← Nederland

Herziene Mandaatregeling Opsterland 2010 (Opsterland)

Herziene Mandaatregeling Opsterland 2010Herziene Mandaatregeling Opsterland 2010 Het college van burgemeester en wethouders, de burgemeester, de heffingsambtenaar en de invorderingsambtenaar van de gemeente Opsterland, ieder voor zover het zijn bevoegdheid betreft; gelet op de algemene bepalingen ten aanzien van mandaat zoals opgenomen in afdeling 10.1.1 van de Algemene wet bestuursrecht; gelet op het feit dat het wenselijk is op zo ruim mogelijke schaal gebruik te maken van de mogelijkheden van mandaat, waarbij de verantwoordelijkheid - in eerste lijn - voor de afdoening van daarvoor in aanmerking komende routinematige en technische, niet-politieke beslissingen bij de ambtelijke organisatie wordt gelegd, opdat: slagvaardig(

  1. er)kan worden gehandeld en burgers sneller en doeltreffender geholpen kunnen worden; bestuursorganen minder uitvoerend bezig zijn, waardoor de werklast van bestuurders wordt verlicht en er meer tijd beschikbaar komt voor het uitzetten van hoofdlijnen van beleid; de deskundigheid in het apparaat optimaler benut kan worden; de verantwoordelijkheden extern en intern duidelijker tot uitdrukking kunnen komen; besluiten vast te stellen de volgende Herziene Mandaatregeling Opsterland 2010 Artikel1Begripsbepaling Activiteitenplan: een door het college vastgesteld, en op de begroting gebaseerd, overzicht waarbij per activiteit is aangegeven welk budget daarvoor beschikbaar is, en welke functionaris daarvoor budgethouder en/of deelbudgethouder is; (Deel)budgethouder: hij of zij die door het college is aangewezen als ambtenaar die verantwoordelijk is voor een bij een product behorend (deel)budget; Mandaat: het in naam van het bevoegde bestuursorgaan nemen van besluiten; Mandaatgever: het bestuursorgaan dat mandaat verleent; Mandataris: degene aan wie het mandaat wordt verleend; Ondermandaat: de bevoegdheid van een mandataris om het mandaat aan een derde over te dragen. Uitvoerend ambtenaar: degene die op grond van de functiebeschrijving en/of een opdracht van de Directie of een afdelingshoofd, geacht mag worden met de uitvoering van de betreffende taak te zijn belast. Mandatering kan ook plaats vinden aan medewerkers van andere afdelingen of niet ambtenaren. Artikel2Algemeen De uitoefening van de bevoegdheden zoals vermeld in het bij deze regeling behorende overzicht, is gemandateerd aan de daar genoemde functionarissen, waarbij slechts in de daarbij nadrukkelijk aangegeven gevallen toestemming voor ondermandaat wordt verleend; De in lid 1 genoemde functionaris is tevens bevoegd tot ondertekening in de zin van artikel 10:11 Algemene wet bestuursrecht, voorzover daar in de kolom Bijzondere bepalingen en nadere toelichting geen nadere beperking aan zijn gesteld of uitzondering op is bepaald; In de gevallen waarin bevoegdheden zijn gemandateerd aan de Directie, neemt de gemeentesecretaris de besluiten en ondertekent deze voor zover nodig; De in overzicht XII (Vertegenwoordiging) aangeduide ambtenaren worden aangewezen als gemachtigde van de burgemeester dan wel de resp. bestuursorganen; Bij de uitoefening van de bevoegdheden, bedoeld in deze regeling, worden de Bijzondere bepalingen en nadere toelichting, opgenomen in de desbetreffende kolom van het bij deze regeling behorende overzicht, in acht genomen; Onverminderd het bepaalde in het vijfde lid, worden bij de uitoefening van bedoelde bevoegdheden, wetgeving, aanwijzingen, beleidsregels, circulaires van rijks-, provinciale of gemeentelijke organen in acht genomen; Ten aanzien van de uitoefening van bevoegdheden, die financiële consequenties hebben, geldt dat de begroting van het dienstjaar hierin moet voorzien. Artikel3Mandaat bij meerdere functionarissen Indien in het overzicht aan meerdere functionarissen mandaat is verleend, kan het mandaat rechtsgeldig door elk van de genoemde functionarissen worden uitgeoefend, tenzij een hiërarchisch hoger geplaatste functionaris nadrukkelijk heeft aangegeven zelf het mandaat te willen uitoefenen. Artikel4Plaatsvervanging In geval van afwezigheid van de mandataris, treedt de door het Afdelingshoofd aangewezen vervanger in de plaats. Indien zowel de mandataris, als zijn / haar vervanger afwezig is, is het Afdelingshoofd, en bij diens afwezigheid de Directie (gemeentesecretaris) bevoegd als zodanig op te treden. Directie en Afdelingshoofden zijn bevoegd om personen die op basis van een arbeidsovereenkomst of op basis van een detacheringovereenkomst zijn aangesteld als uitvoerend ambtenaar of plaatsvervanger te laten optreden mits de betreffende persoon schriftelijk verklaard akkoord te gaan met de verplichtingen voortvloeiende uit de CAR/UWO en interne regels en instructies. Artikel5Relatie met een andere afdeling Indien bij een krachtens mandaat te nemen beslissing of handeling een andere afdeling belang heeft of de betreffende aangelegenheid het taakveld van een andere afdeling raakt, legt de mandataris de zaak vooraf voor aan de betreffende medewerker van die andere afdeling, dit onverminderd het gestelde in de kolom "Bijzondere bepalingen en nadere toelichting" van het bij deze regeling behorende overzicht. Als er geen overeenstemming wordt bereikt, geldt artikel 7 onder f. Artikel6Budgethouderschap In geval van mandatering van bevoegdheden tot het nemen van besluiten ten laste van de begroting aan directie, afdelingshoofd of brandweercommandant, wordt de mandataris tevens geacht te zijn aangewezen als budgethouder. Overige aanwijzingen van (deel)budgethouders zijn geregeld in het door het college vastgestelde activiteitenplan. Voor alle (deel)budgethouders gelden de voorschriften als bedoeld in de leden 2 t/m 5 van dit artikel. De budgethouder is verantwoording verschuldigd aan het college, de deelbudgethouder aan de budgethouder. Een (deel) budgethouder is beleidsmatig en financieel verantwoordelijk voor de totstandkoming en kwaliteit van een product (budget), de effectiviteit en efficiëntie van dat product, de advisering over dat product aan het bestuur en het realiseren van de geraamde inkomsten. De (deel)budgethouder is tevens beleidsmatig en financieel verantwoordelijk voor begroting, budgetrapportages, jaarrekening en beleidstoelichtingen op product -en budgetniveau. Dit betreft ook de toelevering van cijfers, teksten en analyses. Bij de uitoefening van de bevoegdheden als (deel)budgethouder, worden de Bijzondere bepalingen en nadere toelichting, opgenomen in de desbetreffende kolom van het bij deze regeling behorende overzicht, de kadernota inkoop -en aanbestedingsbeleid, het collegebesluit inkoop en aanbesteding, alsmede de meerjarenbegroting in acht genomen. Artikel7Uitzonderingen op het mandaat Een bevoegdheid, als bedoeld artikel 2, eerste lid, wordt niet uitgeoefend: Indien bestuurlijk is aangegeven dat een wijziging, aanvulling of afwijking van het tot dan gevoerde beleid gewenst is; Indien inwilliging van een verzoek zou leiden tot strijdigheid met het vigerende gemeentelijk beleid, met richtlijnen of met voorschriften daaromtrent; Indien redelijkerwijs aangenomen mag worden dat de afdoening (grote) politieke consequenties met zich mee zal brengen, dan wel precedentwerking zal oproepen (zie de bijlage Handreiking politieke gevoeligheid); Indien de afdoening van een zaak niet als een routineaangelegenheid kan worden gekwalificeerd; Indien bij besluiten waar sprake is van beleidsvrijheid reeds in de voorbereidingsfase aannemelijk is dat tegen de te nemen beslissing bezwaar zal worden gemaakt dan wel beroep ingesteld; Indien in de voorbereidingsfase de standpunten van de portefeuillehouder, adviseurs en de mandataris met betrekking tot de te nemen beslissing uiteenlopen; Indien de mandaatgever, de portefeuillehouder, de Directie (gemeentesecretaris), het Afdelingshoofd dan wel de gemandateerde de wens daartoe te kennen geeft; Ten aanzien van de vaststelling en verzending van stukken aan een raadscommissie en/of de gemeenteraad; Ten aanzien van uitingen, gericht aan andere overheidsorganen, tenzij in overeenstemming met bij het betrokken orgaan bekend beleid of met geheel bij de wettelijke regeling of de jurisprudentie bepaald beleid. Artikel8Mandaat bij twijfelgevallen Indien een mandataris twijfelt over zijn bevoegdheid tot het verrichten van een bepaalde handeling, dan legt hij de vraag voor aan het Afdelingshoofd dan wel