Verordening, regelende de taak, samenstelling en de werkwijze van de Monumentencommissie Geertruidenberg 2003Nr. De raad van de gemeente GEERTRUIDENBERG; Mede gezien het voorstel van burgemeester en wethouders van Geertruidenberg van 10 december 2002; Gelet op het bepaalde in artikel 149 van de Gemeentewet, artikel 15 van de Monumentenwet en artikel 1 lid h van de Monumentenverordening 2003; BESLUIT I. Qua benaming de huidige "Commissie Stadsgezicht en Monumentenzorg" na de inwerkingtreding van dit besluit te benamen als "Monumentencommissie Geertruidenberg"; II. De samenstelling van de onder
- bedoelde Monumentencommissie te handhaven totdat met betrekking tot een "Integrale Monumenten- en Welstandscommissie" nadere voorstellen worden gedaan als besluitvorming heeft plaatsgevonden omtrent het "Welstandsbeleid van gemeente Geertruidenberg" als uitvoeringsmaatregel van de nader door het Rijk vast te stellen "Herziene Woningwet"; III. Vast te stellen de "Verordening regelende de taak, samenstelling en de werkwijze van de Monumentencommissie Geertruidenberg 2003" Artikel1Taak 1Monumentencommissie adviseert burgemeester en wethouders op verzoek of uit eigen beweging alvorens zij besluiten over de in bijlage T genoemde taken die onderdeel uitmaken van deze verordening. 2Over planologische maatregelen, waarbij gemeentelijke- en/of rijksmonumenten, gemeentelijke beschermde stads of dorpsgezichten en beeldbepalende zaken als bedoeld in de "Monumentenverordening Geertruidenberg 2003" en de "Subsidieverordening Monumentenzorg 2003" zijn betrokken, dient de Monumentencommissie om advies te worden gevraagd. 3Voorts brengt de Monumentencommissie advies uit in alle aangelegenheden, waarover burgemeester en wethouders haar oordeel vragen. 4De besluiten die naar aanleiding van de adviezen van de Monumentencommissie zijn genomen worden zo spoedig mogelijk met de Monumentencommissie teruggekoppeld. Artikel2Samenstelling 1De Monumentencommissie bestaat uit minimaal drie en maximaal zeven leden, inclusief de voorzitter. 2In de Monumentencommissie dient deskundigheid vertegenwoordigd te zijn in kennis en aantoonbare vaardigheden op het gebied van: · Architectuurgeschiedenis (Verplicht) · Restauratiearchitectuur en bouwkunde (Verplicht) · Bouwgeschiedenis (Verplicht) · Stedenbouw(geschiedenis) (Verplicht) · Geschiedenis van de stad en/of platteland (verplicht) · Archeologiegeschiedenis (verplicht met ingang van besluitvorming omtrent het wettelijk kader in relatie tot Verdrag v. Malta i.r.t. Monumentenwet) · Kunstgeschiedenis (Wenselijk) · Bestuurlijke/juridische ervaring (Wenselijk) 3Van de leden van de Monumentencommissie wordt verwacht dat zij betrokken zijn bij het inhoudelijk werk van en/of prestaties hebben geleverd in het kader van de taakstelling van de Monumentencommissie en zo mogelijk een band met dan wel kennis over de gemeente Geertruidenberg hebben. 4De voorzitter is: - tot het moment dat met betrekking tot een "Integrale Monumenten- en Welstandscommissie" nadere besluitvorming plaatsvindt in relatie tot het "Welstandsbeleid van gemeente Geertruidenberg" als uitvoeringsmaatregel van de nader door het Rijk vast te stellen "Herziene Woningwet" een nader aan te wij- zen lid van de commissie die vanwege de noodzakelijke continuiteit gedurende het jaar het meest vertegenwoordigd is; - vanaf het moment dat met betrekking tot een "Integrale Monumenten- en Welstandscommissie" nadere besluitvorming heeft plaatsgevonden in relatie tot het "Welstandsbeleid van gemeente Geertruidenberg" als uitvoeringsmaatregel van de nader door het Rijk vast te stellen "Herziene Woningwet" het lid van het college van burgemeester en wethouders die de zorg voor de monumentenzorg en de archeologie in portefeuille heeft en geen stemrecht heeft. 5De Monumentencommissie wordt bijgestaan door een door burgemeester en wethouders aan te wijzen secretaris die geen lid is en geen stemrecht heeft, zijnde de ambtenaar Monumentenzorg. 