← Nederland

Aanwijzingsregeling willekeurige afschrijving en investeringsaftrek milieu-investeringen 2007

BWBR0020881_2007-06-30_0 Regeling van de Staatssecretaris van Volkshuisvesting, Ruimtelijke Ordening en Milieubeheer van 21 december 2006, nr. SB2006341126, houdende regels inzake aanwijzing van investeringen die in het belang zijn van het Nederlandse milieu (Aanwijzingsregeling willekeurige afschrijving en investeringsaftrek milieu-investeringen 2007) Aanwijzingsregeling willekeurige afschrijving en investeringsaftrek milieu-investeringen 2007 De Staatssecretaris van Volkshuisvesting, Ruimtelijke Ordening en Milieubeheer, Handelende in overeenstemming met de Minister van Financiën en na overleg met de Ministers van Economische Zaken en, voorzover het betreft artikel 2, van Landbouw, Natuur en Voedselkwaliteit; Gelet op de artikelen 3.31, tweede lid, en 3.42a, tweede lid, van de Wet inkomstenbelasting 2001; Besluit: Artikel 1 Willekeurige afschrijving milieu-investeringen Als milieubedrijfsmiddelen als bedoeld in artikel 3.31, eerste lid, van de Wet inkomstenbelasting 2001 worden aangewezen de bedrijfsmiddelen of onderdelen daarvan, opgenomen in de bijlage bij deze regeling, indien: a. zij in overeenstemming zijn met de bestemming die voor die bedrijfsmiddelen of onderdelen daarvan is aangegeven in de bijlage bij deze regeling; b. zij niet eerder zijn gebruikt; c. zij bestaan uit de in de bijlage bij deze regeling met betrekking tot die bedrijfsmiddelen of onderdelen daarvan genoemde bestanddelen; d. zij gericht zijn op de verbetering van het natuurlijke milieu of het dierenwelzijn; e. zij, indien het bedrijfsmiddelen of onderdelen daarvan in landbouwbedrijven betreft, niet gericht zijn op een productieverhoging waarvoor op de markt geen normale afzetmogelijkheden kunnen worden gevonden, en f. daarvoor niet vanwege de overheid of de Commissie van de Europese Gemeenschappen uit anderen hoofde dan toekenning van de willekeurige afschrijving een zodanig bedrag aan geldelijke steun is of zal worden verstrekt, dat door die toekenning het totale bedrag aan geldelijke steun dat ingevolge communautaire regelgeving mag worden verstrekt, zou worden overschreden. Artikel 2 Milieu-investeringsaftrek Als investeringen, behorend tot categorie I, II respectievelijk III, in het belang van de bescherming van het Nederlandse milieu (milieu-investeringen), als bedoeld in artikel 3.42a van de Wet inkomstenbelasting 2001 worden aangewezen de investeringen in bedrijfsmiddelen of onderdelen daarvan, die zijn opgenomen in de bijlage bij deze regeling en die voldoen aan de in artikel 1, onderdelen a tot en met f, genoemde voorwaarden. Artikel 3 Uitzondering De artikelen 1 en 2 zijn niet van toepassing op investeringen waarvan de kosten meer dan € 25 miljoen bedragen, tenzij hiervoor goedkeuring is verleend door de Commissie van de Europese Gemeenschappen. Artikel 4 Intrekking Aanwijzingsregeling willekeurige afschrijving en investeringsaftrek milieu-investeringen 2006 1 De Aanwijzingsregeling willekeurige afschrijving en investeringsaftrek milieu-investeringen 2006 wordt ingetrokken. 2 De Aanwijzingsregeling willekeurige afschrijving en investeringsaftrek milieu-investeringen 2006 blijft van toepassing op investeringen die zijn gedaan voor 1 januari 2007, met dien verstande dat investeringen in de in hoofdstuk 5 van de bijlage bij die regeling genoemde bedrijfsmiddelen D5078a, D5079a, D5080 en D5081 ook in aanmerking komen voor de milieu-investeringsaftrek indien: a. de investeringsverplichting is aangegaan voor 1 oktober 2006; b. de datum waarop de productie zodanig ver was gevorderd dat aan de opbouw is of kon worden begonnen aantoonbaar is gelegen voor 1 oktober 2006, en c. het kentekenbewijs wordt afgegeven na 31 december

  1. Artikel 5 Inwerkingtreding Deze regeling treedt in werking met ingang van 1 januari
  2. Artikel 6 Citeertitel Deze regeling wordt aangehaald als: Aanwijzingsregeling willekeurige afschrijving en investeringsaftrek milieu-investeringen
  3. Deze regeling zal met de toelichting in de Staatscourant worden geplaatst. Den Haag 21 december 2006 De Staatssecretaris van Volkshuisvesting, Ruimtelijke Ordening en Milieubeheer, P.L.B.A. vanGeel Bijlage
  4. Deze bijlage wordt aangehaald als: Milieulijst milieu-investeringsaftrek en willekeurige afschrijving milieu-investeringen
  5. Investeringen van welke de code begint met een F of G behoren tot categorie I van de milieu-investeringsaftrek en komen voor 40% van het investeringsbedrag in aanmerking voor een investeringsaftrek. Investeringen van welke de code begint met een A of D behoren tot categorie II van de milieu-investeringsaftrek en komen voor 30% van het investeringsbedrag in aanmerking voor investeringsaftrek. Investeringen van welke de code begint met een B of E behoren tot categorie III van de milieu-investeringsaftrek en komen voor 15% van het investeringsbedrag in aanmerking voor investeringsaftrek. Investeringen van welke de code begint met een A, B, C of F komen in aanmerking voor willekeurige afschrijving.
  6. Tot de in deze bijlage genoemde bestanddelen kunnen tevens worden gerekend voorzieningen (zoals leidingen, appendages en meet- en regelapparatuur) die technisch noodzakelijk zijn voor en uitsluitend dienstbaar zijn aan deze bedrijfsmiddelen en derhalve geen zelfstandige betekenis hebben.