de Directie, welke vervolgens beslist op welk niveau de beslissing wordt genomen. Artikel9Bevoegdheidsuitoefening namens het bestuursorgaan De bevoegdheden, bedoeld onder artikel 2, eerste lid van deze regeling worden door de mandataris uitgeoefend namens het terzake bevoegde bestuursorgaan. Artikel10Wijze van ondertekening bij mandaat In geval van uitoefening van bevoegdheden, als bedoeld in artikel 2, worden uitgaande bescheiden als volgt ondertekend: Namens (bestuursorgaan), gevolgd door de handtekening, de naam van de mandataris en de functieaanduiding. Brieven als bedoeld bij lid 1 dienen in de "ik-vorm" te worden geschreven. Artikel11Vermelding rechtsbescherming bij mandaat Als tegen een krachtens mandaat genomen besluit een administratiefrechtelijke voorziening openstaat, wordt hiervan met de verzending van het besluit mededeling gedaan. Daarbij wordt gebruik gemaakt van standaardteksten. Artikel12Citeertitel en inwerkingtreding Deze regeling kan worden aangehaald als "Herziene Mandaatregeling Opsterland 2010". Deze regeling treedt in werking op 1 oktober 2010. Gelijktijdig met inwerkingtreding van deze regeling wordt de Mandaatregeling 2010, vastgesteld op 23 februari 2010 ingetrokken, met dien verstande dat zij van toepassing blijft op activiteiten die vallen onder de overgangsbepalingen van de Wet algemene bepalingen omgevingsrecht (wabo). Aldus vastgesteld in de vergadering van burgemeester en wethouders van 28 september 2010, De voorzitter, De secretaris, Francisca Ravestein. Geert Broekman. Aldus vastgesteld door de burgemeester van Opsterland op Francisca Ravestein. Aldus vastgesteld door de heffingsambtenaar op Gerben Nijholt. Aldus vastgesteld door de invorderingsambtenaar op Geert Broekman. I Algemeen Nr Omschrijving bevoegdheid Mandaterend bestuurs-orgaan Bevoegde functionaris Bijzondere bepalingen en nadere toelichting 1 Het ondertekenen van correspondentie aangaande mechanisch uitvoeren van door de afdeling en brandweer voorbereide raadsbesluiten. College Afdelingshoofd, dan wel de brandweer-commandant Tenzij in deze Mandaatregeling anders bepaald. 2 Het verstrekken van schriftelijke informatie van feitelijke (objectieve) aard aan derden voor zover dit ligt binnen het werkveld van de betrokken afdeling of de brandweer. College Uitvoerend ambtenaar Tenzij in deze mandaatregeling anders bepaald. Mandaat geldt niet bij politiek gevoelige zaken en informatie aan de pers (zie artikel 7 Mandaatregeling). Bij organisatorisch gevoelige zaken overleg plegen met het Afdelingshoofd. 3 Het doen van inkoop en aanbesteding in de zin van de kadernota inkoop -en aanbestedingsbeleid - bij werken tot een bedrag van € 400.000; - bij leveringen en diensten tot een bedrag van € 120.000 Het betreft hierbij enkelvoudige- en meervoudige onderhandse aanbestedingen. College / resp. de burgemeester gem. secretaris, Afdelingshoofd, dan wel de brandweer-commandant Bij alle inkopen en aanbestedingen worden de doelstellingen en bepalingen van de kadernota inkoop -en aanbestedingsbeleid, het besluit inkoop en aanbesteding, de algemene inkoopvoorwaarden en de begroting in acht genomen. De ondertekeningsbevoegdheid is geregeld in hoofdstuk XII A 4 Het treffen van handelingen ter voorbereiding - , en ter uitvoering van een bestek in de zin van de kadernota inkoop -en aanbestedingsbeleid - bij werken boven een bedrag van € 400.000; - bij leveringen en diensten boven een bedrag van € 120.000 Het betreft hierbij Europese en openbare (nationale) aanbestedingen. College / resp. de burgemeester gem. secretaris, Afdelingshoofd, dan wel de brandweer-commandant Gedoeld is op het voorbereidend onderzoek, het selecteren van de aanbieders e.d. De beslissing onder welke voorwaarden wordt aanbesteed (incl. de keuze voor de soort aanbesteding, de vorm van wegzetten, de selectiecriteria en de wegingsfactoren), alsmede de uiteindelijke gunning zijn niet gemandateerd. Bij deze procedures moet het advies en de ondersteuning van de inkoopadviseur worden ingewonnen. Bij alle inkopen en aanbestedingen worden de doelstellingen en bepalingen van de kadernota inkoop -en aanbestedingsbeleid, het besluit inkoop en aanbesteding, de algemene inkoopvoorwaarden en de begroting in acht genomen. 5 Het afwijken van de algemene voorwaarden werken Opsterland 2008 College afdelingshoofd Na inwinnen juridisch advies omtrent mogelijke risico’s 6 Het aangaan en beëindigen van verplichtingen (niet zijnde inkoop of aanbesteding) tot een bedrag van € 120.000,-- (exclusief BTW) waaronder het aangaan van privaatrechtelijke rechtshandelingen ten laste van de posten (producten) van de begroting van de betreffende afdeling en de brandweer, voorzover niet anders geregeld in deze Mandaatregeling, en de betreffende begrotingspost daartoe de mogelijkheid en/ of financiële ruimte laat. Hieronder vallen ook door de raad beschikbaar gestelde kredieten voor projecten, e.d. Zie ook Hoofdstuk XII over het vertegenwoordigen van de gemeente. College gem. secretaris, Afdelingshoofd, dan wel de brandweer-commandant Ondermandaat aan deelbudgethouders is mogelijk. De ondertekeningsbevoegdheid is geregeld in hoofdstuk XII A 7 Het aan burgers of instanties mededelen dat voor een bepaalde activiteit een vergunning nodig is dan wel dat deze aangevraagd dient te worden. College Uitvoerend ambtenaar 8 Het stellen van een termijn om een verzuim, dat aan een aanvraag kleeft, te herstellen. College Burgemeester Uitvoerend ambtenaar 9 Het aanvragen van vergunningen bij de gemeente zelf of bij een ander bestuursorgaan. College Uitvoerend ambtenaar 10 Mandaat bij handhaving: a. Het constateren van een overtreding van een wettelijke bepaling of vergunning. b. Het mondeling verzoeken de overtreding binnen een bepaalde termijn te beëindigen. c. Het schriftelijk verzoeken de overtreding binnen een bepaalde termijn te beëindigen (1e brief). Het schriftelijk aankondigen dat bij in gebreke blijven overwogen zal worden bestuursdwang toe te passen of een dwangsom op te leggen (2e brief). College Burgemeester College Burgemeester College Burgemeester College Burgemeester a. Uitvoerend ambtenaar b. Uitvoerend ambtenaar c. Uitvoerend ambtenaar Afdelingshoofd, Coördinator cluster handhaving of brandweer-commandant Met Uitvoerend ambtenaar worden ook handhavers en toezichthouders bedoeld. Het daadwerkelijk beslissen tot het toepassen van bestuursdwang en het opleggen van een dwangsom is niet gemandateerd. 11 Het mededelen van de verbeurdverklaring van een dwangsom. College Uitvoerend ambtenaar 12 Het innen van een verbeurde dwangsom. College Uitvoerend ambtenaar 13 Het uitnodigen van belanghebbenden voor voorlichtingsbijeenkomsten College Afdelingshoofd 14 Het aanvragen van offertes. College Uitvoerend ambtenaar 15 Het niet ingaan op offertes. College Uitvoerend ambtenaar 16 Het uitvoeren van bevoegdheden o.g.v. de Verordening naamgeving en nummering (adressen) Opsterland 2009. College Uitvoerend ambtenaar Bij straatnaamgeving dient de externe adviescommissie geraadpleegd te worden. 17 Het beslissen op aanvragen voor een incidentele subsidie tot een bedrag van € 250,-- per subsidieaanvraag, inclusief het al of niet toepassen van de hardheidsclausule. Hieronder worden ook verstaan aanvragen voor subsidie, zonder dat daarin een concreet bedrag wordt genoemd. College Uitvoerend ambtenaar Besluiten op subsidieaanvragen dienen genomen te worden op grond van de Algemene Subsidieverordening en het ter zake geformuleerd beleid. Van de in mandaat genomen besluiten zal éénmaal per jaar een overzicht aan het College worden verstrekt. 18. Het beslissen op aanvragen voor een incidentele subsidie tussen een bedrag van € 250 tot € 2.500,-- per subsidieaanvraag. Hieronder worden ook verstaan aanvragen voor subsidie, zonder dat daarin een concreet bedrag wordt genoemd. College Afdelingshoofd Besluiten op subsidieaanvragen dienen genomen te worden op grond van de Algemene Subsidieverordening en het ter zake geformuleerd beleid. Van de in mandaat genomen besluiten zal éénmaal per jaar een overzicht aan het College worden verstrekt. 19. Het beslissen op een aanvraag tot subsidieverlening inzake een structurele activiteitensubsidie of een structurele waarderingssubsidie, voorzover het geen eerste of van een eerdere aanvraag afwijkende aanvraag betreft. College Afdelingshoofd Van de in mandaat genomen besluiten zal éénmaal per jaar een overzicht aan het College worden verstrekt. 