Verordening onroerende-zaakbelasting 2012 De raad van de gemeente Wijchen; gelezen het voorstel van het college van burgemeester en wethouders van 29 november 2011; gelet op de artikelen 220 t/m 220 h van de Gemeentewet Besluit: vast te stellen de hierna volgende verordening op de heffing en invordering van onroerende zaakbelastingen
- Artikel 1 Belastingplicht Onder de naam 'onroerende-zaakbelastingen' worden ter zake van binnen de gemeente gelegen onroerende zaken twee directe belastingen geheven: een gebruikersbelasting van degene die bij het begin van het kalenderjaar een onroerende zaak die niet in hoofdzaak tot woning dient , al dan niet krachtens eigendom, bezit, beperkt recht of persoonlijk recht gebruikt, verder te noemen: gebruikersbelasting; een eigenarenbelasting van degene die bij het begin van het kalenderjaar van een onroerende zaak het genot heeft krachtens eigendom, bezit of beperkt recht, verder te noemen: eigenarenbelasting. Bij de gebruikersbelasting wordt: gebruik door degene aan wie een deel van een onroerende zaak in gebruik is gegeven, aangemerkt als gebruik door degene die dat deel in gebruik heeft gegeven; degene die het deel in gebruik heeft gegeven, is bevoegd de belasting als zodanig te verhalen op degene aan wie dat deel in gebruik is gegeven; het ter beschikking stellen van een onroerende zaak voor volgtijdig gebruik aangemerkt als gebruik door degene die die onroerende zaak ter beschikking heeft gesteld; degene die de onroerende zaak ter beschikking heeft gesteld is bevoegd de belasting als zodanig te verhalen op degene aan wie die zaak ter beschikking is gesteld. Met betrekking tot de eigenarenbelasting wordt als genothebbende krachtens eigendom, bezit of beperkt recht aangemerkt degene die bij het begin van het kalenderjaar als zodanig in de kadastrale registratie is vermeld, tenzij blijkt dat hij op dat tijdstip geen genothebbende krachtens eigendom, bezit of beperkt recht is. Artikel 2 Belastingobject Als onroerende zaak wordt aangemerkt de onroerende zaak, bedoeld in hoofdstuk III van de Wet Waardering Onroerende Zaken. Een onroerende zaak dient in hoofdzaak tot woning indien de waarde die op grond van hoofdstuk IV van de Wet waardering onroerende zaken is vastgesteld voor die onroerende zaak in hoofdzaak kan worden toegerekend aan delen van die onroerende zaak die dienen tot woning dan wel volledig dienstbaar zijn aan woondoeleinden. Artikel 3 Maatstaf van heffing De heffingsmaatstaf is de op de voet van hoofdstuk IV van de Wet waardering onroerende zaken voor de onroerende zaak vastgestelde waarde voor het tijdvak waarbinnen het in artikel 1 bedoelde kalenderjaar valt. Indien met betrekking tot een onroerende zaak geen waarde is vastgesteld op de voet van hoofdstuk IV van de Wet waardering onroerende zaken wordt de heffingsmaatstaf van die onroerende zaak bepaald met overeenkomstige toepassing van het bepaalde bij of krachtens de artikelen 17, 18, en 20, tweede lid, van de Wet waardering onroerende zaken. Artikel 4 Vrijstellingen In afwijking in zoverre van artikel 3 wordt bij de bepaling van de heffingsmaatstaf buiten aanmerking gelaten, voor zover dit niet reeds is geschied bij de bepaling van de in dat artikel bedoelde waarde, de waarde van: ten behoeve van de land- of bosbouw bedrijfsmatig geëxploiteerde cultuurgrond, daaronder mede begrepen de open grond, alsmede de ondergrond van glasopstanden, die bedrijfsmatig aangewend wordt voor de kweek of teelt van gewassen, zonder daarbij de ondergrond als voedingsbodem te gebruiken; glasopstanden, die bedrijfsmatig worden aangewend voor de