  7. De bedrijfsmiddelen, genoemd onder de nummers A 5000 Geluid- en emissiearme mobiele machine E 5110 Geluidarme mobiele houtversnipperaar E 5111 Geluidarme gazonmaaier B 5141 Geluidarme kolkenzuiger B 5142 Geluidarme huisvuilwagen B 5143 Geluidarme vloeren- en stratenreiniger E 5150 Geluidarm hydrauliek aggregaat E 5151 Geluidarm stroomaggregaat E 5160 Geluidarme motoraangedreven compressor E 5170 Geluidarme motorpomp E 5180 Geluidarme laadschop E 5181 Geluidarme graafmachine E 5190 Geluidarme mobiele kraan E 5200 Vorkheftruck E 5201 Geluidarme telescooplader of verreiker gaan vergezeld van een EG-verklaring van overeenstemming waarop het gewaarborgd geluidsvermogensniveau is aangegeven, zoals bedoeld in artikel 8 van richtlijn 2000/14/EG van het Europees Parlement en de Raad van de Europese Unie van 8 mei 2000 inzake de harmonisatie van de wetgevingen der lidstaten betreffende de geluidsemissie in het milieu door materieel voor gebruik buitenshuis (PbEG L 162). Bij de milieu- en arbovriendelijke tractor (E 5130) zijn eisen gesteld aan het geluidsdrukniveau (LpA). Hierbij dient gemeten te worden conform richtlijn 74/151/EEG.
  8. De bedrijfsmiddelen, genoemd onder de nummers E 5101 Geluidarme mobiele puinbreker B 5140 Geluidarme straatveegmachine E 5191 Geluidarme autolaadkraan gaan vergezeld van een verklaring van gelijkvormigheid, af te geven door de leverancier overeenkomstig een door de Minister van Volkshuisvesting, Ruimtelijke Ordening en Milieubeheer vast te stellen model. De meting geschiedt door een instantie die is aangewezen op grond van artikel 5 van de Regeling geluidemissie buitenmaterieel, volgens de meetmethoden die zijn opgenomen in de door het Ministerie van Volkshuisvesting, Ruimtelijke Ordening en Milieubeheer uitgegeven VAMIL-publicatiereeks 7, 11 en
  9. Voor de geluid- en emissiearme mobiele machine (A 5000) en de emissiearme mobiele machine (C 5001) worden eisen gesteld aan de luchtzijdige emissies door de motor van het werktuig. Voor deze bedrijfsmiddelen moet door de leverancier verklaard worden dat het geleverde bedrijfsmiddel overeenkomt met een bedrijfsmiddel waarvan met een meting volgens onderstaande meetmethode is aangetoond dat deze aan de gestelde emissie-eisen voldoet. Deze verklaring dient te worden afgegeven door de leverancier in overeenstemming met een door de Minister van Volkshuisvesting, Ruimtelijke Ordening en Milieubeheer vast te stellen model. Bij de emissie-eisen wordt onderscheid gemaakt tussen motoren met een constant toerental en machines met een variabel toerental. Houtversnipperaars, puinbrekers, aggregaten, compressoren en pompen hebben in ieder geval een constant toerental. De overige machines hebben in principe een variabel toerental. Alleen werktuigen met een variabel toerental waarvan het motorvermogen tenminste 37kW en ten hoogste 75 kW bedraagt komen in aanmerking voor stimulering. Werktuigen met een variabel toerental moeten voldoen aan fase IIIa van richtlijn 2004/26/EG van het Europees Parlement en de Raad van de Europese Unie van 16 december 1997 betreffende de onderlinge aanpassing van de wetgevingen van de lidstaten inzake maatregelen tegen de uitstoot van verontreinigende gassen en deeltjes door inwendige verbrandingsmotoren die worden gemonteerd in niet voor de weg bestemde mobiele machines (PbEU L 146). Dit houdt in dat aan de onderstaande emissiewaarden moet worden voldaan. Nettovermogen Koolmonoxide Som van koolwaterstof Deeltjes en stikstofoxiden P [kW] CO [g/kWh] CH+NOx [g/kWh] PM [g/kWh] 37 < P < 75 5,0 4,7 0,40 De milieu- en arbovriendelijke tractor (B 5130) valt onder richtlijn 2000/25/EG van het Europees Parlement en de Raad van de Europese Unie van 22 mei 2000 inzake maatregelen tegen de uitstoot van verontreinigende gassen en deeltjes door motoren bestemd voor het aandrijven van landbouw- of bosbouwtrekkers en houdende wijziging van richtlijn 75/150/EEG van de Raad (PbEG L 173).