20. Het beslissen op een aanvraag tot subsidievaststelling (met uitzondering van budgetsubsidies) voorzover het vastgestelde bedrag niet afwijkt van het verleende bedrag. College Afdelingshoofd 21. Het uitoefenen van taken en bevoegdheden in het kader van de Wet kenbaarheid publiekrechterlijke beperkingen. College Uitvoerend ambtenaar 22. Het aansprakelijk stellen van derden bij beschadiging of tenietgaan van gemeente-eigendommen (inclusief de vaststelling van het schadebedrag en de wijze van betaling). College Uitvoerend ambtenaar 23. Het afhandelen van aansprakelijkheidstellingen door derden. College Uitvoerend ambtenaar Afhandeling dient plaats te vinden conform de overeengekomen werkwijze en met inschakeling van de betreffende functionarissen en afdelingen zoals in beleidsnotitie Afwikkeling schadeclaims van september 2006 is vastgelegd; Bij schadeclaims boven de € 2.500,- (zaaks– en letselschade) resp. € 25.000 (bij vermogensschade) doorzenden naar de verzekeringsmaatschappij en het College informeren. 24. Het dechargeren van verzekeringsmaatschappijen wegens toegebrachte schade aan gemeente-eigendommen. College Afdelingshoofd Als de aangeboden vergoeding lager is dan het door de gemeente geclaimde bedrag, kan voor de aanspraak op schadevergoeding geen afstand worden gedaan. Eén en ander uiteraard afhankelijk van het belang van de gemeente. 25. Het in rekening brengen van vergoedingen voor het gebruik van gemeente-eigendommen en voor het verlenen van enkele diensten. College Uitvoerend ambtenaar 26. Het vaststellen van standaard aanvraagformulieren College Afdelingshoofd 27. Het aangaan en beëindigen van verplichtingen ten laste van de begrotingsposten (producten) - 010 Raad en raadscommissies - 015 Griffie - 025 Rekenkamercommissie voorzover de betreffende begrotingspost daartoe de mogelijkheid en/ of financiële ruimte laat. College raadsgriffier 28. Het aanwijzen van verkeersregelaars Burgemeester Uitvoerend ambtenaar Bij zgn. beroepsverkeersregelaars (incl. dorpswachten) ligt de bevoegdheid bij het gemeentebedrijf. Bij verkeersregelaars voor evenementen ligt de bevoegdheid bij Publiekszaken 29. Het verlengen van de beslistermijn in de zin van artikel 1:2, lid 2 APV of art. 4:14 Awb Burgemeester College Uitvoerend ambtenaar 30. Het nemen van besluiten o.g.v. de Wet basisregistraties adressen en gebouwen (BAG), anders dan in punt 31, zijnde: - de vaststelling van de definitieve geometrie van panden en verblijfsobjecten, zoals bedoeld in artikel 8 BAG; - het opmaken van een proces-verbaal van constatering zoals bedoeld in art. 10, eerste lid, onder b BAG; - het opmaken van schriftelijke verklaringen strekkende tot het signaleren van wijzigingen in de feitelijke situatie die van invloed zijn op de gebouwenregistratie en die niet in een ander krachtens de BAG aangewezen brondocument zijn opgenomen College Uitvoerend ambtenaar Deze bevoegdheden kunnen d.m.v. werkafspraken door het afdelingshoofd over verschillende medewerkers verdeeld worden. 31 a. het opstellen van de ‘ambtelijke verklaringen’ behalve die bedoeld onder 30; b. het toetsen van (overige) brondocumenten aan de vereisten voor inschrijving ingevolge artikel 11 van de Wet basisregistraties adressen en gebouwen; c. het uitgeven van inschrijfnummers en identificatienummers; d. het, op grond van het bepaalde in artikel 10, tweede lid, van de Wet basisregistraties adressen en gebouwen, inschrijven van de in of op grond van artikel 10, eerste lid van de Wet basisregistraties adressen en gebouwen aangewezen brondocumenten in het adressenregister dan wel het gebouwenregister; e. het ingevolge artikel 9 van de Wet basisregistraties adressen en gebouwen verzorgen van een zodanige opzet van het adressenregister en het gebouwenregister, dat de inhoud daarvan duurzaam kan worden bewaard en te allen tijde binnen een redelijke termijn raadpleegbaar en beschikbaar is; f. het, ingevolge artikel 14 van de Wet basisregistraties adressen en gebouwen, zorg dragen voor een goede beschikbaarheid, werking en beveiliging van de adressenregistratie respectievelijk de gebouwenregistratie; g. het op basis van de brondocumenten opnemen van gegevens in de adressenregistratie en de gebouwenregistratie overeenkomstig de voorschriften uit de artikelen 14A en 15 van de Wet basisregistraties adressen en gebouwen; h. het ontvangen, doorgeleiden en afhandelen van meldingen zoals bedoeld in artikel 37 en verzoeken zoals bedoeld in artikel 38 van de Wet basisregistraties adressen en gebouwen, inclusief de verwerking daarvan zoals bedoeld in de artikelen 31, 39, 40 en 41 van de Wet basisregistraties adressen en gebouwen; i. het onderhouden dan wel doen onderhouden van het berichtenverkeer met de Landelijke Voorziening basisregistraties adressen en gebouwen zoals bedoeld in artikel 31 van de Wet basisregistraties adressen en gebouwen; j. het op verzoek aan eenieder verlenen van inzage in het adressenregister, het gebouwenregister, de adressenregistratie en de gebouwenregistratie, alsmede het aan eenieder verstrekken van de in de adressenregistratie respectievelijk de gebouwenregistratie opgenomen gegevens zoals bedoeld in artikel 32, eerste lid onder a van de Wet basisregistraties adressen en gebouwen; k het bevorderen van de nakoming van de gemeentelijke verplichtingen in het kader van de Wet basisregistraties adressen en gebouwen, met inbegrip van de inrichting van de processen, de conformiteit van het gebruikte informatiesysteem en de beveiligingsmaatregelen alsmede het rapporteren over die nakoming daarvan aan burgemeester en wethouders; college beheerder 32. Het in gebruik geven en verhuren van (ruimten
  2. in)gebouwen die gemeentelijk in gebruik zijn College Afdelingshoofd Gemeentebedrijf / Bedrijfsvoering Vóór de aanbieding moet advies worden ingewonnen bij het Gemeentebedrijf. Het in gebruik geven en verhuren van (ruimten
  3. in)gebouwen die gemeentelijk in gebruik zijn is gemandateerd aan het afdelingshoofd van Bedrijfsvoering (gemeentehuis, scholen), dan wel het Gemeentebedrijf (locaties Gorredijk en Ureterp). 33. Het in gebruik geven en verhuren van (ruimten
  4. in)overige gebouwen die in eigendom van de gemeente zijn College Afdelingshoofd Ontwikkeling 34. De verhuur of het anderszins tijdelijk in gebruik geven van overig gemeentelijk eigendom. College Uitvoerend ambtenaar Vóór de aanbieding moet advies worden ingewonnen bij het Gemeentebedrijf. II Algemeen/ administratief bezwaar en beroep Nr Omschrijving bevoegdheid Mandaterend bestuurs-orgaan Bevoegde functionaris Bijzondere bepalingen en nadere toelichting 1 Het versturen van een schriftelijke ontvangstbevestiging van een bezwaar -of beroepschrift. College Burgemeester Uitvoerend ambtenaar 2 Het instemmen met rechtstreeks beroep bij de administratieve rechter, in de zin van artikel 7:1a Algemene wet bestuursrecht College Burgemeester Uitvoerend ambtenaar In overleg met de secretaris van de Bezwarencommissie. 3 Het opstellen van een reactie op een bezwaarschrift t.b.v. een hoorzitting van de Bezwarencommissie College Burgemeester Uitvoerend ambtenaar Zo nodig met ondersteuning van een juridisch medewerker. 4 Het verdagen van de beslissing op een bezwaar -en beroepschrift. College Burgemeester Uitvoerend ambtenaar 5 Het indienen van verweerschriften in beroepsprocedures. College Burgemeester Uitvoerend ambtenaar Zo nodig met ondersteuning van een juridisch medewerker. 6 Het bij bezwaar -en beroepsprocedures in belastingzaken indienen van verweerschriften, het verdagen van de beslissing op een bezwaarschrift, het verzoeken om uitstel voor het indienen van verweerschriften, en het instellen van hoger beroep bij het Gerechtshof. Heffings-ambtenaar Uitvoerend ambtenaar Deze bevoegdheid is op grond van art. 231, tweede lid, onder d Gemeentewet geattribueerd aan de heffingsambtenaar. Het College heeft als heffingsambtenaar aangewezen: het hoofd van de afdeling Publiekszaken. 7 Het verzoeken om uitstel voor het indienen van verweerschriften. College Burgemeester Uitvoerend ambtenaar III Algemeen / personeelsaangelegenheden Nr Omschrijving bevoegdheid Mandaterend bestuurs-orgaan Bevoegde functionaris Bijzondere bepalingen en nadere toelichting 1 Het beslissen over het openstellen van vacatures (met uitzondering van die van de gemeentesecretaris). College Directie Beslissingen die consequenties hebben voor de formatie-omvang en/of de begroting, dienen met een dekkingsvoorstel aan het College te worden voorgelegd. 