij de polygame situatie zwaar in het nadeel van de vreemdelingen weegt.
Deze uitspraak gaat over de vraag of de staatssecretaris de aanvraag van de vreemdelingen vanwege de polygame situatie terecht heeft afgewezen.
4.1. Op grond van artikel 4, vierde lid, van de Gezinsherenigingsrichtlijn kunnen lidstaten gezinshereniging van minderjarige kinderen in een polygame relatie beperken. Deze beperking heeft de wetgever geïmplementeerd in artikel 3.16 van het Vb 2000. De rechtbank heeft daarover terecht overwogen dat de staatssecretaris zich terecht op het standpunt heeft gesteld dat het uitgangspunt in Nederland is dat polygamie in strijd is met de openbare orde. Zoals de Afdeling onder 2.4. van de uitspraak van 11 december 2013, ECLI:NL:RVS:2013:2453, heeft overwogen, is polygamie naar algemene in Nederland heersende maatschappelijke opvattingen in strijd met de goede zeden en de openbare orde. Dat blijkt ook uit het feit dat polygamie bij wet verboden is. In artikel 1:33 van het Burgerlijk Wetboek is opgenomen dat een persoon tegelijkertijd slechts met één andere persoon door het huwelijk verbonden kan zijn en op grond van artikel 237 van het Wetboek van Strafrecht is het strafbaar om opzettelijk een dubbel huwelijk aan te gaan. De door de vreemdelingen gestelde verandering van de maatschappelijke opvatting over gezinsconstructies, zoals het aanvaarden van polyamorie in Nederland, laat onverlet dat de rechtbank terecht heeft overwogen dat het uitgangspunt is dat polygamie in strijd is met de openbare orde en dat de Nederlandse staat dit daarom niet faciliteert.
4.2. De rechtbank heeft ook terecht overwogen dat de redenen voor en de verhoudingen binnen de polygame relatie buiten beschouwing kunnen worden gelaten. Dat een polygame situatie is ontstaan in een land waar dit wel is toegestaan en dat alle betrokkenen het polygame huwelijk naar gesteld vrijwillig zijn aangegaan, laat onverlet dat polygamie in Nederland in strijd is met de openbare orde en goede zeden.
5.1. Beide grieven falen.
Beslissing De Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State: bevestigt de aangevallen uitspraak.
Aldus vastgesteld door mr. N. Verheij, voorzitter, en mr. H.G. Sevenster en mr. J.H. van Breda, leden, in tegenwoordigheid van mr. M.J.C. Beerse, griffier.
De voorzitter is verhinderd de uitspraak te ondertekenen. w.g. Beerse griffier 382-999