← Nederland

Verordening afvalstoffenheffing Bloemendaal 2012 (Bloemendaal)

Nr. 2011057742 De raad der gemeente Bloemendaal; gelezen het voorstel van burgemeester en wethouders van 15 november 2011; gelet op artikel 15.33 van de Wet milieubeheer; b e s l u i t: vast te stellen de: VERORDENING AFVALSTOFFENHEFFING BLOEMENDAAL 2012. Artikel1Aard van de belasting en belastbaar feit 1.Onder de naam "afvalstoffenheffing" wordt een directe belasting geheven als bedoeld in artikel 15.33 van de Wet milieubeheer (Stb. 1994, 80). 2.De afvalstoffenheffing als bedoeld in deze verordening en de daarbij behorende tarieventabel wordt naar afzonderlijke grondslagen geheven voor het feitelijk gebruik van een perceel waarvoor ingevolge de artikelen 10.21 en 10.22 van de Wet milieubeheer een verplichting tot het inzamelen van huishoudelijke afvalstoffen geldt. Artikel2Belastingplicht 1.De belasting wordt geheven van degene die in de gemeente Bloemendaal feitelijk gebruik maakt van een perceel waarvoor ingevolge de artikelen 10.21 en 10.22 van de Wet milieubeheer een verplichting tot het inzamelen van huishoudelijke afvalstoffen geldt. 2.Voor de toepassing van het eerste lid wordt als gebruiker aangemerkt: degene die naar de omstandigheden beoordeeld al dan niet krachtens eigendom, bezit, beperkt recht of persoonlijk recht feitelijk gebruik maakt van het perceel; ingeval een gedeelte van een perceel ten gebruike is afgestaan: degene die dat gedeelte in gebruik heeft afgestaan. 3.Gebruik door leden van een huishouden wordt aangemerkt als gebruik door een door de in artikel 231, tweede lid, onderdeel b, van de Gemeentewet bedoelde gemeenteambtenaar aan te wijzen lid van dat huishouden. Artikel3Maatstaf van heffing en tarief De belasting wordt geheven naar de maatstaven en de tarieven, opgenomen in de bij deze verordening behorende tarieventabel. Artikel4Belastingjaar Het belastingjaar is gelijk aan het kalenderjaar. Artikel5Wijze van heffing De belasting wordt bij wege van aanslag geheven. Artikel6Ontstaan van de belastingschuld en heffing naar tijdsgelang 1.De belasting als bedoeld in de bij deze verordening behorende tarieventabel is verschuldigd bij het begin van het belastingjaar of, zo dit later is, bij de aanvang van de belastingplicht. 2.Indien de belastingplicht in de loop van het belastingjaar eindigt, bestaat aanspraak op ontheffing voor zoveel twaalfde gedeelten van de voor dat jaar verschuldigde belasting als er in dat jaar, na het einde van de belastingplicht, nog volle kalendermaanden overblijven. 3.Indien in de loop van het belastingjaar het aantal in gebruik zijnde restafvalcontainers afneemt, bestaat aanspraak op ontheffing voor zoveel twaalfde gedeelten van de voor dat jaar verschuldigde belasting als er in dat jaar, na de wijziging van het aantal restafvalcontainers, nog volle kalendermaanden overblijven. 4.Indien in de loop van het belastingjaar de in gebruik zijnde restafvalcontainer(