2 De bevoegdheid tot het instellen van een selectiecommissie, de keuze voor bemensing daarvan, en het stellen van de eis van een verklaring van goed gedrag o.g.v. de WJD bij kandidaten (sollicitanten) voor een aanstelling in vaste of tijdelijke dienst of voor het aangaan van een arbeidsovereenkomst naar burgerlijk recht, met uitzondering van afdelingshoofden en de gemeentesecretaris. College Afdelingshoofd 3 De bevoegdheid tot het instellen van een selectiecommissie en een adviescommissie, de keuze voor bemensing daarvan, en het stellen van de eis van een verklaring van goed gedrag o.g.v. de WJD bij kandidaten (sollicitanten) voor de functie van afdelingshoofd. College Directie 4 Het geven van opdrachten voor het plaatsen van advertenties, het uitnodigen van sollicitanten voor een gesprek, het afschrijven van sollicitanten en het afhandelen van open sollicitaties. College Uitvoerend ambtenaar 5 Benoemen, detacheren en het op verzoek verlenen of weigeren van (eervol) ontslag, of het verlenen van arbeidstijdvermindering of uitbreiding, met uitzondering van de commandant brandweer. College Directie Bij benoemingen dient de adviseur P&O een gemotiveerd schriftelijk voorstel in bij de Directie. Eén en ander overeenkomstig hetgeen daarover in de CAR/UWO is bepaald. 6 Het aanstellen in vaste of tijdelijke dienst, het bevorderen (binnen dezelfde functie) en het geven van promotie (naar een nieuwe functie). College Directie Via de adviseur P&O een voorstel aan de Directie voorleggen. 7 Het inhuren van tijdelijk personeel binnen de formatieruimte van de afdeling. College Afdelingshoofd Beslissing ter kennisgeving aan Directie doorgeven. Voor zover daarbij sprake is van inkoop of aanbesteding, worden de doelstellingen en bepalingen van de kadernota inkoop -en aanbestedingsbeleid, het besluit inkoop en aanbesteding en de begroting in acht genomen. 8 Het inhuren van tijdelijk personeel ten laste van centrale budgetten, zoals de ziektepot, de frictieformatie directie, ouderschapsverlof, e.d. College Directie Via de adviseur P&O een voorstel aan de Directie voorleggen. Voor zover daarbij sprake is van inkoop of aanbesteding, worden de doelstellingen en bepalingen van de kadernota inkoop -en aanbestedingsbeleid, het besluit inkoop en aanbesteding en de begroting in acht genomen. 9 Het op grond van de Regeling functiewaardering 2001 vaststellen van de functiebeschrijving en het vaststellen van de functiewaardering College Directie Indien bij het vaststellen van de functiewaardering de toetsingscommissie het advies van de ingeschakelde adviseur niet of niet geheel volgt, geldt het mandaat voor het vaststellen van de functiewaardering niet. De bevoegdheid ligt dan weer bij het college. 10 Het toekennen van gratificaties vanwege ambtsjubilea. College Uitvoerend ambtenaar Bedrijfsvoering De overige gratificaties vallen onder de aanvullende CAR/UWO, waarvan de mandatering is geregeld in punt 17. 11 Het geven van toestemming voor het maken van overuren. Het gaat hier om het incidenteel vergoeden van overuren (een klus, bij ziekte, e.d.). In overleg met het Afdelingshoofd kan keuze gemaakt worden tussen tijdcompensatie en overurenvergoeding. Aan leidinggevenden wordt geen overuren-vergoeding verstrekt (inherent aan de functie). College Afdelingshoofd; brandweer-commandant Er dient overleg met de afdeling Bedrijfsvoering (dekking) en de adviseur P&O (beleidsregels) plaats te vinden. 12 Het toekennen van (betaald) verlof. College Directie, Afdelingshoofd Op grond van de CAR/ UWO heeft een ambtenaar recht op diverse soorten van (betaald) verlof. Derhalve wordt hier gesproken van toekenning i.p.v. verlening. Overleg met en afhandeling door de adviseur P&O. 13 Het aanwijzen van verplichte verlofdagen/ ADV-dagen. College Directie Ter instemming voorleggen aan de OR. 14 Het toekennen van voorschotten op het salaris. College Directie Afdelingshoofd Bedrijfsvoering Na afstemming met de Directie, het betrokken Afdelingshoofd of de commandant brandweer. 15 Het toekennen van studiekostenvergoedingen met toepassing van het Opleidingsplan Opmerkingen: Er is een vast jaarlijks opleidingsbudget. Op basis van functioneringsgesprekken geven afdelings-hoofden opleidingsprioriteiten aan binnen hun afdeling. Op voorstel van de afdeling Bedrijfsvoering stelt de Directie een jaarlijks opleidingsplan (passend binnen het budget) vast. College Uitvoerend ambtenaar Bedrijfsvoering Op basis van het vastgestelde opleidingsplan kent de Uitvoerend ambtenaar de formeel aan te vragen studiekostenfaciliteiten toe. Studies die niet in het opleidingsplan zijn opgenomen dienen aan de Directie te worden voorgelegd. Het geven van opdrachten of toestemmingen voor cursussen, seminars, vergaderingen, e.d. impliceert dat ook toestemming wordt gegeven voor vergoeding van de reis -en verblijfkosten. De dekking hiervan meenemen in de betrokken budgetten. Declaraties kunnen worden ingediend bij Bedrijfsvoering. NB: ook reis -en verblijfkosten meenemen. 16 Het nemen van besluiten over taakgebonden studies (permanente educatie). Het toekennen van studiekostenvergoedingen met toepassing van het Opleidingsplan, hoger dan een bedrag van € 1.000. College Afdelingshoofd De adviseur P&O bewaakt het totale opleidingsbudget en signaleert (forse) afdelingsoverschrijdingen. NB: ook reis -en verblijfkosten meenemen. 17 Het nemen van besluiten in het kader van de Aanvullende regels CAR/UWO Opsterland 2008 Het nemen van besluiten in het kader van de Aanvullende regels CAR/UWO Opsterland 2008 met betrekking tot Afdelingshoofden. College College Afdelingshoofd Directie Overleg met Bedrijfsvoering (adviseur P&O) over de uniforme toepassing. Mits passend binnen het daarvoor beschikbaar gestelde budget. Zie ook de Directieaanwijzingen ten aanzien van gratificaties van 20-08-2001. Tevens moet de adviseur P&O bij het proces betrokken worden. 18 Het aangaan van stageovereenkomsten. College Afdelingshoofd Er dient vooraf een duidelijke stageopdracht geformuleerd te zijn. In de stageovereenkomst dient tevens een geheimhoudingsverplichting te worden opgenomen. 19 Het vaststellen van werkinstructies. Opmerking: Het gaat hier om formele werkinstructies voor bepaalde functies. Het vaststellen van werkprocedures behoort tot de competentie van Afdelingshoofden. College Directie, brandweer-commandant De concerncontroller kan ingevolge artikel 9, lid 2 van de Organisatieverordening aanvullende richtlijnen geven. 20 Het toekennen van waarnemingsvergoedingen. College Directie Via de adviseur P&O. 21 Het corresponderen met de Arbodienst over langdurige ziektegevallen. College Uitvoerend ambtenaar Bedrijfsvoering 22 Het doen van reïntegratiemeldingen. College Uitvoerend ambtenaar Bedrijfsvoering 23 Het aanvragen van WIA-conforme uitkeringen. College Uitvoerend ambtenaar Bedrijfsvoering 24 Het aanvragen van ongeschiktheidsadviezen. College Uitvoerend ambtenaar Bedrijfsvoering 25 Het behandelen van vragenformulieren omtrent allerlei pensioenzaken van het ABP. College Uitvoerend ambtenaar Bedrijfsvoering 26 Het aanvragen van FPU en pensioenen. College Uitvoerend ambtenaar Bedrijfsvoering 27 Het afgeven van verklaringen over salarisgegevens. College Uitvoerend ambtenaar Bedrijfsvoering 28 Het afgeven van mutaties IZA, ZFW en GVP. College Uitvoerend ambtenaar Bedrijfsvoering 29 Het doorgeven van mutaties USZO en ABP. College Uitvoerend ambtenaar Bedrijfsvoering 30 Het doorgeven van mutaties aan de bedrijfsvereniging (SVW). College Uitvoerend ambtenaar Bedrijfsvoering 31 Het verstrekken van gegevens aan het CBS. College Uitvoerend ambtenaar Bedrijfsvoering 32 Het opmaken van declaraties van werkgelegenheidsprojecten. College Uitvoerend ambtenaar Bedrijfsvoering 33 Het toepassen van de bevoegdheden in het kader van de Regeling Telewerken. College Gemeentesecretaris IV Publiekszaken/ Leges en belastingen Nr Omschrijving bevoegdheid Mandaterend bestuurs-orgaan Bevoegde functionaris Bijzondere bepalingen en nadere toelichting 1. Het opleggen en verminderen van aanslagen gemeentelijke belastingen (waaronder ook aanslagen afvalstoffenheffing, rioolrechten, leges en overige rechten), alsmede de uitvoering van de Wet WOZ. heffings-ambtenaar Uitvoerend ambtenaar Het vaststellen van de aanslagen is geattribueerd aan de heffingsambtenaar (artikel 231, lid 2, letter b Gem. wet en de Wet WOZ, artikel 1, lid 2). Door het College is het hoofd van de afdeling Publiekszaken aangewezen als heffingsambtenaar. Het verminderen van aanslagen geschiedt overeenkomstig de geldende belastingregelgeving. 