Verordening op de heffing en de invordering van leges 2012 DE RAAD VAN DE GEMEENTE GRAVE; gelezen het voorstel van het college van burgemeester en wethouders van 15 november 2011; gelet op de artikelen 156, tweede lid, aanhef en onderdeel h, en 229, eerste lid, aanhef en onderdeel b, van de Gemeentewet; besluit: vast te stellen de volgende verordening: Verordening op de heffing en de invordering van leges 2012 (Legesverordening Grave 2012) Artikel1Begripsomschrijvingen Deze verordening verstaat onder: ’dag’: de periode van 00.00 uur tot 24.00 uur, waarbij een gedeelte van een dag als een hele dag wordt aangemerkt; ’week’: een aaneengesloten periode van zeven dagen; ’maand’: het tijdvak dat loopt van ne dag in een kalendermaand tot en met de (n-1)e dag in de volgende kalendermaand; ’jaar’: het tijdvak dat loopt van de ne dag in een kalenderjaar tot en met de (n-1)e dag in het volgende kalenderjaar; 'kalenderjaar': de periode van 1 januari tot en met 31 december. Artikel2Belastbaar feit Onder de naam ‘leges’ worden rechten geheven voor: het genot van door of vanwege het gemeentebestuur verstrekte diensten; het verrichten van handelingen ten behoeve van een aanvraag van een Nederlandse identiteitskaart als bedoeld in artikel 2, tweede lid, van de Paspoortwet; één en ander zoals genoemd in deze verordening en de daarbij behorende tarieventabel. Artikel3Belastingplicht Belastingplichtig is de aanvrager van de dienst of van de Nederlandse identiteitskaart, dan wel degene ten behoeve van wie de dienst is verleend of de handelingen zijn verricht. Artikel4Vrijstellingen Leges worden niet geheven voor: het in behandeling nemen van aanvragen van verklaringen omtrent inkomen en vermogen; het in behandeling nemen van aanvragen om een verklaring omtrent het gedrag voor meerderjarige gezinsleden van gastgezinnen ten behoeve van de Stichting Europa Kinderhulp en de Stichting Kinderhulp Bosnië; het in behandeling nemen van aanvragen om een evenementenvergunning als bedoeld in titel 3 hoofdstuk 2van de tarieventabel voor een non-profitinstelling die zich blijkens haar statuten de uitoefening ten doel stelt van activiteiten van maatschappelijke, sociale of culturele aard en waarbij de activiteiten in hoofdzaak worden verricht door vrijwilligers; het in behandeling nemen van aanvragen om een collectevergunning; diensten waarvan de kosten krachtens afdeling 6.4 van de Wet ruimtelijke ordening (grondexploitatie) zijn of worden verhaald; diensten met betrekking tot een aanvraag tot verlening of gehele of gedeeltelijke intrekking van een omgevingsvergunning of wijziging van voorschriften van een omgevingsvergunning, voor zover die aanvraag betrekking heeft op een activiteit met betrekking tot een inrichting als bedoeld in artikel 2.1, eerste lid, onder e, van de Wet algemene bepalingen omgevingsrecht; het in behandeling nemen van aanvragen tot verlening van een omgevingsvergunning als bedoeld in artikel 2.1, eerste lid, onderdeel i, van de Wet algemene bepalingen omgevingsrecht, voor zover het een activiteit betreft bedoeld in artikel 2.2a van het Besluit omgevingsrecht (omgevingsvergunning beperkte milieutoets). het in behandeling nemen van aanvragen om een aanlegvergunning als bedoeld in onderdeel 2.3.2.1 van de tarieventabel voor zover het de navolgende werkzaamheden betreft: afgraven, ophogen, vergraven, egaliseren van gronden; aanleg, verbreden of verbeteren van sloten en greppels; aanbrengen van houtgewas met welke uitvoering van de werkzaamheden wordt bijgedragen aan (kleinschalige) natuurontwikkeling. Artikel5Maatstaven van heffing en tarieven 1De leges worden geheven naar de maatstaven en tarieven, opgenomen in de bij deze verordening behorende tarieventabel. 2Voor het in behandeling nemen van een aanvraag tot het nemen van een projectuitvoeringsbesluit als bedoeld in artikel 2.10 van de Crisis- en herstelwet bedraagt het tarief de som van de bedragen die op grond van deze verordening verschuldigd zouden zijn voor het in behandeling nemen van een aanvraag tot het verkrijgen van een vergunning, ontheffing, vrijstelling of enig ander besluit in het kader van de ontwikkeling en verwezenlijking van het project, voor zover het projectuitvoeringsbesluit strekt ter vervanging van deze besluiten, zoals bedoeld in artikel 2.10, derde lid, van de Crisis- en herstelwet. 