Verordening op de weekmarkten Reimerswaal 2011De raad van de gemeente Reimerswaal; Gelezen het voorstel van het college van burgemeester en wethouders van 8 april 2011, kenmerk 11.006868; Gelet op artikel 147, eerste lid en artikel 149 van de Gemeentewet; Overwegende dat het wenselijk is regels te stellen voor een ordelijk verloop van de markt(en); besluit: vast te stellen de navolgende Verordening op de weekmarkten Reimerswaal 2011 Hoofdstuk1Algemene bepalingen Artikel1Begripsbepalingen In deze verordening wordt verstaan onder: a. markt: de door het college ingestelde warenmarkt.b. marktterrein: de gehele oppervlakte openbare of voor het publiek toegankelijke grond die door het college is aangewezen voor het uitvoeren van de markthandel.c. standplaats: de ruimte die voor de duur van de weekmarkt op het marktterrein is aangewezen voor het uitoefenen van de markthandel.d. vaste standplaats: de standplaats die op de weekmarkt voor onbepaalde tijd ter beschikking wordt gesteld aan een vergunninghouder.e. dagplaats: de standplaats die per marktdag ter beschikking wordt gesteld aan een vergunninghouder, omdat deze niet als vaste standplaats is toegewezen dan wel ingenomen.f. standwerken: de activiteit waarbij de vergunninghouder publiek om zich heen verzamelt en dat publiek door een aansprekende uiteenzetting probeert over te halen tot aankoop van een artikel. Het betreft een artikel dat niet regulier op de weekmarkt verkrijgbaar is.g. standwerkersplaats: de standplaats die per marktdag ter beschikking wordt gesteld om te standwerken.h. vergunninghouder: degene aan wie door het college vergunning is verleend voor het innemen van een standplaats.i. wachtlijst: de lijst van gegadigden voor een vaste standplaats.j. anciënniteitslijst: de lijst van vergunninghouders van een vaste standplaats.k. standwerkerslijst: registratie van gegadigden voor toewijzing van een standwerkersplaats.l. marktmeester: de persoon die als zodanig is aangewezen door het college van burgemeester en wethouders.m. marktcommissie: de commissie als genoemd in artikel 4 van deze verordening.n. branche-indeling: de indeling in artikelengroepen en het aantal vastgestelde vaste plaatsen per artikelengroep.o. het college: het college van burgemeester en wethouders. In deze verordening wordt de mannelijke persoonsvorm gebruikt, waar dat het geval is wordt de vrouwelijke persoonsvorm geacht er in zijn te begrepen. Artikel2Indeling van de markt; branche-indeling 1Het college bepaalt ten aanzien van de markt:a. het aantal standplaatsen;b. de afmetingen van de standplaatsen;c. de opstelling en indeling van de markt. 2Het college kan voor de markt vaststellen:a. een lijst met artikelengroepen of branches;b. een maximum aantal standplaatsen per branche. Artikel3Nadere regels Het college is bevoegd nadere regels te stellen betreffende het bepaalde in deze verordening. Artikel4Marktcommissie 1Er is een adviescommissie, genaamd “marktcommissie”, die tot taak heeft burgemeester en wethouders op hun verzoek van advies te dienen omtrent zaken de markt betreffende. 2De commissie is bevoegd eigener beweging burgemeester en wethouders ter zake van advies te dienen. 3Burgemeester en wethouders kunnen nadere regels stellen met betrekking tot de werkwijze van de commissie. 4De commissie bestaat behalve uit andere door de burgemeester en wethouders aan te wijzen leden uit tenminste drie door de burgemeester en wethouders aan te wijzen leden, te weten één of meer vertegenwoordigers van (een) representatieve organisatie(s) van marktkooplieden en één of meer standplaatshouders, alsmede de marktmeester(s). 5Voor elk van de leden van de commissie kunnen burgemeester en wethouders een plaatsvervanger aanwijzen. 6De leden hebben zitting gedurende vier jaren en treden tegelijkertijd af. Zij kunnen terstond worden herbenoemd. Een lid dat is benoemd ter vervulling van een tussentijds opengevallen plaats, treedt af op het tijdstip waarop degene in wiens plaats hij is benoemd, zou zijn afgetreden. 7Burgemeester en wethouders wijzen uit hun midden een voorzitter en een plaatsvervangend voorzitter aan. 8Burgemeester en wethouders voegen een gemeenteambtenaar als secretaris aan de commissie toe. Artikel5Voorschriften en beperkingen 1Het college kan voorschriften en beperkingen verbinden aan een krachtens deze verordening verleende vergunning of ontheffing, ter bescherming van de belangen in verband waarmee de vergunning of ontheffing is vereist. 