2. Het horen van de indiener van een bezwaarschrift. heffings-ambtenaar Clustercoördinator Voordat de heffingsambtenaar beslist op het bezwaarschrift kan de bezwaarmaker op zijn verzoek worden gehoord. Het horen in fiscale procedures is i.t.t. Awb-procedure, facultatief. 3. Het beslissen op bezwaarschriften tegen WOZ-beschikkingen, aanslagen afvalstoffenheffing, rioolrechten, leges en overige rechten. heffings-ambtenaar Clustercoördinator 4 Het verlenen of weigeren van kwijtscheldingen van gemeentelijke belastingen. invorderings-ambtenaar Uitvoerend ambtenaar Het verlenen of weigeren van kwijtscheldingen geschiedt op basis van de Uitvoeringsregeling Invorderingswet 1990. Deze bevoegdheid is geattribueerd aan de invorderingsambtenaar (artikel 255, lid 1 ju. 231, lid 2, sub c, Gemeentewet). Door het College is – voor zover het kwijtscheldingen betreft - het hoofd van de afdeling Publiekszaken hiertoe aangewezen V Publiekszaken/ burgerzaken Nr Omschrijving bevoegdheid Mandaterend bestuurs-orgaan Bevoegde functionaris Bijzondere bepalingen en nadere toelichting 1 Afgifte uittreksels, verklaringen en inlichtingen uit de basisadministratie persoonsgegevens. College Uitvoerend ambtenaar 2 Afgifte bewijzen van in leven zijn. Burgemeester Uitvoerend ambtenaar 3 Afgifte bewijzen van Nederlanderschap. Burgemeester Uitvoerend ambtenaar 4 Het voor echt verklaren en waarmerken van stukken en handtekeningen. Burgemeester Uitvoerend ambtenaar 5 Beslissingen op verzoeken om geheimhouding van gegevens uit de basisadministratie persoonsgegevens. College Uitvoerend ambtenaar 6 Aanvragen om inlichtingen uit registers Justitiële documentatiedienst en strafregister t.b.v. de afgifte van verklaringen omtrent het gedrag. Burgemeester De daartoe aangewezen ambtenaar Er is een apart (persoonlijk) aanwijzingsbesluit nodig. 7 Uitvoering van de Wet op de lijkbezorging, alsmede de op deze wet gebaseerde gemeentelijke verordening. College Burgemeester Uitvoerend ambtenaar 8 Het verlenen of weigeren van uitstel voor begraving of verbranding. Burgemeester Uitvoerend ambtenaar 9 Het verlenen of weigeren van verlof tot ontleden van een lijk. Burgemeester Uitvoerend ambtenaar 10 Uitvoering van diverse bepalingen van de Kieswet. College Burgemeester Uitvoerend ambtenaar 11 Afgifte van paspoorten en Europese identiteitskaarten. Burgemeester Uitvoerend ambtenaar 12 Afgifte van rijbewijzen. Burgemeester Uitvoerend ambtenaar 13 Het ongeldig verklaren van rijbewijzen. Burgemeester Uitvoerend ambtenaar 14 Het uitvoeren van de Dienstplichtwet, de Inkwartieringswet, de Wet gewetensbezwaren militaire dienst, alsmede de op deze wetten gebaseerde uitvoeringsregelingen. Burgemeester Uitvoerend ambtenaar 15 Het uitvoeren van de Wet gemeentelijke basisadministratie persoonsgegevens, alsmede de op deze wet gebaseerde uitvoeringsregelingen. College Uitvoerend ambtenaar 16 Het verstrekken van inlichtingen op verzoek om geslachtsnaamwijziging. Burgemeester Uitvoerend ambtenaar 17 Het verstrekken van inlichtingen en het afhandelen van verzoeken om naturalisatie. Burgemeester Uitvoerend ambtenaar 18 Het benoemen en ontslaan van gemeentelijke lijkschouwers. College Afdelingshoofd 19 Het aanwijzen van een éénmalige huwelijkslocatie College Uitvoerend ambtenaar VI Publiekszaken/ vergunningverlening Nr Omschrijving bevoegdheid Mandaterend bestuurs-orgaan Bevoegde functionaris Bijzondere bepalingen en nadere toelichting 1 Het verstrekken van individuele voorzieningen in het kader van de Wet maatschappelijke ondersteuning. College Uitvoerend ambtenaar 2 Het verlenen of intrekken van omgevingsvergunningen in de zin van artikel 2.1 Wet algemene bepalingen omgevingsrecht. College Uitvoerend ambtenaar Het weigeren is niet gemandateerd. Het mandaat geldt niet als er zienswijzen zijn ingediend. Bij het intrekken moet gehandeld worden conform de “Beleidsregels intrekken bouw- en sloopvergunningen” d.d. 29-06-2010 3 Het wijzigen van het bestemmingsplan binnen bij dat plan bepaalde grenzen, in de zin van artikel 3.6, eerste lid, onder a Wro. College Uitvoerend ambtenaar 4 Het toetsen van bouwactiviteiten aan de 'loketcriteria' (welstand). College Uitvoerend ambtenaar 5 Het niet-ontvankelijk verklaren van een aanvraag voor een omgevingsvergunning College Uitvoerend ambtenaar 6 Het verdagen van de beslissing op een omgevingsvergunning College Uitvoerend ambtenaar 7 Het aanhouden van een aanvraag om een omgevingsvergunning, in de zin van artikel 3.3 e.v Wabo. College Uitvoerend ambtenaar 8 Het uitvoeren van de Subsidieverordening Zonneboilers. College Uitvoerend ambtenaar 9 Het opleggen van nadere eisen en maatwerkvoorschriften aan een inrichting in de zin van artikel 8.42 Wet milieubeheer. College Uitvoerend ambtenaar 10 Het behandelen van meldingen als bedoeld in de artikelen 27, lid 4 en 28, lid 5 van de Wet bodembescherming. College Uitvoerend ambtenaar 11 Het verstrekken van advies als bedoeld in artikel 32, lid 1 van de Wet bodembescherming. College Uitvoerend ambtenaar 12 Het toepassen van artikel 33 van de Wet bodembescherming. College Uitvoerend ambtenaar 13 Het uitvoeren van artikel 41 van de Wet bodembescherming. College Uitvoerend ambtenaar 14 Het uitvoeren van het Besluit Bodemkwaliteit College Uitvoerend ambtenaar 15 Het verlenen of weigeren van vergunningen en ontheffingen o.g.v. de APV, voorzover niet elders in dit overzicht is geregeld. College Burgemeester Uitvoerend ambtenaar Deze bevoegdheid omvat ook het verlenen van privaatrechtelijke toestemming voor het gebruik van gemeentelijk eigendom, voor zover deze toestemming samenhangt met de verleende vergunning of ontheffing. Het verlenen van privaatrechtelijke toestemming, zonder dat deze gekoppeld is aan een vergunning of ontheffing valt onder het Gemeentebedrijf. 16 Het verlenen of weigeren van een ontheffing o.g.v. de Zondagswet. Burgemeester Uitvoerend ambtenaar 17 Het verlenen van vrijstellingen en ontheffingen ingevolge de Winkeltijdenwet, het Winkeltijdenbesluit en de Winkeltijdenverordening. College Uitvoerend ambtenaar Het weigeren is niet gemandateerd. 18 Het verlenen of weigeren van vergunningen en ontheffingen ingevolge de Drank -en Horecawet. College Uitvoerend ambtenaar 19 Het aanvragen van inlichtingen uit registers van de Justitiële Documentatiedienst en uit de strafregisters ingevolge de Drank -en Horecawet. Burgemeester Uitvoerend ambtenaar Er is een apart (persoonlijk) aanwijzingsbesluit nodig. 20 Het verlenen of weigeren van vergunningen ingevolge de Wet op de kansspelen. College Uitvoerend ambtenaar 21 Het verlenen van vergunning voor tijdelijk verhuur van koopwoningen, in de zin van artikel 15 Leegstandwet. College Uitvoerend ambtenaar 22 Het verlenen of weigeren van vergunningen o.g.v. de Wet op de dierenbescherming en het Honden -en Kattenbesluit. College Uitvoerend ambtenaar 23 Het afgeven of weigeren van een gehandicaptenparkeerkaart ingevolge het Besluit Administratieve Bepalingen Wegverkeer (BABW). College Uitvoerend ambtenaar Na het inwinnen van medisch advies. 24 Het toepassen van de hardheidsclausule (art. 21) van het Financieel Besluit maatschappelijke ondersteuning gemeente Opsterland. College Uitvoerend ambtenaar VII Ontwikkeling Nr Omschrijving bevoegdheid Mandaterend bestuurs-orgaan Bevoegde functionaris Bijzondere bepalingen en nadere toelichting 1. Het uitvoeren van de Verordening leerlingenvervoer Opsterland. College Uitvoerend ambtenaar 2. Het uitvoeren van de Leerplichtwet, het Leerplichtbesluit 1995 en de RMC-functie. College Leerplicht ambtenaar 3. Het aangaan en uitvoeren van een vervoersovereenkomst bewegingsonderwijs. College Afdelingshoofd 4. Het toekennen van aanvragen om vergoeding voor herstel of vervanging i.v.m. schade aan gebouwen, onderwijsleerpakket, leer -en hulpmiddelen en meubilair bij scholen, ingeval van bijzondere omstandigheden, als bedoeld in artikel 2, onder e, van de Verordening Voorzieningen Huisvesting Onderwijs Opsterland 2006. College Uitvoerend ambtenaar 5. Het geven van reacties van de gemeente op toegezonden jaarstukken. College Uitvoerend ambtenaar 6. Het opdracht geven tot inspecties in het kader van de Wet Kinderopvang College Uitvoerend ambtenaar 7. De vaststelling van rechten en plichten van belanghebbenden in de zin van de Wwb, Ioaw, Ioaz en Bbz, en de daarvoor noodzakelijke beoordeling van de omstandigheden, alles overeenkomstig de Samenwerkingsovereenkomst Soziale Zaken gemeente Opsterland en gemeente Smallingerland College College Smallingerland Op het gebied van Sociale zaken werken Smallingerland en Opsterland samen. De afspraken zijn vastgelegd in een Samenwerkingsovereenkomst. Bijlage 1 bij deze overeenkomst vermeldt bij de onderdelen 1 en 4 de overgedragen taken. 