3Voor de berekening van de leges wordt een gedeelte van een in de tarieventabel genoemde eenheid als een volle eenheid aangemerkt. Artikel6Wijze van heffing De leges worden geheven door middel van een mondelinge dan wel een gedagtekende schriftelijke kennisgeving, waaronder mede wordt begrepen een stempelafdruk, zegel, nota, digitale kennisgeving in geval van DigiD of andere schriftuur. Het gevorderde bedrag wordt mondeling, dan wel door toezending of uitreiking van de schriftelijke kennisgeving aan de belastingschuldige bekendgemaakt. Artikel7Termijnen van betaling 1.In afwijking van artikel 9, eerste lid, van de Invorderingswet 1990 moeten de leges worden betaald ingeval de kennisgeving als bedoeld in artikel 6: mondeling wordt gedaan, op het moment van het doen van de kennisgeving; schriftelijk wordt gedaan, op het moment van uitreiken van de kennisgeving, dan wel in geval van toezending daarvan, binnen veertien dagen na de dagtekening van de kennisgeving. 2.In afwijking in zoverre van het eerste lid geldt, zolang de verschuldigde bedragen door middel van automatische betalingsincasso kunnen worden afgeschreven, dat de aanslagen moeten worden betaald op de laatste dag van de maand volgend op de maand die in de dagtekening van het aanslagbiljet is vermeld. 3.De Algemene termijnenwet is niet van toepassing op de in het eerste lid gestelde termijnen. Artikel8Kwijtschelding Bij de invordering van de leges wordt geen kwijtschelding verleend. Artikel9Vermindering of teruggaaf Gehele of gedeeltelijke vermindering of teruggaaf van leges voor een in de bij deze verordening behorende tarieventabel omschreven dienst wordt verleend overeenkomstig een met betrekking tot die dienst in de tarieventabel opgenomen bepaling. Artikel10Overdracht van bevoegdheden Het college is bevoegd tot het wijzigen van deze verordening, als de wijzigingen: van zuiver redactionele aard zijn; een gevolg zijn van nieuwe of gewijzigde rijksregelgeving die die in werking treedt binnen drie maanden na de officiële bekendmaking van de inwerkingtreding ervan in het Staatsblad of de Staatscourant en het de volgende hoofdstukken of onderdelen van titel 1 van de tarieventabel betreft: onderdeel 1.1.10 (akten burgerlijke stand); hoofdstuk 2 (reisdocumenten); hoofdstuk 3 (rijbewijzen); hoofdstuk 6 (verstrekkingen op grond van de Wet bescherming persoonsgegevens); onderdeel 1.9.1 (verklaring omtrent het gedrag); hoofdstuk 16 (kansspelen); één en ander voor zover met deze wijzigingen niet reeds bij het vaststellen of latere wijziging van deze verordening bij raadsbesluit rekening is gehouden. Artikel11Nadere regels door het college van burgemeester en wethouders Het college van burgemeester en wethouders kan nadere regels geven met betrekking tot de heffing en de invordering van de leges. Artikel12Overgangsrecht 1.De Legesverordening Grave 2011 van 14 december 2010 wordt ingetrokken met ingang van de in artikel 13, tweede lid genoemde datum van ingang van heffing, met dien verstande dat zij van toepassing blijft op de belastbare feiten: a.die zich voor die datum hebben voorgedaan; b.waarop de Wet ruimtelijke ordening of de Woningwet zoals deze luidden voor inwerkintreding van de Wet algemene bepalingen omgevingsrecht nog moet worden toegepast, met dien verstande dat de van toepassing zijnde tarieven worden verhoogd met 2,25%, waarbij de uitkomst rekeningkundig wordt afgerond op een veelvoud van € 0,05. 2.Als de datum van inwerkingtreding van titel 1 van de tarieventabel behorende bij deze verordening ligt na de in artikel 13, tweede lid, opgenomen datum van ingang van de heffing, blijft de in het eerste lid genoemde verordening gelden voor de in de tussenliggende periode plaatsvindende belastbare feiten voor zover de heffing van de leges hiervoor in die periode plaatsvindt. Artikel13Inwerkingtreding 1.Deze verordening treedt in werking met ingang van de eerste dag na die van de bekendmaking. 2.De datum van ingang van de heffing is 1 januari 2012. Artikel14Citeertitel Deze verordening wordt aangehaald als: Legesverordening Grave 2012. Aldus besloten door de raad van de gemeente Grave in zijn openbare raadsvergadering van 13 december 2011. De griffier, De voorzitter,J.A.M. Roelofs, S. Haasjes-van den BergNota-toelichting Toelichting Wijzigingen in verband met Bouwbesluit 2012 (artikel I, onderdeel B, onder 1, 2, 4 en 5, artikel II en artikel III, eerste en derde lid) Naar verwachting treedt op 1 april 2012 het Bouwbesluit 2012 (Stb. 2011, 416 en 676) in werking. Het officiële inwerkingtredingsbesluit wordt waarschijnlijk pas in maart 2012 gepubliceerd. Een groot aantal voorschriften over het (ver)bouwen, gebruiken en slopen van gebouwen en andere bouwwerken is in het Bouwbesluit 2012 samengevoegd. Dit besluit komt in de plaats van het Bouwbesluit 2003, de daarbij behorende ministeriële regeling, het Besluit brandveilig gebruik bouwwerken (het ‘Gebruiksbesluit’) en een aantal voorschriften uit de gemeentelijke bouwverordeningen. Geen leges voor sloopmelding Voor de legesheffing is van belang dat de sloopvoorschriften uit de gemeentelijke bouwverordening (hoofdstuk 8) en uit een