  10. De bedrijfsmiddelen, genoemd onder de nummers E 1130 Nettenplant- of rooimachine voor bollen en knollen B 4151 Geluidsreducerend smeersysteem voor tram- en treinstellen A 5000 Geluid- en emissiearme mobiele machine C 5001 Emissiearme mobiele machine B 5090 Hydraulisch heiblok E 5091 Hydraulische boorstelling E 5101 Geluidarme mobiele puinbreker E 5110 Geluidarme mobiele houtversnipperaar E 5111 Geluidarme gazonmaaier E 5112 Mobiele compostomzetmachine A 5120 Natte mobiele tarrascheidingsinstallatie voor bollen en knollen B 5121 Droge mobiele tarrascheidingsinstallatie voor bollen en knollen E 5122 Rooimachine met tarrareinigingsinstallatie E 5130 Milieu- en arbovriendelijke tractor E 5131 Milieuvriendelijke gemotoriseerde landbouwmachine E 5132 Milieuvriendelijke getrokken landbouwmachine B 5140 Geluidarme straatveegmachine B 5141 Geluidarme kolkenzuiger B 5142 Geluidarme huisvuilwagen B 5143 Geluidarme vloeren- en stratenreiniger E 5150 Geluidarm hydrauliek aggregaat E 5180 Geluidarme laadschop E 5181 Geluidarme graafmachine E 5190 Geluidarme mobiele kraan E 5191 Geluidarme autolaadkraan E 5200 Vorkheftruck E 5201 Geluidarme telescooplader of verreiker B 8101 Automatisch vetsmeersysteem B 8142 Mobiele schoningsinstallatie F 8430 Groenrooimachine A 9050 Waterkrachthydrauliek B 9480 Verlaadinstallatie voor bieten of aardappels zijn voorzien van een verklaring van de producent of leverancier waaruit blijkt dat het hydraulische systeem van het desbetreffende bedrijfsmiddel is voorzien van een eenvoudig biologisch-afbreekbare niet-toxische olie of van water en waaruit blijkt dat bij het gebruik van een dergelijke olie of van water de garantiebepalingen onverkort van toepassing zijn. Olie en vet zijn eenvoudig biologisch-afbreekbaar indien de ultimate afbreekbaarheid binnen 28 dagen meer dan 60% en de primaire afbreekbaarheid binnen 28 dagen ten minste 90% is. De ultimate afbreekbaarheid wordt bepaald overeenkomstig de OECD-testmethode 301D (zuurstofverbruik) of 301B (CO2), dan wel met behulp van een naar het oordeel van de Minister van Volkshuisvesting, Ruimtelijke Ordening en Milieubeheer aantoonbaar gelijkwaardige methode. Voor de bepaling van de primaire afbreekbaarheid is geen methode dwingend voorgeschreven. De toxiciteit wordt bepaald door middel van twee onderzoeksmethoden. De toxiciteit ten opzichte van planten wordt bepaald door middel van een groeitoets op algen volgens OECD-testmethode
  11. De acute toxiciteit wordt bepaald via een test op Daphnia magna (watervlo) volgens OECD-testmethode
  12. Beide tests worden uitgevoerd op de hydraulische olie zoals deze volgens het specificatieblad in de handel is. De toxiciteit uitgedrukt in EC50/LC50-waarde mag niet lager zijn dan 1 mg/l. Indien het hydraulische systeem gevuld is met water en er kans op bevriezing bestaat, worden aan het systeem slechts stoffen toegevoegd die nodig zijn om het vriespunt te verlagen. Waterhydrauliek wordt in ieder geval geëist bij de volgende codes: B 1180 Watergeïnjecteerde schroefcompressor B 7100 Schroefaskokerafdichtingsinstallatie B 7101 Hennegatkokerafdichting
  13. Ten aanzien van de volgende generieke bedrijfsmiddelen: A 1000 Productieapparatuur voor bioplastics of voor producten van bioplastics; F 1001 Productieapparatuur voor biologische landbouwproducten; A 1002 Apparatuur voor milieuvriendelijke dienstverlening of productie met Milieukeur; B 1003 Productieapparatuur voor verwerking van grondstoffen van biologische oorsprong; A 1004 Apparatuur voor milieuvriendelijke dienstverlening of productie met Europees Ecolabel; E 1005 Zeer duurzaam utiliteitsgebouw; E 8000 Apparatuur voor reductie van grondstoffengebruik voor verpakkingen (ombouw of vervanging); B 8001 Terugwinningsinstallatie voor grondstoffen uit shredder- en restafval; A 8002 Waterbesparingsinstallatie voor de industrie (minimaal 20 liter per geïnvesteerde euro); B 8003 Waterbesparingsinstallatie voor de industrie (minimaal 10 liter per geïnvesteerde euro); A 8004 Apparatuur voor het gescheiden zuiveren van afvalwaterstromen, wordt desgevraagd een meerkostenberekening volgens de definities van het Milieusteunkader (Communautaire kaderregeling inzake staatssteun ten behoeve van het milieu (PbEG 2001, C 37) overgelegd, wordt aangetoond dat met het betreffende bedrijfsmiddel milieuvoordelen worden behaald, en wordt aangetoond dat een groter milieurendement wordt gehaald dan wettelijk verplicht is.
  14. Indien in deze bijlage sprake is van bepaalde meetvoorschriften, testmethoden, verklaringen of certificaten, worden bedrijfsmiddelen die getoetst zijn met gelijkwaardige meetvoorschriften, testmethoden of die voorzien zijn van gelijkwaardige verklaringen of certificaten, met de betreffende meetvoorschriften, testmethoden, verklaringen of certificaten gelijkgesteld.
