Terrassenbeleid gemeente Kampen Inleiding 1. Aanleiding opschrijven beleid Goed ingerichte terrassen zorgen voor een gezellig straatbeeld en dragen bij aan de aantrekkelijkheid van de openbare ruimte. Met terrassen wordt voorzien in een maatschappelijke en toeristische behoefte. De gemeente Kampen wil graag meewerken, echter Als gemeente heb je meerdere belangen te dienen en aspecten te wegen. Het belang van de horeca-ondernemers is bijvoorbeeld anders dan het belang van omwonenden. Verder zijn er allerlei aspecten die een rol moeten spelen bij de beoordeling van een vergunningaanvraag. Een aantal spelregels kan een handvat bieden voor een evenwichtige afweging van relevante belangen. De regels kunnen betrekking hebben op bijvoorbeeld: verkeersveiligheid; openbare orde; uiterlijk aanzien; woon- en leefgenot; Met het in deze nota geformuleerde beleid wordt een kader geschapen voor de wijze waarop in de gemeente Kampen wordt omgegaan met terrassen. 2.Instrumenten Voor het voeren van beleid staan een aantal instrumenten tot de beschikking. Genoemd worden de Algemene plaatselijke verordening Kampen 2001 (hierna: APV), het bestemmingsplan en nadere regelgeving waaronder bijvoorbeeld de Drank & horecawetgeving. 3.Beleidsdoelstelling Het beleid dat in deze notitie wordt beschreven is gebaseerd op een aantal uitgangspunten. Deze vormen samen de doelstelling van het beleid. Het betreft: verlevendiging van de stad Kampen en de omliggende dorpen binnen de gemeente door toename terrassen; verhoging van de kwaliteit van terrassen in de openbare ruimte; evenwicht tussen positieve en negatieve effecten als gevolg van terrassen 4.Definities en bereik van het terrassenbeleid Terrassen kunnen - met toepassing van dit beleid - worden toegestaan bij horecabedrijven. De definities van de begrippen "horecabedrijf en "terras" die worden gehanteerd zijn alsvolgt (ontleend aan artikel 2.3.1.1 van de Algemene Plaatselijke Verordening Kampen 2001): Horecabedrijf: De voor het publiek toegankelijke, besloten ruimte waarin bedrijfsmatig of in een omvang alsof zij bedrijfsmatig was logies worden verstrekt of dranken worden geschonken of rookwaren of spijzen voor directe consumptie worden bereid of verstrekt. Onder een horecabedrijf wordt in ieder geval verstaan: een hotel, restaurant, pension, caf é , cafetaria, snackbar, discotheek, buurthuis of clubhuis. Ook wanneer horeca-activiteiten in combinatie met andere (bedrijfsmatige- )activiteiten plaatsvinden, zoals bijvoorbeeld een coffeecorner bij een warenhuis, kan sprake zijn van uitoefening van het horecabedrijf, mits (overigens) passend binnen de gegeven definitie. Terras: Een buiten de besloten ruimte van de inrichting liggend deel van het horecabedrijf waar zitgelegenheid kan worden geboden en waartegen vergoeding dranken kunnen worden geschonken en/of spijzen voor directe consumptie kunnen worden bereid en/of verstrekt. Het incidenteel plaatsen van terrassen - ook anders dan bij horecabedrijven - kan tenslotte worden vergund in afwijking van het beleid zoals vervat in dit terrassenbeleid (bijv. bij evenementen). 5.Handhaving Op de naleving van de regels zal consequent moeten worden toegezien, wil de doelstelling van het beleid gehaald worden. Hierin ligt een gezamenlijke taak voor de gemeente en politie. 6.Gebruik gemeentegrond Voor het gebruik van de openbare ruimte is een vergoeding verschuldigd. In de Verordening op de heffing en invordering van precariobelasting zijn de financiële verplichtingen ter zake vastgelegd. 7.