← Nederland

Organisatiebesluit VROM 2008

BWBR0023797_2009-04-16_0 Besluit van de Minister van Volkshuisvesting, Ruimtelijke Ordening en Milieubeheer van 21 april 2008, nr. DJZ2008037402, houdende vaststelling van het Organisatiebesluit VROM Organisatiebesluit VROM 2008 De Minister van Volkshuisvesting, Ruimtelijke Ordening en Milieubeheer, In overeenstemming met de Minister voor Wonen, Wijken en Integratie; Gelet op artikel 2, eerste lid, van het Coördinatiebesluit organisatie en formatie rijksdienst 2007; Besluit: Artikel 1 Begripsbepalingen In dit besluit wordt verstaan onder: a. Ministerie: Ministerie van Volkshuisvesting, Ruimtelijke Ordening en Milieubeheer; b. Ministers: Minister van Volkshuisvesting, Ruimtelijke Ordening en Milieubeheer en Minister voor Wonen, Wijken en Integratie; c. bijlage: bijlage behorende bij dit besluit; d. algemene leiding: ambtelijke leiding van het Ministerie, zijnde de secretaris-generaal en, voor zover het de vervanging van de secretaris-generaal betreft, de plaatsvervangend secretaris-generaal; e. tijdelijk organisatieonderdeel: tijdelijk organisatieonderdeel van het Ministerie dat tot uiterlijk 2011 is ingesteld; f. portefeuille: een geheel van organisatieonderdelen, zoals in de bijlage toebedeeld aan een lid van de Bestuursraad, die tezamen een dienst vormen; g. portefeuillehouder: 1°. secretaris-generaal; 2°. plaatsvervangend secretaris-generaal; 3°. directeur-generaal Milieu; 4°. directeur-generaal Ruimte; 5°. directeur-generaal Wonen, Wijken en Integratie, voor zover aan hen een portefeuille als bedoeld in onderdeel f is toebedeeld. h. Bestuursraad: Bestuursraad als bedoeld in artikel 5; i. beleidsstaven: reguliere overleggen van de Ministers en de betreffende organisatieonderdelen, ieder met betrekking tot zijn beleidsterreinen; j. secretariaten van de adviescolleges: 1°. Secretariaat van de Raad voor de Wadden; 2°. Secretariaat van de Adviesraad Gevaarlijke Stoffen, en 3°. Secretariaat van de Technische Commissie bodembescherming. Artikel 2 Hoofdstructuur 1 Het Ministerie bestaat uit: a. de portefeuilles, genoemd in de artikelen 1 tot en met 5 van de bijlage; b. het Inspectoraat-Generaal VROM; c. de Rijksgebouwendienst; d. de Nederlandse emissieautoriteit in oprichting, en e. het Planbureau voor de leefomgeving; f. de Dienst van de Huurcommissie. 2 De nadere organisatiestructuur van het Ministerie wordt opgenomen in de bijlage. Artikel 3 Taken algemene leiding 1 De secretaris-generaal is belast met de ambtelijke leiding van het Ministerie, zoals geregeld in het koninklijk besluit van 18 oktober 1988, Stb. 1988, 499, houdende regeling van de functie en verantwoordelijkheid van de secretaris-generaal. 2 De plaatsvervangend secretaris-generaal vervangt de secretaris-generaal bij zijn afwezigheid. 3 Tot de taken van de secretaris-generaal behoren in ieder geval: a. het informeren en adviseren van de Ministers over hen of het Ministerie betreffende aangelegenheden; b. het zorgen voor de coördinatie en integratie van beleidsvoorbereiding, beleidsontwikkeling en beleidsuitvoering; c. het uitoefenen van de algemene beheer- en controlfunctie; d. het geven van leiding aan de plaatsvervangend secretaris-generaal, de directeuren-generaal, de inspecteur-generaal, de directeur Nederlandse emissieautoriteit in oprichting en de directeur Planbureau voor de leefomgeving; e. het nemen van besluiten over en het geven van algemene aanwijzingen ten aanzien van het algemene beleid en beheer inzake de bedrijfsvoering; f. het voeren van overleg met de Groepsondernemingsraad en het Departementaal Georganiseerd Overleg, bedoeld in artikel 113 van Algemeen Rijksambtenarenreglement; g. het optreden als gemachtigd ambtenaar in de zin van de Regeling ter uitvoering van de Wet openbaarheid van bestuur Volkshuisvesting Ruimtelijke Ordening en Milieubeheer. 4 De secretaris-generaal is tevens belast met het toezicht op het beheer en de bedrijfsvoering van de aan het Ministerie gelieerde colleges en commissies. Artikel 4 Algemene taken portefeuillehouders, inspecteur-generaal, directeur-generaal Rijksgebouwendienst, directeur Nederlandse emissieautoriteit in oprichting en directeur Planbureau voor de leefomgeving 1 De portefeuillehouders, de inspecteur-generaal, de directeur-generaal Rijksgebouwendienst, de directeur Nederlandse emissieautoriteit in oprichting en de directeur Planbureau voor de leefomgeving zijn belast met de leiding over de aan hen in de bijlage toebedeelde organisatieonderdelen. Zij ondernemen alle activiteiten die noodzakelijk zijn voor de voorbereiding en de uitvoering van het door de Ministers bepaalde beleid op het werkterrein van deze organisatieonderdelen. 