6De Monumentencommissie en haar voorzitter zijn bevoegd om ambtenaren, adviseurs en/of deskundigen te horen en/of in te schakelen, echter met dien verstande, dat toestemming van burgemeester en wethouders nodig is indien aan het horen of inschakelen van adviseurs en/of deskundigen kosten voor de gemeente verbonden zijn. Artikel3Benoeming en ontslag 1De leden worden voor een periode van vier jaar door burgemeester en wethouders benoemd en kunnen éénmaal worden herbenoemd. Zij treden af volgens een door de Monumentencommissie op te stellen rooster. Voornoemde periode is korter als binnen de periode van 4 jaar in het kader van een "Integrale Monumenten- en Welstandscommissie" nadere besluitvorming plaatsvindt in relatie tot het "Welstandsbeleid van gemeente Geertruidenberg" als uitvoeringsmaatregel van de nader door het Rijk vast te stellen "Herziene Woningwet" in relatie tot de Monumentenwet; 2Burgemeester en wethouders benoemen voor een periode van vier jaar een voorzitter en een plaatsvervangend voorzitter, waarbij herbenoeming niet is uitgesloten. voornoemde periode is korter als binnen de periode van 4 jaar in het kader van een "Integrale Monumenten- en Welstandscommissie" nadere besluitvorming plaatsvindt in relatie tot het "Welstandsbeleid van gemeente Geertruidenberg" als uitvoeringsmaatregel van de nader door het Ruk vast te stellen "Herziene Woningwet" in relatie tot de Monumentenwet; 3Een lid kan ontslag nemen door schriftelijke kennisgeving aan burgemeester en wethouders. Hij blijft zijn functie uitoefenen totdat in de opvolging is voorzien. 4Wanneer burgemeester en wethouders blijkt dat een lid zijn of haar taak niet of niet behoorlijk vervult, kunnen zij dit lid te ontslaan als lid van de Monumentencommissie. 5In de Monumentencommissie kunnen geen stemgerechtigde leden worden benoemd die raadslid van, politiek actief of ambtenaar bij de gemeente Geertruidenberg zijn. Artikel4Financiën De leden van de Monumentencommissie ontvangen voor hun werkzaamheden een vergoeding alsmede een reiskostenvergoeding die door burgemeester en wethouders jaarlijks worden vastgesteld. Artikel5Vergaderingen 1De vergaderingen van de Monumentencommissie zijn in principe openbaar. De deuren worden gesloten wanneer de meerderheid van het aantal aanwezige leden daarom verzoekt of de voorzitter het nodig oordeelt. 2De Monumentencommissie vergadert tenminste tien maal per jaar of zo dikwijls als burgemeester en wethouders, dan wel de voorzitter dit nodig oordelen, dan wel nadat tenminste drie leden schriftelijk en onder opgaaf van redenen hierom hebben verzocht. 3De voorzitter belegt de vergaderingen en zorgt dat de agenda, spoedeisende gevallen uitgezonderd, tenminste zeven dagen van tevoren wordt verzonden met vermelding van de te behandelen onderwerpen en bijbehorende stukken. 4Bij verhindering van de voorzitter wordt deze vervangen door een door de Monumentencommissie tijdens de eerste vergadering van de Monumentencommissie aan te wijzen lid. Artikel6 1De vergadering wordt niet gehouden als blijkens de presentielijst niet tenminste drie van de leden ter vergadering aanwezig is. 2Kan als gevolg van het onder lid 1 gestelde een vergadering niet doorgaan, dan wordt zo mogelijk met een tussentijd van tenminste 24 uur een nieuwe vergadering belegd. Wanneer ook dan het vereiste aantal leden niet is opgekomen, wordt over de op de agenda vermelde onderwerpen beraadslaagd en geadviseerd door de aanwezig zijnde leden. 3Besluiten worden genomen bij meerderheid van stemmen. Bij staking van de stemmen vindt er herstemming plaats in de eerstvolgende vergadering. De minderheid kan vorderen, dat haar afwijkende mening uit het advies blijkt. Adviezen worden met redenen omkleed en door de voorzitter en de secretaris getekend. 4Op voorstel van de voorzitter kan de besluitvorming over zaken plaatsvinden door toezending van een voorstel aan de leden, die daarover schriftelijk hun mening kenbaar kunnen maken. 5De Monumentencommissie c.q. de voorzitter kan omtrent het in een besloten vergadering behandelde en omtrent de inhoud van de stukken, die aan de commissie worden overgelegd, geheimhouding opleggen. Geheimhouding wordt zowel door de leden, die bij de behandeling aanwezig waren, als de ingevolge artikel 2 4 lid aanwezigen, in acht genomen tot de Monumentencommissie of de voorzitter de geheimhouding opheft. Artikel7 Burgemeester en wethouders en de gemeentesecretaris kunnen de besloten vergaderingen als toehoorder bijwonen. Artikel8Verslaglegging 1Van het besprokene in een vergadering wordt door de secretaris een beknopt zakelijk verslag gemaakt met vermelding van de door de Monumentencommissie uitgebrachte adviezen. 