(Toepassen) Beleidsregels en overig beleid Bij de opstelling van het terassenbeleid (de beleidsregels) is rekening gehouden met concrete zaken uit vastgesteld beleid, zoals het Beeld Kwaliteitsplan Kampen Oudestraat, het Gemeentelijk Verkeers- en Vervoersplan (GWP) en het Masterplan toerisme. Toetsing van vergunningaanvragen vindt na vaststelling van de beleidsregels primair op grond daarvan plaats. Dit laat onverlet dat een gevraagde vergunning kan worden geweigerd vanwege strijdigheid met (meer algemene) beleidsuitgangspunten als bedoeld in (bijvoorbeeld) bovengenoemde beleidsdocumenten. Voor zover uitvoering van de beleidsregels in een specifieke situatie daartoe aanleiding geeft, heeft het college de bevoegdheid daarvan gemotiveerd van af te wijken. 8.Procedure vergunningverlening Aanvragen om vergunning dienen schriftelijk te worden ingediend. Een tekening (op schaal) dient te worden bijgevoegd. Toetsing vindt integraal plaats, waarbij zowel intern als extern (politie) advies kan worden gevraagd. Een besluit op de vergunningaanvraag wordt genomen door de burgemeester danwei burgemeester en wethouders (ieder voor zover bevoegd). Bij de behandeling van vergunningaanvragen worden de algemene procedureregels uit de (dan) geldende Algemene Plaatselijke Verordening alsook de Algemene wet bestuursrecht in acht genomen. Beleidsregels voor het plaatsen van terrassen op de openbare weg Ten aanzien van het plaatsen van terrassen worden de volgende beleidsregels geformuleerd, waarbij uitgegaan wordt van de normale omstandigheden. In bijzondere gevallen kan worden afgeweken van deze beleidsregels. Beleidsregel 1: Obstakelvrije zone op en boven de openbare weg Normale omstandigheden in acht genomen kunnen terrassen niet geplaatst worden op de voor de rijbaan bestemde gedeelten van de openbare weg. Op de voor de voetgangers bestemde gedeelten van de openbare weg zijn wel mogelijkheden, waarbij de absolute minimum-norm voor een vrije ruimte van 1,5 meter gehanteerd wordt. Op plaatsen waar dit, in verband de intensiteit van het gebruik door voetgangers, nodig is wordt de minimumnorm naar boven bijgesteld. Dit met inachtneming van de Richtlijn integrale toegankelijkheid openbare ruimte. De vrije ruimte boven dit gedeelte dient minimaal 2,60 meter te bedragen; een zonneluifel mag dus nooit lager hangen. In bijzondere gevallen (evenementen) kan in afwijking van het bovenstaande het gebruik van de voor de rijbaan bestemde gedeelten van de openbare weg ten behoeve van de exploitatie van een terras toestaan. Hierbij speelt het waarborgen van de toegang voor direct aanwonenden en ook de veiligheidsdiensten een belangrijke rol. Een minimale doorgang van 4,0 meter is vereist. Beleidsregel 2: minimale diepte van terrassen Het in acht nemen van de obstakelvrije zone van minimaal 1,5 meter kan tot gevolg hebben dat de mogelijkheid van het exploiteren van een terras beperkt wordt tot een gebruik van minder dan 1 meter. Hoewel het plaatsen van terrasmeubilair dan nog wel mogelijk is, zal dit in de praktijk ten koste gaan van de obstakelvrije zone ten gevolge van het gebruik door bezoekers. Gelet hierop wordt tegelijkertijd een minimale diepte voor een terras vastgesteld, die -naast de obstakelvrije zone - beschikbaar moet zijn voor het exploiteren van een terras. Deze dient zodanig te zijn dat in alle redelijkheid een terras kan worden geëxploiteerd. In een optimale situatie is een diepte van 2 meter de norm. Wanneer dit tot gevolg heeft dat een bepaald terras niet gerealiseerd zou kunnen worden, kan het college overwegen een minimale diepte van 1.50 meter aan te houden. Voor zover een terras direct aansluitend aan de gevel wordt gesitueerd kan een terrasdiepte van 1 meter worden toegestaan. Anderszins behoort de exploitatie van een terras niet tot de mogelijkheden. Beleidsregel 3: Situering terrassen Voor vergunning in aanmerking komende terrassen zijn gesitueerd in de onmiddellijke omgeving van het horecabedrijf, (direct) aansluitend aan de voor- of zijgevel van het pand en niet daarbuiten. Met schriftelijke toestemming van de eigena(a)r(en)/gebruiker(
AI-uitleg op basis van de officiële wettekst. Indicatief, vervangt geen juridisch advies.