provinciale verordening zijn overgeheveld naar het Bouwbesluit 2012. Voortaan kan iemand volstaan met een sloopmelding (paragraaf 1.7 van het Bouwbesluit 2012). Voor het slopen gelden algemene voorschriften, ook als in het bouwwerk asbesthoudende materialen aanwezig zijn. Het bevoegd gezag kan wel nadere voorschriften opleggen, maar dat zal enkel in uitzonderlijke gevallen gebeuren. Legesheffing voor het behandelen van de sloopmelding is niet mogelijk. De wijzigingen gaan in op het moment dat het Bouwbesluit 2012 in werking treedt. Naar verwachting is dat 1 april 2012. In artikel III is de inwerkingtreding van de wijziging van de betreffende onderdelen van de legesverordening en de datum van ingang van de heffing van het nieuwe onderdeel 2.3.7 van de tarieventabel hiervan afhankelijk gesteld (artikel III, leden 1 en 3). De oude tariefbepalingen blijven van toepassing op de belastbare feiten die zich tot inwerkingtreding van het Bouwbesluit 2012 voordoen (artikel II). Wel leges voor ‘sloopvergunningen’ die nodig blijven Voor het slopen van monumenten of bouwwerken in een beschermd stads- of dorpsgezicht blijft een omgevingsvergunning nodig. De legesheffing daarvoor blijft dan ook bestaan (onderdeel 2.3.6 van de tarieventabel). Ook blijft een omgevingsvergunning nodig voor het slopen van een bouwwerk in gevallen waarin dat in een bestemmingsplan, beheersverordening of voorbereidingsbesluit is bepaald (artikel 2.1, eerste lid, aanhef en onder g, van de Wabo). Ook hiervoor blijven dus leges verschuldigd (bestaand onderdeel 2.3.7.1.1 van de tarieventabel wordt nieuw onderdeel 2.3.7). Gevolgen voor tarieventabel leges In verband met het bovenstaande vervalt: - de slotzinsnede van onderdeel 2.3.7.1.1 over de provinciale verordening; - onderdeel 2.3.7.1.2 (leges voor sloopvergunning op grond van artikel 8.1.1 van de bouwverordening); - onderdeel 2.3.7.2 (verhoging leges bij sloop van asbesthoudende materialen); - hoofdstuk 9 van titel 2 (onderdeel 2.9; leges voor een sloopmelding op grond van artikel 8.2.1 van de bouwverordening). Onderdeel 2.3.7 betreft hierdoor alleen nog de leges voor een omgevingsvergunning voor het slopen op grond van artikel 2.1, eerste lid, aanhef en onder g, van de Wabo. Omdat alleen in onderdeel 2.3.7.1.2 de sloopkosten als heffingsmaatstaf zijn genoemd en dit onderdeel vervalt, kan ook onderdeel 2.1.1.3 (definitie sloopkosten) vervallen. Het bestaande onderdeel 2.1.1.4 wordt daarom vernummerd tot 2.1.1.3. N.B. Als de gemeente de sloopkosten als heffingsmaatstaf voor de (resterende) omgevingsvergunning voor het slopen hanteert, moet zij onderdeel 2.1.1.3 niet laten vervallen. Waarom geen leges voor een sloopmelding? Er gelden algemene voorschriften voor het slopen waarvoor iemand met een sloopmelding kan volstaan. Het bevoegd gezag zendt een ontvangstbevestiging aan de melder en kan eventueel nadere voorwaarden stellen, maar dat zal enkel in uitzonderlijke gevallen gebeuren. Uit de toelichting op het Bouwbesluit 2012 blijkt dat geen leges voor het behandelen van de sloopmelding verschuldigd zijn. Net als bij de gebruiksmelding op grond van het huidige Gebruiksbesluit en vanaf 1 april op grond van paragraaf 1.5 van het Bouwbesluit 2012 verricht de gemeente bij het afhandelen van een sloopmelding geen dienst jegens de melder. Ook het stellen van nadere voorwaarden is geen dienstverlening. Vergelijk Hoge Raad 14 oktober 1992, nr. 27804, BNB 1993/24, Belastingblad 1993, blz. 165. Hierin oordeelt de Hoge Raad dat het in behandeling nemen van een kennisgeving ex artikel 2a van de (toenmalige) Hinderwet geen dienst is waarvoor legesheffing mogelijk is. De sloopmelding en behandeling daarvan is hiermee vergelijkbaar. De Hoge Raad overweegt over genoemde kennisgeving: ‘4.1 In cassatie moet van de volgende door het hof vastgestelde feiten worden uitgegaan. Belanghebbende exploiteerde in 1988 een slagerij in de zin van art. 1, eerste lid, aanhef en letter a, Besluit slagerijen Hinderwet (Besluit van 28 september 1987, Stb. 471, hierna: het besluit). Belanghebbende was verplicht aan het gemeentebestuur een kennisgeving te doen als bedoeld in art. 5 van het besluit, hetgeen hij ook heeft gedaan. 4.2 Gelijk uiteengezet is in punt 3.3.4 van de conclusie van de advocaat-generaal, heeft de kennisgeving ten doel om het gemeentebestuur in staat te stellen, te beoordelen of nadere eisen moeten worden gesteld en/of om de controle door of vanwege het gemeentebestuur te vergemakkelijken. Het niet inzenden van de kennisgeving betekent niet dat alsnog een vergunning noodzakelijk is, dan wel dat de administratieve sancties van de Hinderwet van toepassing worden. 