← Nederland

Regeling aanwijzing categorieën duurzame energieproductie najaar 2018

Obsah (7)Artikel 26Artikel 28Artikel 30Artikel 32Artikel 34Artikel 36Artikel 38

Regeling van de Minister van Economische Zaken en Klimaat van 14 september 2018, nr. WJZ/18200470, houdende aanwijzing van categorieën van productie-installaties voor de stimulering van duurzame energ

Artikel 26

De Minister verstrekt op aanvraag subsidie aan een producent van hernieuwbare warmte, hernieuwbare elektriciteit of hernieuwbare elektriciteit en hernieuwbare warmte geproduceerd door: a. een productie-installatie waarmee hernieuwbare warmte wordt geproduceerd uitsluitend door middel van allesvergisting, waarbij ten minste de vergister nieuw is; b. een productie-installatie waarmee hernieuwbare warmte wordt geproduceerd uitsluitend door middel van vergisting en co-vergisting van dierlijke mest, waarbij ten minste de vergister nieuw is; c. een productie-installatie waarmee hernieuwbare elektriciteit en hernieuwbare warmte wordt geproduceerd uitsluitend door middel van allesvergisting, waarbij ten minste de vergister nieuw is en waarbij het nominaal elektrisch rendement ten minste 20% bedraagt; d. een productie-installatie waarmee hernieuwbare elektriciteit en hernieuwbare warmte wordt geproduceerd uitsluitend door middel van vergisting en co-vergisting van dierlijke mest, waarbij ten minste de vergister nieuw is en waarbij het nominaal elektrisch rendement ten minste 20% bedraagt; e. een productie-installatie met een vermogen kleiner dan of gelijk aan 400 kW voor elektrisch en thermisch vermogen samen waarmee hernieuwbare elektriciteit en hernieuwbare warmte wordt geproduceerd door middel van vergisting van uitsluitend dierlijke mest, waarbij ten minste de vergister nieuw is en waarbij het nominaal elektrisch rendement ten minste 20% bedraagt; of f. een productie-installatie met een vermogen kleiner dan of gelijk aan 400 kW waarmee hernieuwbare warmte wordt geproduceerd door middel van vergisting van uitsluitend dierlijke mest, waarbij ten minste de vergister nieuw is. Artikel 27 1 Subsidie als bedoeld in artikel 26 wordt voor een periode van 12 jaar verstrekt. 2 De subsidieontvanger neemt de productie-installatie, bedoeld in artikel 26, binnen 4 jaar na de datum van inwerkingtreding van de beschikking tot subsidieverlening in gebruik. § 3.3.4 Verbeterde slibgisting bij rioolwaterzuiveringsinstallaties voor

Artikel 28

1 De Minister verstrekt op aanvraag subsidie aan een producent van hernieuwbare warmte of hernieuwbare elektriciteit en hernieuwbare warmte geproduceerd door een productie-installatie voor de productie van hernieuwbare warmte of hernieuwbare elektriciteit en hernieuwbare warmte uit biogas dat vrijkomt ten gevolge van een biologische afbraakreactie van gisting van zuiveringsslib waarbij er verbeteringen zijn uitgevoerd in het productieproces waarna er per ton slib sprake is van ten minste 25% meer biogasproductie ten opzichte van voor de verbetering: a. waarmee hernieuwbare warmte wordt geproduceerd, waarbij ten minste de installatie-onderdelen die verantwoordelijk zijn voor de meerproductie nieuw zijn; of b. waarmee hernieuwbare warmte en hernieuwbare elektriciteit wordt geproduceerd, waarbij ten minste de installatie-onderdelen die verantwoordelijk zijn voor de meerproductie nieuw zijn. 2 De installatiedelen die verantwoordelijk zijn voor de meerproductie, bedoeld in het eerste lid, worden niet in gebruik genomen voor de subsidie is aangevraagd. 3 De subsidieaanvrager maakt aannemelijk dat de voorgestelde aanpassingen een verbetering van 25% inhouden ten opzichte van de gemiddelde productie van het jaar voorafgaande aan de aanvraag, of, wanneer de producent minder dan een jaar produceert, ten opzichte van de totale gemiddelde productie tot het moment van de aanvraag. Artikel 29 1 Subsidie als bedoeld in artikel 28, eerste lid, wordt voor een periode van 12 jaar verstrekt. 2 De subsidieontvanger neemt de productie-installatie, bedoeld in artikel 28, eerste lid, binnen 4 jaar na de datum van inwerkingtreding van de beschikking tot subsidieverlening in gebruik. § 3.3.5 Ketel vloeibare biomassa voor

Artikel 30

1 De Minister verstrekt op aanvraag subsidie aan een producent van hernieuwbare warmte of hernieuwbare elektriciteit en hernieuwbare warmte geproduceerd door een productie-installatie voor de productie van hernieuwbare warmte of hernieuwbare elektriciteit en hernieuwbare warmte met een nominaal thermisch vermogen groter dan of gelijk aan 0,5 MW en een nominaal elektrisch vermogen kleiner dan of gelijk aan 100 MW voor de productie van warmte door middel van verbranding van vloeibare biomassa als bedoeld in de nummers 500, 550 tot en met 573, 587, 592, 594, 596 en 802 van de NTA 8003: 2008 in een ketel. 2 Een producent aan wie subsidie is verstrekt op grond van het eerste lid draagt er zorg voor dat wordt aangetoond dat de gebruikte vloeibare biomassa voldoet aan de duurzaamheidscriteria, bedoeld in artikel 17, eerste lid, van de richtlijn hernieuwbare energie. Artikel 31 1 Subsidie als bedoeld in artikel 30, eerste lid, wordt voor een periode van 12 jaar verstrekt. 2 De subsidieontvanger neemt de productie-installatie, bedoeld in artikel 30, eerste lid, binnen 4 jaar na de datum van inwerkingtreding van de beschikking tot subsidieverlening in gebruik. § 3.3.6 Kleine ketel vaste of vloeibare biomassa voor

Artikel 32

1 De Minister verstrekt op aanvraag subsidie aan een producent van hernieuwbare warmte of hernieuwbare elektriciteit en hernieuwbare warmte geproduceerd door een productie-installatie voor de productie van warmte of hernieuwbare elektriciteit en hernieuwbare warmte door middel van verbranding van vaste of vloeibare biomassa als bedoeld in de NTA 8003: 2008, met uitzondering van biomassa als bedoeld in de nummers 100, 150, 170 tot en met 179 van de NTA 8003: 2008 in een ketel met een nominaal thermisch vermogen groter dan of gelijk aan 0,5 MW en kleiner dan 5 MW waarbij ten minste de ketel nieuw is. 2 Een producent aan wie subsidie is verstrekt op grond van het eerste lid draagt er zorg voor dat ten minste 95% van de energetische waarde van de jaarlijks in de productie-installatie gebruikte brandstof biogeen is. 3 Een producent aan wie subsidie is verstrekt op grond van het eerste lid draagt er zorg voor dat wordt aangetoond dat de gebruikte vloeibare biomassa voldoet aan de duurzaamheidscriteria, bedoeld in artikel 17, eerste lid, van de richtlijn hernieuwbare energie. Artikel 33 1 Subsidie als bedoeld in artikel 32, eerste lid, wordt voor een periode van 12 jaar verstrekt. 2 De subsidie-ontvanger neemt de productie-installatie, bedoeld in artikel 32, eerste lid, binnen 4 jaar na de datum van inwerkingtreding van de beschikking tot subsidieverlening in gebruik. § 3.3.7 Grote ketel vaste of vloeibare biomassa voor