8. Het uitvoeren van taken ingevolge de Wwb, Ioaw, Ioaz en Bbz, overeenkomstig de Samenwerkingsovereenkomst Soziale Zaken gemeente Opsterland en gemeente Smallingerland. Hieronder wordt ook verstaan het verlenen van geldleningen en krediethypotheken in het kader van de Wwb. College Hoofd afdeling SoZa gemeente Smallingerland M.i.v. 01-01-2003 is er sprake van een samenwerking tussen de gemeenten Smallingerland en Opsterland op het gebied van Sociale zaken. De afspraken tussen beide gemeenten zijn vastgelegd in een Samenwerkingsovereenkomst. . Bijlage 1 bij deze overeenkomst vermeldt bij de onderdelen 1 en 4 de overgedragen taken. 9. Het instellen van privaatrechtelijke rechtsvorderingen tot verhaal o.g.v. het Besluit tot verhaal Wwb. College Hoofd afdeling SoZa gemeente Smallingerland 10. Het nemen van besluiten tot het uitvoeren van reïntegratieprojecten of individuele trajectplannen in het kader van de WWB, Ioaw of Ioaz. College Uitvoerend ambtenaar 11 Het voorbereiden en uitvoeren van reïntegratieprojecten of individuele trajectplannen in het kader van de WWB, Ioaz of Ioaw, alsmede het Het voorbereiden en uitvoeren van loonkostensubsidies College IWA Wurkimpuls BV 12 Het goedkeuren van loonkostensubsidies College Uitvoerend ambtenaar 13 Het uitvoeren van de Wet Inburgering (WI) en het beslissen op aanvragen i.h.k.v. de WI. College Uitvoerend ambtenaar 14 Het uitvoeren van de Wet educatie beroepsonderwijs (WEB) en het beslissen op aanvragen i.h.k.v. de WEB. College Uitvoerend ambtenaar 15 Het opstellen en ondertekenen van declaraties en verantwoordingen aan ministeries en andere overheidslichamen. College Hoofd afdeling SoZa gemeente Smallingerland 16. Het doen van aangifte en/ of het verstrekken van informatie t.b.v. de Belastingdienst, Bedrijfsvereniging of het Ministerie (VROM, SoZaWe). College Hoofd afdeling SoZa gemeente Smallingerland 17 Het uitwerken van een bestemmingsplan, dan wel ten aanzien van in dat plan omschreven onderwerpen of onderdelen stellen van nadere eisen, als bedoeld in artikel 3.6, eerste lid, onder b resp. d Wro. College Uitvoerend ambtenaar 18 Het uitvoeren van het Besluit beheer sociale huursector. College Uitvoerend ambtenaar 19 Het voorbereiden van het overleg over ruimtelijke plannen als bedoeld in artikel 10 van het Besluit op de ruimtelijke ordening. College Uitvoerend ambtenaar 20 Het doen uitgaan van brieven, e.d. t.b.v. inspraak en het overleg ingevolge artikel 10 Besluit op de ruimtelijke ordening. College Uitvoerend ambtenaar 21 Het verzoeken om advies in het kader van artikel 6.1 WRO-procedures. College Uitvoerend ambtenaar 22 Het onderhandelen over aan -en verkoop van onroerende zaken. College Uitvoerend ambtenaar Binnen het kader van de taxatie of de door het College aangegeven grenzen. 23 Het opstellen van een verkoopplan voor de uitgifte van kavels w.o. die ten behoeve van individuele woningbouw en het opnemen daarin van uitgiftecriteria. College Uitvoerend ambtenaar Binnen de kaders van het geldende grondbeleid en de kaveluitgifteprocedure. 24 Het op basis van het betreffende verkoopplan toekennen en uitgeven (verkopen) van kavels waaronder het verrichten van alle administratieve handelingen terzake, zoals uitgiftebeleid en de verkoopvoorwaarden. College Uitvoerend ambtenaar Het toekennen en uitgeven van kavels dient overeenkomstig de in het verkoopplan opgenomen criteria te gebeuren en conform de vastgestelde kaveluitgifteprocedure. 25 Correspondentie inzake het opmaken van akten tot aan -en verkoop van onroerende zaken. College Uitvoerend ambtenaar 26 Het toepassen van en corresponderen over sancties, zoals genoemd in de verkoopvoorwaarden. College Uitvoerend ambtenaar 27 Het ontbinden van een verkoopovereenkomst van een bouwterrein, voor zover daarbij toepassing wordt gegeven aan een in die overeenkomst opgenomen ontbindende voorwaarde. College Uitvoerend ambtenaar 28 Het verkopen van groenstroken. College Uitvoerend ambtenaar Voor zover die verkoop past binnen het door de raad vastgestelde beleid. Vóór de verkoop moet advies worden ingewonnen bij het Gemeentebedrijf. 29 Het vaststellen van de jaarlijkse pachtprijzen en het op grond daarvan aangaan van pachtovereenkomsten. College Uitvoerend ambtenaar 30 Het aanbrengen van wijzigingen in de lijst van technische voorwaarden voor projectmatige bouw en Dubo+. College Uitvoerend ambtenaar Het pakket van vaste en variabele maatregelen uit het nationaal pakket blijft hierbij het uitgangspunt. 31 Het aangaan van verzekeringen, inclusief mutaties en schademeldingen. College Uitvoerend ambtenaar Bij verzekeringen met een premiebedrag van € 1.000 of meer per jaar dient overleg plaats te vinden met de desbetreffende (deel) budgethouder. Hiertoe hoort niet het onderbrengen van polissen bij andere maatschappijen. Er wordt een schaderegistratie bijgehouden. Voor zover daarbij sprake is van inkoop of aanbesteding, worden de doelstellingen en bepalingen van de kadernota inkoop -en aanbestedingsbeleid, het besluit inkoop en aanbesteding en de begroting in acht genomen. 32. Het uitvoeren van de Verordening VROM Starterslening. College Uitvoerend ambtenaar 33 De bevoegdheid tot het elektronisch (digitaal) waarmerken en publiceren van ruimtelijke plannen conform art. 1.2.1 lid 1 en artikel 1.2.2 lid 2 van het Besluit ruimtelijke ordening en de “regeling standaarden ruimtelijke ordening”. college Uitvoerend ambtenaar Deze bevoegdheid is op 1 februari 2010 door de raad aan het college gemandateerd, met de mogelijkheid tot ondermandatering. 34 Het verlenen van opties voor de verkoop van kavels op bedrijventerreinen college Uitvoerend ambtenaar VIII Gemeentebedrijf Nr Omschrijving bevoegdheid Mandaterend bestuurs-orgaan Bevoegde functionaris Bijzondere bepalingen en nadere toelichting 1 Het in gebruik geven en/ of verhuren van (ruimten
  5. in)gemeentelijke (dienst)gebouwen. Zie ook Hoofdstuk XII over het vertegenwoordigen van de gemeente. College Afdelingshoofd; Uitvoerend ambtenaar Bij verhuurovereenkomsten dient juridische toetsing plaats te vinden door de afdeling Bedrijfsvoering. 2 Het aanpassen aan de jaarlijkse huurverhoging van de vergoedingsbedragen voor gebruik en verhuur van sportterreinen en ruimten in dienstgebouwen. College Uitvoerend ambtenaar 3 Het geven van toestemming voor het tegen betaling oogsten van gras op gemeentegrond. College Uitvoerend ambtenaar 4 Het verlenen of weigeren van vergunningen en het geven van toestemmingen voor het aanbrengen of hebben van een kabel, buis, put, installatie, e.d. in gemeentegrond. College Uitvoerend ambtenaar 5 Het verlenen of weigeren van toestemming voor het aansluiten van een afvoerbuis op het gemeentelijk riool. College Uitvoerend ambtenaar 6 Het verlenen of weigeren van privaatrechtelijke toestemming voor het tijdelijk gebruik van gemeentegrond. College Uitvoerend ambtenaar Als deze toestemming gekoppeld is aan een vergunning/ontheffing o.g.v. de APV of het bestemmingsplan, wordt de toestemming behandeld door Publiekszaken. 7 Het nemen van instemmingbesluiten als bedoeld in artikel 5.2 van de Telecommunicatiewet (kabellegging). College Uitvoerend ambtenaar 8 Het verlenen van standplaatsvergunningen op kermissen en markten. College Uitvoerend ambtenaar 9 Het toepassen van de artikelen 6 t/m 27 van de Marktverordening, voor zover niet anders geregeld in deze regeling. College Uitvoerend ambtenaar Zie nr. 10 voor de uitzonderingen 10 Het toepassen van de volgende artikelen uit de Marktverordening: Artikel 2 (met uitzondering van het eerste lid onder
  6. a)Artikel 12 (verlenen dagplaatsvergunning) Artikel 14 (verlenen standwerkervergunning) Artikel 22, lid 3 (toestemming verlenen voor vervanging door ander) Artikel 23, lid 2 (ontheffing i.g.v. ziekte e.