  1. s)met een inhoud van 240 liter, wordt (worden) omgewisseld voor (een) restafvalcontainer(
  2. s)met een inhoud van 140 liter, bestaat aanspraak op ontheffing voor zoveel twaalfde gedeelten als er in dat jaar na deze omwisseling nog volle kalendermaanden overblijven. 5.Indien de belastingplicht in de loop van het belastingjaar aanvangt, is de belasting bedoeld in hoofdstuk 1 van de tarieventabel verschuldigd voor zoveel twaalfde gedeelten van de voor dat jaar verschuldigde belasting als er in dat jaar, na de aanvang van de belastingplicht, nog volle kalendermaanden overblijven. 6.Indien in de loop van het belastingjaar het aantal in gebruik zijnde restafvalcontainers toeneemt, dan is de hogere belasting verschuldigd voor zoveel twaalfde gedeelten als er in dat jaar na de toename van het aantal containers, nog volle kalendermaanden overblijven. 7.Indien in de loop van het belastingjaar de in gebruik zijnde restafvalcontainer(
  3. s)met een inhoud van 140 liter wordt (worden) omgewisseld voor (een) restafvalcontainer(
  4. s)met een inhoud van 240 liter, dan is de hogere belasting verschuldigd voor zoveel twaalfde gedeelten als er in dat jaar na deze omwisseling nog volle kalendermaanden overblijven. 8.Het tweede tot en met zevende lid zijn niet van toepassing indien de belastingplichtige binnen het grondgebied van de voormalige gemeente Bloemendaal (de woonkernen Bloemendaal, Overveen, Aerdenhout of Vogelenzang) verhuist en aldaar een ander perceel in feitelijk gebruik neemt, waarbij geen wijziging optreedt in het aantal en/of het formaat van de in gebruik zijnde restafvalcontainer(s). 9.Als het bedrag van de belasting beneden € 10,- blijft, wordt geen belasting geheven. Voor de toepassing van de vorige volzin wordt het totaal van op een aanslagbiljet verenigde verschuldigde bedragen aan belastingen of andere heffingen aangemerkt als één belastingbedrag. 10.Het bedrag van de belasting wordt per belastingaanslag naar beneden afgerond op gehele euro's. Artikel7Termijnen van betaling 1.In afwijking van artikel 9, eerste lid, van de Invorderingswet 1990 moet de aanslag worden betaald uiterlijk 2 maanden na de dagtekening van het aanslagbiljet. 2.In afwijking van het eerste lid geldt, in geval het totaalbedrag van de op één aanslagbiljet verenigde aanslagen meer is dan € 70,-, en zolang de verschuldigde bedragen door middel van automatische betalingsincasso kunnen worden afgeschreven, dat de aanslagen moeten worden betaald in zeven gelijke termijnen. De eerste termijn vervalt één maand na de dagtekening van het aanslagbiljet en elk van de volgende termijnen telkens een maand later. 3.Met betrekking tot een ingevolge artikel 2, tweede lid, onderdeel c van de Invorderingswet 1990, met een belastingaanslag gelijkgestelde beschikking inzake een bestuurlijke boete is het eerste lid van overeenkomstige toepassing, voorzover deze gelijktijdig wordt opgelegd met de vaststelling van de aanslag. 4.De Algemene Termijnenwet is niet van toepassing op de in de voorgaande leden gestelde termijnen. Artikel8Kwijtschelding Bij de invordering van de afvalstoffenheffing wordt geen kwijtschelding verleend voor het tarief vermeld onder 1.4.1 en 1.4.2 van de bij de verordening behorende tarieventabel. Artikel9Nadere regels door het college van burgemeester en wethouders Het college van burgemeester en wethouders kan nadere regels geven met betrekking tot de heffing en invordering van de afvalstoffenheffing. Artikel10Inwerkingtreding en citeertitel De 'Verordening afvalstoffenheffing Bloemendaal 2011' van 16 december 2010 en de 'Verordening afvalstoffenheffing Bennebroek 2011' van 16 december 2010 worden ingetrokken met ingang van de in het derde lid genoemde datum van ingang van de heffing, met dien verstande dat zij van toepassing blijven op de belastbare feiten die zich voor die datum hebben voorgedaan. Deze verordening treedt in werking met ingang van 1 januari 2012. De datum van ingang van de heffing is 1 januari 2012. Deze verordening wordt aangehaald als 'Verordening afvalstoffenheffing Bloemendaal 2012'. Aldus besloten in de openbare vergadering van de raad der gemeente Bloemendaal gehouden op 22 december 2011. R.Th.M. Nederveen , voorzitter K.A. van der Pas , griffier. Gepubliceerd in het Weekblad Kennemerland Zuid d.d. 29 december 2011. In werking: 1 januari 2012. TARIEVENTABEL Als bedoeld in de artikel 3 van de Verordening afvalstoffenheffing Bloemendaal 2012 Maatstaven en tarieven afvalstoffenheffing De belasting bedraagt per perceel per belastingjaar: 1 indien dat perceel gebruik maakt van een inzamelvoorziening ten behoeve van meerdere huishoudens (een zgn. verzamelcontainer) € 200,60 2 indien op het perceel gebruik wordt gemaakt van één 140 liter restafvalcontainer, € 200,60 3 Indien op het perceel gebruik wordt gemaakt van één 240 liter restafvalcontainer, € 269,46 4 Onverminderd het onder 1.2 en 1.3 bepaalde bedraagt de belasting van elke volgende restafvalcontainer boven het aantal van één, 1.4.1 per 140-liter restafvalcontainer € 200,60 1.4.2 per 240-liter restafvalcontainer € 269,46 Behorende bij raadsbesluit van 22 december 2011. De griffier van de gemeente Bloemendaal.

🔗 Naar officiële bron

AI-uitleg op basis van de officiële wettekst. Indicatief, vervangt geen juridisch advies.