2Degene aan wie krachtens deze verordening een vergunning of ontheffing is verleend, is verplicht de daaraan verbonden voorschriften en beperkingen in acht te nemen. Hoofdstuk2Vergunningen Artikel6Standplaatsvergunning Het is verboden een standplaats op de markt in te nemen zonder vergunning van het college. Artikel7Toewijzing standplaatsen Een standplaats wordt toegewezen als vaste plaats, dagplaats of standwerkersplaats, rekening houdend met de branche-indeling, genoemd in artikel 2 van deze verordening. Artikel8Vereisten Voor toewijzing van een standplaats komt uitsluitend in aanmerking een handelsbekwaam natuurlijk persoon die een aanvraag voor een vergunning heeft ingediend bij het college en die daarbij tevens aantoont dat hij persoonlijk voldoet aan alle publiekrechtelijke verplichtingen op het gebied van bedrijfsuitvoering en bedrijfsorganisatie. Artikel9Intrekking vergunning voor vaste standplaats 1Het college trekt een vergunning voor een vaste standplaats in:a. op schriftelijk verzoek van de vergunninghouder;b. bij overlijden van de vergunninghouder, tenzij op grond van artikel 15 de vergunning wordt overgeschreven. 2Het college kan een vergunning voor een vaste standplaats intrekken:a. indien ter verkrijging daarvan onjuiste dan wel onvolledige gegevens zijn verstrekt;b. indien de vergunninghouder niet meer voldoet aan de in artikel 8 genoemde vereisten. 3Indien degene op een vergunning ingevolge artikel 15 is overgeschreven, reeds vergunning heeft voor een andere vaste standplaats op dezelfde markt, wordt laatstgenoemde vergunning ingetrokken. Artikel10Inhoud vaste standplaats 1Een vergunning voor een vaste standplaats vermeldt in ieder geval:a. de naam en voorletters, de geboortedatum en geboorteplaats, het adres en de woonplaats van de vergunninghouder; b. een duidelijke omschrijving van de toegewezen vaste standplaats met vermelding van het nummer en de afmetingen daarvan;c. de verkoopmaterialen die de vergunninghouder bij het innemen van de standplaats mag gebruiken;d. het soort artikelen dat de vergunninghouder mag verhandelen of de branche waartoe de vergunninghouder behoort;e. de datum waarop aan de vergunninghouder voor het eerst vergunning is verleend en het volgnummer op de anciënniteitslijst. 2Aan de vergunning wordt een middel ter identificatie gehecht. Artikel11Inschrijving op de anciënniteitslijst Vergunninghouders van vaste standplaatsen worden ingeschreven op een doorlopend genummerde lijst met vermelding van en in volgorde van de datum waarop aan hen voor het eerst een vaste standplaats is toegewezen. Bij deze inschrijving wordt tevens vermeld de soort artikelen die de vergunninghouder mag verhandelen of de branche waartoe hij behoort. Artikel12Inschrijving op de wachtlijst 1Het college schrijft de aanvrager op zijn verzoek in op de wachtlijst, indien hij voldoet aan de in artikel 8 gestelde vereisten, maar aan hem geen vaste standplaats kan worden toegewezen. 2Het college vermeldt bij de inschrijving in ieder geval:a. de naam en voorletters, de geboortedatum en geboorteplaats, het adres en de woonplaats van de aanvrager;b. de datum waarop de aanvraag door het college is ontvangen;c. de soort artikelen die de aanvrager wil verhandelen en de branche waartoe hij behoort;d. de verkoopmaterialen die de aanvrager wil gebruiken. 3Het college verstrekt de aanvrager een schriftelijk bewijs van inschrijving op de wachtlijst. Artikel13Doorhalen van de inschrijving op de wachtlijst De inschrijving op de wachtlijst wordt doorgehaald:a. op schriftelijk verzoek van de ingeschrevene;b. bij overlijden van de ingeschrevene;c. wanneer aan de ingeschrevene een vergunning voor een vaste standplaats is verleend, tenzij hij deze op grond van bijzondere omstandigheden niet aanvaardt;d. indien niet meer aan de vereisten van artikel 8 wordt voldaan. Artikel14Volgorde toewijzing vaste standplaatsen Indien voor de toewijzing van een vaste standplaats meer aanvragers in aanmerking komen, wordt de standplaats achtereenvolgens toegewezen aan:a. de vergunninghouder van een vaste standplaats die aan het college schriftelijk de wens te kennen heeft gegeven van standplaats te willen veranderen, in volgorde van plaatsing op de anciënniteitslijst;b. degene die zich op de wachtlijst heeft laten inschrijven in volgorde van inschrijving op deze lijst. Artikel15Overschrijving vergunning voor vaste standplaats 1In geval van overlijden of blijvende arbeidsongeschiktheid van de vergunninghouder kan de vergunning voor de vaste standplaats worden overgeschreven op de achterblijvende echtgenoot, de geregistreerde partner of een ander achterblijvende persoon met wie hij duurzaam samenwoonde. 