Luchthavenregeling Zweefvliegterrein Biddinghuizen PROVINCIALE STATEN VAN FLEVOLAND Gelezen het voorstel van het college van Gedeputeerde Staten van Flevoland nummer 1113955, Gelet op het bepaalde in en krachtens de Wet luchtvaart, het Besluit burgerluchthavens, de Regeling burgerluchthavens, de Regeling veilig gebruik luchthavens en andere terreinen en de Wet regelgeving burgerluchthavens en militaire luchthavens (RBML), Gezien het advies van de commissie Ruimte van Provinciale Staten van Flevoland d.d. 6 april 2011, Overwegende dat - voor het zweefvliegterrein Biddinghuizen door de Minister van Verkeer en Waterstaat op 29 mei 1995 een verklaring is afgegeven dat het zweefvliegterrein voldoet aan de voorschriften van het Besluit inrichting en gebruik niet aangewezen luchtvaartterreinen (BIGNAL); - dat vervolgens bij brief van 6 februari 2001 door de Minister is meegedeeld dat besloten is dergelijke verklaringen niet meer af te geven, omdat het beleidsuitgangspunt is geworden dat een beheerder van een zweefvliegterrein in eerste instantie verantwoordelijk is voor de inrichting, uitrusting en gebruik van het zweefvliegterrein en dat hij/zij er zorg voor draagt dat aan de eisen van het BIGNAL wordt voldaan; - dat voor het zweefvliegterrein door de Minister van Verkeer en Waterstaat op 29 mei 1995 een ontheffing ex artikel 14 Luchtvaartwet is verleend voor het beperkt gebruik door een sleepvliegtuig, welke op 1 juni 1996 was verlopen; - dat voor het zweefvliegterrein door de Minister van Verkeer en Waterstaat opnieuw een ontheffing ex artikel 14 Luchtvaartwet is verleend voor het beperkt gebruik door een sleepvliegtuig, welke op 1 juli 2010 zou verlopen, maar welke op 15 oktober 2009 ambtshalve is verlengd tot 1 november 2010; - dat het BIGNAL met ingang van 1 november 2009 is vervallen bij de wijziging van de Wet luchtvaart (Regelgeving burgerluchthavens en militaire luchthavens) (RBML); - dat in deze wijzigingswet in artikel XV als overgangsrecht is bepaald dat in dat geval voor deze luchthaven een luchthavenregeling moet worden vastgesteld binnen een jaar na de inwerkingtreding van dit onderdeel van de wet; - dat per 1 november 2009 in werking is getreden de Regeling veilig gebruik luchthavens en andere terreinen, waarin vergelijkbare eisen aan luchthavens in het algemeen en luchthavens voor zweeftoestellen in het bijzonder worden gesteld; - dat in artikel 8.64 van de Wet luchtvaart is bepaald dat luchthavenregelingen bij verordening door Provinciale Staten worden vastgesteld, BESLUITEN Vast te stellen de Luchthavenregeling Zweefvliegterrein Biddinghuizen Artikel 1 Deze regeling is van toepassing op het gebied van het zweefvliegterrein Biddinghuizen, gelegen in de gemeente Dronten, Mosselweg 10 te Biddinghuizen op 52°25’45”NB en 005°40’27”OL, zoals aangegeven op de bij deze regeling behorende kaart (figuur 2). Artikel
AI-uitleg op basis van de officiële wettekst. Indicatief, vervangt geen juridisch advies.