  15. Een wijziging van een richtlijn, genoemd in deze bijlage, gaat voor de toepassing van deze regeling gelden met ingang van de dag waarop aan de betrokken wijzigingsrichtlijn uitvoering moet zijn gegeven. Als een richtlijn genoemd in een omschrijving van een bedrijfsmiddel lopende het jaar wordt gewijzigd of vervangen, dan geldt vanaf het moment van wijziging of vervanging de rechtsopvolger van de betreffende richtlijn. A 1000 Productieapparatuur voor bioplastics of voor producten van bioplastics bestemd voor: het uitsluitend produceren van plastics of plastic producten die biologisch afbreekbaar of composteerbaar zijn volgens NEN 13432 en die gemaakt zijn van grondstoffen van biologische oorsprong, en bestaande uit: (aanpassing van) productieapparatuur die aantoonbaar noodzakelijk is voor het produceren van (producten van) bioplastics. Toelichting: Als de plastics niet biologisch afbreekbaar of composteerbaar zijn volgens NEN 13432, maar wel van biologische oorsprong, kan u uw investering wellicht in aanmerking komen onder B
  16. F 1001 Productieapparatuur voor biologische landbouwproducten bestemd voor: het uitsluitend produceren van biologische landbouwproducten volgens het Landbouwkwaliteitsbesluit biologische productiemethode (Skal), en bestaande uit: (aanpassing van) productieapparatuur die aantoonbaar noodzakelijk is om te voldoen aan de eisen van het Landbouwkwaliteitsbesluit biologische productiemethode. Toelichting: Informatie over het Landbouwkwaliteitsbesluit biologische productiemethode kunt u vinden op www.skal.nl. A 1002 Apparatuur voor milieuvriendelijke dienstverlening of productie met Milieukeur bestemd voor: het uitsluitend verlenen van milieuvriendelijke diensten of uitsluitend produceren van milieuvriendelijke producten, die gecertificeerd zijn volgens de eisen zoals vastgesteld door de Stichting Milieukeur, en bestaande uit: (aanpassing van) apparatuur die aantoonbaar noodzakelijk is om te voldoen aan de eisen van de Stichting Milieukeur. Toelichting: Informatie over Milieukeur kunt u vinden op www.smk.nl. B 1003 aftopping: € 5.000.000 Productieapparatuur voor verwerking van grondstoffen van biologische oorsprong bestemd voor: de verwerking van onderstaande grondstoffen tot een (half)product, niet zijnde een voedingsmiddel of een energiedrager, voor zover dat (half)product nog niet gangbaar is, of als voor dat (half)product een niet hernieuwbare grondstof gangbaar is. Alleen de verwerking van de volgende grondstoffen komt in aanmerking: – landbouwgrondstoffen; – plantaardige grondstoffen uit aquatisch milieu; – primaire en secundaire reststromen, oorspronkelijk afkomstig uit de landbouw, en bestaande uit: (aanpassing van) productieapparatuur die aantoonbaar noodzakelijk is voor het industrieel verwerken van bovengenoemde grondstoffen, inclusief voorbewerkingsapparatuur. De investering komt voor maximaal € 5.000.000 van het investeringsbedrag in aanmerking voor milieu-investeringsaftrek en willekeurige afschrijving. A 1004 Apparatuur voor milieuvriendelijke dienstverlening of productie met Europees Ecolabel bestemd voor: het uitsluitend verlenen van milieuvriendelijke diensten of uitsluitend produceren van milieuvriendelijke producten, die gecertificeerd zijn volgens de eisen van het Europees Ecolabel, en bestaande uit: (aanpassing van) apparatuur die aantoonbaar noodzakelijk is om te voldoen aan de eisen van het Europees Ecolabel. Toelichting: Informatie over het Europees Ecolabel kunt u vinden op www.europeesecolabel.nl en www.smk.nl. E 1005 aftopping: € 2.000.000 Zeer duurzaam utiliteitsgebouw bestemd voor: het duurzaam vervullen van utiliteitsfuncties met een gebouw dat is gerealiseerd volgens de criteria zoals genoemd in bijlage 1c van de Regeling Groenprojecten 2005 (Maatregelen zeer duurzame utiliteitsbouw 2005), en bestaande uit: utiliteitsgebouw. De investering komt voor maximaal € 2.000.000 van het investeringsbedrag in aanmerking voor de milieu-investeringsaftrek. Toelichting: Zie voor de criteria de ‘Handleiding Projectplan duurzame utiliteitsbouw’ op de subsite ‘Groen beleggen en financieren’ op www.senternovem.nl. B 1040 Productieinstallatie voor microalgen bestemd voor: het produceren van microalgen in een gesloten kweekinstallatie, waarbij: – de geproduceerde microalgen worden ingezet als grondstof voor het kweken van vis, schaal- of schelpdieren of het produceren van voedingsmiddelen, cosmetica of farmaceutica, en – de oplossing waarmee de algen worden gevoed wordt gerecirculeerd of hergebruikt, en bestaande uit: bioreactor, doseersysteem, behandelingseenheid voor recirculatie of hergebruik van de voedingsoplossing, oogstsysteem. B 1050 Werf voor het uitsluitend milieuvriendelijk demonteren van zeeschepen en -platforms bestemd voor: het in een gesloten ruimte, selectief en milieuvriendelijk demonteren van zeeschepen en -platforms, waarbij alle milieubelastende verontreinigingen conform ISO- en/of NEN-normen, of daaraan gelijkwaardig, worden verwijderd en evenals het vrijkomende staal worden hergebruikt, en bestaande uit: snij-apparatuur, hydraulische staalpers, mobiele of drijvende demontagekranen, pneumatische demontage-apparatuur, brandpreventie-apparatuur, stoomheaters voor zware olie, ballastwater behandelingsinstallatie, opslagtanks voor vrijkomende vloeistoffen (zware brandstoffen, oliën, smeermiddelen, ballastwater, chemicaliën en slobs), mobiele of drijvende pompinstallaties, reinigingsinstallatie voor vloeistoftanks, asbestverwijderingsinstallatie, asbestdecontaminatie-unit en stoffiltermachine, olie/water-afscheider, verschrottingsinstallatie, snijdampen rookgasbehandelingssysteem, vloeistofdichte vloeren. B 1070 Houtmodificatie-installatie bestemd voor: het chemisch of thermisch modificeren van hout waardoor de duurzaamheid van het hout wordt verhoogd zonder toepassing van houtverduurzamingsmiddelen door een installatie die voldoet aan de eisen van de BRL Gemodificeerd hout