Artikel 34

1 De Minister verstrekt op aanvraag subsidie aan een producent van hernieuwbare warmte, of hernieuwbare elektriciteit en hernieuwbare warmte geproduceerd door een productie-installatie voor de productie van hernieuwbare warmte, of hernieuwbare elektriciteit en hernieuwbare warmte, uitsluitend door middel van thermische conversie van vaste of vloeibare biomassa als bedoeld in de NTA 8003: 2008, met uitzondering van biomassa als bedoeld in de nummers 100, 150, 170 tot en met 179 van de NTA 8003: 2008, met een nominaal thermisch vermogen groter dan of gelijk aan 5 MW, waarbij ten minste de ketel nieuw is en waarbij het aantal subsidiabele vollasturen: a. ten hoogste 5.000 vollasturen per jaar bedraagt; b. ten hoogste 5.500 vollasturen per jaar bedraagt; c. ten hoogste 6.000 vollasturen per jaar bedraagt; d. ten hoogste 6.500 vollasturen per jaar bedraagt; e. ten hoogste 7.000 vollasturen per jaar bedraagt; f. ten hoogste 7.500 vollasturen per jaar bedraagt; g. ten hoogste 8.000 vollasturen per jaar bedraagt; h. ten hoogste 8.500 vollasturen per jaar bedraagt. 2 Een producent aan wie subsidie is verstrekt op grond van het eerste lid draagt er zorg voor dat ten minste 95% van de energetische waarde van de jaarlijks in de productie-installatie gebruikte brandstof biogeen is. 3 Een producent aan wie subsidie is verstrekt op grond van het eerste lid draagt er zorg voor dat wordt aangetoond dat de gebruikte vloeibare biomassa voldoet aan de duurzaamheidscriteria, bedoeld in artikel 17, eerste lid, van de richtlijn hernieuwbare energie. Artikel 35 1 Subsidie als bedoeld in artikel 34, eerste lid, wordt voor een periode van 12 jaar verstrekt. 2 De subsidieontvanger neemt de productie-installatie, bedoeld in artikel 34, eerste lid, binnen 4 jaar na de datum van inwerkingtreding van de beschikking tot subsidieverlening in gebruik. § 3.3.8 Ketel industriële stoom uit houtpellets voor

Artikel 36

1 De Minister verstrekt op aanvraag subsidie aan een producent van industriële stoom of hernieuwbare elektriciteit en industriële stoom geproduceerd door een productie-installatie voor de productie van industriële stoom of hernieuwbare elektriciteit en industriële stoom door middel van verbranding van houtpellets, in een ketel met een nominaal thermisch vermogen groter dan of gelijk aan 5 MW waarbij ten minste de stoomketel nieuw is waarin: a. houtpellets geproduceerd uit biomassa als bedoeld in de nummers 110 tot en met 132 van de NTA 8003: 2008 worden verbrand, b. houtpellets geproduceerd uit biomassa als bedoeld in de nummers 160 tot en met 169 van de NTA 8003: 2008 worden verbrand, voor ten hoogste vijftien vijfentachtigste deel van het aantal kWh dat in een kalenderjaar voor subsidie in aanmerking komt, geproduceerd met biomassa als bedoeld onder a. 2 Een producent aan wie subsidie is verstrekt op grond van het eerste lid draagt er zorg voor dat ten minste 95% van de energetische waarde van de jaarlijks in de productie-installatie gebruikte brandstof biogeen is. 3 Een producent aan wie subsidie is verstrekt op grond van het eerste lid draagt er zorg voor dat in voldoende mate aannemelijk wordt gemaakt dat de gebruikte biomassa voldoet aan de duurzaamheidseisen voor vaste biomassa, bedoeld in artikel 7 van de Algemene uitvoeringsregeling stimulering duurzame energieproductie. Artikel 37 1 Subsidie als bedoeld in artikel 36, eerste lid, wordt voor een periode van 8 jaar verstrekt. 2 De subsidieontvanger neemt de productie-installatie, bedoeld in artikel 36, eerste lid, binnen 4 jaar na de datum van inwerkingtreding van de beschikking tot subsidieverlening in gebruik. § 3.3.9 Brander op houtpellets voor

Artikel 38

1 De Minister verstrekt op aanvraag subsidie aan een producent van hernieuwbare warmte, of hernieuwbare elektriciteit en hernieuwbare warmte, door middel van verbranding van houtpellets, met een brander in een ketel, een oven of een fornuis met een nominaal thermisch vermogen groter dan of gelijk aan 5 MW en een nominaal elektrisch vermogen kleiner dan of gelijk aan 100 MW waarin: a. houtpellets geproduceerd uit biomassa als bedoeld in de nummers 110 tot en met 132 van de NTA 8003: 2008 worden verbrand; b. houtpellets geproduceerd uit biomassa als bedoeld in de nummers 160 tot en met 169 van de NTA 8003: 2008 worden verbrand, voor ten hoogste vijftien vijfentachtigste deel van het aantal kWh dat in een kalenderjaar voor subsidie in aanmerking komt, geproduceerd met biomassa als bedoeld onder a. 2 Een producent aan wie subsidie is verstrekt op grond van het eerste lid draagt er zorg voor dat in voldoende aannemelijk wordt gemaakt dat de gebruikte biomassa voldoet aan de duurzaamheidseisen voor vaste biomassa, bedoeld in artikel 7 van de Algemene uitvoeringsregeling stimulering duurzame energieproductie. Artikel 39 1 Subsidie als bedoeld in artikel 38, eerste lid, wordt voor een periode van 12 jaar verstrekt. 2 De subsidieontvanger neemt de productie-installatie, bedoeld in artikel 38, eerste lid, binnen 4 jaar na de datum van inwerkingtreding van de beschikking tot subsidieverlening in gebruik. § 4 Fasebedragen Artikel 40 1 Voor de fase genoemd in de eerste kolom van onderstaande tabel wordt: a. de periode waarbinnen de aanvragen binnen moeten zijn vastgesteld van de datum genoemd in de tweede kolom van onderstaande tabel tot de datum genoemd in de tweede kolom van onderstaande tabel van de daarop volgende fase, de derde fase sluit op 8 november 2018, 17:00 uur; b. het fasebedrag voor de subsidie, bedoeld in de artikelen 10, eerste lid, en 43a, eerste lid, van het besluit, voor de productie van hernieuwbare elektriciteit, hernieuwbare

, vastgesteld op het in de derde kolom van onderstaande tabel genoemde bedrag; c. het fasebedrag voor de subsidie, bedoeld in artikel 27, eerste lid, van het besluit, voor de productie van hernieuwbaar gas, vastgesteld op het in de vierde kolom genoemde bedrag. 1 2 3 4 fase datum openstelling fasebedrag in eur/kWh fasebedrag hernieuwbaar gas in eur/kWh 1 2 oktober 2018, 9:00 uur 0,090 0,064 2 15 oktober 2018, 17:00 uur 0,110 0,078 3 29 oktober 2018, 17:00 uur 0,130 0,092

