Verordening cliëntenparticipatie Wwb gemeente ZandvoortWet werk en bijstand Vastgesteld door de gemeenteraad van Zandvoort : d.d. 24 maart 2009 Gepubliceerd in de Zandvoortse Courant : d.d. 16 juli 2009 Inwerkingtreding : d.d. 01 januari 2009 Registratienr: 2009/01/3599 Z2009-000625 VERORDENING Cliëntenparticipatie Wwb gemeente Zandvoort De raad van de gemeente Zandvoort: gelezen het voorstel van het college van burgemeester en wethouders van 17 februari 2009, nr. 2009/01/3691; gelet op de overwegingen van de commissie Raadszaken van 10 maart 2009; gelet op artikel van de Wet werk en bijstand; besluit de volgende verordening, inclusief toelichting, vast te stellen: Verordening Cliëntenparticipatie Artikel 1 Begripsbepalingen Voor de toepassing van deze verordening wordt verstaan onder: a.het college: het college van Burgemeester en Wethouders van de gemeente Zandvoort; b.de raad: de gemeenteraad van Zandvoort. c.wet: Wet werk en bijstand of de Wet Inkomensvoorziening Oudere en gedeeltelijk arbeidsongeschikte werkloze werknemers of de Wet inkomensvoorziening oudere en gedeeltelijk arbeidsongeschikte gewezen zelfstandigen; d.cliënten: personen die een uitkering ontvangen op grond van de wet dan wel op grond van het minimabeleid van de gemeente; e.vertegenwoordigers: vertegenwoordigers van belangenorganisaties van cliënten; Artikel 2 Cliëntenraad 1.De cliëntenraad wordt ingesteld door het college om de gewenste participatie vanburgers te bereiken binnen de gemeente Zandvoort. 2.De cliëntenraad heeft tot doel de communicatie te bevorderen tussen de gemeente Zandvoort en haar cliënten. Artikel 3 Taak 1.De cliëntenraad heeft tot taak het college gevraagd en ongevraagd te adviserenover haar dienstverlening en de beleidsterreinen die direct verband houden met of verwant zijn aan de wet. 2.De cliëntenraad adviseert niet over individuele zaken/klachten. 3.De cliëntenraad adviseert niet over interne of organisatorische aangelegenhedenvan de gemeente. Artikel 4 Benoeming en ontslag leden 1.Leden van de cliëntenraad worden benoemd door het college. 2.De zittingsduur van de leden is behoudens tussentijds aftreden in beginsel maximaal 4 jaar, en zij kunnen ten hoogste eenmaal worden herbenoemd. 3.Het lidmaatschap van de cliëntenraad wordt in principe beëindigd na afloop van de cliëntrelatie, maar kan nog met maximaal een jaar worden voortgezet zolang niet in vervanging is voorzien. 4.Het lidmaatschap eindigt met onmiddellijke ingang op het moment dat het lid daarzelf schriftelijk om verzoekt bij het college. 5.De benoeming ter voorziening in een tussentijdse vacature geschiedt bij voorkeurbinnen twee maanden na het ontstaan van de vacature. 6.Leden van de cliëntenraad kunnen geen deel uitmaken van of werkzaam zijnonder verantwoordelijkheid van bestuursorganen van de gemeente. Op het moment dat een lid onderdeel gaat uitmaken van of begint met het verrichten van werkzaamheden onder verantwoordelijkheid van een bestuursorgaan van de gemeente eindigt zijn lidmaatschap van de cliëntenraad. Artikel 5 Samenstelling 1.De cliëntenraad vormt zoveel mogelijk een afspiegeling van het cliëntenbestand van de gemeente en bestaat uit minimaal 4 leden en maximaal 8 leden. 2.De cliëntenraad bestaat zoveel mogelijk uit een gelijk aantal cliënten en vertegenwoordigers. 3.De cliëntenraad benoemt uit zijn midden een voorzitter en een secretaris. Artikel 6 Werkwijze 1.Om te kunnen voldoen aan het in artikel 3 lid 1 gestelde dient de cliëntenraad door de gemeente tijdig van tevoren te worden geïnformeerd en/of om advies gevraagd. 2.Ieder lid mag zowel mondeling als schriftelijk bij de voorzitter van de cliëntenraad voorstellen indienen. 3.De cliëntenraad vergadert in principe zes keer per jaar. 4.De vergaderingen van de cliëntenraad worden in het openbaar gehouden. 5.Indien over personen wordt beraadslaagd of over zaken waaromtrent een meerderheid van de aanwezige leden van de cliëntenraad dat wenst, wordt een besloten vergadering gehouden. In dat geval zijn de geheimhoudingsregels van de Gemeentewet van toepassing. 6.De voorzitter draagt er zorg voor dat de oproepingen, spoedeisende zaken uitgezonderd, tenminste tien dagen voor de te houden vergaderingen worden verzonden. Indien er sprake is van een spoedeisende zaak zal de voorzitter de leden inhoudelijk de argumenten betreffende het spoedeisende karakter meedelen. 7.De oproeping vermeldt plaats, datum en uur van de vergadering alsmede de agenda. 8.Tijdens de vergadering wordt geen besluit genomen als daarvoor niet tenminste de helft van het aantal zitting hebbende leden is opgekomen. 9.Op verzoek van de voorzitter dan wel tenminste 1/3 deel van de leden kunnen leden van het college van burgemeester en wethouders, de gemeenteraadsleden, functionarissen in dienst van de gemeente en/of andere deskundigen worden uitgenodigd voor het bijwonen van een vergadering of delen daarvan, het zij bij de behandeling van bepaalde onderwerpen. 10.Een besluitenlijst van de vergadering wordt binnen twee weken na de vergadering verspreid. De notulen worden gelijktijdig met de oproepingen tien dagen voor de te houden vergadering samen met de agenda toegestuurd. In de vergadering worden deze vastgesteld. 11.De cliëntenraad brengt over de werkzaamheden jaarlijks een verslag uit binnen vier maanden na het einde van het kalenderjaar waar het verslag betrekking op heeft. Dit verslag wordt ter kennis gebracht aan het college, de gemeenteraad en raadscommissie van de gemeente. Artikel 7 Faciliteiten 1.Het college verschaft de cliëntenraad de fysieke faciliteiten die nodig zijn voor deuitoefening van haar taak. 2.De cliëntenraad kan wanneer er middelen nodig zijn voor deskundigheidsbevordering een verzoek doen bij het college. Het college zal beoordelen of dit verzoek redelijk is. 3.De leden van de cliëntenraad ontvangen een onkostenvergoeding per bijgewoonde vergadering. De onkostenvergoeding geldt alleen voor de overlegvergadering met de Gemeente. Alle interne overleggen worden niet betaald. 4.De hoogte van de onkostenvergoeding bedraagt € 50,--en wordt jaarlijks geïndexeerd met het prijsindexcijfer voor de gezinsconsumptie (CPI). Artikel 8 Inwerkingtreding De verordening treedt in werking op 01 januari
AI-uitleg op basis van de officiële wettekst. Indicatief, vervangt geen juridisch advies.