← Nederland

Beoordeling van documenten uit Ghana, Nigeria, Pakistan, India en de Dominicaanse Republiek

Beoordeling van documenten uit Ghana, Nigeria, Pakistan, India en de Dominicaanse Republiek Beoordeling van documenten uit Ghana, Nigeria, Pakistan, India en de Dominicaanse Republiek De Minister van Buitenlandse Zaken, Gelet op de Aanwijzing probleemlanden (Staatscourant van 8 maart 1996, nr. 49), Overwegend dat het in verband met de legalisatieverzoeken wenselijk is de beoordelingsnormen bekend te maken en dat deze bekendmaking van de beoordelingsnormen een weergave vormt van een bestendige gedragslijn, Besluit: Artikel 1 Voor de beoordeling van documenten uit de landen Ghana, Nigeria, Pakistan, India en de Dominicaanse Republiek, die bij de Nederlandse diplomatieke vertegenwoordigen in de vorengenoemde landen ter legalisatie worden aangeboden, gelden de in de bijlage opgenomen uitgangspunten. Artikel 2 Het besluit treedt in werking met ingang van 1 september 2002. Dit besluit wordt met de bijlage in de Staatscourant gepubliceerd. De Minister van Buitenlandse Zaken, P.P. vanWulfften Palthe Bijlage Uitgangspunten voor de beoordeling van documenten, afkomstig uit de landen Ghana, Nigeria, Pakistan, India en de Dominicaanse Republiek A Aanwijzing probleemlanden 1 Legalisatie en verificatie Onder legalisatie van een buitenlands document wordt verstaan het door de Minister van Buitenlandse Zaken (hierna: de Minister) voor echt verklaren van het desbetreffende document, opdat dat document kan worden toegelaten tot de Nederlandse rechtsorde. De beslissing wordt tot uitdrukking gebracht door middel van het plaatsen van een verklaring (stempel) op het document. De beslissing tot legalisatie wordt genomen op grond van een onderzoek naar de handtekening en/of stempels van de plaatselijke autoriteiten op het desbetreffende stuk. In een aantal gevallen wordt ook de inhoud van het document geverifieerd. Een dergelijke wijze van verificatie is voor documenten uit de landen Ghana, Nigeria, India, Pakistan en Dominicaanse Republiek door de Minister voorgeschreven. De voorgenoemde landen zijn in maart 1996 door de Minister aangewezen als probleemland op het gebied van schriftelijk bewijs. Dit houdt in dat alle uit de probleemlanden afkomstige documenten, die vanaf 1 april 1996 bij de Nederlandse diplomatieke of consulaire vertegenwoordiging in deze landen ter legalisatie worden aangeboden, verplicht inhoudelijk worden geverifieerd. 2 Publicaties Aanwijzing probleemlanden i.v.m. valse documenten, Staatscourant 8 maart 1996, nr. 49 Circulaire van de Staatssecretaris van Justitie betreffende legalisatie en verificatie buitenlandse bewijsstukken d.d. 12 januari 2000 (vervangt de circulaire d.d. 8 mei 1996, in werking getreden op 28 mei 1996) Instructie legalisatie- en verificatieprocedure Nederlandse vertegenwoordigingen in Ghana, Nigeria, India, Pakistan en de Dominicaanse Republiek, Staatscourant 30 augustus 2000, nr. 167 Besluit identiteitsvaststelling bij afgifte van een machtiging tot voorlopig verblijf door Nederlandse diplomatieke of consulaire vertegenwoordigen in probleemlanden, Staatscourant 15 juni 2001, nr. 113 B Invulling van de Aanwijzing probleemlanden 1 Twijfelcriterium De negatieve ervaringen met betrekking tot documenten uit de probleemlanden rechtvaardigen een benadering die uitgaat van twijfel aan de juistheid van het ter legalisatie aangeboden document. Dit wordt het twijfelcriterium genoemd. De twijfel bestaat zowel ten aanzien van de rechtsgeldigheid als ten aanzien van de inhoudelijke juistheid van het document. De op voorhand aanwezige twijfel kan worden weggenomen door middel van verificatie, die onder de verantwoordelijkheid van de Minister plaatsvindt. Legalisatie van een uit een probleemland afkomstig document is alleen mogelijk, indien is vastgesteld dat het een rechtsgeldig document is én indien de inhoud van het document na verificatie in orde is bevonden. 1.1 Rechtsgeldigheid Het document dient te zijn afgegeven door de bevoegde autoriteit én te zijn opgemaakt overeenkomstig de ter plaatse geldende wetgeving, regelgeving en voorschriften. In sommige probleemlanden is een onjuiste vermelding van de aangever van de geboorte (informant) of registratiedatum van invloed op de rechtsgeldigheid van het geboortebewijs. Het overgelegde geboortebewijs dient altijd rechtsgeldig naar lokaal recht te zijn om in aanmerking te kunnen komen voor vaststelling van de identiteit. Het ter legalisatie aangeboden document kan vals, vervalst danwel niet rechtsgeldig naar lokaal recht zijn. Een document is vals, wanneer het desbetreffende document in zijn totaliteit is nagemaakt of volledig is verzonnen. Een document is vervalst, wanneer een gegeven in het desbetreffende document onbevoegd is veranderd, weggelakt of geradeerd nadat het document door de bevoegde autoriteit is afgegeven. Een document is niet rechtsgeldig naar lokaal recht, wanneer het desbetreffende document onbevoegdelijk is afgegeven, dan wel niet overeenkomstig de ter plaatse geldende wetgeving, regelgeving en voorschriften is opgemaakt. 