  1. In afwijking van de fasebedragen genoemd in de derde kolom van de tabel in het eerste lid geldt voor de productiecategorieën, bedoeld in de artikelen 4, 6, 8, eerste lid, 10, eerste lid, 12, eerste lid, 14, 22, eerste lid, 24, 26, 28, eerste lid, 30, eerste lid, 32, eerste lid, 34, eerste lid, 36, eerste lid, en 38, eerste lid, het fasebedrag in euro per kWh in drie decimalen dat door de aanvrager bij de aanvraag in een fase is ingediend, mits dat bedrag per kWh lager is dan het fasebedrag, genoemd in de derde kolom van de tabel in het eerste lid dat voor de fase waarin de aanvraag is ingediend van toepassing is.
  2. In afwijking van de fasebedragen genoemd in de vierde kolom van de tabel in het eerste lid geldt voor de productiecategorieën, bedoeld in de artikelen 16, 18, eerste lid, en 20, eerste lid, het fasebedrag in euro per kWh in drie decimalen dat door de aanvrager bij de aanvraag in een fase is ingediend, mits dat bedrag per kWh lager is dan het fasebedrag, genoemd in de vierde kolom van de tabel in het eerste lid dat voor de fase waarin de aanvraag is ingediend van toepassing is.
  3. Voor de vergelijking van de fasebedragen, bedoeld in artikel 58, tweede lid, van het besluit bedraagt het fasebedrag voor de productie van hernieuwbaar gas het fasebedrag gedeeld door een correctiefactor van 0,706 en afgerond op drie decimalen, tenzij het fasebedrag gelijk is aan het fasebedrag in de vierde kolom van de in het eerste lid opgenomen tabel, in welk geval het fasebedrag van de derde kolom geldt. § 5 Maximaal aantal vollasturen, basiselektriciteits- en basisenergieprijzen, basisbedragen en correctiebedragen § 5.1 Hernieuwbare elektriciteit Artikel 41 Voor een productie-installatie als bedoeld in het in de eerste kolom van onderstaande tabel genoemde artikel wordt: a. het basisbedrag voor subsidie, bedoeld in artikel 11, eerste lid, van het besluit, vastgesteld op het in de derde kolom genoemde bedrag; b. voor de productie van hernieuwbare elektriciteit het maximaal aantal vollasturen vastgesteld op het in de vierde kolom van onderstaande tabel genoemde aantal uren; c. voor de productie van hernieuwbare elektriciteit de basiselektriciteitsprijs, bedoeld in artikel 12, eerste lid, van het besluit, vastgesteld op het in de vijfde kolom van onderstaande tabel genoemde bedrag; en d. de correctie op het basisbedrag voor subsidie voor 2018 vastgesteld op: 1°. voor wat betreft de elektriciteitsprijs, bedoeld in artikel 14, eerste lid, onderdeel a, van het besluit, het in de zesde kolom van onderstaande tabel genoemde bedrag; en 2°. voor wat betreft de correcties, bedoeld in artikel 14, eerste lid, onderdelen b en c, van het besluit op € 0 per kWh. 1 2 3 4 5 6 Artikel regeling Categorie Basisbedrag in eur/kWh Vollasturen Basiselektriciteitsprijs in eur/kWh Voorlopig correctiebedrag 2018 in eur/kWh Artikel 4, onderdeel a Waterkracht, valhoogte < 50 cm waaronder vrije stroming en golfenergie 0,130 3.700 0,027 0,038 Artikel 4, onderdeel b Waterkracht, valhoogte ≥ 50 cm 0,130 5.700 0,027 0,038 Artikel 4, onderdeel c Waterkracht, valhoogte ≥ 50 cm, renovatie 0,100 2.600 0,027 0,038 Artikel 6 Osmose 0,130 8.000 0,027 0,038 Artikel 8, eerste lid, onderdeel a Wind op land, ≥ 8,0 m/s 0,054 netto P50-waarde vollasturen 0,022 0,032 Artikel 8, eerste lid, onderdeel b Wind op land, ≥ 7,5 en < 8,0 m/s 0,059 netto P50-waarde vollasturen 0,022 0,032 Artikel 8, eerste lid, onderdeel c Wind op land, ≥ 7,0 en < 7,5 m/s 0,064 netto P50-waarde vollasturen 0,022 0,032 Artikel 8, eerste lid, onderdeel d Wind op land, < 7,0 m/s 0,073 netto P50-waarde vollasturen 0,022 0,032 Artikel 10, eerste lid, onderdeel a Wind op primaire waterkeringen, ≥ 8,0 m/s 0,058 netto P50-waarde vollasturen 0,022 0,032 Artikel 10, eerste lid, onderdeel b Wind op primaire waterkeringen, ≥ 7,5 en < 8,0 m/s 0,063 netto P50-waarde vollasturen 0,022 0,032 Artikel 10, eerste lid, onderdeel c Wind op primaire waterkeringen, ≥ 7,0 en < 7,5 m/s 0,069 netto P50-waarde vollasturen 0,022 0,032 Artikel 10, eerste lid, onderdeel d Wind op primaire waterkeringen, < 7,0 m/s 0,077 netto P50-waarde vollasturen 0,022 0,032 Artikel 12, eerste lid Wind in meer, water ≥ 1 km2 0,085 netto P50-waarde vollasturen 0,022 0,032 Artikel 14, onderdeel a Fotovoltaïsche zonnepanelen ≥ 15 kWp en < 1 MWp, aansluiting 3*80A 0,106 950 Netlevering: 0,022 Netlevering: 0,038 Niet netlevering: 0,047 Niet netlevering: 0,063 Artikel 14, onderdeel b Fotovoltaïsche zonnepanelen ≥ 1 MWp, 0,099 950 Netlevering: 0,022 Netlevering: 0,038 Niet netlevering: 0,039 Niet netlevering: 0,055 § 5.2 Hernieuwbaar gas Artikel 42 1 Voor een productie-installatie als bedoeld in het in de eerste kolom van onderstaande tabel genoemde artikel wordt: a. het basisbedrag voor subsidie, bedoeld in artikel 28, eerste lid, van het besluit, voor de productie van hernieuwbaar gas, vastgesteld op het in de derde kolom van onderstaande tabel genoemde bedrag; b. voor de productie van hernieuwbaar gas het maximaal aantal vollasturen vastgesteld op het in de vierde kolom van onderstaande tabel genoemde aantal uren; c. voor de productie van hernieuwbaar gas de basisgasprijs, bedoeld in artikel 29, eerste lid, van het besluit, vastgesteld op het in de vijfde kolom van onderstaande tabel genoemde bedrag; en d. de correctie op het basisbedrag voor subsidie voor 2018 vastgesteld op: 1°. voor wat betreft de energieprijs, bedoeld in artikel 31, eerste lid, onderdeel a, van het besluit het in de zesde kolom van onderstaande tabel genoemde bedrag; en 2°. voor wat betreft de correcties, bedoeld in artikel 31, eerste lid, onderdeel b, van het besluit op € 0 per kWh. 1 2 3 4 5 6 Artikel regeling Categorie Basisbedrag in eur/kWh Vollasturen Basisenergie-prijs in eur/kWh Voorlopig correctiebedrag 2018 in eur/kWh Artikel 16, onderdeel a Allesvergisting 0,055 8.000 0,016 0,017 Artikel 16, onderdeel b Vergisting en covergisting van dierlijke mest 0,065 8.000 0,016 0,017 Artikel 16, onderdeel c Vergisting van uitsluitend dierlijke mest ≤ 400 kW 0,092 8.000 0,016 0,017 Artikel 18, eerste lid Verbeterde slibgisting bij rioolwater-zuiverings-installaties 0,046 8.000 0,016 0,017 Artikel 20, eerste lid Biomassa-vergassing (≥95% biogeen) 0,092 7.500 0,016 0,017 2 Het basisbedrag wordt voor de toepassing van artikel 58, tweede lid, van het besluit, voor een productie-installatie als bedoeld in de artikelen 16, 18, eerste lid, en 20, eerste lid, vastgesteld op het in de derde kolom van de in het eerste lid opgenomen tabel genoemde bedrag, gedeeld door een correctiefactor van 0,706 en afgerond op drie decimalen. § 5.3 Hernieuwbare warmte en (gecombineerde) opwekking van hernieuwbare elektriciteit en hernieuwbare warmte Artikel 43 Voor een productie-installatie als bedoeld in het in de eerste kolom van onderstaande tabel genoemde artikel wordt: a. het basisbedrag voor subsidie, bedoeld in artikel 44, eerste lid, van het besluit, voor de productie van hernieuwbare warmte en de gecombineerde opwekking van hernieuwbare elektriciteit en hernieuwbare warmte, vastgesteld op het in de derde kolom van onderstaande tabel genoemde bedrag; b. voor de productie van hernieuwbare warmte, hernieuwbare elektriciteit of de gecombineerde opwekking van hernieuwbare elektriciteit en hernieuwbare warmte het maximaal aantal vollasturen vastgesteld op het in de vierde kolom van onderstaande tabel genoemde aantal uren; c. de basisenergie- of basiselektriciteitsprijs, bedoeld in artikel 12, eerste lid, of artikel 45, eerste lid, van het besluit, voor de productie van hernieuwbare warmte, hernieuwbare elektriciteit of de gecombineerde opwekking van hernieuwbare elektriciteit en hernieuwbare warmte, vastgesteld op het in de vijfde kolom van onderstaande tabel genoemde bedrag; en d. de correcties op het basisbedrag voor subsidie voor een productie-installatie als bedoeld in het in de eerste kolom van onderstaande tabel genoemde artikel, worden voor 2018 vastgesteld op: 1°. voor wat betreft de energie- of elektriciteitsprijs, bedoeld in artikel 14, eerste lid, onderdeel a, of 47, eerste lid, onderdeel a, van het besluit het in de zesde kolom van onderstaande tabel genoemde bedrag; en 2°. voor wat betreft de correcties, bedoeld in artikel 14, eerste lid, onderdelen b en c, of 47, eerste lid, onderdelen b en c, van het besluit op € 0 per kWh. 1 2 3 4 5 6 Artikel regeling Categorie Basisbedrag in eur/kWh Vollasturen Basisenergie-prijs in eur/kWh Voorlopig correctiebedrag 2018 in eur/kWh Artikel 22, eerste lid, onderdeel a Zonthermie ≥ 140 kW en < 1 MW 0,094 700 0,029 0,029 Artikel 22, eerste lid, onderdeel b Zonthermie ≥ 1 MW 0,083 700 0,023 0,024 Artikel 24, onderdelen a en b Geothermie warmte, diepte ≥ 500 meter 0,053 6.000 0,016 0,017 Artikel 24, onderdeel c Geothermie warmte aanvullende put, diepte ≥ 500 meter 0,034 6.000 0,016 0,017 Artikel 24, onderdeel d Geothermie warmte, diepte ≥ 3.500 meter 0,060 7.000 0,016 0,017 Artikel 26,onderdeel a Warmte allesvergisting 0,061 7.000 0,023 0,024 Artikel 26,onderdeel b Warmte vergisting en covergisting van dierlijke mest 0,065 7.000 0,023 0,024 Artikel 26,onderdeel c Gecombineerde opwekking allesvergisting 0,067 7.623 0,025 0,031 Artikel 26, onderdeel d Gecombineerde opwekking vergisting en covergisting van dierlijke mest 0,068 7.322 0,028 0,035 Artikel 26, onderdeel e Gecombineerde opwekking vergisting van uitsluitend dierlijke mest ≤ 400 kW 0,124 6.374 0,040 0,046 Artikel 26, onderdeel f Warmte vergisting van uitsluitend dierlijke mest ≤ 400 kW 0,100 7.000 0,054 0,054 Artikel 28, eerste lid, onderdeel a Verbeterde slibgisting bij rioolwaterzuiveringsinstallaties, warmte 0,033 7.000 0,023 0,024 Artikel 28, eerste lid, onderdeel b Verbeterde slibgisting bij rioolwaterzuiveringsinstallaties, gecombineerde opwekking 0,049 5.729 0,028 0,035 Artikel 30, eerste lid Ketel vloeibare biomassa voor