2Indien de vergunning niet kan worden overgeschreven op grond van het eerste lid, kan een kind van de vergunninghouder de vergunning voor een vaste standplaats krijgen indien hij tenminste drie jaar in loondienst van het marktbedrijf van de vergunninghouder heeft gewerkt of gedurende eenzelfde periode als mede-eigenaar in dit bedrijf heeft gefunctioneerd en zich heeft laten inschrijven op de wachtlijst. 3Een aanvraag tot overschrijving wordt ingediend binnen twee maanden na het overlijden van de vergunninghouder of nadat blijvende arbeidsongeschiktheid is vastgesteld. 4Het college is bevoegd in bijzondere omstandigheden af te wijken van het bepaalde in dit artikel. Artikel17Toewijzing dagplaats 1Toewijzing van een dagplaats geschiedt door de marktmeester op het moment dat een standplaats niet als vaste standplaats wordt ingenomen. 2Een dagplaats wordt toegewezen overeenkomstig de plaats op de wachtlijst van de gegadigden die zich daarvoor op de dag zelf een uur vóór aanvang van de markt aanmelden bij de marktmeester. Artikel18Toewijzing standwerkersplaats De toewijzing van standwerkersplaatsen geschiedt bij door burgemeester en wethouders per marktdag af te geven vergunningen. Genoemde afgifte geschiedt bij aanmelding, telefonisch of anderszins, op de marktdag een week voorafgaande aan de marktdag, waarvoor vergunning wordt verleend, in volgorde van aanmelding. Hoofdstuk3Bepalingen over het gebruik van de standplaats Artikel19Persoonlijk innemen standplaats; bijstand 1De vergunninghouder neemt de standplaats die hem is toegewezen persoonlijk in. Hij mag de standplaats niet aan een ander afstaan of in gebruik geven. 2De vergunning houder mag zich op die standplaats doen bijstaan. 3De vergunninghouder en degene die hem bijstaat mogen zich niet schuldig maken aan wangedrag of bedrog. Artikel20Aantal keren innemen vaste standplaats De vergunninghouder van een vaste standplaats neemt tenminste eenmaal per twee weken en tienmaal per dertien weken zijn standplaats op de markt in, dit met inachtneming van het bepaalde in de artikelen 21 en 22. Artikel21Afwezigheid wegens ziekte, vakantie of bijzondere omstandigheden 1De vergunninghouder van een vaste standplaats die wegens ziekte, vakantie of bijzondere omstandigheden verhinderd is zijn vaste standplaats in te nemen, deelt dit mee aan de marktmeester. Bij vakantie geeft de vergunninghouder aan hoe lang zijn afwezigheid duurt. 2De mededeling wordt tijdig voor de betreffende marktdag gedaan. Plotselinge verhindering wordt mondeling of telefonisch aan de marktmeester gemeld. Artikel22Ontheffing en vervanging 1In geval van ziekte, vakantie of bijzondere omstandigheden kan het college op aanvraag van de vergunninghouder van een vaste standplaats hem tijdelijk ontheffing verlenen van de verplichting tenminste eenmaal per twee weken en tenminste tienmaal per dertien weken de standplaats op de markt in te nemen. 2Het college kan op aanvraag van de vergunninghouder hem vergunning verlenen zich op zijn standplaats te laten vervangen door een met name genoemd persoon. Artikel23Legitimatie en identiteit vergunninghouder Degene die een standplaats op de markt inneemt of wenst in te nemen, dient op eerste aanvraag van de marktmeester aan te tonen dat hij de vergunninghouder is. Artikel24Tijdstip innemen standplaats / aan- en afvoer goederen 1Het is verboden voor vergunninghouders op het marktterrein meer dan 1 uur voor aanvang en meer dan 1 uur na afloop van de markt met een voertuig, goederen of anderszins ruimte in te nemen of goederen aan of af te voeren. 2De vergunninghouder is verplicht zijn standplaats tot sluitingstijd van de markt te blijven innemen. De marktmeester kan in bijzondere gevallen te zijner beoordeling van deze verplichting ontheffing verlenen. 