  7. d)Artikel 26, lid 2 (ontheffing voor vroegtijdig verlaten markt) Artikel 28 (bevel tot onmiddellijke verwijdering) Artikel 30 (hardheidsclausule) Alsmede het handhaven van de aan de vergunning verbonden voorschriften. College Marktmeester 11 Het nemen van (tijdelijke) verkeersbesluiten als bedoeld in artikel 15 en 18 Wegenverkeerswet (WVW) en overeenkomstig de voorschriften van de Besluit Administratieve Bepalingen inzake het Wegverkeer (BABW), voorzover het verkeersbesluit moet worden genomen i.h.k.v. evenementen en festiviteiten. College Afdelingshoofd 12 Het treffen van tijdelijke verkeersmaatregelen en de plaatsing of verwijdering van verkeerstekens o.g.v. artikel 15, 16 en 17 van de Wegenverkeerswet (WVW), het Reglement Verkeersregels en Verkeerstekens (RVV) of het Besluit Administratieve Bepalingen inzake het Wegverkeer (BABW). College Uitvoerend ambtenaar 13 Het aangaan van contracten inzake lichtmastreclames. College Uitvoerend ambtenaar Conform het vastgestelde beleid. 14 Het beschikbaar stellen van gelden voor de vervanging van materialen in gymnastieklokalen en sportvelden. College Uitvoerend ambtenaar Voor zover het binnen de begroting valt. 15. Het aanwijzen van ambtenaren voor de wachtdienst gladheidbestrijding (strooiers en strooileiders). College Clustercoördinator 16. Het verlenen van ontheffing van de verplichting tot deelneming aan de wachtdienst gladheidbestrijding. College Afdelingshoofd 17. Het vaststellen van dienstroosters voor de gladheidbestrijding. College Clustercoördinator 18. Het nemen van een besluit met betrekking tot het verlagen of verhogen van de vergoeding voor de wachtdienst gladheidbestrijding. College Afdelingshoofd 19. Het vaststellen van de werkinstructie voor strooileiders gladheidbestrijding. College Afdelingshoofd 20 Het aanwijzen van de periode waarbinnen éénmalig kosteloos van containervolume kan worden gewisseld. College Uitvoerend ambtenaar Deze bevoegdheid vloeit voort uit artikel 1.4.1 van de tarieventabel van de Verordening afvalstoffenheffing en reinigingsrechten Opsterland 2010. De periode moet in nauw overleg met de OMRIN worden vastgesteld. IX Bedrijfsvoering Nr Omschrijving bevoegdheid Mandaterend bestuurs-orgaan Bevoegde functionaris Bijzondere bepalingen en nadere toelichting 1 Het in gebruik geven en verhuren van (ruimten
  8. in)gemeentelijke gebouwen bestemd voor de openbare dienst College Afdelingshoofd Zie ook Hoofdstuk XII over het vertegenwoordigen van de gemeente. 2 Het aanpassen aan de jaarlijkse huurverhoging van de vergoedingsbedragen voor gebruik en verhuur van ruimten in het gemeentehuis. College Uitvoerend ambtenaar 3 Het doen van aangiften inzake omzetbelastingen. College Uitvoerend ambtenaar 4 Het opnemen en uitzetten van kasgeldleningen. College Uitvoerend ambtenaar Overeenkomstig de bepalingen van het Financieringsstatuut. 5 Het tekenen van betalings -en inningsopdrachten. College Uitvoerend ambtenaar Voor deze opdrachten zijn twee verschillende handtekeningen vereist. Voor zowel de eerste, als de tweede handtekening zijn elk drie verschillende, met naam genoemde personen aangewezen. 6 Het aangaan van kort kredietarrangementen binnen het raamcontract. College Afdelingshoofd Overeenkomstig de bepalingen van het Financieringsstatuut. 7 Het beleggen van overtollige middelen voor de langere termijn. College Afdelingshoofd Overeenkomstig de bepalingen van het Financieringsstatuut. 8 De uitvoering van het saldo -en liquiditeitenbeheer College Afdelingshoofd 9 Het aanvragen van inlichtingen uit registers van de Justitiële Documentatiedienst en uit de strafregisters i.v.m. koninklijke onderscheidingen. Burgemeester Uitvoerend ambtenaar Er is een apart (persoonlijk) aanwijzingsbesluit nodig. 10 Het aansprakelijk stellen van derden bij het toebrengen van letselschade aan medewerkers van de gemeente in de uitoefening van hun functie. College Burgemeester Afdelingshoofd 11. Het nemen van besluiten m.b.t. invordering van gemeentelijke belastingen, met uitzondering van het verlenen of weigeren van kwijtschelding. invorderings-ambtenaar Uitvoerend ambtenaar Het invorderen van aanslagen gemeentelijke belastingen is geattribueerd aan de invorderingsambtenaar (artikel 255, lid 1 ju. 231, lid 2, sub c, Gemeentewet). Door het College is – voor zover het geen kwijtscheldingen betreft - het hoofd van de afdeling Bedrijfsvoering hiertoe aangewezen. Het afschrijven / oninbaar verklaren van aanslagen gemeentelijke heffingen is niet gemandateerd. 12. Het beslissen op bezwaarschriften tegen aanmaningen of dwangbevelen o.g.v. de Invorderingswet, de Kostenwet en het Wetboek van Rv. alsmede de executie van titels die o.g.v. de Algemene bijstandswet zijn verkregen. invorderings-ambtenaar Clustercoördinator financiën Eventueel met ondersteuning van een juridisch medewerker. 13. Het verlenen van uitstel van betaling van bestuursrechtelijke geldschulden (art. 4:94 Awb), Het verlenen van voorschotten (art. 4:95 Awb) , het intrekken of wijzigen van een voorschotbeschikking (art. 4:96 Awb) en het vaststellen van de rente bij bestuursrechtelijke geldschulden (art. 4:99 Awb) College Uitvoerend ambtenaar 14 Het vaststellen van de verschuldigdheid en de hoogte van de dwangsom bij niet tijdig beslissen, als bedoeld in artikel 4:18 Awb. College Uitvoerend ambtenaar 15 Het innen van de vergoedingen in het kader van artikel 5 van de Regeling elektrische en elektronische apparatuur. college Afvalsturing Friesland NV X Brandweer Nr Omschrijving bevoegdheid Mandaterend bestuurs-orgaan Bevoegde functionaris Bijzondere bepalingen en nadere toelichting 1 Het beheren en in gebruik geven van (ruimten
  9. in)dienstgebouwen van de brandweer. Zie ook Hoofdstuk XII over het vertegenwoordigen van de gemeente. College Brandweer-commandant Bij huurovereenkomsten dient juridische toetsing plaats te vinden door de afdeling Bedrijfsvoering. 2 Het aanpassen aan de jaarlijkse huurverhoging van de vergoedingsbedragen voor gebruik en verhuur van ruimten in de dienstgebouwen van de brandweer. College Uitvoerend ambtenaar 3 Het beslissen aangaande benoeming, bevordering en ontslag van vrijwillig brandweerpersoneel met uitzondering van de bevelvoerders. Opmerking: Dit overeenkomstig de lijn bij Afdelingshoofden Zie bij III Algemeen / personeelsaangelegenheden punt 4. College Brandweer-commandant Na overleg met de portefeuillehouder. 4 Het toekennen van gratificaties bij ambtsjubilea van vrijwillig brandweerpersoneel. College Brandweer-commandant 5 Het nemen van besluiten over de te volgen opleidingen door vrijwillig brandweerpersoneel. College Brandweer-commandant Zie ook hoofdstuk I Algemeen, punt 3. 6 Het organiseren van cursussen voor vrijwillig brandweerpersoneel, met inbegrip van inschakeling van externe personen en instanties. College Brandweer-commandant Zie ook hoofdstuk I Algemeen, punt 3. 7 Het nemen van besluiten in het kader van reisdeclaraties, vergoedingen en onkosten van vrijwillig brandweerpersoneel. College Brandweer-commandant 8 Het opleggen van een verbod om een rookkanaal te gebruiken, zo nodig gevolgd door het doen van een aanschrijving als bedoeld in artikel 14 Woningwet, nadat is geconstateerd dat het betreffende rookkanaal niet voldoet aan de bepalingen genoemd in NEN 6062. College Brandweer-commandant en OvD 9 Het opheffen van het verbod om een rookkanaal te gebruiken nadat is geconstateerd dat het rookkanaal voldoet aan de bepalingen genoemd in NEN 6062. College Uitvoerend ambtenaar 10 Het verlenen of weigeren van een ontheffing op het verbod van open vuur en roken zoals bedoeld in artikel 4 van de Brandbeveiligingsverordening en paragraaf 2.1 van het Gebruiksbesluit. College Uitvoerend ambtenaar 11 Het verlenen of weigeren van een gebruiksvergunning voor een bouwwerk zoals bedoeld in paragraaf 2.11 van het Gebruiksbesluit. College Brandweer-commandant 12 Het behandelen van gebruiksmeldingen als bedoeld in paragraaf 2.12 van het Gebruiksbesluit. College Uitvoerend ambtenaar 13 Het verlenen of weigeren en intrekken van een vergunning voor het gebruik van een tijdelijk bouwwerk als bedoeld in de Brandbeveiligingsverordening, paragraaf 2. College Uitvoerend ambtenaar 14 Het stellen van eisen om brand te voorkomen en het beperken van brandgevaar op grond van wettelijke bepalingen. College Uitvoerend ambtenaar OvD 15 Het geven van voorschriften over het voorkomen van brand en het beperken van de gevolgen van een brand in bossen, heidevelden en venen, zoals bedoeld in artikel 7 van de Brandbeveiligings-verordening. College Uitvoerend ambtenaar 16 Het instellen en opheffen van een rookverbod in bossen en natuurgebieden als bedoeld in de artikel 2:18 van de APV. College Brandweer-commandant 17 Het verlenen of weigeren van toestemming om een automatische brandmeldinstallatie (die voldoet aan de NEN 2535) middels een directe verbinding te mogen aansluiten op de brandweeralarmcentrale. College Brandweer-commandant Met inachtneming van de eisen die door de Brandweeralarmcentrale zijn gesteld. 18 Het beheer en de uitvoering van, alsmede het sluiten van overeenkomsten op grond van de Regeling vertraging in de doormelding van brandmeldinstallaties College Brandweer-commandant 19 Het beheer en de uitvoering van de Brancherichtlijn optische -en geluidssignalen brandweer en de Richtlijnen ongevallen personeel brandweer Opsterland. College Brandweer-commandant XI Vertegenwoordiging A) De privaatrechtelijke vertegenwoordiging De burgemeester vertegenwoordigt de gemeente in en buiten rechte (artikel 171 van de Gemeentewet). Het gaat hier om de gevallen waarin de gemeente als (publiekrechtelijke) rechtspersoon (volgens het privaatrecht) aan het maatschappelijk verkeer deelneemt (privaatrechtelijke vertegenwoordiging). Deze vertegenwoordigingsbevoegdheid houdt geen beslissingsbevoegdheid terzake in, omdat dat in de hoofdstukken I t/m X is geregeld. De privaatrechtelijke vertegenwoordigingsbevoegdheid houdt wel de bevoegdheid in om namens het bevoegde orgaan documenten te ondertekenen. Nr Omschrijving bevoegdheid Mandaterend bestuurs-orgaan Bevoegde functionaris Bijzondere bepalingen en nadere toelichting 1 Het vertegenwoordigen van de gemeente bij het passeren van (notariële) akten, die betrekking hebben op: a. het verwerven, vervreemden of ruilen van onroerende zaken; het vestigen van zakelijke rechten en het aangaan van overeenkomsten inzake huren, verhuren, verpachten of in gebruik geven van onroerend goed. Burgemeester Directie, Uitvoerend ambtenaar en/ of notarismedewerker Naast het mandateren van de bevoegdheid is ook een persoonlijke machtiging noodzakelijk. Dit kan een incidentele of een doorlopende machtiging zijn. Dat laatste natuurlijk voor medewerkers die frequent in rechte optreden. 