(0605), en bestaande uit: houtmodificatie-installatie. B 1080 aftopping: 50% Rijsimulator bestemd voor: het lesgeven in rijvaardigheid door autorijscholen met een rijsimulator, en bestaande uit: rijsimulator, bedieningsmiddelen, LCD-projectoren, computer. De investering komt voor 50% van het investeringsbedrag in aanmerking voor de milieu-investeringsaftrek. F 1090 Groen Label Kas bestemd voor: het bedrijfsmatig telen van gewassen in een Groen Label Kas: – waarvan is vastgesteld dat de kas voldoet aan de eisen van het certificatieschema Groen Label Kas 8.0, met een minimumniveau van 85 punten voor extensieve teelt en 115 punten voor intensieve teelt. Dat voldaan wordt aan de eisen van het certificatieschema Groen Label Kas 8.0 moet blijken uit een voorlopig certificaat Groen Label Kas dat voor de meldingsdatum is afgegeven door een door de Raad voor Accreditatie hiervoor geaccrediteerde organisatie, – waarvan voor een nieuw op te richten opstand van een glastuinbouwbedrijf als bedoeld in het Besluit glastuinbouw door het bevoegde gezag voor de opstand een bouwvergunning is afgegeven die rechtsgeldig is ten tijde van de aanmelding, en – waarbij binnen drie jaar na afgifte van het voorlopig certificaat een definitief certificaat wordt overgelegd, dan wel binnen vier jaar een definitief certificaat wordt overhandigd volgens de dan vigerende maatlat Groen Label Kas, en bestaande uit: kas, kasdek, gevels, teelttechnische en klimaattechnische voorzieningen. Exclusief: assimilatiebelichting, bedrijfsruimte, energieschermen, en voorzieningen voor het opslaan en/of produceren van CO2, elektriciteit en warmte. Toelichting: De bouwvergunning die voor nieuw op te richten glasopstanden wordt vereist, moet door het bevoegd gezag zijn afgegeven voordat de melding wordt gedaan. De bezwaar- en beroepsprocedure voor die bouwvergunning hoeft echter niet te worden afgewacht. Voor alle kassen die onder criteria voor extensieve teelt worden gecertificeerd moet bij definitieve oplevering worden aangetoond dat het totale energieverbruik op basis van minimaal 1 jaar teelt minder is geweest dan 25 m3/m2 aardgasequivalenten per jaar. De tuinder dient dit aan te tonen door na 1 jaar teelt het werkelijke energiegebruik van het voorgaande jaar te laten controleren op basis van facturen en meetgegevens en de gegevens in het energiecertificaat. Het certificatieschema Groen Label Kas 8.0 ligt ter inzage in de bibliotheek van het Ministerie van Volkshuisvesting, Ruimtelijke Ordening en Milieubeheer. Het certificatieschema is ook te downloaden via www.groenlabelkas.nl. F 1113 Ammoniakarme en diervriendelijke varkensstal bestemd voor: het op duurzame en diervriendelijke wijze houden van varkens in een stal die voldoet aan de eisen van de Appendix bij deze regeling (Maatlat Duurzame Veehouderij 2007), en bestaande uit: ruimten waarin dieren worden gehuisvest, stalinrichting, klimaattechnische en voertechnische systemen, ammoniakemissiereducerende systemen, mestafvoer en -opslag. Toelichting: Zodra er een door de Raad van de Accreditatie hiervoor geaccrediteerde certificatie instelling is aangewezen, zal Senternovem aan de hand van het door deze certificatie instelling afgegeven certificaat toetsen of is voldaan aan de eisen van de Maatlat Duurzame Veehouderij. Investeringen die technisch noodzakelijk zijn om een bestaande stal te laten voldoen aan de eisen van de Maatlat komen ook in aanmerking voor MIA en Vamil, voor zover deze enkel dienstbaar zijn aan de stal. F 1123 Ammoniakarme en diervriendelijke pluimveestal bestemd voor: het op duurzame en diervriendelijke wijze houden van pluimvee in een stal die voldoet aan de eisen van de Appendix bij deze regeling (Maatlat Duurzame Veehouderij 2007), en bestaande uit: ruimten waarin dieren worden gehuisvest, stalinrichting, klimaattechnische en voertechnische systemen, ammoniakemissiereducerende systemen, mestafvoer en -opslag. Toelichting: Zodra er een door de Raad van de Accreditatie hiervoor geaccrediteerde certificatie instelling is aangewezen, zal Senternovem aan de hand van het door deze certificatie instelling afgegeven certificaat toetsen of is voldaan aan de eisen van de Maatlat Duurzame Veehouderij. Investeringen die technisch noodzakelijk zijn om een bestaande stal te laten voldoen aan de eisen van de Maatlat komen ook in aanmerking voor MIA en Vamil, voor zover deze enkel dienstbaar zijn aan de stal. A1101 Ammoniakarme rundveestal bestemd voor: het houden van rundvee in stallen met een lage ammoniakemissie, en bestaande uit: een stal voorzien van een huisvestingssysteem dat in bijlage 1 van de Regeling ammoniak en veehouderij is opgenomen en waarvan de emissiefactor lager is dan de maximale emissiewaarde voor de betreffende diercategorie in bijlage 1 van het Besluit ammoniakemissie huisvesting veehouderij of, indien voor de betreffende diercategorie of onderdelen daarvan in bijlage 1 van de Besluit ammoniakemissie huisvesting veehouderij geen maximale emissiewaarde is vastgesteld, waarvan de emissiefactor als gevolg van de toepassing van emissiearme technieken lager is dan van een traditioneel huisvestingssysteem. A1102 Ombouw naar ammoniakarme rundveestal bestemd voor: het houden van rundvee in stallen met een lage ammoniakemissie, en bestaande uit: aanpassing van een bestaande stal door deze te voorzien van een huisvestingssysteem dat in bijlage 1 van de Regeling ammoniak en veehouderij is opgenomen en waarvan de emissiefactor lager is dan de maximale emissiewaarde voor de betreffende diercategorie in bijlage 1 van het Besluit ammoniakemissie huisvesting veehouderij of, indien voor de betreffende diercategorie of onderdelen daarvan in bijlage 1 van de Besluit ammoniakemissie huisvesting veehouderij geen maximale emissiewaarde is vastgesteld, waarvan de emissiefactor als gevolg van de toepassing van emissiearme technieken lager is dan van een traditioneel huisvestingssysteem. F 1099 Proefstal bestemd voor: het huisvesten van dieren in een stalsysteem waarvoor een bijzondere emissiefactor is vastgesteld als bedoeld in artikel 3 van de Regeling ammoniak en veehouderij (Stcrt. 