0,073 7.000 0,023 0,024 Artikel 32, eerste lid Kleine ketel op vaste of vloeibare biomassa voor

0,055 3.000 0,029 0,029 Artikel 34, eerste lid, onderdeel a Grote ketel op vaste of vloeibare biomassa voor

0,050 5.000 0,016 0,017 Artikel 34, eerste lid, onderdeel b Grote ketel op vaste of vloeibare biomassa voor

0,049 5.500 0,016 0,017 Artikel 34, eerste lid, onderdeel c Grote ketel op vaste of vloeibare biomassa voor

0,048 6.000 0,016 0,017 Artikel 34, eerste lid, onderdeel d Grote ketel op vaste of vloeibare biomassa voor

0,048 6.500 0,016 0,017 Artikel 34, eerste lid, onderdeel e Grote ketel op vaste of vloeibare biomassa voor

0,048 7.000 0,016 0,017 Artikel 34, eerste lid, onderdeel f Grote ketel op vaste of vloeibare biomassa voor

0,047 7.500 0,016 0,017 Artikel 34, eerste lid, onderdeel g Grote ketel op vaste of vloeibare biomassa voor

0,047 8.000 0,016 0,017 Artikel 34, eerste lid, onderdeel h Grote ketel op vaste of vloeibare biomassa voor

0,047 8.500 0,016 0,017 Artikel 36, eerste lid Ketel industriële stoom uit houtpellets voor

0,066 8.500 0,016 0,017 Artikel 38, eerste lid Brander op houtpellets voor

0,050 3.000 0,021 0,021 § 6 Slotbepalingen Artikel 44 Deze regeling treedt in werking met ingang van 1 oktober

