Verordening van het bestuur van het Hoofdbedrijfschap Ambachten van 3 november 2010, houdende regels terzake van de aan de ondernemers die het schoorsteenvegersbedrijf uitoefenen op te leggen bestemmingsheffing voor het jaar 2011 (Verordening bestemmingsheffing schoorsteenvegersbedrijf 2011) Verordening bestemmingsheffing schoorsteenvegersbedrijf 2011 Het bestuur van het Hoofdbedrijfschap Ambachten; Gelet op artikel 95, tweede lid en artikel 126 van de Wet op de bedrijfsorganisatie; Gezien het verzoek van de Algemene Schoorsteenvegers Patroons bond (ASPB); Besluit: § 1 Begripsbepaling en toepassingsgebied Artikel 1 In deze verordening wordt verstaan onder: a. de ondernemer: degene die een onderneming drijft, dan wel degenen die gezamenlijk een onderneming drijven; b. werkzame personen: personen als bedoeld in artikel 1, eerste lid, onder b, van het Handelsregisterbesluit 2008 die betrokken zijn bij de uitoefening van het schoorsteenvegersbedrijf; c. de voorzitter: de voorzitter van het Hoofdbedrijfschap Ambachten; d. bestemmingsheffing: heffing die gebaseerd is op artikel 9, tweede lid, van het Instellingsbesluit Hoofdbedrijfschap Ambachten. Artikel 2 1 Deze verordening is van toepassing op de ondernemers die een onderneming drijven waarin het schoorsteenvegersbedrijf wordt uitgeoefend. 2 In afwijking van het eerste lid is deze verordening niet van toepassing op: a. de ondernemer die ten aanzien van de bij hem in dienst zijnde werknemers een verplichte bijdrage betaalt aan enig opleidingsfonds; b. de ondernemer die in zijn onderneming zowel het schoorsteenvegersbedrijf als het loodgieters-, fitters-, of centrale verwarmingsbedrijf uitoefent, en met de uitoefening van het loodgieters-, fitters-, of centrale verwarmingsbedrijf een hogere omzet behaalt dan met de uitoefening van het schoorsteenvegersbedrijf. § 2 De heffing Artikel 3 1 Aan de ondernemers die op of na de dag van inwerkingtreding van deze verordening een onderneming drijven waarin het schoorsteenvegersbedrijf wordt uitgeoefend, wordt voor het jaar 2011 een heffing opgelegd ten behoeve van activiteiten op het gebied van opleiding, kwaliteit, professionalisering en imagoverbetering van het schoorsteenvegersbedrijf. 2 De heffing bedoeld in het eerste lid bedraagt voor iedere onderneming waarin het schoorsteenvegersbedrijf wordt uitgeoefend: a. € 60 voor ondernemingen met 0 of 1 werkzame personen; b. € 120 voor ondernemingen met 2 tot en met 5 werkzame personen; c. € 180 voor ondernemingen met meer dan 5 werkzame personen. Artikel 4 1 Aan de ondernemer die lid is van de Algemene Schoorsteenvegers Patroons bond (ASPB) en over het jaar 2010 aan deze organisatie contributie heeft betaald, wordt op de bruto heffing een aftrek toegestaan van 30%, met een maximum van 50% van de betaalde contributie over 2010 (exclusief BTW). De aftrek wordt slechts toegestaan indien uit de door de in de eerste volzin genoemde organisatie verstrekte opgave blijkt dat de contributie is betaald. 2 Op het in het eerste lid bedoelde maximum van 50% van de betaalde contributie wordt in mindering gebracht de aftrek op de heffing Hoofdbedrijfschap Ambachten 2011 of de heffing Hoofdbedrijfschap Detailhandel
AI-uitleg op basis van de officiële wettekst. Indicatief, vervangt geen juridisch advies.