1.2 Inhoudelijke juistheid Verificatie van de inhoud vindt plaats aan de hand van de informatie, die bij de aanvraag door de legalisatieaanvrager is verstrekt. De legalisatieaanvrager verstrekt op het aanvraagformulier een opgave van onafhankelijke, objectieve bronnen. Onder `onafhankelijke, objectieve bronnen' wordt verstaan: door instanties in het probleemland - zoals ziekenhuizen, scholen en kerken - bijgehouden registers. Van belang is dat de (persoons)gegevens van de legalisatieaanvrager in de bron zijn opgenomen, geheel onafhankelijk van de registratie waarop het ter legalisatie aangeboden document is gebaseerd. De bron dient ook objectief te zijn. Indien voor de inhoudelijke juistheid van het ter legalisatie aangeboden document geen bevestiging in onafhankelijke, objectieve bronnen wordt gevonden, vindt legalisatie van het desbetreffende document niet plaats. Nadrukkelijk dient erop te worden gewezen dat de door de legalisatieaanvrager overgelegde ondersteunende documenten - zoals een schooldocument of een doopbewijs - niet zonder meer voor betrouwbaar kunnen worden gehouden. Van belang is dat de persoonsgegevens van de legalisatieaanvrager ook daadwerkelijk in de bron - dat wil zeggen in het register van de desbetreffende instantie - zijn terug te vinden. Naast een opgave van onafhankelijke, objectieve bronnen verstrekt de legalisatieaanvrager op het aanvraagformulier ook gegevens met betrekking tot zijn familieleden (subjectieve bronnen). Aan uitsluitend verklaringen, afgelegd door personen uit de directe omgeving van de legalisatieaanvrager, wordt in een legalisatieprocedure geen doorslaggevende betekenis gehecht. N.B.: onder `legalisatieaanvrager' dient te worden verstaan: de persoon, op wie het ter legalisatie aangeboden document betrekking heeft. C Documenten 1 Uittreksel uit het geboorteregister Een uittreksel uit het geboorteregister (hierna: geboortebewijs) wordt in het rechtsverkeer gebruikt om de identiteit van de betrokken persoon aan te tonen. Bij een legalisatieaanvraag voor een geboortebewijs zal de Minister in staat moeten worden gesteld om de gegevens te verifiëren die tezamen de kern van de identiteit van de persoon uitmaken, te weten: de naam, de geboortedatum, de afstammingsgegevens en de geboorteplaats (zie ook artikel 43 Besluit Burgerlijke Stand, laatstelijk gewijzigd bij besluit van 19 december 1997, Stb. 747, met ingang van 1 januari 1998). 1.1 Naam en geboortedatum Voor de beoordeling van iedere legalisatieaanvraag geldt: voor de juistheid van de volledige geboortedatum - dat wil zeggen de geboortedag, de geboortemaand en het geboortejaar - dient in combinatie met de naam van de legalisatieaanvrager bevestiging te zijn gevonden in onafhankelijke, objectieve bronnen. 1.1.1 Waarderingsgrondslag onafhankelijke, objectieve bronnen De juistheid van de geboortedatum is bevestigd indien: i de in de bron aangetroffen naam en geboortedatum van de legalisatieaanvrager overeenstemmen met de naam en de geboortedatum, zoals vermeld in het ter legalisatie aangeboden document; ii de gegevens met betrekking tot de legalisatieaanvrager geruime tijd geleden én onafhankelijk van de legalisatieprocedure in de bron zijn opgenomen; iii er geen grond bestaat om aan de betrouwbaarheid van de bron te twijfelen; iv uit de verificatie verder geen feiten en/of omstandigheden naar voren zijn gekomen die aanleiding geven om nog langer aan de juistheid van de naam en de geboortedatum te twijfelen. 1.2 Afstammingsgegevens, geboorteplaats en informant Voor de juistheid van de afstammingsgegevens en de geboorteplaats dient in combinatie met de tenaamstelling van de legalisatieaanvrager ook bevestiging te zijn gevonden in onafhankelijke, objectieve bronnen. De juistheid van de afstammingsgegevens en geboorteplaats is bevestigd wanneer is voldaan aan de voorwaarden, zoals vermeld onder paragraaf 1.1.1 `waarderingsgrondslag onafhankelijke, objectieve bronnen'. In dit verband dient voor de term `geboortedatum' in paragraaf 1.1.1 te worden gelezen: `afstammingsgegevens en geboorteplaats'. In het geval de verificatie uitwijst dat de onafhankelijke, objectieve bronnen geen gegevens met betrekking tot de afstammingsgegevens en geboorteplaats bevatten, bestaat de mogelijkheid dat de juistheid van deze persoonsgegevens wordt bevestigd aan de hand van de verklaringen die tijdens het onderzoek door personen uit de directe omgeving van de legalisatieaanvrager zijn afgelegd. De juistheid van de aangever van de geboorte (informant) kan worden bevestigd aan de hand van de verklaringen die tijdens het onderzoek door personen uit de directe omgeving van de legalisatieaanvrager zijn afgelegd. 1.2.1 Waarderingsgrondslag subjectieve bronnen Aan de verklaringen, die tijdens het onderzoek door personen uit de directe omgeving van de legalisatieaanvrager zijn afgelegd, komt waarde toe indien in de onafhankelijke, objectieve bronnen geen gegevens met betrekking tot de afstammingsgegevens en/of geboorteplaats zijn opgenomen. De juistheid van de afstammingsgegevens en/of geboorteplaats is bevestigd indien: i de juistheid van de afstammingsgegevens en/of geboorteplaats is bevestigd door meerdere personen uit de directe omgeving van de legalisatieaanvrager;

🔗 Naar officiële bron

AI-uitleg op basis van de officiële wettekst. Indicatief, vervangt geen juridisch advies.