2 De portefeuillehouders zijn voorts belast met de aansturing van de aan hen in de Bestuursraad toegewezen thema’s. 3 Van het eerste en het tweede lid zijn uitgezonderd de taken die bij of krachtens een wettelijk voorschrift of dit besluit zijn opgedragen aan andere instanties respectievelijk andere functionarissen. Artikel 5 Bestuursraad 1 Er is een Bestuursraad. 2 De Bestuursraad is samengesteld uit de volgende functionarissen: a. de secretaris-generaal; b. de plaatsvervangend secretaris-generaal; c. de directeur-generaal Milieu; d. de directeur-generaal Wonen, Wijken en Integratie; e. de directeur-generaal Ruimte; f. de inspecteur-generaal. 3 In de Bestuursraad voeren de leden overleg over de hoofdlijnen van de beleidsontwikkeling en -uitvoering in het kader van de door hen beheerde portefeuilles, de onder hen ressorterende organisatieonderdelen, de departementale bedrijfsvoering en over al hetgeen nodig is voor het goed functioneren van het Ministerie. 4 De secretaris-generaal zit de Bestuursraad voor en beslist gehoord de overige leden van de Bestuursraad. 5 Het secretariaat van de Bestuursraad wordt gevoerd door de directeur Bestuursondersteuning, genoemd in artikel 1.3 van de bijlage. Artikel 6 Audit Committee 1 Er is een Audit Committee. 2 Het Audit Committee is samengesteld uit de volgende functionarissen: a. de leden van de Bestuursraad; b. de directeur Financiële en Economische Zaken, genoemd in artikel 1.4 van de bijlage, en zijn plaatsvervanger; c. het lid van het managementteam van de Rijksauditdienst, dat verantwoordelijk is voor het klantcluster VROM, zonodig aangevuld met de clustermanager van het klantcluster VROM. 3 Aan het Audit Committee kunnen externe leden worden toegevoegd. Op adhoc basis kunnen andere functionarissen van het Ministerie worden uitgenodigd om deel te nemen aan vergaderingen van het Audit Committee. 4 De secretaris-generaal zit het Audit Committee voor. 5 Het Audit Committee is belast met het waarborgen van de kwaliteit op hoofdlijnen van de bedrijfsvoering en het financieel management van het Ministerie en verstrekt uit dien hoofde opdrachten aan de Rijksauditdienst. 6 De directeur Financiële en Economische Zaken zorgt ervoor dat het Audit Committee ten minste een keer per jaar wordt voorzien van de voor de uitvoering van zijn taak nodige informatie met betrekking tot de controlfunctie, waaronder bevindingen en aanbevelingen naar aanleiding van onderzoeken die vanuit die functie zijn uitgevoerd. 7 Het secretariaat van het Audit committee wordt gevoerd door de directeur Financiële en Economische Zaken. Artikel 7 Centraal College Management Development 1 Er is een Centraal College Management Development. 2 Het Centraal College Management Development is samengesteld uit de volgende functionarissen: a. de leden van de Bestuursraad en de directeur-generaal Rijksgebouwendienst; b. de directeur Personeel en Organisatie, genoemd in artikel 2.7 van de bijlage; c. de coördinator Management Development. 3 Op adhoc basis kunnen andere functionarissen worden uitgenodigd om deel te nemen aan de vergaderingen van het Centraal College Management Development. 4 In het Centraal College Management Development stelt de secretaris-generaal de departementale Management Development strategie en het Management Development van het Ministerie vast, gehoord het Centraal College Management Development. 5 Het Centraal College Management Development geeft zwaarwegende adviezen aan het bevoegd gezag over individuele loopbaangevallen. 6 Het secretariaat van het Centraal College Management Development wordt gevoerd door de directeur Personeel en Organisatie. Artikel 8 Slotbepalingen 1 Het Organisatiebesluit VROM 2005 wordt ingetrokken. 2 Het Organisatiebesluit Gemeenschappelijk Ontwikkelingsbedrijf wordt ingetrokken. 3 Na inwerkingtreding van dit besluit dienen verwijzingen naar het Organisatiebesluit VROM 2005 te worden gelezen als verwijzingen naar dit besluit. 4 Dit besluit treedt in werking met ingang van 30 april

  1. 5 Dit besluit wordt aangehaald als: Organisatiebesluit VROM
  2. Dit besluit zal met de toelichting in de Staatscourant worden geplaatst. Den Haag 21 april 2008 De Minister van Volkshuisvesting, Ruimtelijke Ordening en Milieubeheer, J.M.Cramer Bijlage Nadere uitwerking organisatiestructuur en taken Artikel 1 Portefeuille secretaris-generaal Artikel 1.1
  3. De secretaris-generaal is portefeuillehouder van de volgende organisatieonderdelen: a. directie Bestuursondersteuning; b. directie Communicatie; c. afdeling Demandorganisatie Facilitair Management; d. directie Informatievoorziening; e. directie Personeel en Organisatie; f. secretariaten van de adviescolleges.