2002, 82), en waarbij wordt voldaan aan de meetverplichtingen volgende uit voornoemde regeling, en bestaande uit: proefstal. Exclusief de niet voor het reduceren van emissies relevante onderdelen van de inrichting zoals melkmachine en melkkoeling. F 1100 Skal-stal bestemd voor: het huisvesten van vee in een bedrijf dat dierlijke landbouwproducten produceert volgens de voorschriften van het Landbouwkwaliteitsbesluit biologische productiemethode (Skal), en bestaande uit: stal. Toelichting: Informatie over het Landbouwkwaliteitsbesluit biologische productiemethode kunt u vinden op www.skal.nl. B 1122 Eendenstal bestemd voor: het houden van eenden in een gesloten stal die is voorzien van een vloeistofdichte bodemafdichting, waarin de eenden op strooisel worden gehouden, en bestaande uit: eendenstal voorzien van vloeistofdichte vloer. Exclusief stalinrichting en nutsvoorzieningen. E 1130 aftopping: 20% Nettenplant- of rooimachine voor bollen of knollen bestemd voor: het machinaal met een net planten of rooien van bollen of knollen, waarbij het eigen hydraulisch systeem van de machine is gevuld met biologisch afbreekbare, niet-toxische olie, en bestaande uit: rooimachine of plantmachine. De investering komt voor 20% van het investeringsbedrag in aanmerking voor de milieu-investeringsaftrek. Toelichting: Emissiearme nettenplant- of rooimachines kunnen worden gemeld onder C 5001. B 1140 aftopping: 50% Schoenreparatie-eenheid bestemd voor: het emissiearm repareren en veranderen van schoenen door een schoenreparatie-eenheid voorzien van: – een lijm- en drooggedeelte voor waterverdunbare lijmen, en – een luchtafzuiging met koolfilter voor oplosmiddel bevattende lijmen, en – een stofafzuiginstallatie met (de mogelijkheid van) luchtrecirculatie, en – een automatische uitschakeling bij geen gebruik, en bestaande uit: schoenreparatie-eenheid. De investering komt voor 50% van het investeringsbedrag in aanmerking voor de milieu-investeringsaftrek. B 1150 Beluchter op zonne-energie bestemd voor: het beluchten van (afval)water door een beluchter die werkt op fotovoltaïsche energie, en bestaande uit: beluchter met zonnecellen. F 1160 Waterhydraulisch systeem bestemd voor: het overbrengen van kracht met een hydraulisch systeem, waarbij water als hydrauliekvloeistof wordt toegepast. Aan het water mogen geen stoffen worden toegevoegd, anders dan vriespuntverlagende middelen bij systemen die beneden het vriespunt moeten opereren, en bestaande uit: hydrauliekpomp, besturings- en regelkleppen, waterhydraulische hydromotor, cilinder. B 1170 Vloeibare rook dompel- of douche- of vernevelingsysteem bestemd voor: het roken van kaas, vis of vleeswaren door onderdompelen of douchen van deze producten in een oplossing van vloeibare rook of door verneveling van vloeibare rook, en bestaande uit: vloeibare rook dompel- of douche- en/of vernevelingsysteem. B 1180 aftopping: 50% Watergeïnjecteerde schroefcompressor bestemd voor: het samenpersen van lucht door middel van een schroefcompressor die voor de koeling en smering uitsluitend gebruik maakt van water, en bestaande uit: schroefcompressor, (eventueel) waterbereidingseenheid. De investering komt voor 50% van het investeringsbedrag in aanmerking voor de milieu-investeringsaftrek. B 1190 Windgekoelde condensor bestemd voor: het condenseren van koudemiddel in een koelinstallatie door buitenlucht zonder gebruik te maken van ventilatoren of spuiwater, en bestaande uit: windgekoelde condensor. E 1200 aftopping: 50% Oplosmiddelvrije folielamineermachine bestemd voor: het vervaardigen van papier/kunststoffolie-, karton/kunststoffolie- of kunststof/kunststoffolielaminaten met oplosmiddelvrije lamineermiddelen, en bestaande uit: lamineermachine, (eventueel) mengsysteem, (eventueel) UV-eenheid. De investering komt voor 50% van het investeringsbedrag in aanmerking voor de milieu-investeringsaftrek. B 1210 aftopping: 50% Gesloten beitsinstallatie voor roestvrijstalen producten bestemd voor: het beitsen van roestvrijstalen producten voor herstel van de passieve chroomoxidehuid door in een afgesloten ruimte het product te besproeien met een beitsvloeistof zonder oxiderend zuur, waarbij de gebruikte beitsvloeistof en het spoelwater worden opgevangen en gerecirculeerd, en bestaande uit: gesloten beitsinstallatie, laadsysteem, recirculatiesysteem. De investering komt voor 50% van het investeringsbedrag in aanmerking voor de milieu-investeringsaftrek. A 2040 Waterstofafleverstation bestemd voor: het afleveren van gasvormige waterstof als motorbrandstof voor voertuigen, waarbij de waterstof in gasvorm wordt geleverd aan het afleverstation, en bestaande uit: afleverzuil, compressoren, bufferopslag, (eventueel) lokale waterstofzuiveringseenheid. B 2041 Biobrandstofafleverstation bestemd voor: het afleveren van biobrandstof als motorbrandstof voor voertuigen, waarbij minimaal 2 afleverpunten binnen de afleverzuil worden gebruikt voor het afleveren van biobrandstof, en bestaande uit: afleverzuil, bufferopslag voor biobrandstof. B 2050 Aardgasaflever- of