4.3 In geschil is de vraag of het in behandeling nemen door het gemeentebestuur van een kennisgeving als in 4.1 bedoeld, kan worden aangemerkt als een door of vanwege het gemeentebestuur aan degene die de kennisgeving doet verstrekte dienst, waarvoor leges mogen worden geheven. 4.4 Die vraag moet ontkennend worden beantwoord. Het in behandeling nemen van de kennisgeving strekt niet tot het al dan niet toekennen van een door de indiener van de kennisgeving benodigde vergunning, terwijl het eventueel ingestelde onderzoek rechtstreeks voortvloeit uit het algemeen toezicht op de naleving van de Hinderwet voor zover dat toezicht bij de gemeente berust, waarbij, voor zover daarbij mede het belang van degene die de kennisgeving heeft gedaan wordt gediend, niet sprake is van een - gelijk voor een dienst als hierbedoeld is vereist - aan de indiener van de kennisgeving rechtstreeks verleende dienst.’ Wijzigingen in verband met intrekking wetsvoorstel Wet vergunning onrechtmatige bewoning recreatiewoningen (artikel I, onderdelen A en B, onder 3, en artikel III, tweede lid) Bij brief van 27 januari 2012 heeft de minister van Infrastructuur en Milieu aan de Eerste Kamer meegedeeld het wetsvoorstel Wet vergunning onrechtmatige bewoning recreatiewoningen in te trekken (Kamerstukken I 2011/12, 32366, nr. E). In de modelverordening leges zijn voor de vergunning zoals het wetsvoorstel die regelde al tariefbepalingen opgenomen. De inwerkingtreding ervan hebben wij afhankelijk gesteld van de inwerkingtreding van de wet (artikel 13, derde lid, van de verordening en de onderdelen 2.3.4.9 en 2.3.4.10 van de tarieventabel). Hoewel deze onderdelen door de intrekking van het wetsvoorstel niet in werking treden, maken wij van de gelegenheid gebruik om deze bepalingen te laten vervallen. Deze wijziging van de legesverordening gaat in op de eerste dag na die van de bekendmaking (artikel III, lid 2). Het blijft mogelijk voor de onrechtmatige bewoning van oude recreatiewoningen een zogenaamde persoonlijke omgevingsvergunning af te geven. Onderdeel 2.3.4.2 van de tarieventabel van de modelverordening leges voorziet in een tariefbepaling hiervoor. Het betreft een omgevingsvergunning voor het planologisch strijdig gebruik waarbij geen sprake is van bouwactiviteiten (buitenplanse kleine afwijking). Op grond van artikel 2.25, derde lid, van de Wet algemene bepalingen omgevingsrecht en artikel 5.18, vierde lid, van het Besluit omgevingsrecht is dat voor de bewoning van recreatiewoningen een zogenaamde ‘persoonlijke omgevingsvergunning’. Meer informatie over intrekking van wetsvoorstel 32366 VNG-bericht 30 januari 2012 – Gemeenten bepalen beleid bewoning recreatiewoningen BIJLAGETarieventabel, behorende bij de Legesverordening 2012Indeling tarieventabelTitel 1 Algemene dienstverlening Hoofdstuk 1 Burgerlijke stand Hoofdstuk 2 Reisdocumenten Hoofdstuk 3 Rijbewijzen Hoofdstuk 4 Verstrekkingen uit de Gemeentelijke basisadministratie persoonsgegevens Hoofdstuk 5 Verstrekkingen uit het Kiezersregister Hoofdstuk 6 Verstrekkingen op grond van Wet bescherming persoonsgegevens Hoofdstuk 7 Bestuursstukken Hoofdstuk 8 Vastgoedinformatie Hoofdstuk 9 Overige publiekszaken Hoofdstuk 10 Gemeentearchief Hoofdstuk 11 Huisvestingswet Hoofdstuk 12 Leegstandwet Hoofdstuk 13 Gemeentegarantie Hoofdstuk 14 Marktstandplaatsen Hoofdstuk 15 Winkeltijdenwet Hoofdstuk 16 Kansspelen Hoofdstuk 17 Kinderopvang Hoofdstuk 18 Telecommunicatie Hoofdstuk 19 Verkeer en vervoer Hoofdstuk 20 Diversen Titel 2 Dienstverlening vallend onder fysieke leefomgeving/omgevingsvergunningHoofdstuk 1 Begripsomschrijvingen Hoofdstuk 2 Beoordelen aanvraag vooroverleg Hoofdstuk 3 Omgevingsvergunning Hoofdstuk 4 Vermindering Hoofdstuk 5 Teruggaaf Hoofdstuk 6 Intrekking omgevingsvergunning en buiten behandeling stellen aanvraag Hoofdstuk 7 Wijziging omgevingsvergunning Hoofdstuk 8 Bestemmingswijzigingen zonder activiteiten Hoofdstuk 9 Sloopmelding en paraplusloopvergunning Hoofdstuk 10 Procedure vaststelling hogere grenswaarde Wet Geluidhinder Hoofdstuk 11 In deze titel niet benoemde beschikking Titel 3 Dienstverlening vallend onder Europese dienstenrichtlijnHoofdstuk 1 Horeca Hoofdstuk 2 Organiseren evenementen en overige APV-vergunningen Hoofdstuk 3 Prostitutiebedrijven Hoofdstuk 4 Splitsingsvergunning woonruimte Hoofdstuk 5 Leefmilieuverordening Hoofdstuk 6 Brandbeveiligingsverordening Hoofdstuk 7 Reclamevoertuigen Hoofdstuk 8 In deze titel niet benoemde vergunning, ontheffing of andere beschikking Titel 1 Algemene dienstverleningHoofdstuk 1 Burgerlijke standTarief 2012 1.1.1 Het tarief bedraagt voor de voltrekking van een huwelijk of registratie van een partnerschap op: 1.1.1.1 maandag en donderdag van 09.00 uur tot 16.00 uur, op dinsdag en woensdag van 10.00 uur tot 16.00 uur en op vrijdag van 09.00 uur tot en met 13.45 uur 232,05 1.1.1.2 vrijdag van 14.00 tot 16.00 uur 276,45 1.1.1.3 zaterdag en op dagen, waarop blijkens een voorafgaande openbare kennisgeving krachtens een besluit van burgemeester en wethouders het stadhuis gesloten zal zijn van 09.00 uur tot 16.00 uur en buiten de uren zoals genoemd onder 1.1.1.1 en 1.1.1.2 647,80 1.1.2 Bij voltrekking van een huwelijk of registratie van een partnerschap overeenkomstig artikel 64 van Boek 1 van het Burgerlijk Wetboek buiten het stadhuis wordt boven het tarief verschuldigd onder 1.1.1.1 tot en met 1.1.1.3 een bedrag geheven van tenzij er sprake is van een behoorlijk bewezen medisch letsel. 