  4. De in het eerste lid, onderdelen a tot en met e, genoemde organisatieonderdelen zijn tijdelijke organisatieonderdelen. Artikel 2.2 Directie Bestuurlijke en Juridische Zaken
  5. De directie Bestuurlijke en Juridische Zaken staat onder leiding van een directeur.
  6. De taken van de directie Bestuurlijke en Juridische Zaken zijn: a. het bewaken en vertalen van de juridische kaders waarbinnen de beleidsdoelstellingen van het Ministerie kunnen worden gerealiseerd en het toetsen van de beleidsvoornemens daaraan; h. het behandelen van bezwaarschriften en nationale gerechtelijke procedures, waaronder het voeren van verweer, het instellen van beroep, hoger beroep alsmede het indienen van verzoeken om voorlopige voorziening, met uitzondering van ambtenarenzaken en georganiseerd overleg- en medezeggenschapszaken; i. het leveren van inbreng in internationale gerechtelijke procedures; j. het ingevolge Titel IV van de onteigeningswet behandelen van verzoeken tot goedkeuring van onteigeningsbesluiten en van verzoeken tot onteigening, alsmede het voorbereiden van onteigeningsbesluiten; k. het behandelen van verzoeken om schorsing en vernietiging van besluiten van bestuursorganen; l. het beoordelen van de noodzaak tot inschakeling van de landsadvocaat, de inschakeling van de landsadvocaat en het begeleiden van de landsadvocaat bij de uitvoering van opdrachten; m. het adviseren over en het toetsen van zaken van privaatrechtelijke aard; n. het deelnemen aan projecten en overleggen op het gebied van bestuurlijke en juridische zaken.
  7. Gelet op de departementale verplichtingen en verantwoordelijkheden aangaande de juridische kwaliteit, neemt de directeur Bestuurlijke en Juridische Zaken deel aan de vergaderingen van de beleidsstaven. Artikel 2.3 Directie Communicatie
  8. De directie Communicatie staat onder leiding van een directeur.
  9. De taken van de directie Communicatie zijn: a. het ontwikkelen en uitvoeren van beleid op het gebied van communicatie; b. directie Duurzaam Produceren; c. directie Internationale Zaken; d. directie Risicobeleid; e. programmadirectie Duurzaam Inkopen; f. programmadirectie Schoon en Zuinig; g. pogrammabureau Luchtkwaliteit; h. programmadirectie Omgevingsvergunning; i. projectdirectie Biobrandstoffen. Artikel 3.2 Directie Klimaat en Luchtkwaliteit
  10. De directie Klimaat en Luchtkwaliteit staat onder leiding van een directeur.
  11. De taken van de directie Klimaat en Luchtkwaliteit zijn: a. het ontwikkelen en uitvoeren van het milieubeleid in de verschillende productieprocessen en rond thema’s als klimaatverandering, waaronder het systeem van handel in emissierechten, en thema’s als verzuring, grootschalige luchtvervuiling, geluid en verkeersemissies; k. het onderhouden van externe relaties met onder meer bedrijven, relevante departementen, koepelorganisaties en NGO’s, ter behartiging van de Nederlandse belangen op de werkterreinen van het Ministerie in het buitenland. Artikel 3.5 Directie Risicobeleid
  12. De directie Risicobeleid staat onder leiding van een directeur.
  13. De taken van de directie Risicobeleid zijn: a. het ontwikkelen en uitvoeren van milieubeleid inzake het beheersen van risico’s voor mens en milieu bij het omgaan met stoffen, radioactieve stoffen, straling en met genetisch gemodificeerde organismen en inzake de externe veiligheid; b. directie Nationale Ruimtelijke Ordening; c. directie Leefomgevingskwaliteit; d. programmadirectie Mooi Nederland; e. programmadirectie Verstedelijking.
