Verordening op de heffing en invordering van precariobelasting 2011 De raad van de gemeente Veenendaal; gelezen het voorstel van burgemeester en wethouders van 21 september 2010, nummer 2010.00103-5; gelet op: artikel 228 van de Gemeentewet; besluit: vast te stellen de Verordening op de heffing en invordering van precariobelasting 2011 (verordening precariobelasting 2011); Artikel 1 Begripsomschrijvingen Deze verordening verstaat onder: a.jaar: een kalenderjaar; b.kwartaal: een kalenderkwartaal; c.maand: een kalendermaand; d.week: een periode van zeven achtereenvolgende dagen; e.dag: een periode van 24 uren, aanvangende te 0.00 uur, of een gedeelte daarvan; f.uur: een periode van 60 achtereenvolgende minuten; g.rijwielstalling: een van gemeentewege ingerichte rijwielbewaarplaats. Artikel 2 Belastbaar feit Onder de naam precariobelasting wordt een directe belasting geheven ter zake van het hebben van voorwerpen onder, op of boven voor de openbare dienst bestemde gemeentegrond, bedoeld of genoemd in deze verordening en de daarbij behorende tarieventabel. Artikel 3 Belastingplicht
- De precariobelasting wordt geheven van degene die één of meer voorwerpen heeft onder, op of boven voor de openbare dienst bestemde gemeentegrond, dan wel van degene ten behoeve van wie die voorwerpen onder, op of boven voor de openbare dienst bestemde gemeentegrond aanwezig zijn.
- In afwijking in zoverre van het eerste lid wordt, indien de gemeente een vergunning heeft verleend voor het hebben van het voorwerp of de voorwerpen onder, op of boven voor de openbare dienst bestemde gemeentegrond, degene aan wie de vergunning is verleend of diens rechtsopvolger aangemerkt als degene bedoeld in het eerste lid, tenzij blijkt dat hij niet het voorwerp of de voorwerpen onder, op of boven voor de openbare dienst bestemde gemeentegrond heeft. Artikel 4 Vrijstellingen De precariobelasting wordt niet geheven ter zake van het hebben van: voorwerpen, welke ingevolge een wettelijk voorschrift, een overeenkomst of anderszins rechtens moeten worden gedoogd; voorwerpen, waarvoor de gemeente een recht heft op grond van artikel 229, eerste lid, onderdeel a, van de gemeentewet, dan wel een privaatrechtelijke vergoeding is overeengekomen; voorwerpen, waarvan de gemeente genothebbende krachtens eigendom, bezit of beperkt recht is, met uitzondering van voorwerpen die in het gebruik zijn bij een derde; van borden, masten en palen en dergelijke voorwerpen, die in verband met de verkiezingen van publiekrechtelijke lichamen zijn aangebracht; voorwerpen waarvoor krachtens andere belastingverordeningen betaling aan de gemeente moet geschieden. Artikel 5 Maatstaf van heffing en belastingtarief De precariobelasting wordt geheven naar de maatstaven en de tarieven opgenomen in de bij deze verordening behorende tarieventabel, met inachtneming van het overigens in deze verordening bepaalde. Artikel 6 Berekening van de precariobelasting
- Onverminderd het bepaalde in artikel 10 wordt voor de berekening van de precariobelasting een gedeelte van een in de tarieventabel genoemde eenheid als een volle eenheid aangemerkt.
- Indien een tarief per oppervlakte is vastgesteld, wordt de precariobelasting berekend naar de oppervlakte van de horizontale projectie van de voorwerpen, tenzij anders is bepaald.
- De oppervlakte van andere dan rechthoekige voorwerpen wordt gesteld op het product van de twee aangrenzende zijden van een om het voorwerp geplaatste denkbeeldige rechthoek.
- Indien in de tarieventabel voor het hebben van voorwerpen zowel een jaar-, maand-, week als dagtarief is opgenomen, is voor de berekening van de precariobelasting het tarief van toepassing dat het meest aansluit bij een ter zake door de gemeente verleende vergunning. In de gevallen waarin geen vergunning is verleend, geldt het tarief voor de kleinste tijdseenheid. Artikel 7 Belastingtijdvak
- Indien de precariobelasting naar jaartarieven wordt geheven is het belastingtijdvak gelijk aan het kalenderjaar.
- In andere dan in het eerste lid bedoelde gevallen, is het belastingtijdvak de aaneengesloten periode gedurende welke het belastbaar feit zich voordoet of heeft voorgedaan. Artikel 8 Wijze van heffing De precariobelasting wordt geheven door middel van een nota. Artikel 9 Ontstaan van de belastingschuld en heffing naar tijdsgelang
- De naar jaartarieven geheven precariobelasting als bedoeld in artikel 7, eerste lid, is verschuldigd bij de aanvang van het belastingtijdvak of, zo dit later is, bij de aanvang van de belastingplicht.
- De tarieven precariobelasting als bedoeld in artikel 7, tweede lid, is verschuldigd bij het einde van het belastingtijdvak.
- Indien de belastingplicht in de loop van het belastingtijdvak aanvangt is de naar jaartarieven geheven precariobelasting verschuldigd voor zoveel twaalfde gedeelten van de voor dat tijdvak verschuldigde belasting als er in dat tijdvak, na de aanvang van de belastingplicht, nog volle kalendermaanden overblijven.
