Regeling houdende uitvoering van artikel 113 van de Wet op het primair onderwijs, van artikel 111 van de Wet op de expertisecentra en van artikel 18 van het Besluit RVC’s, regionaal zorgbudget en praktijkscholen met declaratiebekostiging Vaststelling bedragen programma’s van eisen basisonderwijs, (v)so en pro voor het jaar 2005 De minister van onderwijs, cultuur en wetenschap, Gelet op: de artikel 113 van de Wet op het primair onderwijs, artikel 111 van de Wet op de expertisecentra en artikel 18 van het Besluit RVC’s, regionaal zorgbudget en praktijkscholen met declaratiebekostiging; Besluit Artikel 1 Vaststelling bedragen programma’s van eisen Wet op het primair onderwijs. De bedragen van de programma’s van eisen voor de basisscholen en de speciale scholen voor basisonderwijs, bedoeld in de Wet op het primair onderwijs, worden met ingang van het jaar 2005 overeenkomstig het bepaalde in artikel 113, vierde lid, van de Wet op het primair onderwijs vastgesteld conform bijlage 1 bij deze regeling. Artikel 2 Vaststelling bedragen programma’s van eisen Wet op de expertisecentra. De bedragen van de programma’s van eisen voor het (voortgezet) speciaal onderwijs worden voor het jaar 2005 overeenkomstig het bepaalde in artikel 111, vierde lid, van de Wet op de expertisecentra vastgesteld conform bijlage 2 bij deze regeling. Artikel 3 Vaststelling bedragen programma’s van eisen praktijkonderwijs met declaratiebekostiging. De bedragen van de programma’s van eisen voor het praktijkonderwijs met declaratiebekostiging worden voor het jaar 2005 overeenkomstig het bepaalde in artikel 18, vierde lid, van het Besluit RVC’s, regionaal zorgbudget en praktijkscholen met declaratiebekostiging vastgesteld conform bijlage 3 bij deze regeling. Artikel 4 Vaststelling maximale overdrachtsverplichting Het gedeelte van de vergoeding voor de materiële instandhouding dat maximaal in aanmerking komt voor de overdracht aan de speciale scholen voor basisonderwijs in een samenwerkingsverband op grond van artikel 118, derde lid, van de Wet op het primair onderwijs wordt vastgesteld conform bijlage 1 bij deze regeling. Artikel 5 Inwerkingtreding. Met inachtneming van artikel 113, zevende lid, van de Wet op het primair onderwijs, van artikel 111, zevende lid, van de Wet op de expertisecentra en artikel 18, zevende lid, van het Besluit RVC’s, regionaal zorgbudget en praktijkscholen met declaratiebekostiging, treedt deze regeling in werking op een bij ministeriële regeling te bepalen tijdstip. Artikel 6 Citeertitel Deze regeling wordt aangehaald als: Vaststelling bedragen programma’s van eisen basisonderwijs, (v)so en pro voor het jaar 2005. Deze regeling zal met de toelichting en de bijlagen in het Gele Katern worden geplaatst. Van deze plaatsing zal mededeling worden gedaan in de Staatscourant. De minister van onderwijs, cultuur en wetenschap, M.J.A. van derHoeven Bijlage 1 Bekostigingsstelsel basisonderwijs Bedragen programma’s van eisen voor basisscholen en speciale scholen voor basisonderwijs voor het jaar 2005 I Totale MI-vergoeding. De totale MI-vergoeding is een lumpsumvergoeding bestaande uit verschillende onderdelen en wordt uitgedrukt in de formule: Y = Ya + Yb + Yc + Yd waarbij: Y = rijksvergoeding per school per jaar Ya = vergoeding groepsafhankelijke programma’s van eisen Yb = vergoeding leerlingafhankelijke programma’s van eisen Yc = vergoeding aanvullende programma’s van eisen Yd = extra vergoedingen. Voor elk van de symbolen Ya tot en met Yd geldt een formule, waarin gerekend wordt met een vast bedrag per school en een bedrag per variabele indicator (leerling, groep of m2). Hieronder volgt de uitwerking naar de verschillende programma’s van eisen. A Groepsafhankelijke programma’s van eisen Ya = bedrag per school afhankelijk van het aantal groepen leerlingen 2 groepen 3 groepen 4 groepen 5 groepen 6 groepen € 16.014,00 € 20.604,00 € 26.533,00 € 31.696,00 € 35.139,00 Voor elke € 4.016,00 groep meer Bij meer dan 13 groepen wordt het bedrag eenmalig verhoogd met € 1.530,00 B Leerlingafhankelijke programma’s van eisen Vergoedingsformule Yb = vast bedrag per school + bedrag per leerling x het aantal leerlingen Vergoedingsbedragen Vast bedrag per school = € 10.909,75 Bedrag per leerling = € 242,73 C Aanvullende programma’s van eisen Nederlands Onderwijs aan AndersTaligen (NOAT) Vergoedingsformule Yc = vast bedrag per school + bedrag per leerling x het aantal NOAT-leerlingen Vergoedingsbedragen Vast bedrag per school = € 94,01 Bedrag per leerling = € 16,84 D Extra vergoedingen 1 Voor speciale scholen voor basisonderwijs wordt voor 2% van de leerlingen in het samenwerkingsverband conform artikel 115, eerste lid, van de Wet op het primair onderwijs een extra vergoeding per leerling van € 189,18 verstrekt. Indien in het samenwerkingsverband meerdere speciale scholen voor basisonderwijs aanwezig zijn, vindt de verdeling van deze vergoeding plaats overeenkomstig de rekenregel zorgformatie: l = p/q x (0,02 x
- r)x eerdergenoemd bedrag per leerling. De factor (0,02 x
- r)wordt rekenkundig afgerond op een geheel getal. In deze rekenregel hebben de componenten de volgende inhoud: l = extra vergoeding MI voor een speciale school voor basisonderwijs in een samenwerkingsverband p = het aantal leerlingen van de speciale school voor basisonderwijs, voor zover dat aan het desbetreffende samenwerkingsverband is toe te rekenen q = het totale aantal leerlingen van alle speciale scholen voor basisonderwijs die deelnemen aan het desbetreffende samenwerkingsverband, voor zover dit aan dat samenwerkingsverband is toe te rekenen r = het totale aantal leerlingen van alle basisscholen en speciale scholen voor basisonderwijs die deelnemen aan het desbetreffende samenwerkingsverband, voor zover dit aan dat samenwerkingsverband is toe te rekenen. 2 Voor basisscholen in een samenwerkingsverband zonder speciale school voor basisonderwijs wordt voor 2 % van de leerlingen in het samenwerkingsverband conform artikel 115, derde lid, van de Wet op het primair onderwijs een extra vergoeding per basisschoolleerling van € 189,18 verstrekt. II Vaststelling maximale overdrachtsverplichting Het gedeelte van de MI-vergoeding dat maximaal in aanmerking komt voor de overdracht aan de speciale scholen voor basisonderwijs in een samenwerkingsverband op grond van artikel 118, eerste lid van de Wet op het primair onderwijs bedraagt voor het jaar 