Mandaatbesluit/-register griffiepersoneel 2003-IIDe Raad van de gemeente Hoorn; gelezen het voorstel van het Presidium van 21 mei 2003; overwegende dat het uit praktisch oogpunt gewenst is om voor het griffiepersoneel een aantal uitvoerende zaken op het personele vlak neer te leggen bij de raadsgriffier, dit in navolging van en in aansluiting op hetgeen ter zake voor sectordirecteuren is beplaald in het Mandaatbesluit 2002; dat het uit organisatorisch en praktisch oogpunt voorts gewenst is om het treffen van ordemaatregelen in het belang van de dienst te mandateren aan de raadsvoorzitter, teneinde adequaat te kunnen optreden indien dit ten aanzien van de raadsgriffier opportuun wordt geacht; gelet op afdeling 10.1.1 van de Algemene Wet Bestuursrecht; besluit Maandaatbesluit griffiepersoneel 2003 ARTIKEL1:BEGRIPSOMSCHRIJVING In dit besluit wordt verstaan onder: mandaat: het opdragen van de bevoegdheid om in naam van een bestuursorgaan besluiten te nemen in de zin van artikel 1:3 van de Algemene wet bestuursrecht; ondertekeningsmandaat: de gemandateerde tekent namens het bestuursorgaan, dat in beginsel zelf het besluit neemt; mandaatregister: het bij dit besluit behorende overzicht van opgedragen bevoegdheden; schema ambtelijke organisatie : het schema van de ambtelijke organisatie, zoals aangegeven in een bijlage; register: de bij dit besluit behorende bijlage waarin bevoegdheden zijn opgesomd die gemandateerd zijn. ARTIKEL2REIKWIJDTE 1.Bij dit besluit dient het register d.d. 9 mei 2003 als ingelast te worden beschouwd. 2.Voor de uitoefening van zijn taken ter uitvoering van de in het register vermelde bevoegdheden met inbegrip van de ondertekening van de daaruit voortvloeiende stukken, wordt mandaat verleend aan de in het mandaatregister bij die bevoegdheid vermelde functionarissen. 3.Mandatering van bevoegdheden op grond van dit besluit geldt niet als de bevoegdheid inhoudelijk betrekking heeft op de eigen functie. ARTIKEL3GEBRUIK MANDAAT 1.Van het mandaat mag uitsluitend gebruik worden gemaakt, wanneer deze uitoefening van de bevoegdheid: geschiedt overeenkomstig terzake vastgestelde regelgeving en /of vastgestelde beleidsregels en/of door het bestuursorgaan vastgestelde beleidsnotities; past binnen de voor de uitvoering van de taak beschikbaar gestelde budgetten en de vastgestelde personeelsformatie. 2.De functionaris maakt van de hem opgedragen bevoegdheid geen gebruik indien: een intern dan wel extern advies over de desbetreffende aangelegenheid niet overeenstemt met eerder uitgebrachte adviezen en/of beleidsnotities; het beslissingen betreft: op klachten waarover de Ombudscommissie heeft geadviseerd; op Awb-bezwaarschriften dan wel administratieve beroepschriften; inzake het instellen van (hoger) beroep of het vragen van voorlopige voorzieningen, dan wel andere gerechtelijke procedures; het vaststellen van beleidsregels. voorzien kan worden dat het feitelijk toepassen van het mandaat politieke consequenties krijgt of vermoedelijk kan krijgen. In ieder geval betreft dit: zaken die op een bepaalde manier in de schijnwerpers van de publiciteit staan; kwesties waarover krachtens artikel 37 Reglement van Orde vragen gesteld zijn; gevallen waaraan bepaalde (bijvoorbeeld qua imago, financiële, juridische, personele en bedrijfsorganisatorisch) risico's kleven en de daartegen te nemen maatregelen een bestuurlijke afweging vereisen. ARTIKEL4VERVANGINGSREGELING Als het mandaat functioneel is verleend aan de raadsgriffier wordt degene die schriftelijk door het daartoe bevoegde bestuursorgaan als diens plaatsvervanger is aangewezen, in het kader van deze regeling als mandataris gezien. ARTIKEL5ONDERMANDAAT 1.Het verlenen van ondermandaat is uitsluitend toegestaan indien dit uitdrukkelijk in het register is vermeld. 