VERORDENING PARKEERBELASTINGEN HELMOND 2012De raad van de gemeente Helmond; gezien het voorstel van burgemeester en wethouders van 6 september 2011; gelet op de bepalingen van de Gemeentewet; besluit: Vast te stellen de Verordening Parkeerbelastingen Helmond
- Artikel1Begripsomschrijvingen Voor de toepassing van deze verordening wordt verstaan onder: parkeren: het gedurende een aaneengesloten periode doen of laten staan van een motorvoertuig, anders dan gedurende de tijd die nodig is voor en gebruikt wordt tot het onmiddellijk in- of uitstappen van personen dan wel het onmiddellijk laden of lossen van zaken, op binnen de gemeente gelegen voor het openbaar verkeer openstaande terrein of weggedeelten, waarop dit doen of laten staan niet ingevolge een wettelijk voorschrift is verboden; motorvoertuigen: hetgeen daaronder wordt verstaan in het RVV 1990 met inbegrip van brommobielen, zoals bedoeld in artikel 1 onder ia van het RVV 1990; houder: degene op wiens naam het voor het motorrijtuig opgegeven kenteken ten tijde van het parkeren was ingeschreven in het krachtens de Wegenverkeerswet 1994 aangehouden register van opgegeven kentekens; parkeerapparatuur: parkeermeters, parkeerautomaten, met inbegrip van verzamelparkeermeters, en hetgeen naar maatschappelijke opvattingen overigens onder parkeerapparatuur wordt verstaan; autodate: het herhaald en opeenvolgend gezamenlijk gebruik van motorvoertuigen op grond van een overeenkomst tussen natuurlijke personen en een aanbieder of tussen natuurlijke personen uit meer dan een huishouden. Artikel2Belastbaar feit Onder de naam ‘parkeerbelastingen’ worden de volgende belastingen geheven: Een belasting ter zake van het parkeren van een voertuig op een bij, dan wel krachtens deze verordening in de daarin aangewezen gevallen door het college van Burgemeester en Wethouders te bepalen plaats, tijdstip en wijze; Een belasting ter zake van een van gemeentewege verleende vergunning voor het parkeren van een motorvoertuig op een in die vergunning aangegeven plaats en wijze. Artikel3Belastingplicht 1.De belasting bedoeld in artikel 2 onderdeel a, wordt geheven van degene die het voertuig heeft geparkeerd. 2.Als degene die het voertuig heeft geparkeerd wordt mede aangemerkt: Degene die de belasting voldoet, dan wel te kennen geeft of heeft gegeven de belasting te willen voldoen; Zolang geen voldoening van de belasting genoemd in artikel 2, onderdeel a, heeft plaatsgevonden: de houder van het voertuig, met dien verstande dat: 1.als een voor ten hoogste drie maanden aangegane huurovereenkomst wordt overgelegd waaruit blijkt wie ten tijde van het parkeren ingevolge deze overeenkomst de huurder van het voertuig was, niet de houder maar de huurder wordt aangemerkt als degene die het motorvoertuig heeft geparkeerd; 2.als blijkt dat een ander in het kentekenregister had moeten staan ingeschreven, die ander wordt aangemerkt als degene die het voertuig heeft geparkeerd. 3.De belasting bedoeld in artikel 2, onderdeel a, wordt niet geheven van degene die op de voet van het tweede lid, onderdeel b als degene die het motorvoertuig heeft geparkeerd wordt aangemerkt, als deze aannemelijk maakt dat ten tijde van het parkeren een ander tegen zijn wil van het motorvoertuig gebruik heeft gemaakt en dat hij dit gebruik redelijkerwijs niet heeft kunnen voorkomen. 4.De belasting bedoeld in artikel 2, onderdeel b, wordt geheven van degene die de vergunning heeft aangevraagd. Artikel4Maatstaf van heffing, belastingtarief en belastingtijdvak De maatstaf van heffing, het belastingtarief en het belastingtijdvak zijn vermeld in de bij deze verordening behorende en daarvan deel uitmakende tarieventabel. Artikel5Wijze van heffing 1.De belasting bedoeld in artikel 2, onderdeel a, wordt geheven bij wege van voldoening op aangifte. Als voldoening op aangifte wordt aangemerkt het bij de aanvang van het parkeren in werking stellen van de parkeerapparatuur op de daartoe bestemde wijze en met inachtneming van de door het college van burgemeester en wethouders gestelde voorschriften. 2.De belasting bedoeld in artikel 2, onderdeel b, wordt geheven bij wege van voldoening op aangifte. Artikel6Ontstaan van de belastingschuld 1.De belasting bedoeld in artikel 2, onderdeel a, is verschuldigd bij de aanvang van het parkeren. 