Verordening op de heffing en invordering van lijkbezorgingsrechten 2012 Millingen aan de RijnDe raad van de gemeente Millingen aan de Rijn; gezien het voorstel van het college van burgemeester en wethouders van 29 november 2011; gelet op artikel 229, eerste lid, aanhef en onderdelen a en b, van de Gemeentewet; besluit: vast te stellen de: Verordening op de heffing en invordering van lijkbezorgingsrechten 2012 Millingen aan de Rijn. Artikel1Begripsomschrijvingen Deze verordening verstaat onder: begraafplaats: de algemene begraafplaats van de gemeente Millingen aan de Rijn; eigen graf: een particulier graf waarvoor aan een natuurlijk of rechtspersoon het uitsluitend recht is verleend tot: het doen begraven en begraven houden van lijken het doen bijzetten en bijgezet houden van asbussen met of zonder urnen; het doen verstrooien van as; algemeen graf: een graf bij de gemeente in beheer waarin gelegenheid wordt geboden tot het doen begraven van lijken; eigen urnengraf: een particulier graf waarvoor aan een natuurlijk of rechtspersoon het uitsluitend recht is verleend tot: het bijzetten en bijgezet houden van asbussen met of zonder urnen; het doen verstrooien van de as van lijken; algemeen urnengraf: een graf bij de gemeente in beheer waarin aan een ieder gelegenheid wordt geboden tot het doen bijzetten van asbussen met of zonder urnen; asbus: een bus ter berging van as van een overledene; urn: een voorwerp ter berging van één of meer asbussen; kindergraf: een eigen graf, overeenkomstig artikel 1 sub b, op een afzonderlijk daarvoor bestemd gedeelte van de begraafplaats voor het begraven van stoffelijke overschotten van kinderen met een leeftijd jonger dan 12 jaar. Artikel2Belastbaar feit Op basis van deze verordening worden rechten geheven voor het gebruik van de begraafplaats, en voor het door de gemeente verlenen van diensten in verband met de begraafplaats. Artikel3Belastingplicht De rechten worden geheven van degene op wiens aanvraag dan wel ten behoeve van wie de dienst wordt verricht of van degene die van de bezittingen, werken of inrichtingen gebruik maakt. Artikel4Vrijstellingen De rechten worden niet geheven voor het begraven van doodgeboren kinderen of van zuigelingen die met de overleden moeder in één kist worden begraven. Artikel5Maatstaf van heffing en belastingtarief 1.De rechten worden geheven naar de maatstaven en de tarieven, opgenomen in de bij deze verordening behorende tarieventabel. 2.Voor de berekening van de rechten wordt een gedeelte van een in de tarieventabel genoemde eenheid als een volle eenheid aangemerkt. Artikel6Belastingjaar Met betrekking tot de rechten die per jaar worden geheven is het belastingjaar gelijk aan het kalenderjaar. Artikel7Wijze van heffing De rechten worden geheven door middel van een gedagtekende schriftelijke kennisgeving, waaronder mede wordt begrepen een nota of andere schriftelijke kennisgeving waarop het gevorderde bedrag is vermeld. Het gevorderde bedrag wordt door toezending of uitreiking van de schriftelijke kennisgeving aan de belastingschuldige bekendgemaakt. Artikel8Ontstaan van de belastingschuld, en heffing naar tijdsgelang voor de jaarlijks verschuldigde rechten 1.De rechten als bedoeld in de tarieventabel zijn verschuldigd bij de aanvang van de dienstverlening of bij de aanvang van het gebruik van de bezittingen, werken of inrichtingen. 2.Indien de belastingplicht in de loop van de periode waarvoor de rechten zijn geheven eindigt, bestaat aanspraak op ontheffing voor de rechten als bedoeld in de tarieventabel. Deze ontheffing wordt berekend naar het aantal volle kalenderjaren na het eindigen van de belastingplicht. Bij de berekening van de ontheffing wordt uitgegaan van het betreffende tarief van heruitgifte zoals dat gold bij de aanvang van de belastingplicht dan wel de laatste verlenging van de rechten. Artikel9Termijnen van betaling 1.In afwijking van artikel 9, eerste lid, van de Invorderingswet 1990 moeten de rechten betaald worden binnen 30 dagen na de dagtekening van de schriftelijke kennisgeving. 2.De Algemene Termijnenwet is niet van toepassing op de in het eerste lid gestelde termijn. Artikel10Kwijtschelding Bij de invordering van de lijkbezorgingsrechten wordt geen kwijtschelding verleend. Artikel11Nadere regels Het college van burgemeester en wethouders kan nadere regels geven met betrekking tot de heffing en de invordering van de rechten. Artikel12Inwerkingtreding en citeertitel 1.De 'Verordening Lijkbezorgingsrechten 2011 Millingen aan de Rijn' vastgesteld bij raadsbesluit van 25 januari 2011 en bijbehorende 'Tarieventabel Verordening Lijkbezorgingsrechten 2011 vastgesteld bij raadsbesluit van 25 januari 2011, worden ingetrokken met ingang van de in het derde lid genoemde datum van ingang van de heffing, met dien verstande dat zij van toepassing blijven op de belastbare feiten die zich voor die datum hebben voorgedaan. 2.Deze verordening treedt in werking met ingang van de eerste dag na die van de bekendmaking. 3.De datum van ingang van de heffing is 1 januari
AI-uitleg op basis van de officiële wettekst. Indicatief, vervangt geen juridisch advies.