kweek of teelt van gewassen, voor zover de ondergrond daarvan bestaat uit de in onderdeel a bedoelde grond; onroerende zaken die in hoofdzaak zijn bestemd voor de openbare eredienst of voor het houden van openbare bezinningssamenkomsten van levensbeschouwelijke aard, een en ander met uitzondering van delen van zodanige onroerende zaken die dienen als woning; één of meer onroerende zaken die deel uitmaken van een op de voet van de Natuurschoonwet 1928 aangewezen landgoed dat voldoet aan de in artikel 1, derde lid, onderdeel b, van die wet bedoelde voorwaarden met uitzondering van de daarop voorkomende gebouwde eigendommen; natuurterreinen, waaronder mede worden verstaan duinen, heidevelden, zandverstuivingen, moerassen en plassen, die door rechtspersonen met volledige rechtsbevoegdheid welke zich uitsluitend of nagenoeg uitsluitend het behoud van natuurschoon ten doel stellen, beheerd worden; openbare land- en waterwegen en banen voor openbaar vervoer per rail, een en ander met inbegrip van kunstwerken; waterverdedigings- en waterbeheersingswerken die worden beheerd door organen, instellingen of diensten van publiekrechtelijke rechtspersonen, met uitzondering van de delen van zodanige werken die dienen als woning; werken die zijn bestemd voor de zuivering van riool- en ander afvalwater en die worden beheerd door organen, instellingen of diensten van publiekrechtelijke rechtspersonen, met uitzondering van de delen van zodanige werken die dienen als woning; werktuigen die van een onroerende zaak kunnen worden afgescheiden zonder dat beschadiging van betekenis aan die werktuigen wordt toegebracht en die niet op zichzelf als gebouwde eigendommen zijn aan te merken; onroerende zaken voor zover die bestemd zijn te worden gebruikt voor de publieke dienst van de gemeente, met uitzondering van delen van zodanige onroerende zaken die bestemd zijn te worden gebruikt voor het geven van onderwijs; straatmeubilair, waaronder begrepen alle zodanige gebouwde eigendommen - niet zijnde gebouwen - welke zijn geplaatst ten gerieve of in het belang van het publiek, ten dienste van het verkeer of ter verfraaiing van de gemeente, zoals lichtmasten, verkeersinstallaties, standbeelden, monumenten, fonteinen, banken, abri's, hekken en palen; plantsoenen, parken en waterpartijen, die bij de gemeente in beheer zijn of waarvan de gemeente het genot heeft krachtens eigendom, bezit of beperkt recht, met uitzondering van delen van zodanige onroerende zaken die dienen als woning; begraafplaatsen, urnentuinen en crematoria, met uitzondering van delen van zodanige onroerende zaken die dienen als woning. De vrijstelling met betrekking tot de in onderdeel j van het eerste lid bedoelde onroerende zaken voor de eigenarenbelasting geldt niet voor zover de gemeente van die zaken niet het genot heeft krachtens eigendom, bezit of beperkt recht. In afwijking in zoverre van artikel 3 wordt bij de bepaling van de heffingsmaatstaf voor de gebruikersbelasting buiten aanmerking gelaten de waarde van gedeelten van de onroerende zaak die in hoofdzaak tot woning dienen dan wel in hoofdzaak dienstbaar zijn aan woondoeleinden. Artikel 5 Belastingtarieven Het tarief van de belasting bedraagt een percentage van de heffingsmaatstaf. Het percentage bedraagt voor: de gebruikersbelasting 0,126630 % de eigenarenbelasting voor onroerende zaken die in hoofdzaak tot woning dienen 0,097077 % voor onroerende zaken die niet in hoofdzaak tot woning dienen 0,158054 % Voor belastingbedragen tot € 5,00 vindt geen invordering plaats. Voor de toepassing van de vorige volzin wordt het totaal van op