2.Ondermandaat dient schriftelijk te worden verleend. 3.Bij het verlenen van ondermandaat doet de mandaathouder hiervan mededeling aan de gemeenteraad. Namens de raad van de gemeente Hoorn … … …(naam, functie en handtekening van (onder)gemandateerde) ARTIKEL6 ONDERTEKENING 1.Een krachtens afdoenings- of ondertekenings(onder)mandaat genomen besluit dient te vermelden namens welk bestuursorgaan het besluit is genomen. 2.Een besluit dat in afdoenings- of ondertekenings(onder)mandaat is genomen namens de gemeenteraad dient als volgt te worden ondertekend: ARTIKEL7TERUGKOPPELING EN EVALUATIE 1.Van de op grond van dit besluit tot stand gekomen besluiten wordt onder verantwoordelijkheid van de raadsgriffier een maandoverzicht opgesteld gelijk aan de vormgeving die geldt voor de wekelijkse besluitenlijst van het college. In dit overzicht wordt vermeld namens welk bestuursorgaan de desbetreffende besluiten zijn genomen. Verder moet de inhoudelijke kant van de zaak korte en kernachtige maar ook tastbare informatie te bevatten. 2.Het in het voorgaande lid vermelde overzicht wordt binnen twee werkdagen na ommekomst van de desbetreffende maand ter kennis gebracht van de gemeenteraad. 3.Dit besluit en het register zullen uiterlijk twee jaar na de datum van inwerkingtreding ervan op zijn actualiteit en praktische toepassing geëvalueerd worden. ARTIKEL8INWERKINGTREDING Dit besluit treedt in werking op de dag na de bekendmaking van het besluit in het Gemeenteblad. ARTIKEL9SLOTBEPALING Dit besluit met het daarbij behorende register wordt aangehaald als het ‘Mandaatbesluit grifffiepersoneel 2003’. Bijlagen : Register Dit mandaatbesluit dient op grond van artikel 3:42 van de Algemene wet bestuursrecht te worden bekendgemaakt. Ingevolge de Algemene wet bestuursrecht kan een belanghebbende tegen een besluit bezwaar maken door het indienen van een bezwaarschrift bij het bestuursorgaan dat het besluit heeft genomen binnen zes weken nadat het besluit is bekendgemaakt. Het bezwaarschrift dient ondertekend te worden en bevat tenminste de naam en het adres van de indiener, de dagtekening, een omschrijving van het besluit waartegen het bezwaar Mandaatregister griffiepersoneel 2003-II (wijziging 19 juli 2005) Volg-nr. Omschrijving bevoegdheid Mandaatverlener Mandataris Onder-mandaat Wet- en (beleids)regelgeving 1 namens het bestuursorgaan optreden in bezwaarschriftenprocedures binnen de gemeentelijke organisatie gemeenteraad raadsgrifiier nee Gemeentewet en Algemene wet bestuursrecht 2 namens het bestuursorgaan optreden in bezwaar- en beroepsprocedures buiten de gemeentelijke organisatie gemeenteraad bedrijfsjurist (JZ) nee Gemeentewet en Algemene wet bestuursrecht 3 het vaststellen van een generieke danwel specialistische functiebeschrijving (met uitzondering van die van de griffier) gemeenteraad raadsgriffier nee CAR-UWO Hoofdstuk 3; Procedureregeling organieke functiebeschrijving en functiewaardering
AI-uitleg op basis van de officiële wettekst. Indicatief, vervangt geen juridisch advies.