aardgasvulstation bestemd voor: het op bedrijfsterreinen en inrichtingen afleveren van aardgas als motorbrandstof voor voertuigen door een installatie die voldoet aan de eisen gesteld in de PGS 25 (Publicatiereeks Gevaarlijke Stoffen), en waarbij minimaal de helft van de afleverpunten binnen de afleverkast of -zuil worden gebruikt voor het afleveren van aardgas, en bestaande uit: afleverkast of -zuil, compressor, bufferopslag, (eventueel) droger. Toelichting: De compressor, bufferopslag en droger komen alleen in aanmerking voorzover deze worden gebruikt voor het opslaan en afleveren van aardgas. Ook kleine niet-commerciële aardgasafleverpunten komen in aanmerking. A 2051 Blenderinstallatie voor dieselolie-water-emulsie bestemd voor: de productie van een dieselolie-water-emulsie die wordt gebruikt als brandstof voor voertuigen, en bestaande uit: blender, demiwaterinstallatie, doseereenheid voor emulgator. B 2060 Systeem voor gedeeld autogebruik bestemd voor: het geschikt maken van personenauto's voor gedeeld autogebruik door middel van een geautomatiseerd registratiesysteem in de auto in combinatie met hard- en software buiten de auto, waarbij de auto in de directe nabijheid (loopafstand) van wonen, werken en winkelen wordt aangeboden en gedurende 24 uur per dag beschikbaar is, en bestaande uit: elektronisch pasleessysteem, (eventueel) locatiezuil, (eventueel) plaatsbepalingssysteem, centraal registratiesysteem. B 2070 Oxidatiekatalysator voor stationaire gas- of dieselmotoren bestemd voor: het door katalytische oxidatie verminderen van de emissie van koolwaterstoffen en koolmonoxide van stationaire gas- of dieselmotoren, en bestaande uit: oxidatiekatalysator, (eventueel) roetfilter. A 2080 Stortgaswinningsinstallatie bestemd voor: het onttrekken van stortgas uit gestort afval, waarna het gewonnen stortgas nuttig aangewend wordt ter vervanging van affakkelen, en bestaande uit: stortgasonttrekkingssysteem, gasbehandelingsapparatuur. B 2100 Niet-chemische ontsmettingsinstallatie bestemd voor: het ontsmetten van ruimten of producten door het verlagen van de zuurstofconcentratie door gebruik van inertgas of een zuurstofarm gasmengsel eventueel gecombineerd met een hittebehandeling, als alternatief voor een behandeling met methylbromide of andere chemische bestrijdingsmiddelen, en bestaande uit: inertgasgenerator, gasdistributiesysteem, (eventueel) inertgasterugwinningssysteem, (eventueel) inertgasopslag, (eventueel) thermische behandelingsinstallatie. Toelichting: Ondermeer bedrijfsmiddelen voor het niet-chemisch ontsmetten van stallen (bloedluis), vliegtuigen, musea, kantoorruimtes, levensmiddelen, diervoeding en bulkgoederen kunnen onder deze omschrijving vallen. A 2101 Ontgassingsinstallatie voor transportcontainers bestemd voor: het ontgassen van transportcontainers door afzuiging van de lucht gevolgd door behandeling van de afgezogen lucht, ter voorkoming van emissie van ontsmettingsgassen naar de buitenlucht, en bestaande uit: afzuiginstallatie, filterinstallatie, gasdetectieapparatuur, (eventueel) gasnabehandelingsapparatuur. B 2111 Gesloten koelsysteem of -element met oplosmiddelterugwinning bestemd voor: het koelen van proceswater met een gesloten koelsysteem of -⁠element en een warmtewisselaar, waarbij het oplosmiddel door destillatie uit het circulatiewater wordt teruggewonnen, en bestaande uit: tanks, warmtewisselaar, destillatiekolom, koeltoren, koelwaterbehandelingseenheid. B 2112 aftopping: 50% Halogeenvrij koelsysteem (ombouw of vervanging) bestemd voor: het koelen van producten of processtromen door een aangepast of nieuw koelsysteem op basis van ammoniak, lucht, halogeenvrije koolwaterstoffen en/of CO2 dat bij vergelijkbare koelcapaciteit dient ter vervanging van een hcfk of hfk bevattend koelsysteem, en bestaande uit: ombouw of vervanging van het koelsysteem. De investering komt voor 50% van het investeringsbedrag in aanmerking voor de milieu-investeringsaftrek. C 2113 Halogeenvrij koelsysteem (nieuw) bestemd voor: het koelen van producten of processtromen door een nieuw koelsysteem op basis van ammoniak, lucht, halogeenvrije koolwaterstoffen en/of CO2, en bestaande uit: koelsysteem. B 2114 aftopping: 50% Indirect koelsysteem (klein) bestemd voor: het koelen van ruimten, producten of processtromen door een indirect koelsysteem met een koelvermogen van minder dan 200 kW, waarvan het primaire koelsysteem werkt op basis van ammoniak, lucht, halogeenvrije koolwaterstoffen en/of CO2, en het secundaire, compressievrije koelsysteem is gevuld met een vloeibare koudedrager, CO2 of ijsslurry, en bestaande uit: primair koelsysteem, secundair koelsysteem. De investering komt voor 50% van het investeringsbedrag in aanmerking voor de milieu-investeringsaftrek. C 2115 Indirect koelsysteem (groot) bestemd voor: het koelen van ruimten, producten of processtromen door een koelsysteem met een koelvermogen van meer dan 200 kW en minder dan 1.000 kW, waarvan het primaire koelsysteem werkt op basis van ammoniak, lucht, halogeenvrije koolwaterstoffen en/of CO2 en het secundaire, compressievrije koelsysteem is gevuld met een vloeibare koudedrager, CO2 of ijsslurry, en bestaande uit: primair koelsysteem, secundair koelsysteem. B 2117 aftopping: 50% Halogeenvrij of indirect koelsysteem voor visserij- en koopvaardijschepen (ombouw of vervanging) bestemd voor: het koelen van ruimten of producten of processtromen aan boord van bestaande visserij- of koopvaardijschepen door: a. een nieuw koelsysteem op basis van ammoniak, lucht, halogeenvrije koolwaterstoffen en/of CO2 dat bij vergelijkbare koelcapaciteit dient ter vervanging van een hcfk of hfk bevattend koelsysteem, of b. een bestaand koelsysteem dat is