een aanslagbiljet verenigde verschuldigde bedragen onroerende-zaakbelastingen of andere heffingen aangemerkt als één belastingbedrag. Artikel 6 Wijze van heffing De belastingen worden bij wege van aanslag geheven. Artikel 7 Termijnen van betaling De aanslagen moeten worden betaald uiterlijk twee maanden na de dagtekening van het aanslagbiljet. In afwijking in zoverre van het eerste lid geldt ingeval het totaalbedrag van de op één aanslag biljet verenigde aanslagen, of als het aanslagbiljet maar één aanslag bevat het bedrag daarvan meer is dan € 45,-- maar minder dan € 3.000,00 en de verschuldigde bedragen door middel van automatische incasso van de betaalrekening van de belastingschuldige kunnen worden afgeschreven, dat: aanslagen, waarvan de dagtekening ligt tussen 1 januari en 1 oktober van het belastingjaar waarop ze betrekking hebben, moeten worden betaald in zoveel gelijke termijnen als er na de maand van dagtekening van het aanslagbiljet nog maanden in het belastingjaar overblijven met een maximum van acht termijnen; aanslagen, waarvan de dagtekening ligt na 30 september van het belastingjaar waarop ze betrekking hebben, moeten worden betaald in drie gelijke termijnen. voor aanslagen, waarvan het totaal bedrag van de op één aanslagbiljet verenigde aanslagen minder bedraagt dan € 45,--, de automatische incasso in één keer plaatsvindt uiterlijk twee maanden na de dagtekening van het aanslagbiljet. aanslagen, waarvan het totaal bedrag van de op één aanslagbiljet verenigde aanslagen meer bedraagt dan € 3.000,--, geen mogelijkheid is tot automatische incasso van het verschuldigde bedrag en de betalingstermijn als bedoeld in lid 1van toepassing is. Bij het van toepassing zijn van het vorenstaande vervalt de eerste incassotermijn een maand na de dagtekening van het aanslagbiljet en elk van de volgende termijnen telkens een maand later. De Algemene termijnenwet is niet van toepassing op de in de voorgaande leden gestelde termijnen. Artikel 8 Nadere regels door het college van burgemeester en wethouders Het college van burgemeester en wethouders kan nadere regels geven met betrekking tot de heffing en de invordering van de onroerende-zaakbelastingen. Artikel 9 Inwerkingtreding en citeertitel De 'Verordening onroerende-zaakbelasting 2011’, vastgesteld bij raadsbesluit van 9 december 2010, wordt ingetrokken met ingang van de in het derde lid genoemde datum van ingang van de heffing, met dien verstande dat zij van toepassing blijft op de belastbare feiten die zich voor die datum hebben voorgedaan. Deze verordening treedt in werking met ingang van de dag na die van de bekendmaking. De datum van ingang van de heffing is 1 januari
- Deze verordening wordt aangehaald als 'Verordening onroerende-zaakbelastingen 2012'. Aldus vastgesteld in de openbare raadsvergadering van 22 december 2011, De voorzitter, De griffier, RICHTPRIJZEN BOUWWERKEN 2012 (PRIJSPEIL NOVEMBER 2011) Er is rekening gehouden met ervaringscijfers van het overlegorgaan BWT. Prijzen zijn inclusief technische installaties en exclusief 19 % BTW. BOUWWERKEN PRIJS (EXCL.BTW) EENHEID PER EENHEID 1.1 WOONGEBOUWEN Flat (eenvoudige appartementen), drielaags en meer 238 m³ Urban villa (luxe appartementen), drielaags en meer 294 m³ 1.2 WONINGEN - NORMAAL Low-budget woningen / starters woningen 183 m³ 2 zijdig geschakeld , eenlaags , plat dak 217 m³ 2 zijdig geschakeld , eenlaags , met kap 205 m³ 2 zijdig geschakeld , tweelaags , plat dak 205 m³ 2 zijdig geschakeld , tweelaags , met kap 192 m³ Recreatiewoning 300 m³ 1.3 WONINGEN - BETER Landhuis , eenlaags met kap 302 m³ Twee onder