42,75 1.1.3 Bij voltrekking van een huwelijk buiten het stadhuis als bedoeld in het besluit van de gemeenteraad van 4 juli 2006 wordt boven het tarief verschuldigd onder 1.1.1.1 tot en met 1.1.1.3 een bedrag geheven van 193,45 1.1.4 Het tarief bedraagt voor het door of vanwege het gemeentebestuur beschikbaar stellen van gemeenteambtenaren als getuige bij een huwelijk of registratie van een partnerschap, per getuige en per kwartier 18,75 1.1.5 Bij omzetting van een geregistreerd partnerschap in een huwelijk met een voor een huwelijksvoltrekking gebruikelijke ceremonie wordt het tarief zoals verschuldigd onder 1.1.1.1 tot en met 1.1.3 geheven. 1.1.6 Het tarief bedraagt voor het verstrekken van: 1.1.6.1 een trouwboekje of een bewijs van registratie van het partnerschap 42,75 1.1.6.2 een duplicaat van een trouwboekje of een bewijs van registratie van het partnerschap 42,75 1.1.7 Het tarief bedraagt voor het van gemeentewege versieren van de lokaliteit waarin de huwelijksvoltrekking of de registratie van het partnerschap plaatsvindt 79,30 1.1.8 Het tarief bedraagt voor het in behandeling nemen van een aanvraag tot het verstrekken van gegevenslijsten in analoge of digitale vorm bij: 1.1.8.1 1 t/m 10 gegevens per lijst 10,45 1.1.8.2 11 t/m 100 gegevens per lijst 19,80 1.1.8.3 101 t/m 1.000 gegevens per lijst 42,75 1.1.8.4 1.001 t/m 10.000 gegevens per lijst 63,60 1.1.8.5 10.001 of meer gegevens per lijst 83,95 1.1.9 Het tarief bedraagt voor het doen van naspeuringen in de registers van de burgerlijke stand, voor ieder daaraan besteed kwartier 18,75 1.1.10 Voor het in behandeling nemen van een aanvraag tot het verstrekken van een stuk als bedoeld in artikel 2 van de Wet rechten burgerlijke stand geldt het tarief zoals dat is opgenomen in het Legesbesluit akten burgerlijke stand. Hoofdstuk 2 ReisdocumentenTarief 2012 1.2.1 Het tarief bedraagt voor het in behandeling nemen van een aanvraag: 1.2.1.1 tot het verstrekken van een nationaal paspoort, een reisdocument voor vluchtelingen of een reisdocument voor vreemdelingen 48,70* 1.2.1.2 tot het verstrekken van een nationaal paspoort, een groter aantal bladzijden bevattende dan een nationaal paspoort als bedoeld in 1.2.1.1 (zakenpaspoort) 48,70* 1.2.1.3 tot het verstrekken van een reisdocument ten behoeve van een persoon die op grond van de Wet betreffende de positie van Molukkers als Nederlander wordt behandeld (faciliteitenpaspoort) 48,70* 1.2.1.4 tot het bijschrijven van een kind in een reisdocument als bedoeld in 1.2.1.1, 1.2.1.2 en 1.2.1.3 direct bij de aanvraag van dit nieuwe reisdocument 9,35* 1.2.1.5 tot het bijschrijven van een kind door middel van een bijschrijvingssticker in een al uitgegeven reisdocument als bedoeld in 1.2.1.1, 1.2.1.2 en 1.2.1.3 21,85* 1.2.2 Het tarief bedraagt voor het verrichten van handelingen ten behoeve van een aanvraag van een Nederlandse identiteitskaart als bedoeld in artikel 2, tweede lid, van de Paspoortwet: 1.2.2.1 voor een persoon die op het moment van de aanvraag de leeftijd van veertien jaar nog niet heeft bereikt 23,30* 1.2.2.2 in andere gevallen dan bedoeld in onderdeel 1.2.2.1 40,05* 1.2.3 tot het afgeven van een reisdocument, als aan de aanvrager eerder een reisdocument werd verstrekt, welk document bij de aanvraag niet compleet kan worden overlegd, wordt boven het tarief verschuldigd ingevolge 1.2.1.1, 1.2.1.2, 1.2.1.3 en 1.2.1.7 een bedrag geheven van 18,75 1.2.4 De tarieven genoemd in de onderdelen 1.2.1.1 tot en met 1.2.1.3 en 1.2.2 worden bij een spoedlevering vermeerderd met een bedrag van 45,90* 1.2.5 Het tarief genoemd in 1.2.4 wordt bij een gecombineerde spoedlevering van een nieuw reisdocument als bedoeld in 1.2.1.1, 1.2.1.2 en 1.2.1.3 en het bijschrijven van één of meer kinderen als bedoeld in 1.2.1.4, slechts één keer per reisdocument berekend. 