← Nederland

Verordening PA bestrijding valse meeldauw bij uien 2008

BWBR0024016_2010-05-09_0 Verordening van het Productschap Akkerbouw van 27 maart 2008 houdende regels over het beperken van de schimmelziekte valse meeldauw bij uien (Verordening PA bestrijding valse meeldauw bij uien 2008) Verordening PA bestrijding valse meeldauw bij uien 2008 Het bestuur van het Productschap Akkerbouw; Gelet op de artikelen 93, 95, 104, eerste en derde lid, van de Wet op de bedrijfsorganisatie en op de artikelen 8, 17 en 18 van het Instellingsbesluit Akkerbouwproductschappen; Gehoord de Commissie Teeltaangelegenheden; Besluit: § 1 Begripsbepalingen Artikel 1 Deze verordening verstaat onder: a. productschap : Productschap Akkerbouw; b. dagelijks bestuur : dagelijks bestuur van het productschap; c. voorzitter : voorzitter van het productschap; d. secretaris : secretaris van het productschap die belast is met teeltaangelegenheden; e. commissie : Commissie Teeltaangelegenheden; f. ondernemer : de natuurlijke of rechtspersoon die een onderneming drijft waarvoor het productschap is ingesteld; g. uien : allium cepa en allium ascalonicum; h. valse meeldauw : de schimmelziekte veroorzaakt door Peronospora destructor; i. koprot : de schimmelziekte veroorzaakt door Botrytis allii; j. bestuur : bestuur van het productschap; k. uitgangsmateriaal : uien kennelijk bestemd voor wederuitplant; l. keuringsdienst : Stichting Nederlandse Algemene Kwaliteitsdienst Tuinbouw (NAKtuinbouw), dan wel een tot het afgeven van certificaten, verklaringen van goedkeuring of beoordelingsrapporten bevoegde dienst of instelling van een andere EU-lidstaat. § 2 Verbodsbepalingen Artikel 2 1 Het is de ondernemer verboden na 15 april van enig jaar niet-uitgeplante uien of afval van uien aanwezig te hebben, tenzij op deze uien een afdekking is aangebracht of zodanige maatregelen zijn getroffen zonder welke niet-uitgeplante uien of afval van uien een potentiële bron kunnen zijn voor het verspreiden van valse meeldauw en koprot 2 Het is de ondernemer verboden om zich van niet-uitgeplante uien of afval van uien te ontdoen, tenzij hij zodanige maatregelen heeft getroffen zonder welke zich aan deze niet-uitgeplante uien of afval van uien groene delen kunnen ontwikkelen en zonder welke deze niet-uitgeplante uien of afval van uien een potentiële bron kunnen zijn voor het verspreiden van koprot. Artikel 2a 1 Het is de ondernemer verboden om plantuien te telen, indien de ondernemer niet beschikt over één of meerdere beoordelingsrapporten over het te gebruiken dan wel gebruikte uitgangsmateriaal, afgegeven door een keuringsdienst, waaruit blijkt dat bij visuele keuring van het uitgangsmateriaal te velde, vlak voor de oogst, geen valse meeldauw is geconstateerd dan wel waaruit bij nacontrole van het uitgangsmateriaal blijkt dat het uitgangsmateriaal vrij van valse meeldauw is. 2 De ondernemer bedoeld in het eerste lid is verplicht het beoordelingsrapport dan wel de beoordelingsrapporten op eerste vordering van de daartoe bevoegde toezichthouder aan deze te tonen. 3 De ondernemer bedoeld in het eerste lid is verplicht het beoordelingsrapport dan wel de beoordelingsrapporten gedurende een jaar na afgifte te bewaren. Artikel 3 Het is de ondernemer verboden om in een perceel waarop uien geteeld worden, een aantasting van valse meeldauw te hebben, die als volgt omschreven is: a. een groep min of meer aaneengesloten, zichtbaar door valse meeldauw aangetaste uienplanten waarvan, binnen een oppervlakte van 20 m2, minimaal 1000 blaadjes zijn aangetast door vitale valse meeldauw of b. verspreid aangetaste uienplanten waarvan, binnen een oppervlakte van 100 m2, minimaal 2000 blaadjes zijn aangetast door vitale valse meeldauw. § 3 Overige bepalingen Artikel 4 1 Het bestuur kan bij besluit, gehoord de commissie, vrijstelling verlenen van een of meer bepalingen uit deze verordening en daarbij nadere voorschriften stellen. 2 Een besluit als bedoeld in het eerste lid wordt bekend gemaakt in het Verordeningenblad Bedrijfsorganisatie en treedt in werking met ingang van de tweede dag na die van bekendmaking, tenzij het betreffende besluit anders bepaalt. 3 De secretaris is namens het bestuur bevoegd op schriftelijk verzoek van de ondernemer ontheffing te verlenen van het bepaalde in de artikelen 2, 2A en 3 en daarbij nadere voorschriften vast te stellen. Artikel 5 Het bepaalde bij of krachtens de artikelen 2 en 3, waarbij aan ondernemers verplichtingen worden opgelegd, is mede bindend voor andere natuurlijke en rechtspersonen, voor zover deze handelingen verrichten die bedrijfsmatig in de ondernemingen, waarvoor het productschap is ingesteld, plegen te worden verricht. Artikel 6 Op overtreding van het bepaalde bij of krachtens deze verordening worden tuchtrechtelijke maatregelen gesteld. § 4 Slotbepalingen Artikel 7 Dit besluit wordt gepubliceerd in het Verordeningenblad Bedrijfsorganisatie en treedt in werking de tweede dag na publicatie in het Verordeningenblad Bedrijfsorganisatie. Artikel 8 Deze verordening wordt aangehaald als Verordening PA bestrijding valse meeldauw bij uien 2008. Den Haag 27 maart 2008 Th.A.M. Meijer voorzitter M. Elema secretaris

🔗 Naar officiële bron

AI-uitleg op basis van de officiële wettekst. Indicatief, vervangt geen juridisch advies.