een kap , met schuin dak 262 m³ Vrijstaand , eenlaags met kap 283 m³ Vrijstaand, (houtskeletbouw/ recreatiewoning) 232 m³ Vrijstaand , tweelaags met kap 272 m³ Bungalow (plat) 309 m³ 1.4 AANVULLINGEN - WONINGEN Aan- en uitbouw woonruimte , < 25 m³ 560 m³ Aan- en uitbouw woonruimte , < 70 m³ 475 m³ Aan- en uitbouw woonruimte , > 70 m³ 325 m³ Veranderen woonruimte inpandig 125 m³ Erker (opp. ± 4 m²) 6000 stuk Gevelwijziging 770 m² Nieuw dak 175 m² Uitbreiding monument 500 m³ Restauratie monument 100 m³ Carport / overkapping 144 m² Dakkapel 1175 m¹ Garage / berging , plat dak , aangebouwd 130 m³ Garage / berging , plat dak , vrijstaand, ½ steens 210 m³ Garage / berging , plat dak , vrijstaand, spouw 230 m³ Garage / berging , met kap , aangebouwd 138 m³ Garage / berging , met kap , vrijstaand, ½ steens 185 m³ Garage / berging , met kap , vrijstaand, spouw 205 m³ Kelder 220 m³ Serre luxe (verwarmd) 322 m³ Serre sober 214 m³ Tuinhuisje (hout) 170 m² Tuinmuur (hout) 12 m² Tuinmuur (½ steens) 69 m² 2.1 BIJEENKOMSTGEBOUWEN Multifunctioneel centrum 257 m³ Kerkgebouw 280 m³ Museum 375 m³ Bioscoop/schouwburg 300 m³ 2.2 GEZONDHEIDSZORGGEBOUWEN Woonzorgcentrum , drielaags 228 m³ Ziekenhuis 396 m³ Begeleid wonen 380 m³ Apothekers/huisartsenpost 350 m³ 2.3 HORECAGEBOUWEN Café (taria) met bovenwoning 285 m³ Restaurant 319 m³ 2.4 INDUSTRIEGEBOUWEN Loopstal 30 m³ Ligboxenstal < 1000 m³ 57 m³ Ligboxenstal > 1000 m³ 41 m³ Ligboxenstal > 10000 m³ 30 m³ Pluimveestal < 5000 m³ 124 m³ Pluimveestal > 5000 m³ 88 m³ Varkensstal 50 m³ Gierkelder (tussen 3000 – 6000 m³) 95 m³ Gierkelder > 6000 m³ 70 m³ Sleufsilo, alléén vloer 25 m² Sleufsilo, met wanden 65 m² Werktuigenloods van steen 81 m³ Veldschuur van plaatmateriaal 23 m³ Tuinderskas (onverwarmd) 40 m² Tuinderskas (verwarmd) 35 m² Folietunnel 12 m² Manege met paardenstalling (boxen) en binnenbak 196 m² Paardenstal 156 m³ Bedrijfshal, 5,5 m. hoog , inhoud < 2.500 m³ 435 m² Bedrijfshal, 5,5 m. hoog , inhoud 2.500-7.500 m³ 391 m² Bedrijfshal, 5,5 m. hoog , inhoud > 7.500 m³ 339 m² Bedrijfshal, 7,5 m. hoog , inhoud < 2.500 m³ 491 m² Bedrijfshal, 7,5 m. hoog , inhoud 2.500-7.500 m³ 447 m² Bedrijfshal, 7,5 m. hoog , inhoud > 7.500 m³ 388 m² Bedrijfshal op- en overslag >7,5m < 15000 m³ 448 m² Bedrijfshal op- en overslag >7,5 m. hoog > 15000 m³ 404 m² Bedrijfskantoor in hal 210 m³ Romneyloods 30 m³ Semi-permanente unit 210 m³ Toeslag tussenvloer 129 m² Hekwerk (verzinkt 2 meter hoog, zonder puntdraden) 19 m Looppoort (hoogte 2 m, breedte 1 m) 498 stuk Toegangspoort 1515 stuk 2.5 KANTOORGEBOUWEN Kantoorgebouw , normaal ontwerp : Eenlaags, inhoud tot 1000 m³ 386 m³ Tweelaags, inhoud tot 2.500 m³ 318 m³ Tweelaags, inhoud 2.500 tot 7.500 m³ 280 m³ Drielaags, inhoud 2.500 tot 7.500 m³ 261 m³ Vierlaags, inhoud 7.500 tot 15.000 m³ 235 m³ Vijflaags, inhoud 7.500 tot 15.000 m³ 226 m³ Zeslaags, inhoud > 15000 m³ 210 m³ 2.6 LOGIESGEBOUWEN Hotel, tweelaags/ 48 kamers/ 6100 m³ 390 m³ Motel, tweelaags/ 48 kamers/ 8200 m³ 227 m³ 2.7 ONDERWIJSGEBOUWEN School, tweelaags 250 m³ School, semi-permanent, eenlaags 193 m³ 2.8 SPORTGEBOUWEN Gymzaal 233 m³ Kleedgebouw ( al dan niet met kantine ) 254 m³ Tennishal / sporthal 250 m³ Zwembad 275 m³ 2.9 WINKELGEBOUWEN Doe-het-zelf hal, 7.000 m³ 105 m³ Warenhuis, drielaags (95.000 m³) 215 m³ Winkel, tweelaags (2.000 m³) 363 m³ Winkel met bovenwoning 325 m³ Winkelcentrum, eenlaags 312 m³ Winkel met bovenwoningen 284 m³ 3.1 PARKEREN Parkeergarage, bovengronds 2-6 lagen 83 m³ Parkeergarage, ondergronds 1 laags/ 300 plaatsen 240 m³ Behorende bij raadsbesluit van 22 december 2011 De griffier,