1.2.6 Het tarief genoemd in onderdeel 1.2.1.5 wordt bij een spoedlevering vermeerderd met een bedrag per bijschrijvingsticker van 21,80* Hoofdstuk 3 RijbewijzenTarief 2012 1.3.1 Het tarief bedraagt voor het in behandeling nemen van een aanvraag tot het afgeven, vernieuwen of omwisselen van een rijbewijs 53,30 1.3.2 Het tarief genoemd in onderdeel 1.3.1 wordt bij een spoedlevering vermeerderd met 33,50* 1.3.3 Het tarief bedraagt voor het in behandeling nemen van een aanvraag tot het verkrijgen van gegevens uit het Centraal Register Rijbewijzen 6,30 1.3.4 Als de aanvrager van een rijbewijs eerder een document werd verstrekt, welk document door de aanvrager niet compleet kan worden overlegd, wordt boven het tarief verschuldigd ingevolge 1.3.1 een bedrag geheven van 18,75 Hoofdstuk 4 Verstrekkingen uit de Gemeentelijke basisadministratie persoonsgegevensTarief 2012 1.4.1 Voor de toepassing van dit hoofdstuk wordt onder één verstrekking verstaan één of meer gegevens omtrent één persoon waarvoor de gemeentelijke basisadministratie persoonsgegevens moet worden geraadpleegd. 1.4.2 Het tarief bedraagt voor het in behandeling nemen van een aanvraag: 1.4.2.1 tot het verstrekken van gegevens, per verstrekking 10,45 1.4.2.2 tot het verstrekken van gegevens(berichten) op een alternatief medium aan daartoe geautoriseerde afnemers of bijzondere derden 23,20 1.4.2.3 tot het verstrekken van gegevens als bedoeld in artikel 10, tweede lid, van het Besluit gemeentelijke basisadministratie persoonsgegevens 2,27* 1.4.3 Het tarief bedraagt voor het in behandeling nemen van een aanvraag 1.4.3.1 tot de afgifte van een GBA-persoonslijst 18,80 1.4.3.2 tot de afgifte van een bewijs van opneming in de gemeentelijke basisadministratie 10,45 1.4.3.3 tot de afgifte van een bewijs van opneming in de gemeentelijke basisadministratie betrekking hebbend op meerdere personen (gezins- c.q. adresuittreksel) 18,80 1.4.3.4 tot de afgifte van een lijst met niet tot personen herleidbare gegevens, waarvoor op basis van door de aanvrager verstrekte selectiecriteria de gemeentelijke basisadministratie moet worden doorlopen (leeftijdsopbouw en andere tellingen) per lijst 18,80 1.4.4 Het tarief bedraagt voor het op verzoek doornemen van de gemeentelijke basisadministratie, voor ieder daaraan besteed kwartier 18,80 Hoofdstuk 5 Verstrekkingen uit het KiezersregisterTarief 2012 1.5 Het tarief bedraagt voor het in behandeling nemen van een aanvraag tot het verstrekken van een inlichting betreffende de registratie van de aanvrager als kiezer bedoeld in artikel D4 van de Kieswet 10,45 Hoofdstuk 6 Verstrekkingen op grond van Wet bescherming persoonsgegevens Tarief 2012 1.6.1 Het tarief bedraagt voor het in behandeling nemen van een aanvraag voor een bericht als bedoeld in artikel 35 van de Wet bescherming persoonsgegevens: 1.6.1.1 bij verstrekking op papier, als het afschrift bestaat uit: 1.6.1.1.1 ten hoogste 100 pagina’s, per pagina 0,23* met een maximum per bericht van 4,50* 1.6.1.1.2 meer dan 100 pagina’s 22,50* 1.6.1.2 bij verstrekking anders dan op papier 4,50* 1.6.1.3 dat bestaat uit een afschrift van een, vanwege de aard van de verwerking, moeilijk toegankelijke gegevensverwerking 22,50* 1.6.2 Als voor hetzelfde bericht op grond van de onderdelen 1.6.1.1, 1.6.1.2 en 1.6.1.3 meerdere vergoedingen kunnen worden gevraagd, wordt slechts de hoogste gevraagd. 1.6.3 Het tarief bedraagt voor het in behandeling nemen van een verzet als bedoeld in artikel 40 van de Wet bescherming persoonsgegevens 4,50* Hoofdstuk 7 Bestuursstukken Tarief 2012 1.7.1 Het tarief bedraagt voor het in behandeling nemen van een aanvraag tot het verstrekken van: 1.7.1.1 een afschrift van de programmabegroting 27,65 1.7.1.2 een afschrift van de productenraming 79,30 1.7.1.3 een afschrift van de jaarrekening 27,65 1.7.1.4 een exemplaar van de productenrealisatie 79,30 1.7.1.5 Een exemplaar van de bestuursrapportage 27,65 1.7.2 Het tarief bedraagt voor het in behandeling nemen van een aanvraag: tot het verstrekken van: 1.7.2.1 een jaarabonnement op de raadsagenda, de raadsvoorstellen en de besluitenlijst per vergadering, uitgezonderd de stukken genoemd onder 1.7.1 42,75 1.7.2.2 een jaarabonnement op de raadsagenda en de raadsvoorstellen 27,65 1.7.2.3 een jaarabonnement op de besluitenlijst 18,75 1.7.2.4 Als een abonnement als bedoeld in artikel 1.7.2 wordt afgesloten in de loop van een kalenderjaar, of als het abonnement in het kalenderjaar wordt opgezegd, wordt het tarief naar tijdsgelang vastgesteld op basis van een periode van één maand of een veelvoud daarvan. 