2Dit verslag wordt in de eerstvolgende vergadering van de Monumentencommissie vastgesteld en door de voorzitter en de secretaris ondertekend. 3De secretaris draagt zorg voor het ter kennisneming brengen van het verslag aan burgemeester en wethouders. Artikel9Jaarverslag Van de werkzaamheden van de Commissie wordt jaarlijks voor 1 april van het daar- opvolgend jaar een schriftelijk verslag gemaakt dat ter kennis wordt gebracht aan burgemeester en wethouders en de raad. Artikel10Inwerkingtreding 1Deze verordening, die kan worden aangehaald als "Verordening regelende de taak, samenstelling en werkwijze van de Monumentencommissie Geertruidenberg 2003", treedt in werking met ingang van 30 januari 2003, zulks onder gelijktijdige intrekking van de Verordening regelende de bevoegdheden en de samenstelling van de Commissie Stadsgezicht en Monumentenzorg 1997 vastgesteld door de raad op 27 maart
- 2Voor de werving en de selectie van leden voor de Monumentencommissie zal ingeval van benoeming van nieuwe leden de procedure starten op het moment dat burgemeester en wethouders dit noodzakelijk achten en zullen deze worden benoemd onder gelijktijdig ontslag van de zittende leden. Aldus vastgesteld in de openbare raadsvergadering van 30 januari
- De raad voornoemd,De griffier, de voorzitter, Drs. K.M.C. Millenaar-Rammelaere M.J.A. Meijer 1 Bijlage 1 De Monumentencommissie Geertruidenberg adviseert burgemeester en wethouders op verzoek of uit eigen beweging over de volgende aangelegenheden: A. De aanwijzing van beschermde gemeentelijke monumenten en de samenstelling van het register van beschermde gemeentelijke monumenten als bedoeld in artikel 3 en 6 van de “Monumentenverordening Geertruidenberg 2003”. B. De aanwijzing van beschermde rijksmonumenten als bedoeld in artikel 3 van de Monumentenwet
- C. De aanwijzing van beschermde beeldbepalende zaken en de samenstelling van het register van beschermde beeldbepalende zaken als bedoeld in artikel 21 en 22 van de “Monumentenverordening Geertruidenberg 2003”. D. De aanwijzing van beschermde stads‑ en dorpsgezichten als bedoeld in artikel 35 van de Monumentenwet
- E. De aanwijzing van beschermde stads‑ en dorpsgezichten als bedoeld in artikel 15 en de registratie daarvan als bedoeld in artikel 17 van de “Monumentenverordening Geertruidenberg 2003”. F. De aanwijzing van beschermde gemeentelijke archeologische monumenten als bedoeld in artikel 3 van de “Monumentenverordening Geertruidenberg 2003”. G. Aanvragen om vergunning als bedoeld in artikel 11, 37 en 39 van de Monumentenwet
- H. Aanvragen om vergunning als bedoeld in artikel 10, 11, 14, 20, 23 en 24 van de “Monumentenverordening Geertruidenberg
- I. De uitvoering van de “Monumentenverordening Geertruidenberg 2003”. J. Het uitvoeren van werkzaamheden in het kader van het BRRM 1997 of de BRIM 2002 e.v. K. Verzoeken om subsidie als bedoeld in de “Subsidieverordening Monumentenzorg 2003”. L. De bevordering tot het herstel van beschermde rijks‑ en gemeentelijke monumenten en beeldbepalende zaken. M. Advisering omtrent Beeldkwaliteitplannen, Cultuurhistorische analyses en effectrapportages voor gebieden, die (ingrijpende)wijzigingen in de ruimtelijke ordeningsstructuur ondergaan. N. Advisering omtrent de ontwikkeling van een integraal cultuurhistorisch beleid voor zowel bovengrondse‑ als ondergrondse zaken en terreinen. O. Alle overige aangelegenheden, hiervoor niet gespecificeerd, die van belang (kunnen) zijn voor de behartiging van de monumentenzorg en archeologie in de gemeente Geertruidenberg, waaronder de toepassing van de Monumentenwet 1988, de Woningwet, de Wet op de Ruimtelijke Ordening, de Wet op de Stads‑ en dorpsvernieuwing, de “Monumentenverordening Geertruidenberg 2003” en de “Subsidieverordening Restauratieregelingen Gemeentelijke Monumenten en Beeldbepalende Panden gemeente Geertruidenberg 2003”.