- Indien de belastingplicht in de loop van het belastingtijdvak eindigt, bestaat aanspraak op ontheffing voor de naar jaartarieven geheven precariobelasting voor zoveel twaalfde gedeelten van de voor dat tijdvak verschuldigde precariobelasting als er in dat tijdvak, na het einde van de belastingplicht, nog volle kalendermaanden overblijven, tenzij blijkt dat het bedrag van de ontheffing minder bedraagt dan € 10,
- Belastingbedragen van minder dan € 10,00 worden niet geheven. Artikel 10 Termijnen van betaling
- De belasting moet worden betaald binnen een maand na dagtekening van de toe te zenden nota.
- De Algemene termijnenwet is niet van toepassing op de in het voorgaande lid gestelde termijn. Artikel 11 Kwijtschelding Bij de invordering van de precariobelasting wordt geen kwijtschelding verleend. Artikel 12 Nadere regels door het college van burgemeester en wethouders Het college van burgemeester en wethouders kan nadere regels geven met betrekking tot de heffing en de invordering van de precariobelasting. Artikel 13 Inwerkingtreding en citeertitel
- De 'Verordening precariobelasting 2010' van 5 november 2009 wordt ingetrokken met ingang van de in het derde lid genoemde datum van ingang van de heffing, met dien verstande dat zij van toepassing blijft op de belastbare feiten die zich voor die datum hebben voorgedaan.
- Deze verordening treedt in werking met ingang van de tweede dag na die van de bekendmaking.
- De datum van ingang van de heffing is 1 januari
- Deze verordening wordt aangehaald als de 'Verordening precariobelasting 2011'. Vastgesteld in de openbare vergadering van 11 november 2010, raadsgriffier - de heer drs. P.W. Bannink voorzitter - de heer mr. T. Elzenga Bijlage Tarieventabel Nummer Omschrijving Eenheid Tarief 00 Algemeen tarief 00.001 Voorwerpen waarvoor onder de volgende nummers niet in een bijzonder tarief is voorzien per m² per jaar € 19,15 00.002 Als onder 00.001 per m² per maand € 1,90 00.003 Als onder 00.001 per m' per jaar € 9,40 00.004 Als onder 00.001 per m' per maand € 1,00 00.005 Als onder 00.001 per stuk per jaar € 27,55 10 Bouwmaterialen 10.001 Bouwmaterialen, andere dan die welke genoemd onder 10.003 per m² per maand € 1,90 10.002 Als onder 10.001 per m² per week € 1,00 10.003 Schuttingen en hekwerken per m² per maand € 1,90 20 Voertuigen e.d. 20.001 Voertuigen, containers, opleggers, chassis en aanhangwagens per m² per maand € 1,90 20.002 Caravans, vouwwagens en andere voertuigen bestemd voor recreatie per m² per maand € 1,90 20.003 Containers per m² per maand € 1,90 30 Buizen en kabels 30.001 Buizen en transportleidingen per m' per jaar € 9,34 30.002 Als onder 30.001 per m' per maand € 1,00 30.003 Als onder 30.001 per m' per week € 0,55 30.004 Kabels per m' per jaar € 9,40 30.005 Als onder 30.004 per m' per maand € 1,00 30.006 Als onder 30.004 per m' per week € 0,55 30.007 Waterleidingbuizen per m' per jaar € 9,40 30.008 Gasbuizen met een werkdruk van 10 bar per m' per jaar € 9,40 40 Uitstallen 40.001 Uitstallen en goederen per m² per jaar € 215,80 40.002 Als onder 40.001 per m² per maand € 21,60 40.003 Als onder 40.001 per m² per dag € 2,10 50 Automaten 50.001 Automatische weeg, verkoop of andere toestellen, over de frontoppervlakte per stuk per jaar € 23,20 50.002 Als onder 50.001 per stuk per maand € 2,30 60 Aankondigingen 60.001 Reclame of andere aankondigingen, zonder kunstverlichting per stuk per jaar € 58,20 60.002 Als onder 60.001 per stuk per maand € 5,70 60.003 Reclame of andere aankondigingen, met kunstverlichting per stuk per jaar € 87,35 60.004 Als onder 60.003 per stuk per maand € 8,85 70 Diverse voorwerpen 70.001 Stoeptreden per stuk per jaar € 19,15 70.002 Hijsbalken en kikkers per stuk per jaar € 27,55 70.003 Funderingen, koekoeken, perrons, vlonders plankieren, steigers, leidingviaducten per stuk per jaar € 9,55 70.004 Luifels, erkers, uitbouwen en dergelijke onderdelen van gebouwde eigendommen per stuk per jaar € 9,55 70.005 Spoorrails per m' per jaar € 9,55 70.006 Rolluiken, luidsprekers, ventilatiekasten per stuk per jaar € 27,55 70.007 Markiezen, zonneschermen per stuk per jaar € 27,55 70.008 Terras per m² per jaar € 24,95 70.009 Als onder 70.008 per m² per maand € 2,25 70.010 Als onder 70.008 per m² per week € 1,00 70.011 Installatie tot verkoop van motorbrandstof per installatie per jaar € 546,40 70.012 Vermeerderd met voor elk bijbehorend aftappunt per jaar € 91,10 70.013 Verplaatsbaar aftappunt voor motorbrandstof of olie per aftappunt per jaar € 64,15 70.014 Reservoir, al dan niet behorende bij een installatie tot verkoop van motorbrandstof per jaar € 91,10 70.015 Mast of paal, ter bevestiging van boven de voor de openbare dienst bestemde gemeentegrond gemaakte werken per stuk per jaar € 26,50 Behorende bij de verordening precariobelasting 2011, vastgesteld bij raadsbesluit d.d. 11 november 2010, raadsgriffier - de heer drs. P.W. Bannink voorzitter - de heer mr. T. Elzenga