1.7.3 Het tarief bedraagt voor het in behandeling nemen van een aanvraag tot het verstrekken van: 1.7.3.1 een afschrift van de Algemene Plaatselijke Verordening inclusief toelichting 42,75 1.7.3.2 een afschrift van de Algemene Plaatselijke Verordening exclusief toelichting 18,75 1.7.3.3 een afschrift van de bouwverordening inclusief toelichting en de door het college van burgemeester en wethouders vastgestelde nadere regels 79,30 Hoofdstuk 8 Vastgoedinformatie Tarief 2012 1.8.1 Het tarief bedraagt voor het in behandeling nemen van een aanvraag tot het verstrekken van een afschrift van of uittreksel uit: 1.8.1.1 de gemeentelijke basisregistratie adressen of de gemeentelijke basisregistratie gebouwen, bedoeld in artikel 2 van de Wet basisregistraties adressen en gebouwen 10,45 1.8.1.2 de legger bedoeld in artikel 27 van de Wegenwet 10,45 1.8.1.3 de inschrijving in het register bedoeld in artikel 6, eerste lid, van de Monumentenwet 1988 10,45 1.8.1.4 het openbare register van beschermde monumenten bedoeld in artikel 20 van de Monumentenwet 1988 10,45 1.8.1.5 het gemeentelijke beperkingenregister of de gemeentelijke beperkingenregistratie, bedoeld in artikel 5, eerste lid, van de Wet kenbaarheid publiekrechtelijke beperkingen, dan wel tot het verstrekken van een aan die registratie ontleende verklaring, als bedoeld in artikel 9, eerste lid, onder c, van de Wet kenbaarheid publiekrechtelijke beperkingen 10,95 1.8.2 Het tarief bedraagt voor het in behandeling nemen van een aanvraag: 1.8.2.1 tot het verstrekken van een initiële waardebeschikking op verzoek op grond van artikel 26 van de Wet waardering onroerende zaken 0,00 1.8.2.2 tot het verstrekken van een kopie (zijnde het tweede en volgend exemplaar) van het gecombineerde aanslagbiljet gemeentelijke belastingen dan wel van een losstaand aanslagbiljet of losstaande waardebeschikking 10,45 Hoofdstuk 9 Overige publiekszakenTarief 2012 1.9 Het tarief bedraagt voor het in behandeling nemen van een aanvraag tot het verkrijgen van: 1.9.1 een verklaring omtrent het gedrag 30,05* 1.9.2 een bewijs van in leven zijn 11,80* 1.9.3 een bewijs van Nederlanderschap 10,45 1.9.4 een legalisatie van een handtekening 10,45 1.9.5 alle andere verklaringen, tot welker afgifte het gemeentebestuur op verlangen van particulieren bevoegd is, één en ander voor zover niet begrepen in deze tarieventabel, per stuk 10,45 1.9.6 Voor het in behandeling nemen van een verzoek tot verlening van het Nederlanderschap gelden de tarieven zoals opgenomen in artikel 3 van het Besluit optie- en naturalisatiegelden 2002 of zoals dit besluit laatstelijk is vervangen of gewijzigd. 1.9.7 Geen tarief is verschuldigd als het verzoek tot naturalisatie betreft van een minderjarige, mits het verzoek deel uitmaakt van het verzoek van zijn vader en/of moeder (medenaturalisatie) of van een persoon die ingevolge de Wet betreffende de positie van Molukkers als Nederlander wordt behandeld dan wel er op grond van artikel 4 Besluit optie- en naturalisatiegelden 2002 ontheffing van de verplichting tot betaling is verleend. Hoofdstuk 10 Gemeentearchief Tarief 2012 1.10.1 Het tarief bedraagt voor het op verzoek doen van naspeuringen in de in het gemeentearchief berustende stukken, daaronder begrepen bouwvergunningendossiers en bestemmingsplannen, ongeacht het resultaat van die nasporingen, voor zover deze diensten niet in deze tarieventabel of in andere belastingverordeningen van de gemeente dan wel in andere rechtsregels zijn genoemd, voor elk daaraan besteed kwartier of gedeelte daarvan: 18,75 Hoofdstuk 11 Huisvestingswet (Gereserveerd) Hoofdstuk 12 Leegstandwet Tarief 2012 1.12 1.12.1 1.12.2 Het tarief bedraagt voor het in behandeling nemen van een aanvraag: tot het verkrijgen van een vergunning tot tijdelijke verhuur van leegstaande woonruimte als bedoeld in artikel 15, eerste lid, van de Leegstandwet tot verlenging van een vergunning tot tijdelijke verhuur van woonruimte als bedoeld in artikel 15, vierde lid, van de Leegstandwet 51,90 10,45 Hoofdstuk 13 GemeentegarantieTarief 2012 1.13 Het tarief bedraagt voor het in behandeling nemen van een aanvraag: 1.13.1 tot het instemmen met het wijzigen of omzetten van een door de gemeente gegarandeerde hypothecaire geldlening 276,45 Hoofdstuk 14 MarktstandplaatsenTarief 2012 1.14 Het tarief bedraagt voor het in behandeling nemen van een aanvraag: 1.14.1 tot het verkrijgen van een vergunning als bedoeld in artikel 5:18 lid 1 van de Algemene Plaatselijke Verordening voor het innemen of hebben van een standplaats ter uitoefening van de handel op of aan de weg danwel op een vanaf de weg onmiddellijk bereikbare plaats (zgn. standplaatsvergunning) voor elke dag of gedeelte daarvan, waarvoor de vergunning geldt 18,75 Hoofdstuk 15 WinkeltijdenwetTarief 2012 1.15 Het tarief bedraagt voor het in behandeling nemen van een aanvraag: 1.15.1 voor een ontheffing als bedoeld in artikel 3, lid 4 van de Winkeltijdenwet 481,75 1.15.2 voor een ontheffing als bedoeld in artikel 4, lid 2 van de Winkeltijdenwet 85,00 1.15.3 voor een ontheffing als bedoeld in artikel 6, lid 1 van de Winkeltijdenwet 32,30 1.15.4 voor een ontheffing als bedoeld in