  1. Artikel 45 Deze regeling wordt aangehaald als: Regeling aanwijzing categorieën duurzame energieproductie najaar
  2. Deze regeling zal met de toelichting in de Staatscourant worden geplaatst. 's-Gravenhage 14 september 2018 De Minister van Economische Zaken en Klimaat, E.D. Wiebes Bijlage 1 behorende bij artikel 2, vijfde lid, van de Regeling aanwijzing categorieën duurzame energieproductie najaar 2018 Uitvoeringsovereenkomst tot zekerheid van het aanvangen van de activiteiten ter zake waarvan meer dan € 400 miljoen subsidie is verleend op basis van de Regeling aanwijzing categorieën duurzame energieproductie najaar 2018
  3. De Staat der Nederlanden, (hierna te noemen: de Staat), te dezen rechtsgeldig vertegenwoordigd door de Minister van Economische Zaken en Klimaat; en
  4. ............, gevestigd te..... (hierna te noemen: Ondernemer); ..... (hierna te samen ook te noemen: Partijen); overwegen: a. de Minister van Economische Zaken en Klimaat heeft blijkens een beschikking met kenmerk....., hierna te noemen Beschikking, waarvan een kopie als Bijlage A bij deze overeenkomst is gevoegd aan de Ondernemer een subsidie verleend van meer dan € 400 miljoen op grond van de Regeling aanwijzing categorieën duurzame energieproductie najaar 2018 (hierna: Regeling). b. de Beschikking bevat de opschortende voorwaarde dat binnen twee weken na afgifte van de beschikking de onderhavige uitvoeringsovereenkomst, hierna te noemen Uitvoeringsovereenkomst, tot stand is gekomen tussen de Staat en de subsidieontvanger; c. de Minister van Economische Zaken en Klimaat beoogt door middel van deze Uitvoeringsovereenkomst te verzekeren dat de Ondernemer de productie-installatie bedoeld in de Beschikking tijdig in gebruik zal nemen. Partijen komen daartoe het volgende overeen: Artikel 1 Tijdige ingebruikname van de productie-installatie De Ondernemer verplicht zich jegens de Staat de productie-installatie tijdig in gebruik te nemen en wel binnen de in artikel 61 van het Besluit stimulering duurzame energieproductie bedoelde periode of, indien op grond van artikel 62, derde lid, van het Besluit stimulering duurzame energieproductie een ontheffing is verleend, binnen de in de ontheffing opgenomen periode. Artikel 2 Inhoud en omvang van de garantie De Ondernemer verplicht zich om tot zekerheid voor de nakoming van de in artikel 1 bedoelde verplichting, alsmede de bij niet tijdige nakoming verschuldigde boetes, binnen vier weken nadat de Beschikking is afgegeven ten behoeve van de Staat financiële zekerheid te stellen en gesteld houden voor een bedrag groot 2% van de maximale hoogte van de subsidie, bedoeld in de artikelen 16, 33 en 49 van het Besluit stimulering duurzame energieproductie, door middel van de afgifte aan de Staat van een door een binnen de Europese Unie gevestigde bank afgegeven bankgarantie welke is opgemaakt onder gebruikmaking van het model bankgarantie. Artikel 3 Vrijval van de garantie 1 De verplichting de in artikel 2 bedoelde bankgarantie te blijven stellen vervalt uitsluitend door het schriftelijk bericht van de Staat aan de Bank dat de verplichting geheel of gedeeltelijk is vervallen. De Ondernemer ontvangt een kopie van het bericht van verval. 2 Zodra de verplichting geheel is vervallen zal de Staat de bankgarantie retourneren aan de Ondernemer. Artikel 4 Boetes 1 Indien de Ondernemer de productie-installatie niet binnen de in artikel 1 bedoelde periode in gebruik heeft genomen, is de Ondernemer aan de Staat bij wijze van boete een bedrag verschuldigd groot 0,2% van het beschikte bedrag enkel door het verloop van die termijn en zonder dat enige ingebrekestelling nodig is. 2 Indien de Ondernemer daarna nog in gebreke blijft met het tijdig in gebruik nemen van de productie-installatie is de Ondernemer maandelijks een boete van telkens 0,2% van de maximale hoogte van de subsidie, bedoeld in de artikelen 16, 33 en 49 van het Besluit stimulering duurzame energieproductie, verschuldigd voor zover hij de productie-installatie op de eerste van elke volgende maand niet in gebruik heeft genomen. 3 De boetes bedoeld in het eerste en tweede lid, waarvan de som ten hoogste 2% van het beschikte bedrag bedraagt, zijn telkens verschuldigd voor het enkele verloop van de termijn en zonder dat enige ingebrekestelling nodig is. 4 De Ondernemer machtigt bij deze de Staat onherroepelijk tot het innen van de boetes door het inroepen van de bankgarantie voor het bedrag van de boete, telkens wanneer er een boete verschuldigd is geworden. Artikel 5 Aanvang en einde Uitvoeringsovereenkomst 1 Deze Uitvoeringsovereenkomst treedt in werking door de ondertekening daarvan door de Partijen met dien verstande dat de inwerkingtreding wordt opgeschort totdat de Beschikking in werking is getreden en de Staat de Ondernemer daarvan schriftelijk bericht heeft gestuurd. 2 Deze Uitvoeringsovereenkomst eindigt van rechtswege door de teruggave van de bankgarantie door de Staat aan de Ondernemer. Artikel 6 Domiciliekeuze en berichtgevingen 1 De Staat kiest voor uitvoering van deze Uitvoeringsovereenkomst domicilie ten kantore van Rijksdienst voor Ondernemend Nederland, onderdeel van het Ministerie van Economische Zaken en Klimaat, Hanzelaan 310, 8017 JK Zwolle. 2 Onverminderd het bepaalde in het Wetboek van Burgerlijke Rechtsvordering dienen alle mededelingen, aanzeggingen, verzoeken, toestemmingen en andere berichten uit hoofde van deze uitvoeringsovereenkomst schriftelijk te worden gedaan. 3 Mededelingen, aanzeggingen, verzoeken, toestemmingen en andere berichten die niet in overeenstemming met het tweede lid zijn gedaan blijven zonder rechtsgevolg. 4 De Staat is bevoegd eenzijdig van het bepaalde in het eerste lid af te wijken. Artikel 7 Rechtskeuze 1 Op deze Uitvoeringsovereenkomst is uitsluitend Nederlands recht van toepassing. 