2.De belasting bedoeld in artikel 2, onderdeel b, is verschuldigd op het tijdstip waarop de vergunning wordt verleend. Artikel7Termijnen van betaling 1.De belasting bedoeld in artikel 2, onderdeel a, moet overeenkomstig de aangifte worden betaald bij de aanvang van het parkeren. 2.De belasting bedoeld in artikel 2, onderdeel b, moet overeenkomstig de aangifte worden betaald op het tijdstip waarop de vergunning wordt verleend. 3.Een naheffingsaanslag moet terstond worden betaald. Artikel8Ontheffing, teruggaaf 1.Behoudens het bepaalde in het tweede en derde lid van dit artikel bestaat geen recht op teruggaaf van de belasting. 2.Als voor een vergunning parkeergeld is voldaan voor een tijdvak van langer dan één kalendermaand en die vergunning als gevolg van verhuizing, ziekte, overlijden, bedrijfsopheffing of bedrijfsstaking vóór het verstrijken van dat tijdvak wordt ingetrokken, wordt op verzoek ontheffing van parkeergeld verleend over het aantal nog niet aangevangen volle kalendermaanden van dat tijdvak. 3.Als een vergunninghouder, die parkeergeld heeft voldaan, als gevolg van door of met medewerking van het gemeentebestuur getroffen maatregel, anders dan die bedoelde in het tweede lid, gedurende een of meer in dat tijdvak vallende kalendermaanden niet kan parkeren op een parkeerplaats, waarop zijn vergunning betrekking heeft, wordt op verzoek ontheffing van parkeergeld verleend over het aantal nog niet aangevangen volle kalendermaanden gedurende welke de vergunninghouder niet heeft kunnen parkeren. Artikel9Bevoegdheid tot aanwijzing parkeerplaatsen De aanwijzing van de plaats waar, het tijdstip en de wijze waarop tegen betaling van de belasting bedoeld in artikel 2, onderdeel a, mag worden geparkeerd geschiedt in alle gevallen door het college van Burgemeester en wethouders bij openbaar te maken besluit. Artikel10Bevoegdheid tot naheffingsaanslag, wielklem en wegsleepregeling 1.Tot zekerheid van de betaling van een naheffingsaanslag ter zake van de belasting bedoeld in artikel 2, onderdeel a, kan aan het voertuig ook een wielklem worden aangebracht, waardoor wordt verhinderd dat het voertuig wordt weggereden. 2.Het college van Burgemeester en wethouders wijst bij openbaar te maken besluit in alle gevallen de terreinen en weggedeelten aan waar de wielklem wordt toegepast. 3.Indien na het aanbrengen van de wielklem 24 uren zijn verstreken kan het voertuig naar een in artikel 3, eerste lid van de vigerende Wegsleepverordening Helmond aangewezen plaats worden overgebracht en in bewaring worden gesteld. Artikel11Kosten 1.De kosten van de naheffingsaanslag ter zake van de belasting bedoeld in artikel 2, onderdeel a, bedragen € 54,--. 2.De kosten van het aanbrengen en het verwijderen van de wielklem bedragen € 50,--. 3.De kosten voor de overbrenging en bewaring zijn vastgelegd in de vigerende Wegsleepverordening Helmond. 4.Het bedrag van de ingevolge het tweede en derde lid in rekening te brengen kosten wordt bij voor bezwaar vatbare beschikking vastgesteld. Artikel12Kwijtschelding Bij de invordering van de parkeerbelastingen wordt geen kwijtschelding verleend. Artikel13Nadere regels door het college van burgemeester en wethouders Het college van burgemeester en wethouders kan nadere regels vaststellen met betrekking tot de heffing en de invordering van de parkeerbelasting. Artikel14Inwerkingtreding De 'Verordening Parkeerbelastingen Helmond 2011' vastgesteld bij raadsbesluit van 11 november 2010, laatstelijk gewijzigd bij raadsbesluit van 5 april 2011, wordt ingetrokken met ingang van de in het derde lid genoemde datum van ingang van de heffing, met dien verstande dat zij van toepassing blijft op de belastbare feiten die zich voor die datum hebben voorgedaan. Deze verordening treedt in werking met ingang van de dag na de datum van uitgifte van het gemeenteblad waarin zij wordt geplaatst. De datum van ingang van de heffing is 1 januari
- Aldus besloten in zijn openbare vergadering van 3 november 2011.De raad voornoemd,De voorzitter, Drs. A.A.M. Jacobs De griffier,Mr. J.P.T.M. Jaspers Bekend gemaakt op:11 november 2011De gemeentesecretaris,Dhr. A.A.M. Marneffe RATarieventabel Tarieventabel Bijlage Bijlagen