overgegaan van hcfk of hfk op ammoniak, lucht, halogeenvrije koolwaterstoffen en/of CO2, of c. een koelsysteem, waarvan het primaire koelsysteem werkt op basis van ammoniak, lucht, halogeenvrije koolwaterstoffen en/of CO2 en het secundaire compressievrije koelsysteem is gevuld met een vloeibare koudedrager, CO2 of ijsslurry, en dat bij vergelijkbare koelcapaciteit dient ter vervanging van een hcfk of hfk bevattend koelsysteem, en bestaande uit: ombouw of vervanging van het bestaande koelsysteem, (eventueel) lekdetectiesysteem. De investering komt voor 50% van het investeringsbedrag in aanmerking voor de milieu-investeringsaftrek. E 2118 Halogeenvrije koelmachine voor kadaverkoeling bestemd voor: het bewaren van kadavers en slachtafval in een gekoelde container of een gekoelde ruimte, die gekoeld wordt met een halogeenvrije koelmachine, en bestaande uit: container met geïntegreerde koelmachine of koelmachine. Exclusief de gekoelde ruimte zelf. B 2120 Kunststofschuimmachine (ombouw of vervanging) bestemd voor: het produceren van isolatiehardschuimen door een nieuwe of een aangepaste schuimmachine die alleen natuurlijk voorkomend CO2 als blaasmiddel verbruikt, waarbij methyleenchloride of pentaan als blaasmiddel wordt vervangen, en bestaande uit: (aanpassingen aan de) schuimmachine, opslagtank, mengeenheid, (eventueel) CO2-condensor. B 2122 aftopping: 50% Variabele druk schuiminstallatie (vervanging) bestemd voor: het produceren van polyurethaanschuim onder variabele druk door een nieuw systeem dat geen blaasmiddel verbruikt ter vervanging van een schuiminstallatie die wel blaasmiddel verbruikt, en bestaande uit: schuiminstallatie. De investering komt voor 50% van het investeringsbedrag in aanmerking voor de milieu-investeringsaftrek. A 2130 Katalytische reductie-installatie bestemd voor: het door chemische reductie en/of ontleding omzetten van stikstof-zuurstofverbindingen in afgassen en rookgassen waardoor de NOx-emissie lager wordt dan 50 mg/Nm3 (3% O2), voor installaties met een thermisch vermogen kleiner dan 50 MWt die niet onder de NOx-emissiehandel vallen, en bestaande uit: katalysator, reactor, (eventueel) injectiesysteem. A 2131 Selectieve katalytische reductie-installatie (SCR) bestemd voor: het door chemische reductie omzetten van stikstofoxiden in afgassen en rookgassen van de volgende installaties met een thermisch vermogen kleiner dan 50 MWt die niet onder de NOx-emissiehandel vallen: a. industriële proces- en verbrandingsinstallaties, met uitzondering van eenheden in energiecentrales, afval- en slibverbrandingsinstallaties, waardoor de NOx-emissie lager dan 50 mg/Nm3 (3% O2) is, gemeten volgens de Regeling meetmethoden emissie-eisen stookinstallaties milieubeheer A, of e. een elektrostatisch geladen spuitvloeistof, en bestaande uit: (schijf)vernevelaar, tank, regeleenheid, pomp, elektrostatisch systeem, (eventueel) droogvoorziening. Alle bovengenoemde installaties komen in aanmerking exclusief doorvoersysteem. A 8420 Systeem voor bollenbroei op stromend water bestemd voor: het broeien van bollen op stromend water met een eb- en vloedsysteem, waarbij geen potgrond wordt gebruikt en waarbij het water wordt gerecirculeerd, en bestaande uit: broeicontainers voor eb- en vloedsysteem, eb- en vloedsysteem, waterrecirculatiesysteem, waterontsmettingsinstallatie, waterbroeicontainerwasser - of ontsmetter. Exclusief containertransportsystemen. G 8421 Voorkiemsysteem voor aardappelen bestemd voor: het voorkiemen van aardappelen met een systeem, waarbij de aardappelen worden voorgekiemd in zakken die zijn opgehangen in een rek, waardoor geen of minder bestrijdingsmiddelen behoeven te worden gebruikt, en bestaande uit: voorkiemzakken, (eventueel) hangrekken. E 8450 aftopping: 50% Droge vacuümpomp bestemd voor: het opwekken van een vacuüm met behulp van een pomp zonder afdichtings- of smeermiddel in het pomphuis, waarbij een werkdruk wordt gecreëerd van maximaal 100 mbar absoluut, en bestaande uit: roterende mechanische pomp zonder smeer- of afdichtingsmiddel in het pomphuis, (eventueel) koelsysteem. De investering komt voor 50% van het investeringsbedrag in aanmerking voor de milieu-investeringsaftrek. B 8470 aftopping: 50% Heteluchtbehandelingsinstallatie bestemd voor: het thermische bestrijden van houtaantastende insecten en schimmels waarbij de kern van hout of muurwerk gedurende minimaal 1 uur wordt opgewarmd tot ten minste 55°C, ter vervanging van behandeling met bestrijdingsmiddelen, en bestaande uit: verwarmingssysteem, uitblaaseenheid, sensoren, besturingssysteem. De investering komt voor 50% van het investeringsbedrag in aanmerking voor de milieu-investeringsaftrek. B 9070 Persgaskoeler bestemd voor: het verlagen van de olie-uitstoot van de compressor in een koelinstallatie door koeling van de olie direct na de compressor en voor de olie-afscheider, en bestaande uit: warmtewisselaar, regelklep, temperatuursensoren, druksensor, (eventueel) vloeistofpomp, fijnfilter na de olie-afscheider. B 9090 Dresgrondrecyclinginstallatie bestemd voor: het onderhouden van grasvelden door een mobiele installatie die de dresgrond ter plaatse uit de bodem wint, waardoor separate winning, transport en opslag niet langer nodig is, en bestaande uit: dresgrondrecyclinginstallatie met geulenfrees en strooi-inrichting. B 9100 Micro-organisme stimuleringssysteem voor bodemsanering bestemd voor: het in situ saneren van bodem- en/of grondwaterverontreiniging door: a. het activeren van aërobe en/of anaërobe microbiologische processen in de bodem door injectie van bacteriën, lucht en/of voedingsstoffen, of

🔗 Naar officiële bron

AI-uitleg op basis van de officiële wettekst. Indicatief, vervangt geen juridisch advies.