2 Alle geschillen in verband met deze uitvoeringsovereenkomst of met afspraken die daarmee samenhangen zullen worden beslecht door de bevoegde rechter te Den Haag. Artikel 8 Citeertitel Deze Uitvoeringsovereenkomst wordt tussen partijen aangeduid als ‘Uitvoeringsovereenkomst duurzame energieproductie Staat/.....’. Aldus overeengekomen en in tweevoud ondertekend te..... Ondernemer te 's-Gravenhage op..... De Minister van Economische Zaken en Klimaat, Model bankgarantie DE ONDERGETEKENDE, ....., gevestigd te....., hierna te noemen de ‘Bank’, IN AANMERKING NEMENDE DAT: A. ......, gevestigd te....., (hierna te noemen de Ondernemer) en de STAAT der NEDERLANDEN, (hierna te noemen: Staat), waarvan de zetel is gevestigd te Den Haag, te dezen vertegenwoordigd door....., hierbij vertegenwoordigd door de Minister van Economische Zaken en Klimaat op..... de ‘Uitvoeringsovereenkomst duurzame energieproductie Staat/.....’ (hierna: uitvoeringsovereenkomst) hebben getekend; B. de Ondernemer volgens artikel 2 van de overeenkomst binnen vier weken nadat een beschikking van de Minister van Economische Zaken en Klimaat met kenmerk.....is afgegeven ten behoeve van de Staat financiële zekerheid dient te stellen en gesteld houden voor een bedrag groot €.....,- door de afgifte aan de Staat van een door een bank afgegeven bankgarantie; C. de Bank bereid is de desbetreffende bankgarantie ten gunste van de Staat te stellen onder de hierna te noemen voorwaarden. VERKLAART ALS VOLGT
  5. De Bank stelt zich hierbij als zelfstandige verbintenis tegenover de Staat onherroepelijk en onvoorwaardelijk garant voor al hetgeen de Staat van de Ondernemer op grond van de uitvoeringsovereenkomst te vorderen heeft tot een maximumbedrag van €.....,-.
  6. Deze bankgarantie is een abstracte afroepgarantie. De Bank komt in geen geval een beroep toe op de onderliggende rechtsverhouding tussen de Staat en de Ondernemer als vervat in de Uitvoeringsovereenkomst.
  7. De Bank zal op eerste schriftelijk verzoek van de Staat, zonder opgaaf van redenen te verlangen of nader bewijs te vragen, overgaan tot uitbetaling van al hetgeen de Ondernemer, volgens verklaring van de Staat, verschuldigd is uit hoofde van de Uitvoeringsovereenkomst.
  8. Deze bankgarantie vervalt uitsluitend door het schriftelijk bericht van de Staat aan de Bank dat de verplichting geheel of gedeeltelijk is vervallen.
  9. De Minister van Economische Zaken en Klimaat zendt de bankgarantie zo spoedig mogelijk nadat deze geheel is vervallen retour aan de Bank.
  10. Op deze bankgarantie is uitsluitend Nederlands recht van toepassing. Alle geschillen die mochten ontstaan over of naar aanleiding van deze bankgarantie zullen worden beslecht door de bevoegde rechter te ’s-Gravenhage.
  11. Indien deze bankgarantie dient te worden geretourneerd geschiedt dat door toezending aan adres:..... Getekend te op De Bank Bijlage 2 behorende bij de artikelen 8 en 10 van de Regeling aanwijzing categorieën duurzame energieproductie najaar 2018 Lijst van gemeenten volgens de gemeentelijke indeling per 31 december 2017 Gemeentenaam Provincie Windcategorie Ameland Friesland ≥ 8,0 m/s Bergen (NH.) Noord-Holland ≥ 8,0 m/s De Marne Groningen ≥ 8,0 m/s Den Helder Noord-Holland ≥ 8,0 m/s Dongeradeel Friesland ≥ 8,0 m/s Eemsmond Groningen ≥ 8,0 m/s Ferwerderadiel Friesland ≥ 8,0 m/s Franekeradeel Friesland ≥ 8,0 m/s Harlingen Friesland ≥ 8,0 m/s het Bildt Friesland ≥ 8,0 m/s Hollands Kroon Noord-Holland ≥ 8,0 m/s Leeuwarderadeel Friesland ≥ 8,0 m/s Menameradiel Friesland ≥ 8,0 m/s Noordwijk Zuid-Holland ≥ 8,0 m/s Rotterdam Maasvlakte (wijk 23 buurt 8) Zuid-Holland ≥ 8,0 m/s Schagen Noord-Holland ≥ 8,0 m/s Schiermonnikoog Friesland ≥ 8,0 m/s Súdwest-Fryslân Friesland ≥ 8,0 m/s Terschelling Friesland ≥ 8,0 m/s Texel Noord-Holland ≥ 8,0 m/s Vlieland Friesland ≥ 8,0 m/s Zandvoort Noord-Holland ≥ 8,0 m/s Achtkarspelen Friesland ≥ 7,5 en < 8,0 m/s Alkmaar Noord-Holland ≥ 7,5 en < 8,0 m/s Appingedam Groningen ≥ 7,5 en < 8,0 m/s Bedum Groningen ≥ 7,5 en < 8,0 m/s Beemster Noord-Holland ≥ 7,5 en < 8,0 m/s Beverwijk Noord-Holland ≥ 7,5 en < 8,0 m/s Bloemendaal Noord-Holland ≥ 7,5 en < 8,0 m/s Castricum Noord-Holland ≥ 7,5 en < 8,0 m/s Dantumadiel Friesland ≥ 7,5 en < 8,0 m/s De Fryske Marren Friesland ≥ 7,5 en < 8,0 m/s Delfzijl Groningen ≥ 7,5 en < 8,0 m/s Drechterland Noord-Holland ≥ 7,5 en < 8,0 m/s Edam-Volendam Noord-Holland ≥ 7,5 en < 8,0 m/s Enkhuizen Noord-Holland ≥ 7,5 en < 8,0 m/s Goeree-Overflakkee Zuid-Holland ≥ 7,5 en < 8,0 m/s Grootegast Groningen ≥ 7,5 en < 8,0 m/s Heemskerk Noord-Holland ≥ 7,5 en < 8,0 m/s Heerenveen Friesland ≥ 7,5 en < 8,0 m/s Heerhugowaard Noord-Holland ≥ 7,5 en < 8,0 m/s Heiloo Noord-Holland ≥ 7,5 en < 8,0 m/s Hillegom Zuid-Holland ≥ 7,5 en < 8,0 m/s Hoorn Noord-Holland ≥ 7,5 en < 8,0 m/s Katwijk Zuid-Holland ≥ 7,5 en < 8,0 m/s Koggenland Noord-Holland ≥ 7,5 en < 8,0 m/s Kollumerland c.a. Friesland ≥ 7,5 en < 8,0 m/s Langedijk Noord-Holland ≥ 7,5 en < 8,0 m/s Leek Groningen ≥ 7,5 en < 8,0 m/s Leeuwarden Friesland ≥ 7,5 en < 8,0 m/s Lisse Zuid-Holland ≥ 7,5 en < 8,0 m/s Littenseradiel Friesland ≥ 7,5 en < 8,0 m/s Loppersum Groningen ≥ 7,5 en < 8,0 m/s Marum Groningen ≥ 7,5 en < 8,0 m/s Medemblik Noord-Holland ≥ 7,5 en < 8,0 m/s Noord-Beveland Zeeland ≥ 7,5 en < 8,0 m/s Noordoostpolder Flevoland ≥ 7,5 en < 8,0 m/s Noordwijkerhout Zuid-Holland ≥ 7,5 en < 8,0 m/s Oldambt Groningen ≥ 7,5 en < 8,0 m/s Opmeer Noord-Holland ≥ 7,5 en < 8,0 m/s Opsterland Friesland ≥ 7,5 en < 8,0 m/s Schouwen-Duiveland Zeeland ≥ 7,5 en < 8,0 m/s Slochteren Groningen ≥ 7,5 en < 8,0 m/s Smallingerland Friesland ≥ 7,5 en < 8,0 m/s Stede Broec Noord-Holland ≥ 7,5 en < 8,0 m/s Ten Boer Groningen ≥ 7,5 en < 8,0 m/s Tytsjerksteradiel Friesland ≥ 7,5 en < 8,0 m/s Uitgeest Noord-Holland ≥ 7,5 en < 8,0 m/s Urk Flevoland ≥ 7,5 en < 8,0 m/s Veere Zeeland ≥ 7,5 en < 8,0 m/s Velsen Noord-Holland ≥ 7,5 en < 8,0 m/s Wassenaar Zuid-Holland ≥ 7,5 en < 8,0 m/s Westland Zuid-Holland ≥ 7,5 en < 8,0 m/s Westvoorne Zuid-Holland ≥ 7,5 en < 8,0 m/s Winsum Groningen ≥ 7,5 en < 8,0 m/s Zuidhorn Groningen ≥ 7,5 en < 8,0 m/s Aa en Hunze Drenthe ≥ 7,0 en < 7,5 m/s Aalburg Noord-Brabant ≥ 7,0 en < 7,5 m/s Aalsmeer Noord-Holland ≥ 7,0 en < 7,5 m/s Aalten Gelderland ≥ 7,0 en < 7,5 m/s Almere Flevoland ≥ 7,0 en < 7,5 m/s Alphen aan den Rijn Zuid-Holland ≥ 7,0 en < 7,5 m/s Amstelveen Noord-Holland ≥ 7,0 en < 7,5 m/s Amsterdam Noord-Holland ≥ 7,0 en < 7,5 m/s Assen Drenthe ≥ 7,0 en < 7,5 m/s Bellingwedde Groningen ≥ 7,0 en < 7,5 m/s Binnenmaas Zuid-Holland ≥ 7,0 en < 7,5 m/s Bodegraven-Reeuwijk Zuid-Holland ≥ 7,0 en < 7,5 m/s Borger-Odoorn Drenthe ≥ 7,0 en < 7,5 m/s Borsele Zeeland ≥ 7,0 en < 7,5 m/s Brielle Zuid-Holland ≥ 7,0 en < 7,5 m/s Coevorden Drenthe ≥ 7,0 en < 7,5 m/s Cromstrijen Zuid-Holland ≥ 7,0 en < 7,5 m/s Culemborg Gelderland ≥ 7,0 en < 7,5 m/s Dalfsen Overijssel ≥ 7,0 en < 7,5 m/s De Ronde Venen Utrecht ≥ 7,0 en < 7,5 m/s De Wolden Drenthe ≥ 7,0 en < 7,5 m/s Delft Zuid-Holland ≥ 7,0 en < 7,5 m/s Diemen Noord-Holland ≥ 7,0 en < 7,5 m/s Dronten Flevoland ≥ 7,0 en < 7,5 m/s Emmen Drenthe ≥ 7,0 en < 7,5 m/s Geldermalsen Gelderland ≥ 7,0 en < 7,5 m/s Giessenlanden Zuid-Holland ≥ 7,0 en < 7,5 m/s Goes Zeeland ≥ 7,0 en < 7,5 m/s Gouda Zuid-Holland ≥ 7,0 en < 7,5 m/s Groningen Groningen ≥ 7,0 en < 7,5 m/s Haarlem Noord-Holland ≥ 7,0 en < 7,5 m/s Haarlemmerliede en Spaarnwoude Noord-Holland ≥ 7,0 en < 7,5 m/s Haarlemmermeer Noord-Holland ≥ 7,0 en < 7,5 m/s Hardenberg Overijssel ≥ 7,0 en < 7,5 m/s Hardinxveld-Giessendam Zuid-Holland ≥ 7,0 en < 7,5 m/s Haren Groningen ≥ 7,0 en < 7,5 m/s Heemstede Noord-Holland ≥ 7,0 en < 7,5 m/s Hellevoetsluis Zuid-Holland ≥ 7,0 en < 7,5 m/s Hoogeveen Drenthe ≥ 7,0 en < 7,5 m/s Hoogezand-Sappemeer Groningen ≥ 7,0 en < 7,5 m/s Hulst Zeeland ≥ 7,0 en < 7,5 m/s IJsselstein Utrecht ≥ 7,0 en < 7,5 m/s Kaag en Braassem Zuid-Holland ≥ 7,0 en < 7,5 m/s Kampen Overijssel ≥ 7,0 en < 7,5 m/s Kapelle Zeeland ≥ 7,0 en < 7,5 m/s Korendijk Zuid-Holland ≥ 7,0 en < 7,5 m/s Krimpenerwaard Zuid-Holland ≥ 7,0 en < 7,5 m/s Landsmeer Noord-Holland ≥ 7,0 en < 7,5 m/s Lansingerland Zuid-Holland ≥ 7,0 en < 7,5 m/s Leerdam Zuid-Holland ≥ 7,0 en < 7,5 m/s Leiden Zuid-Holland ≥ 7,0 en < 7,5 m/s Leiderdorp Zuid-Holland ≥ 7,0 en < 7,5 m/s Leidschendam-Voorburg Zuid-Holland ≥ 7,0 en < 7,5 m/s Lelystad Flevoland ≥ 7,0 en < 7,5 m/s Lingewaal Gelderland ≥ 7,0 en < 7,5 m/s Lopik Utrecht ≥ 7,0 en < 7,5 m/s Maassluis Zuid-Holland ≥ 7,0 en < 7,5 m/s Menterwolde Groningen ≥ 7,0 en < 7,5 m/s Meppel Drenthe ≥ 7,0 en < 7,5 m/s Middelburg Zeeland ≥ 7,0 en < 7,5 m/s Midden-Delfland Zuid-Holland ≥ 7,0 en < 7,5 m/s Midden-Drenthe Drenthe ≥ 7,0 en < 7,5 m/s Moerdijk Noord-Brabant ≥ 7,0 en < 7,5 m/s Molenwaard Zuid-Holland ≥ 7,0 en < 7,5 m/s Montfoort Utrecht ≥ 7,0 en < 7,5 m/s Neerijnen Gelderland ≥ 7,0 en < 7,5 m/s Nieuwkoop Zuid-Holland ≥ 7,0 en < 7,5 m/s Nissewaard Zuid-Holland ≥ 7,0 en < 7,5 m/s Noordenveld Drenthe ≥ 7,0 en < 7,5 m/s Oegstgeest Zuid-Holland ≥ 7,0 en < 7,5 m/s Oost Gelre Gelderland ≥ 7,0 en < 7,5 m/s Ooststellingwerf Friesland ≥ 7,0 en < 7,5 m/s Oostzaan Noord-Holland ≥ 7,0 en < 7,5 m/s Oud-Beijerland Zuid-Holland ≥ 7,0 en < 7,5 m/s Ouder-Amstel Noord-Holland ≥ 7,0 en < 7,5 m/s Oudewater Utrecht ≥ 7,0 en < 7,5 m/s Pekela Groningen ≥ 7,0 en < 7,5 m/s Pijnacker-Nootdorp Zuid-Holland ≥ 7,0 en < 7,5 m/s Purmerend Noord-Holland ≥ 7,0 en < 7,5 m/s Reimerswaal Zeeland ≥ 7,0 en < 7,5 m/s Rijswijk Zuid-Holland ≥ 7,0 en < 7,5 m/s Rotterdam-West (wijk 17, wijk 23 excl. buurt 8, en wijk 27) Zuid-Holland ≥ 7,0 en < 7,5 m/s 's-Gravenhage Zuid-Holland ≥ 7,0 en < 7,5 m/s Sluis Zeeland ≥ 7,0 en < 7,5 m/s Stadskanaal Groningen ≥ 7,0 en < 7,5 m/s Staphorst Overijssel ≥ 7,0 en < 7,5 m/s Steenbergen Noord-Brabant ≥ 7,0 en < 7,5 m/s Steenwijkerland Overijssel ≥ 7,0 en < 7,5 m/s Stichtse Vecht Utrecht ≥ 7,0 en < 7,5 m/s Strijen Zuid-Holland ≥ 7,0 en < 7,5 m/s Terneuzen Zeeland ≥ 7,0 en < 7,5 m/s Teylingen Zuid-Holland ≥ 7,0 en < 7,5 m/s Tholen Zeeland ≥ 7,0 en < 7,5 m/s Tynaarlo Drenthe ≥ 7,0 en < 7,5 m/s Uithoorn Noord-Holland ≥ 7,0 en < 7,5 m/s Veendam Groningen ≥ 7,0 en < 7,5 m/s Vianen Utrecht ≥ 7,0 en < 7,5 m/s Vlagtwedde Groningen ≥ 7,0 en < 7,5 m/s Vlissingen Zeeland ≥ 7,0 en < 7,5 m/s Voorschoten Zuid-Holland ≥ 7,0 en < 7,5 m/s Waddinxveen Zuid-Holland ≥ 7,0 en < 7,5 m/s Waterland Noord-Holland ≥ 7,0 en < 7,5 m/s Weesp Noord-Holland ≥ 7,0 en < 7,5 m/s Westerveld Drenthe ≥ 7,0 en < 7,5 m/s Weststellingwerf Friesland ≥ 7,0 en < 7,5 m/s Woerden Utrecht ≥ 7,0 en < 7,5 m/s Wormerland Noord-Holland ≥ 7,0 en < 7,5 m/s Woudrichem Noord-Brabant ≥ 7,0 en < 7,5 m/s Zaanstad Noord-Holland ≥ 7,0 en < 7,5 m/s Zaltbommel Gelderland ≥ 7,0 en < 7,5 m/s Zederik Zuid-Holland ≥ 7,0 en < 7,5 m/s Zoetermeer Zuid-Holland ≥ 7,0 en < 7,5 m/s Zoeterwoude Zuid-Holland ≥ 7,0 en < 7,5 m/s Zuidplas Zuid-Holland ≥ 7,0 en < 7,5 m/s Zwartewaterland Overijssel ≥ 7,0 en < 7,5 m/s Zwolle Overijssel ≥ 7,0 en < 7,5 m/s Alblasserdam Zuid-Holland < 7,0 m/s Albrandswaard Zuid-Holland < 7,0 m/s Almelo Overijssel < 7,0 m/s Alphen-Chaam Noord-Brabant < 7,0 m/s Amersfoort Utrecht < 7,0 m/s Apeldoorn Gelderland < 7,0 m/s Arnhem Gelderland < 7,0 m/s Asten Noord-Brabant < 7,0 m/s Baarle-Nassau Noord-Brabant < 7,0 m/s Baarn Utrecht < 7,0 m/s Barendrecht Zuid-Holland < 7,0 m/s Barneveld Gelderland < 7,0 m/s Beek Limburg < 7,0 m/s Beesel Limburg < 7,0 m/s Bergeijk Noord-Brabant < 7,0 m/s Bergen (L.) Limburg < 7,0 m/s Berg en Dal Gelderland < 7,0 m/s Bergen op Zoom Noord-Brabant < 7,0 m/s Berkelland Gelderland < 7,0 m/s Bernheze Noord-Brabant < 7,0 m/s Best Noord-Brabant < 7,0 m/s Beuningen Gelderland < 7,0 m/s Bladel Noord-Brabant < 7,0 m/s Blaricum Noord-Holland < 7,0 m/s Boekel Noord-Brabant < 7,0 m/s Borne Overijssel < 7,0 m/s Boxmeer Noord-Brabant < 7,0 m/s Boxtel Noord-Brabant < 7,0 m/s Breda Noord-Brabant < 7,0 m/s Bronckhorst Gelderland < 7,0 m/s Brummen Gelderland < 7,0 m/s Brunssum Limburg < 7,0 m/s Bunnik Utrecht < 7,0 m/s Bunschoten Utrecht < 7,0 m/s Buren Gelderland < 7,0 m/s Capelle aan den IJssel Zuid-Holland < 7,0 m/s Cranendonck Noord-Brabant < 7,0 m/s Cuijk Noord-Brabant < 7,0 m/s De Bilt Utrecht < 7,0 m/s Deurne Noord-Brabant < 7,0 m/s Deventer Overijssel < 7,0 m/s Dinkelland Overijssel < 7,0 m/s Doesburg Gelderland < 7,0 m/s Doetinchem Gelderland < 7,0 m/s Dongen Noord-Brabant < 7,0 m/s Dordrecht Zuid-Holland < 7,0 m/s Drimmelen Noord-Brabant < 7,0 m/s Druten Gelderland < 7,0 m/s Duiven Gelderland < 7,0 m/s Echt-Susteren Limburg < 7,0 m/s Ede Gelderland < 7,0 m/s Eemnes Utrecht < 7,0 m/s Eersel Noord-Brabant < 7,0 m/s Eijsden-Margraten Limburg < 7,0 m/s Eindhoven Noord-Brabant < 7,0 m/s Elburg Gelderland < 7,0 m/s Enschede Overijssel < 7,0 m/s Epe Gelderland < 7,0 m/s Ermelo Gelderland < 7,0 m/s Etten-Leur Noord-Brabant < 7,0 m/s Geertruidenberg Noord-Brabant < 7,0 m/s Geldrop-Mierlo Noord-Brabant < 7,0 m/s Gemert-Bakel Noord-Brabant < 7,0 m/s Gennep Limburg < 7,0 m/s Gilze en Rijen Noord-Brabant < 7,0 m/s Goirle Noord-Brabant < 7,0 m/s Gooise Meren Noord-Holland < 7,0 m/s Gorinchem Zuid-Holland < 7,0 m/s Grave Noord-Brabant < 7,0 m/s Gulpen-Wittem Limburg < 7,0 m/s Haaksbergen Overijssel < 7,0 m/s Haaren Noord-Brabant < 7,0 m/s Halderberge Noord-Brabant < 7,0 m/s Harderwijk Gelderland < 7,0 m/s Hattem Gelderland < 7,0 m/s Heerde Gelderland < 7,0 m/s Heerlen Limburg < 7,0 m/s Heeze-Leende Noord-Brabant < 7,0 m/s Hellendoorn Overijssel < 7,0 m/s Helmond Noord-Brabant < 7,0 m/s Hendrik-Ido-Ambacht Zuid-Holland < 7,0 m/s Hengelo Overijssel < 7,0 m/s Heumen Gelderland < 7,0 m/s Heusden Noord-Brabant < 7,0 m/s Hilvarenbeek Noord-Brabant < 7,0 m/s Hilversum Noord-Holland < 7,0 m/s Hof van Twente Overijssel < 7,0 m/s Horst aan de Maas Limburg < 7,0 m/s Houten Utrecht < 7,0 m/s Huizen Noord-Holland < 7,0 m/s Kerkrade Limburg < 7,0 m/s Krimpen aan den IJssel Zuid-Holland < 7,0 m/s Laarbeek Noord-Brabant < 7,0 m/s Landerd Noord-Brabant < 7,0 m/s Landgraaf Limburg < 7,0 m/s Laren Noord-Holland < 7,0 m/s Leudal Limburg < 7,0 m/s Leusden Utrecht < 7,0 m/s Lingewaard Gelderland < 7,0 m/s Lochem Gelderland < 7,0 m/s Loon op Zand Noord-Brabant < 7,0 m/s Losser Overijssel < 7,0 m/s Maasdriel Gelderland < 7,0 m/s Maasgouw Limburg < 7,0 m/s Maastricht Limburg < 7,0 m/s Meerssen Limburg < 7,0 m/s Meierijstad Noord-Brabant < 7,0 m/s Mill en Sint Hubert Noord-Brabant < 7,0 m/s Montferland Gelderland < 7,0 m/s Mook en Middelaar Limburg < 7,0 m/s Neder-Betuwe Gelderland < 7,0 m/s Nederweert Limburg < 7,0 m/s Nieuwegein Utrecht < 7,0 m/s Nijkerk Gelderland < 7,0 m/s Nijmegen Gelderland < 7,0 m/s Nuenen, Gerwen en Nederwetten Noord-Brabant < 7,0 m/s Nunspeet Gelderland < 7,0 m/s Nuth Limburg < 7,0 m/s Oirschot Noord-Brabant < 7,0 m/s Oisterwijk Noord-Brabant < 7,0 m/s Oldebroek Gelderland < 7,0 m/s Oldenzaal Overijssel < 7,0 m/s Olst-Wijhe Overijssel < 7,0 m/s Ommen Overijssel < 7,0 m/s Onderbanken Limburg < 7,0 m/s Oosterhout Noord-Brabant < 7,0 m/s Oss Noord-Brabant < 7,0 m/s Oude IJsselstreek Gelderland < 7,0 m/s Overbetuwe Gelderland < 7,0 m/s Papendrecht Zuid-Holland < 7,0 m/s Peel en Maas Limburg < 7,0 m/s Putten Gelderland < 7,0 m/s Raalte Overijssel < 7,0 m/s Renkum Gelderland < 7,0 m/s Renswoude Utrecht < 7,0 m/s Reusel-De Mierden Noord-Brabant < 7,0 m/s Rheden Gelderland < 7,0 m/s Rhenen Utrecht < 7,0 m/s Ridderkerk Zuid-Holland < 7,0 m/s Rijnwaarden Gelderland < 7,0 m/s Rijssen-Holten Overijssel < 7,0 m/s Roerdalen Limburg < 7,0 m/s Roermond Limburg < 7,0 m/s Roosendaal Noord-Brabant < 7,0 m/s Rotterdam (excl. wijk 17, 23 en 27) Zuid-Holland < 7,0 m/s Rozendaal Gelderland < 7,0 m/s Rucphen Noord-Brabant < 7,0 m/s Scherpenzeel Gelderland < 7,0 m/s Schiedam Zuid-Holland < 7,0 m/s Schinnen Limburg < 7,0 m/s 's-Hertogenbosch Noord-Brabant < 7,0 m/s Simpelveld Limburg < 7,0 m/s Sint Anthonis Noord-Brabant < 7,0 m/s Sint-Michielsgestel Noord-Brabant < 7,0 m/s Sittard-Geleen Limburg < 7,0 m/s Sliedrecht Zuid-Holland < 7,0 m/s Soest Utrecht < 7,0 m/s Someren Noord-Brabant < 7,0 m/s Son en Breugel Noord-Brabant < 7,0 m/s Stein Limburg < 7,0 m/s Tiel Gelderland < 7,0 m/s Tilburg Noord-Brabant < 7,0 m/s Tubbergen Overijssel < 7,0 m/s Twenterand Overijssel < 7,0 m/s Uden Noord-Brabant < 7,0 m/s Utrecht Utrecht < 7,0 m/s Utrechtse Heuvelrug Utrecht < 7,0 m/s Vaals Limburg < 7,0 m/s Valkenburg aan de Geul Limburg < 7,0 m/s Valkenswaard Noord-Brabant < 7,0 m/s Veenendaal Utrecht < 7,0 m/s Veldhoven Noord-Brabant < 7,0 m/s Venlo Limburg < 7,0 m/s Venray Limburg < 7,0 m/s Vlaardingen Zuid-Holland < 7,0 m/s Voerendaal Limburg < 7,0 m/s Voorst Gelderland < 7,0 m/s Vught Noord-Brabant < 7,0 m/s Waalre Noord-Brabant < 7,0 m/s Waalwijk Noord-Brabant < 7,0 m/s Wageningen Gelderland < 7,0 m/s Weert Limburg < 7,0 m/s Werkendam Noord-Brabant < 7,0 m/s West Maas en Waal Gelderland < 7,0 m/s Westervoort Gelderland < 7,0 m/s Wierden Overijssel < 7,0 m/s Wijchen Gelderland < 7,0 m/s Wijdemeren Noord-Holland < 7,0 m/s Wijk bij Duurstede Utrecht < 7,0 m/s Winterswijk Gelderland < 7,0 m/s Woensdrecht Noord-Brabant < 7,0 m/s Woudenberg Utrecht < 7,0 m/s Zeewolde Flevoland < 7,0 m/s Zeist Utrecht < 7,0 m/s Zevenaar Gelderland < 7,0 m/s Zundert Noord-Brabant < 7,0 m/s Zutphen Gelderland < 7,0 m/s Zwijndrecht Zuid-Holland < 7,0 m/s

🔗 Naar officiële bron

AI-uitleg op basis van de officiële wettekst. Indicatief, vervangt geen juridisch advies.