← Nederland

Verordening op de heffing en de invordering van de precariobelasting 2012, eerste wijziging (Kaag en Braassem)

Verordening op de heffing en de invordering van de precariobelasting 2012, eerste wijzigingDe raad van de gemeente Kaag en Braassem; gelezen het voorstel van het college van burgemeester en wethouders d.d 13 maart 2012; gelet op de artikelen 228 van de Gemeentewet; b e s l u i t: vast te stellen de VERORDENING OP DE HEFFING EN DE INVORDERING VAN DE PRECARIOBELASTING 2012 Artikel1Belastbaar feit Onder de naam "precariobelasting" wordt een directe belasting geheven ter zake van het hebben van voorwerpen onder, op of boven voor de openbare dienst bestemde gemeentegrond. Artikel2Belastingplicht De precariobelasting wordt geheven van degene die één of meer voorwerpen heeft onder, op of boven voor de openbare dienst bestemde gemeentegrond, dan wel van degene ten behoeve van wie die voorwerpen onder, op of boven voor de openbare dienst bestemde gemeentegrond worden aangetroffen. Artikel3Vrijstellingen De precariobelasting wordt niet geheven ter zake van het hebben van: a. voorwerpen waarvan de gemeente genothebbende krachtens eigendom, bezit of beperkt recht is, met uitzondering van voorwerpen die in gebruik zijn bij een derde; b. voorwerpen ter zake waarvan door de gemeente een retributie wordt geheven dan wel uit andere hoofde een vergoeding is overeengekomen. c. voorwerpen, welke ingevolge een wettelijk voorschrift, een overeenkomst of anderszins rechtens moeten worden gedoogd. Artikel4Maatstaf van heffing en belastingtarief 1De precariobelasting bedraagt per jaar voor het hebben van leidingen, kabels en buizen per strekkende meter onder, op of boven voor de openbare dienst bestemde gemeentegrond, met ingang van 1 mei 2012 €1,

  1. 2Voor de berekening van de precariobelasting worden gedeelten van de onder 1 genoemde eenheid voor een geheel gerekend. Artikel5Belastingjaar Het belastingjaar is gelijk aan het kalenderjaar Artikel6Begripsomschrijvingen Voor de toepassing van deze verordening wordt, voor zover niet anders is bepaald, verstaan onder:een jaar, een kalenderjaar Artikel7Wijze van heffing De belasting wordt bij wege van aanslag geheven. Artikel8Ontstaan van de belastingschuld en de heffing naar tijdsgelang 1De belasting is verschuldigd bij het begin van het belastingjaar of, zo dit later is, bij de aanvang van de belastingplicht. 2Indien de belastingplicht in de loop van het jaar aanvangt, is de precario belasting verschuldigd voor zoveel twaalfde gedeelten van de voor dat jaar verschuldigde belasting als er in dat jaar, na de aanvang van de belastingplicht nog volle kalendermaanden overblijven. Artikel9Termijnen van betaling 1In afwijking van artikel 9, eerste lid, van de Invorderingswet 1990 moeten de aanslagen worden betaald in twee gelijke termijnen waarvan de eerste vervalt op de laatste dag van de maand volgend op de maand die in de dagtekening van het aanslagbiljet is vermeld en de tweede twee maanden later. 2In afwijking van het eerste lid kan de belastingschuldige er ook voor kiezen het op het aanslagbiljet vermelde verschuldigde bedrag of de verschuldigde bedragen door middel van automatische incasso van zijn betaalrekening af te laten schrijven. De aanslagen worden dan betaald in zoveel gelijke termijnen als er na de maand van de dagtekening van het aanslagbiljet nog maanden in het kalenderjaar waarin de aanslag is opgelegd overblijven, met dien verstande, dat het aantal termijnen tenminste drie en ten hoogste tien bedraagt. De eerste termijn vervalt op de laatste dag van de maand volgend op die welke in de dagtekening van het aanslagbiljet is vermeld en elk van de volgende termijnen telkens een maand later. 3De Algemene Termijnenwet is niet van toepassing op de in de voorgaande leden gestelde termijnen. Artikel10Kwijtschelding Voor deze belasting wordt geen kwijtschelding verleend. Artikel11Hardheidsclausule Indien door bijzondere omstandigheden de strikte toepassing van deze verordening naar oordeel van de heffingsambtenaar zou leiden tot een niet gerechtvaardigde uitkomst, kan deze afwijken van het bepaalde in deze verordening door te besluiten geen precariobelasting te heffen. Artikel12Nadere regels door het college van burgemeester en wethouders Het college van burgemeester en wethouders kan nadere regels geven met betrekking tot de heffing en de invordering van precariobelasting. Artikel13Inwerkingtreding en citeertitel 1De “Verordening op de heffing en de invordering van precariobelasting 2011” vastgesteld bij raadsbesluit van 13 december 2010 wordt ingetrokken met ingang van de in het derde lid genoemde datum van ingang van de heffing, met dien verstande dat zij van toepassing blijft op de belastbare feiten die zich voor die datum hebben voorgedaan. 2Deze verordening treedt in werking met ingang van de derde dag na die van bekendmaking. 3De datum van ingang van de heffing is 1 januari
  2. 4Deze verordening kan worden aangehaald als "Verordening precariobelasting 2012". Aldus vastgesteld in de openbare vergadering van deraad van de gemeente Kaag en Braassem gehouden op 16 april 2012de griffier, de voorzitter,drs. B.S.M. Sepers mr. K.M. van der Velde-Menting

🔗 Naar officiële bron

AI-uitleg op basis van de officiële wettekst. Indicatief, vervangt geen juridisch advies.