2 Aanbesteding werken: Het vertegenwoordigen van de gemeente bij schriftelijke overeenkomsten onder bezwarende titel tussen een aanbestedende afdeling en een aannemer voor: a. de uitvoering van een werk; b. het geheel van ontwerp en uitvoering van een werk of c. het laten uitvoeren van een werk met welke middelen dan ook, waarbij de aanbestedende dienst de eisen waaraan het werk moet voldoen, vaststelt. Burgemeester Directie; Afdelingshoofd 3 Aanbesteding levering: Het vertegenwoordigen van de gemeente bij schriftelijke overeenkomsten onder bezwarende titel tussen een (aanbestedende) afdeling of de brandweer en een leverancier voor de: a. aankoop; b. leasing; c. huur of huurkoop (met of zonder koopoptie) van roerende zaken. Burgemeester Directie; Afdelingshoofd; Brandweer-commandant 4 Aanbesteding diensten: Het vertegenwoordigen van de gemeente bij schriftelijke overeenkomsten onder bezwarende titel tussen een aanbestedende afdeling of de brandweer en een dienstverlener. Burgemeester Directie; Afdelingshoofd; Brandweer-commandant 5 Het vertegenwoordigen van de gemeente bij overeenkomsten tot (ver)koop en leveringen aan derden. Burgemeester Directie; Afdelingshoofd; Brandweer-commandant 6 Het vertegenwoordigen van de gemeente bij (ver)huurovereenkomsten m.b.t. (ruimten
  10. in)dienstgebouwen. Burgemeester Directie; Afdelingshoofden Bedrijfsvoering, Gemeentebedrijf; Brandweer-commandant Juridische toetsing van verhuurovereenkomsten dient plaats te vinden door de afdeling Bedrijfsvoering. 7 Het vertegenwoordigen van de gemeente bij het ondertekenen van arbeidsovereenkomsten naar burgerlijk recht. Burgemeester Directie; Afdelingshoofd 8 Het vertegenwoordigen van de gemeente bij rechtsgedingen in alle instanties inzake privaatrechtelijke geschillen w.o. aansprakelijkheidsstellingen naar burgerlijk recht en arbeidsrechtelijke geschillen. Burgemeester Directie; Afdelingshoofd; Uitvoerend ambtenaar De mandataris kan zich in de uitoefening van de vertegenwoordiging laten bijstaan of zelf weer laten vertegenwoordigen door een externe deskundige. 9 Het vertegenwoordigen van de gemeente bij het verlijden van akten, houdende het garanderen van rente, akten van cessie, aflossing en hoofdsom van leningen, betreffende vestigen van krediethypotheken en verklaringen omtrent doorhaling van inschrijvingen in de hypothecaire registers. Burgemeester Directie; Afdelingshoofd; Uitvoerend ambtenaar Tenzij bij specifieke volmacht elders geregeld. 10 Het vertegenwoordigen van de gemeente in rechtsgedingen m.b.t. overeenkomsten, contracten, geleverde producten en/of diensten en de betaling daarvan (in -en verkoop). Burgemeester Directie; Afdelingshoofd; Uitvoerend ambtenaar Eventueel met ondersteuning van een juridisch medewerker. 11 Het vertegenwoordigen van de gemeente bij zittingen van de Kantonrechter. Burgemeester Directie; Afdelingshoofd; Uitvoerend ambtenaar Hieronder vallen ook door derden tegen de gemeente aangespannen rechtsgedingen m.b.t. leveringen door de gemeente. 12 Het vertegenwoordigen van de gemeente in rechtsgedingen m.b.t de vaststelling van verhaal t.g.v. de Wwb, Iaow, Ioaz en Bbz. Burgemeester Afdelingshoofd Sociale Zaken Smallingerland Naast het mandateren van de bevoegdheid is ook een persoonlijke machtiging noodzakelijk. 13 Het in ontvangst nemen, openen en voor ontvangst ondertekenen van deurwaardersexploiten, aangetekende stukken en pakketten, poststukken, postwissels en cheques (m.u.v. girobetaalkaarten). Burgemeester Afdelingshoofd, receptionistes en bodes 14 Het doen van aangifte van strafbare feiten Burgemeester Directie; Afdelingshoofd; Uitvoerend ambtenaar B) De bestuursrechtelijke vertegenwoordiging Bovendien kunnen bestuursorganen (raad, college of burgemeester) zich laten vertegenwoordigen in bestuursrechtelijke procedures (de bestuursrechtelijke vertegenwoordiging). Op grond van artikel 160, eerste lid, onder f Gemeentewet is het college bevoegd om te besluiten om namens de gemeente of het gemeentebestuur rechtsgedingen, bezwaarprocedures of administratieve beroepsprocedures te voeren of handelingen ter voorbereiding daarop te verrichten. De vertegenwoordiging (als eisende partij, dan wel verwerende partij) bij een te voeren rechtsgeding wordt in dit hoofdstuk geregeld. Nr Omschrijving bevoegdheid Mandaterend bestuurs-orgaan Bevoegde functionaris Bijzondere bepalingen en nadere toelichting 1. Het vertegenwoordigen van een bestuursorgaan op hoorzittingen ex artikel 3:15 Algemene wet bestuursrecht. College Uitvoerend ambtenaar 2. Het vertegenwoordigen van het betreffende bestuursorgaan (raad, college of burgemeester) bij hoorzittingen van de Bezwarencommissie. College; Burgemeester Afdelingshoofd; Uitvoerend ambtenaar Ten aanzien van de vertegenwoordiging bij besluiten van het college inzake de Abw e.d. is de vertegenwoordiging gemandateerd aan het afd. hoofd SoZa van Smallingerland (zie ook onderdeel VII, nr. 15). De afhandeling van de bezwaarschriften dient plaats te vinden overeenkomstig de daartoe overeengekomen ‘Routing’. 3. Het vertegenwoordigen van het betreffende bestuursorgaan (raad, college of burgemeester) bij zittingen in publiekrechtelijke procedures, voor zover dit niet anders geregeld is. College, Burgemeester Afdelingshoofd; Uitvoerend ambtenaar Naast het mandateren van de bevoegdheid is ook een persoonlijke machtiging noodzakelijk. Dit kan een incidentele of een doorlopende machtiging zijn. De laatste natuurlijk voor medewerkers die frequent in rechte optreden. 4. Het vertegenwoordigen van de heffingsambtenaar bij de Belastingkamer van het Gerechtshof en de Rechtbank in procedures betreffende belastingzaken. Heffings-ambtenaar Uitvoerend ambtenaar 5. Het vertegenwoordigen van de gemeente tijdens hoorzittingen van Gedeputeerde Staten in het kader van de behandeling van ingekomen bezwaren tegen afgegeven verklaringen van geen bezwaar als bedoeld in artikel 50, lid 5 van de Woningwet en artikel 19 en 19a van de Wet Ruimtelijke Ordening. College Uitvoerend ambtenaar Bijlage Handreiking politieke gevoeligheid in relatie tot de uitvoering van het mandaatregeling Vooraf In artikel 6, letter c van de Mandaatregeling wordt gesteld dat wanneer redelijkerwijs aangenomen mag worden dat de afdoening (grote) politieke consequenties met zich mee zal brengen, dan wel precedentwerking zal oproepen, er geen sprake is van een gemandateerde bevoegdheid. Met andere woorden: bij politiekgevoelige zaken geen mandaat. Maar wat zijn politiekgevoelige zaken? Wat de één politiek gevoelig vindt, ziet de ander als een normale, technische uitvoeringskwestie. Om de voorspelbaarheid van ons handelen te vergroten en om ons zelf handvaten te geven om die politieke gevoeligheid te benoemen, is het raadzaam om enkele uitgangspunten of indicatoren op te stellen. In deze handreiking worden deze nader uitgewerkt. De handreiking heeft enkel een interne functie en kan dan ook niet worden ingeroepen als er (achteraf) sprake is van een op basis van deze handreiking onbevoegd genomen besluit. De handreiking voorziet slechts in algemene richtlijnen. Per concreet geval zal een afweging of inschatting moeten worden gemaakt. Politiekgevoelige zaken hebben de volgende eigenschappen: Ten opzichte van het College: Het onderwerp staat op gespannen voet met de intentie of letterlijke tekst van het Collegeprogramma; Het onderwerp is onlangs in het College besproken en heeft geleid tot politiek-strategische afspraken of samenhangende besluiten; Het onderwerp leidt tot belangentegenstelling tussen de portefeuillehouders of botst met de beleidsbeginselen van andere portefeuillehouders; Het onderwerp ondervindt in de organisatie verschillende of tegenstrijdige benaderingen en interpretaties, waardoor een eenduidig standpunt in het College wordt bemoeilijkt. Ten opzichte van de Raad: Het onderwerp heeft geleid tot vragen in een raadsvergadering of een commissievergadering; Het onderwerp heeft onlangs geleid tot (polariserende) politieke standpunten tussen de raad en een of meerdere Collegeleden; Buiten de vergaderingen om leidt het onderwerp tot vragen en onderzoek door fracties of individuele raadsleden. Ten opzichte van de media: Het onderwerp wordt of is onlangs besproken in de regionale of landelijke pers als uiting van maatschappelijke onrust; Het onderwerp heeft onlangs geleid tot persvragen aan of interviews met bestuurders, raadsleden of andere politici. Ten opzichte van de samenleving: Het onderwerp leidt of heeft geleid tot maatschappelijke acties (wijk -of buurtverenigingen of breder) in de vorm van protesten, handtekeningenacties, betogingen etc.; Het onderwerp heeft geleid tot kritische vragen of andersoortige reacties van (plaatselijke belangen)organisaties, die op sympathie kunnen rekenen van burgers. Ten opzichte van hogere overheden: Het onderwerp staat op gespannen voet met regelgeving en beleidsintenties van provincie of rijksoverheid; Het onderwerp heeft relaties met goedkeuringsbesluiten afkomstig van hogere overheden, en tevens zijn m.b.t. het onderwerp recentelijk bestuurlijke of politieke implicaties aan de orde geweest; Het onderwerp staat ter discussie vanwege een veranderde zienswijze op het gebied van beleid of (al dan niet in voorbereiding zijnde) wijzigingen van regelgeving, wetten, jurisprudentie, en dergelijke. Onder “onderwerp” wordt begrepen: elk incidenteel geval of serie gevallen die in de Mandaatregeling genoemd en als zodanig gemandateerd zijn.

🔗 Naar officiële bron

AI-uitleg op basis van de officiële wettekst. Indicatief, vervangt geen juridisch advies.