artikel 7, lid 2 van de Winkeltijdenwet 85,00 1.15.5 tot het verlenen van toestemming om een in onderdeel 1.15.1 tot en met 1.15.4 bedoelde ontheffing over te dragen aan een ander 32,30 1.15.6 tot het intrekken of wijzigen van een in onderdeel 1.15.1 tot en met 1.15.4 bedoelde ontheffing 481,75 Hoofdstuk 16 KansspelenTarief 2012 1.16.1 Het tarief bedraagt voor het in behandeling nemen van een aanvraag tot het verkrijgen van een aanwezigheidsvergunning als bedoeld in artikel 30b van de Wet op de kansspelen: 1.16.1.1 voor een periode van twaalf maanden voor één speelautomaat 56,50* 1.16.1.2 1.16.1.3 voor een periode van twaalf maanden voor twee of meer speelautomaten, voor de eerste speelautomaat 56,50* en voor iedere volgende speelautomaat 34,00* 1.16.1.4 Het tarief bedraagt voor het in behandeling nemen van een aanvraag tot het verkrijgen van een wijziging van een vergunning als bedoeld in dit onderdeel 10,45 1.16.2 De tarieven onder 1.16.1.1 tot en met 1.16.1.3 zijn van overeenkomstige toepassing als het een aanvraag betreft tot het verkrijgen van een vergunning geldend voor een tijdvak korter dan twaalf maanden, met dien verstande dat het bedrag naar evenredigheid wordt berekend, waarbij bij de berekening van het tarief een gedeelte van een maand als een gehele maand wordt aangemerkt. 1.16.3 Het tarief bedraagt voor het in behandeling nemen van een aanvraag tot het verkrijgen van een vergunning als bedoeld in artikel 3 van de Wet op de kansspelen (loterijvergunning) 16,15 1.16.4 Het tarief bedraagt voor het in behandeling nemen van een aanvraag tot het verkrijgen van een vergunning als bedoeld in artikel 7b van de Wet op de kansspelen (winkelweekactievergunning) 16,15 Hoofdstuk 17 Kinderopvang Tarief 2012 1.17 Het tarief bedraagt voor het in behandeling nemen van een aanvraag tot het in exploitatie nemen van een kindercentrum, gastouderbureau of het bieden van gastouderopvang op grond van de Wet Kinderopvang en kwaliteitseisen peuterspeelzalen: 1.17.1 voor buitenschoolse opvang (BSO), een kinderdagverblijf (KDV) of een peuterspeelzaal (PSZ) 732,40 1.17.2 voor een gastouderbureau (GOB) 457,75 1.17.3 voor een gastouderopvang (GO) 0,00 Hoofdstuk 18 Telecommunicatie Tarief 2012 1.18.1 Het tarief bedraagt voor het in behandeling nemen van een melding in verband met het verkrijgen van instemming omtrent plaats, tijdstip en wijze van uitvoering van werkzaamheden als bedoeld in artikel 5.4, eerste lid, van de Telecommunicatiewet 195,60 1.18.1.1 Als het betreft werkzaamheden in tegel-, klinker- en sierbestratingen, alsmede gesloten verhardingen, voor zover de werkzaamheden plaatsvinden in of op openbare gemeentegrond, wordt het tarief per strekkende meter sleuf verhoogd met 2,22 1.18.1.2 Als het betreft werkzaamheden in bermen, groenstroken en dergelijke, voor zover de werkzaamheden plaatsvinden in of op openbare gemeentegrond, wordt het tarief per strekkende meter sleuf verhoogd met 0,302 1.18.2 Het in 1.18.1 genoemde bedrag wordt 1.18.2.1 als met betrekking tot een melding overleg moet plaatsvinden tussen gemeente, andere beheerders van openbare grond en de aanbieder van het netwerk, verhoogd met 79,30 1.18.2.2 als de melder verzoekt om inhoudelijke afstemming bij beoordeling van de aanvragen als bedoeld in artikel 5.5 van de Telecommunicatiewet, verhoogd met 79,30 1.18.2.3 als met betrekking tot een melding onderzoek naar de status van de kabel plaatsvindt, verhoogd met het bedrag van de voorafgaand aan het in behandeling nemen van de melding aan de melder meegedeelde kosten, blijkend uit een begroting die door het college van burgemeester en wethouders is opgesteld. 1.18.2.4 Als een begroting als bedoeld in 1.18.2.2 is uitgebracht, wordt een melding in behandeling genomen op de vijfde werkdag na de dag waarop de begroting aan de melder ter kennis is gebracht, tenzij de melding voor deze vijfde werkdag schriftelijk is ingetrokken. Hoofdstuk 19 Verkeer en vervoerTarief 2012 1.19 Het tarief bedraagt voor het in behandeling nemen van een aanvraag: 1.19.1 tot het verkrijgen van een ontheffing parkeerschijfzone binnenstad of een duplicaat ontheffing parkeerschijfzone binnenstad 29,20 1.19.2 zoals bedoeld in artikel 4:6e lid 2 Algemene Plaatselijke Verordening (routering) 27,65 1.19.3 zoals bedoeld in artikel 5:2 lid 4 Algemene Plaatselijke Verordening (parkeren voertuigen van autobedrijf e.d.) 27,65 1.19.4 zoals bedoeld in artikel 5:3 lid 2 Algemene plaatselijke verordening (te koop aanbieden van voertuigen) 27,65 1.19.5 tot het verkrijgen van een ontheffing zoals bedoeld in artikel 4:6d van de Algemene plaatselijke verordening ((Geluid)hinder door vrachtauto'
AI-uitleg op basis van de officiële wettekst. Indicatief, vervangt geen juridisch advies.