  14. De in het eerste lid genoemde organisatieonderdelen zijn tijdelijke organisatieonderdelen. Artikel 4.2 Directie Gebiedsontwikkeling
  15. De directie Gebiedsontwikkeling staat onder leiding van een directeur.
  16. De taken van de directie Gebiedsontwikkeling zijn: a. het zorgen voor een gebiedsgerichte kaderstelling; g. het beheren van het Waddenfonds; h. het zorgen voor de implementatie van de component Ruimte in het Meerjarenprogramma Infrastructuur, Ruimte en Transport. Artikel 4.3 Directie Nationale Ruimtelijke Ordening
  17. De directie Nationale Ruimtelijke Ordening staat onder leiding van een directeur.
  18. De taken van de directie Nationale Ruimtelijke Ordening zijn: a. het ontwikkelen en het uitvoeren van beleid op het gebied van de duurzame ruimtelijke ontwikkeling van Nederland; b. directie Inburgering en Integratie; c. directie Kennis en Verkenningen; d. directie Stad en Bouw; e. programmadirectie Wijken.
  19. De in het eerste lid genoemde organisatieonderdelen zijn tijdelijke organisatieonderdelen. Artikel 5.2 Directie Aandachtsgroepen, Betaalbaarheid en Corporaties
  20. De directie Aandachtsgroepen, Betaalbaarheid en Corporaties staat onder leiding van een directeur.
  21. De taken van de directie Aandachtsgroepen, Betaalbaarheid en Corporaties zijn: a. het leveren van een bijdrage aan de totstandkoming van wet- en regelgeving met betrekking tot de betaalbaarheid van (huur)woningen en met betrekking tot bijzondere aandachtsgroepen, zoals ouderen, zorgbehoevenden, statushouders, en de instromers vanuit de Midden- en Oost-europese landen; Artikel 5.7 Secretariaat van de Huurcommissies Vervallen. b. het opsporen van overtredingen van de regelgeving op het terrein van het ministerie en van regelgeving op andere daartoe bij of krachtens de wet aangewezen beleidsterreinen; c. het beoordelen van het beleid van andere overheden op het terrein van het ministerie met het oog op de verenigbaarheid daarvan met het rijksbeleid; d. het gevraagd en ongevraagd verstrekken van inlichtingen en adviezen aan de Ministers over onderwerpen die tot hun taken horen; e. het vervullen van andere bij of krachtens de wet aan de inspecteur-generaal of de andere ambtenaren van het inspectoraat-generaal opgedragen taken; f. het deelnemen aan projecten, overleg- en besluitvormingsgremia in het kader van de uitvoering van de onderdelen a tot en met e genoemde taken.
  22. De inspecteur-generaal geeft leiding aan de volgende tijdelijke onderdelen: a. stafafdeling Crisismanagement; h. het participeren in het driehoeksoverleg op landelijk niveau tussen het Inspectoraat-Generaal VROM en het (landelijk) functioneel Openbaar Ministerie.
  23. De functionarissen van de VROM Inlichtingen- en Opsporingsdienst zijn onder gezag van de Officier van Justitie tevens belast met de taken, genoemd in artikel 6.1, tweede lid, onderdeel c. Artikel 6.4.5 Kernfysische Dienst
  24. De Kernfysische Dienst staat onder leiding van een directeur-inspecteur.
  25. De taken van de Kernfysische Dienst zijn: a. het uitvoeren van door de Kernenergiewet en de daarmee samenhangende internationale verdragen bij dec. minister van VROM belegde taken: b. directie Frontoffice; c. directie Advies en Architecten; d. directie Vastgoed; e. directie Projecten; f. directie Beheer. Artikel 7.2 Staf
  26. De Staf staat onder leiding van de directeur-generaal Rijksgebouwendienst.
  27. De taken van de Staf zijn: a. het adviseren van de directeur-generaal Rijksgebouwendienst en het management van de Rijksgebouwendienst en het zorgen voor de voorbereiding van het (uitvoerings)beleid van de dienst; Artikel 7.3 Directie Frontoffice
  28. De directie Frontoffice staat onder leiding van een directeur.
  29. De taken van de directie Frontoffice zijn: a. het zorgen voor een grote en blijvende klanttevredenheid door een vraaggestuurde dienstverlening; Artikel 10 Dienst van de Huurcommissie
  30. De Dienst van de Huurcommissie staat onder leiding van het bestuur van de huurcommissie, bedoeld in de Uitvoeringswet huurprijzen woonruimte.
  31. De Dienst van de Huurcommissie heeft de taken, bedoeld in de artikelen 4 en 5 van de Uitvoeringswet huurprijzen woonruimte.

🔗 Naar officiële bron

AI-uitleg op basis van de officiële wettekst. Indicatief, vervangt geen juridisch advies.