2005 € 189,18 per leerling die boven de bedoelde 2% uitkomt (zie artikel 118, derde lid, van de Wet op het primair onderwijs). Uitsplitsing van de samengestelde vergoedingsbedragen over de desbetreffende programma’s van eisen. A Vergoedingsbedragen groepsafhankelijke programma’s van eisen Vast bedrag per school Bedrag * A 1. Onderhoud a. Gebouwonderhoud € 1.177,31 € 12,40 b. Tuinonderhoud € 39,66 € 0,38 c. Schoonmaakonderhoud € 0,00 € 16,52 Subtotaal € 1216,97 € 29,30 2. Energie- en waterverbruik a. Elektriciteitsverbruik € 76,18 € 1,33 b. Verwarming € 26,72 € 5,54 c. Waterverbruik € 34,86 € 0,38 Subtotaal € 137,76 € 7,25 3. Publiekrechtelijke (met uitzondering van OZB) heffingen € 315,51 € 1,70 Totaal € 1.670,24 € 38,25 A = genormeerd aantal m2 bruto vloeroppervlakte B Vergoedingsbedragen leerlingafhankelijke programma’s van eisen Vast bedrag per school Bedrag per leerling 1. Middelen a. Medezeggenschap € 8,33 € 1,18 b. Ouderbijdrage i.h.k.v. € 8,33 € 0,88 medezeggenschap c. WA-verzekering € 23,21 € 0,13 d. Culturele vorming € 85,66 € 3,58 e. Overige uitgaven € 681,23 € 11,29 f. Dienstreizen € 100,06 € 0,20 g. Onderhoud, vervanging en vernieuwing onderwijsleerpakket € 4.627,27 € 170,66 h. Onderhoud, vervanging en aanpassing meubilair € 758,89 € 13,33 Subtotaal € 6.292,98 € 201,25 2. Administratie,beheer a. Administratie € 2.534,87 € 14,81 en bestuur b. Onderhoudsbeheer € 440,66 € 3,06 c. Beheer en bestuur € 1.641,24 € 23,61 Subtotaal € 4.616,77 € 41,48 Totaal € 10.909,75 € 242,73 Bijlage 2 Bekostigingsstelsel (voortgezet) speciaal onderwijs Bedragen programma’s van eisen voor scholen voor (voortgezet) speciaal onderwijs voor het jaar 2005 I De totale MI-vergoeding. De totale MI-vergoeding is een lumpsumvergoeding bestaande uit verschillende onderdelen en wordt uitgedrukt in de formule: Y = Ya + Yb + Yc waarbij: Y = rijksvergoeding per school per jaar Ya = vergoeding groepsafhankelijke programma’s van eisen Yb = vergoeding leerlingafhankelijke programma’s van eisen Yc = vergoeding aanvullende programma’s van eisen Voor elk van de symbolen Ya tot en met Yc geldt een formule, waarin gerekend wordt met een vast bedrag per school en een bedrag per variabele indicator (leerling, groep of m2). Bovendien wordt in Ya en Yb nog gerekend met vaste bedragen per schooltype. Hieronder volgen de totale vergoedingsbedragen van de twee hoofdgroepen van de programma’s van eisen, de aanvullende programma’s van eisen en overige vergoedingsbedragen. A Vergoedingsbedragen groepsafhankelijke programma’s van eisen Onderwijssoort per school SO-schooltype VSO-schooltype vast per groep vast per groep DO € 14.738,54 € 2.771,62 € 3.453,27 € 4.268,33 € 3.404,27 SH € 6.927,95 € 2.744,70 € 4.459,37 € 4.477,94 € 3.419,88 ESM € 6.993,62 € 2.790,19 € 4.533,27 € 4.552,15 € 3.476,55 LG € 12.710,55 € 6.442,00 € 6.152,64 € 5.393,03 € 4.746,56 LZ € 7.422,23 € 3.991,85 € 5.040,09 € 4.854,52 € 4.003,89 ZMLK € 6.857,83 € 3.646,16 € 4.441,72 € 4.922,66 € 4.256,01 CLUSTER 4 € 5.840,62 € 3.806,81 € 4.430,81 € 5.659,21 € 3.159,85 MG (LG+ZMLK) € 10.628,21 € 2.746,00 € 5.549,11 € 4.810,58 € 4.809,80 MG (DO+ZMLK) € 11.586,26 € 3.121,44 € 3.48,65 € 4.530.06 € 3744,97 MG (SH+ZMLK) € 6.899,90 € 3.105,29 € 4.452,31 € 4.655,83 € 3.754,33 MG (DO+BLND) € 14.738,54 € 2.771,62 € 3.453,27 € 4.268,33 € 3.404,27 B Leerlingafhankelijke programma’s van eisen Onderwijssoort Vast bedrag SO-schooltype VSO-schooltype per school vast per leerling vast per leerling Alle onderwijssoorten € 9.597,64 DO € 5.681,00 € 902,06 € 6.095,00 € 1.002,67 SH € 4.957,00 € 769,30 € 5.562,00 € 953.74 ESM € 4.237,00 € 638,44 € 5.003,00 € 727,67 LG € 10.827,00 € 737,21 € 11.799,00 € 833,23 LZ € 3.313,00 € 509,85 € 6.540,00 € 603,11 ZMLK € 5.145,00 € 519,65 € 6.108,00 € 497,86 CLUSTER 4 € 3.095,00 € 505,52 € 6.521,00 € 596,68 MG (LG+ZMLK) € 3.359,00 € 800.93 € 3.588,00 € 818,97 MG (DO+ZMLK) € 9.025,25 € 1.239,83 € 10.065,20 € 1.326,28 MG (SH+ZMLK) € 8.301,25 € 1.107,07 € 9.532,20 € 1.277,35 MG (DO+BLND) € 9.373,65 € 1.488,40 € 10.056,75 € 1.654,41 C Aanvullende programma’s van eisen. 1 Brancardliften Dit betreft een aanvullende vergoeding voor brancardliften waarin vergoedingscomponenten zijn opgenomen voor installatieonderhoud en elektriciteitsverbruik. De vergoeding per brancardlift is € 5.308,77 2 Schoolbaden Dit betreft een aanvullende vergoeding voor ruimten voor watergewenning of bewegingstherapie (hydrotherapie) in gebruik bij en door scholen. De genormeerde vergoeding is afhankelijk van het soort bad en het bedrag per m3 waterinhoud. Soort bad Bedrag per bad Bedrag per m3 waterinhoud Hydrotherapiebad € 8.244,92 € 240,04 Watergewenningsbad € 1.7827,11 € 139,53 Toeslag beweegbare bodem € 864,64 € 65,38 II Overige vergoedingsbedragen Vergoeding dienstreizen leerkrachten voor autistische leerlingen De vergoeding voor de dienstreizen van leerkrachten ten behoeve van de begeleiding van autistische leerlingen is gekoppeld aan de toewijzing van extra formatie-eenheden in het aanvullend formatiebudget ten behoeve van autistische leerlingen, verbonden aan de scholen voor (V)SO. Het vergoedingsbedrag bedraagt voor het gehele jaar 2005 € 889,73 per toegekende fte. De vergoeding wordt vastgesteld naar evenredigheid van de periode waarover deze formatie is toegekend en naar rato van het aantal fte’s of een gedeelte daarvan. Bijlage 3 Bekostigingsstelsel (voortgezet) speciaal onderwijs Vergoedingsbedragen voor scholen voor praktijkonderwijs met declaratiebekostiging voor het jaar 2005 De totale MI-vergoeding is een lumpsumvergoeding bestaande uit verschillende onderdelen en wordt uitgedrukt in de formule: Y = Ya + Yb waarbij: Y = rijksvergoeding per school per jaar Ya = vergoeding groepsafhankelijke programma’s van eisen Yb = vergoeding leerlingafhankelijke programma’s van eisen Voor elk van de symbolen Ya en Yb geldt een formule, waarin gerekend wordt met een vast bedrag per school en een bedrag per variabele indicator (leerling, groep of m2). Hieronder volgen de totale vergoedingsbedragen van de twee hoofdgroepen van programma’s van eisen. A Vergoedingsbedragen groepsafhankelijke programma’s van eisen Vast bedrag per school € 12.745,92 Vast bedrag per groep € 3.976,06 B Vergoedingsbedragen leerlingafhankelijke programma’s van eisen Vast bedrag per school € 13.944,74 Bedrag per leerling € 556,80 De minister van onderwijs, cultuur en wetenschap, M.J.A. van derHoeven