3Indien de vergunninghouder zijn vaste plaats niet bij aanvang van de markt heeft ingenomen wordt deze standplaats als dagplaats aangemerkt, tenzij de marktmeester de standplaats op tijdig verzoek van de vergunninghouder voor hem beschikbaar houdt. Artikel25Voertuigen 1Gelet op de beschikbare ruimte en in het belang van de orde op de markt is het verboden met een (motor)voertuig te rijden en te parkeren op het marktterrein van Kruiningen op dindsdag van 12.00 uur tot 18.00 uur en op het marktterrein van Yerseke op vrijdag van 07.00 uur tot 13.30 uur. 2Het rij- en parkeerverbod geldt niet ten aanzien van de vergunninghouder voor zover het berijden van het marktterrein met een motorvoertuig betreft voor het aan- en afvoeren van goederen of waren op de markt. Artikel26Aanwijzingen marktmeester, politie en brandweer Iedere vergunninghouder is verplicht zich te houden aan de aanwijzingen die door de marktmeester en/of de politie en/of de brandweer ter handhaving van de orde en de veiligheid op de markt worden gegeven. Hoofdstuk4Straf-, overgangs- en slotbepalingen Artikel27Strafbepaling Overtreding van het bepaalde bij of krachtens deze verordening wordt gestraft met een geldboete van de tweede categorie of hechtenis van ten hoogste twee maanden en kan bovendien worden gestraft met openbaarmaking van de rechterlijke uitspraak. Artikel28Intrekking en schorsing vergunning vaste standplaats Onverminderd het bepaalde in artikel 9 kan het college een vergunning voor een vaste standplaats, al dan niet voorwaardelijk, intrekken dan wel telkens voor ten hoogste vier achtereenvolgende marktdagen schorsen, indien de vergunninghouder of degene die hem bijstaat:a. het bepaalde bij of krachtens deze verordening of de voorschriften van de vergunning overtreedt;b. zich schuldig maakt aan wangedrag of bedrog;c. niet of niet tijdig het verschuldigde marktgeld voldoet, dat wordt geheven op grond van artikel 229 van de Gemeentewet. Artikel29Uitsluiting dagplaatshouder of standwerker Het college kan een vergunninghouder van een dagplaats of een standwerkersplaats van de toewijzing van een dagplaats of een standwerkersplaats uitsluiten voor ten hoogste vier achtereenvolgende marktdagen indien deze:a. het bepaalde bij of krachtens deze verordening overtreedt;b. zich op de markt schuldig maakt aan wangedrag of bedrog;c. niet als standwerker actief is op de hem toegewezen standwerkersplaats;d. niet of niet tijdig het verschuldigde marktgeld voldoet, dat wordt geheven op grond van artikel 229 van de Gemeentewet. Artikel30Onmiddellijke verwijdering Onverminderd de bevoegdheid in artikel 125 van de Gemeentewet aan het college kan de marktmeester, indien hij dit noodzakelijk acht, een vergunninghouder gelasten zich onmiddellijk van de markt te verwijderen, indien hij:a. het bepaalde bij of krachtens deze verordening of de voorschriften van de vergunning overtreedt;b. zich op de markt schuldig maakt aan wangedrag of bedrog;c. niet als standwerker actief is op een hem toegewezen standwerkersplaats. Artikel31Toezichthouders Met het toezicht op de naleving van het bepaalde bij of krachtens deze verordening zijn belast de bij besluit van het college aangewezen personen. Artikel32Overgangsbepalingen 1Besluiten van het college die genomen zijn krachtens de marktverordening Reimerswaal, vastgesteld bij raadsbesluit 30 maart 1999, gelden als besluiten genomen krachtens deze verordening. 2Indien voor het tijdstip van inwerkingtreding van deze verordening een aanvraag om vergunning op grond van de marktverordening Reimerswaal, vastgesteld bij raadsbesluit 30 maart 1999 is ingediend en voor het tijdstip van inwerkingtreding van deze verordening niet definitief op de aanvraag is beslist, wordt daarop deze verordening toegepast. Artikel33Inwerkingtreding 1Deze verordening treedt in werking op 1 mei 2011. 2De Marktverordening Reimerswaal 1999, vastgesteld op 30 maart 1999 en daarin aangebrachte wijzigingen, wordt ingetrokken. Artikel34Citeertitel Deze verordening wordt aangehaald als: Marktverordening weekmarkten Reimerswaal 2011. Aldus vastgesteld in de raadsergadering van 19 april 2011. de raad van de gemeente Reimerswaal de griffier,T. Jansen de voorzitter, A.J. Huisman
AI-uitleg op basis van de officiële wettekst. Indicatief, vervangt geen juridisch advies.