← Nederland

Verordening voorzieningen maatschappelijke ondersteuning gemeente Borsele 2012 (Borsele)

Verordening voorzieningen maatschappelijke ondersteuning gemeente Borsele 2012De raad van de gemeente Borsele Gelezen het voorstel van burgemeester en wethouders van 13 december 2011;Gelet op artikel 5 van de Wet maatschappelijke ondersteuning en artikel 149 van de Gemeentewet; Hoofdstuk1Begripsomschrijvingen Artikel1Begripsomschrijvingen In deze verordening wordt verstaan onder:

  1. a)Wet Wet maatschappelijke ondersteuning.
  2. b)College College van burgemeester en wethouders.
  3. c)Compensatieplicht De plicht van het college aan personen met een beperking, een chronisch psychisch of een psychosociaal probleem voorzieningen te bieden ter compensatie van hun beperkingen op het gebied van zelfredzaamheid en maatschappelijke participatie teneinde hen in staat te stellen een huishouden te voeren, zich te verplaatsen in en om de woning, zich lokaal te verplaatsen per vervoermiddel en medemensen te ontmoeten en op basis daarvan sociale verbanden aan te gaan. Daarbij legt artikel 4 van de wet het college de plicht op om een resultaat te bereiken dat als compensatie mag gelden en dat in het individuele geval maatwerk is.
  4. d)Aanmelding de mededeling van een belanghebbende aan het college dat hij beperkingen ondervindt op grond waarvan hij verzoekt een afspraak te maken voor een gesprek.
  5. e)Gesprek het eerste contact na een aanmelding waarin met degene die maatschappelijke ondersteuning zoekt zijn gehele situatie wordt geïnventariseerd ten aanzien van de beperkingen en de gevolgen daarvan, de te bereiken resultaten, de te kiezen oplossingen via eigen mogelijkheden of via mogelijkheden van het netwerk dan wel via algemene, algemeen gebruikelijke collectieve, (wettelijk) voorliggende en individuele voorzieningen.
  6. f)Aanvraag het verzoek van een belanghebbende om in aanmerking te komen voor één of meerdere voorzieningen om een resultaat te bereiken in het kader van deze verordening.
  7. g)Belanghebbende een persoon met een beperking, een chronisch psychisch probleem of een psychosociaal probleem die behoefte heeft aan compensatie ten behoeve van het bevorderen van zijn deelname aan het maatschappelijk verkeer en het zelfstandig functioneren, die voor zichzelf of, met behulp van een machtiging, door een ander een aanmelding of een aanvraag doet of laat doen.
  8. h)Huisgenoot Iedere meerderjarige met wie de aanvrager gemeenschappelijk een woning bewoont.
  9. i)Psychosociaal probleem een situatie van verlies van zelfstandigheid en, met name, een gebrek aan mogelijkheden tot deelname aan het maatschappelijk verkeer, veroorzaakt door belemmeringen die iemand ondervindt in zijn relatie met anderen, met zijn sociale omgeving .
  10. j)Voorliggende voorziening een voorziening die normaal in de maatschappij aanwezig en beschikbaar is en bedoeld voor iedereen die daar behoefte aan heeft.
  11. k)Wettelijk voorliggende voorziening een voorziening op grond van een wettelijke bepaling anders dan ingevolge de wet, waarmee het resultaat geheel of gedeeltelijk bereikt kan worden.
  12. l)Algemene voorziening een voorliggende voorziening die weliswaar niet bestemd is voor, noch te gebruiken is door alle personen als bedoeld in artikel 4 lid 1 van de wet, maar die anderzijds door iedereen waarvoor de voorziening wel bedoeld is op eenvoudige wijze te verkrijgen of te gebruiken is, zonder een ingewikkelde aanvraagprocedure.
  13. m)Algemeen gebruikelijke voorziening een voorziening die niet speciaal bedoeld is voor mensen met een beperking, dus ook door anderen gebruikt wordt, algemeen verkrijgbaar is en niet duurder is dan vergelijkbare producten.
  14. n)Collectieve voorziening een voorziening die individueel wordt verstrekt maar die door meerdere personen tegelijk kan worden gebruikt.
  15. o)Individuele voorziening een voorziening die door het college ten behoeve van één persoon op basis van artikel 4 Wmo wordt verstrekt.
  16. p)Gebruikelijke zorg de zorg die op het gebied van het voeren van het huishouden voor alle meerderjarige leden van een leefeenheid als algemeen aanvaardbaar wordt beschouwd.
  17. q)Voorziening in natura een voorziening, in te zetten om het resultaat te bereiken, in de vorm van goederen in (bruik)leen of in eigendom, of als persoonlijke dienstverlening.
  18. r)Persoonsgebonden budget een geldbedrag om te gebruiken voor het te bereiken resultaat, als alternatief voor een voorziening in natura en waarop de in deze verordening en het Financieel besluit maatschappelijke ondersteuning te stellen regels van toepassing zijn.
  19. s)Financiële tegemoetkoming een geldbedrag, al dan niet forfaitair of gemaximeerd, bedoeld om een voorziening mee aan te schaffen voor het te bereiken resultaat.
  20. t)Mantelzorger een persoon die mantelzorg in de zin van artikel 1, lid 1 onder b van de wet biedt.
  21. u)Hoofdverblijf de plaats waar een persoon daadwerkelijk de meeste nachten per jaar doorbrengt.
  22. v)Inkomensgrens bedrag van het inkomen waarboven men niet voor eenverstrekking van een voorziening of vergoeding in aanmerking komt.
  23. w)Eigen bijdrage of eigen aandeel in de kosten Een door het college van burgemeester en wethouders vast te stellen bijdrage, die bij de verstrekking van een voorziening in natura, een persoonsgebonden budget (een eigen bijdrage) of een financiële tegemoetkoming (een eigen aandeel) betaald moet worden en waarop de regels van het Financieel besluit maatschappelijke ondersteuning van toepassing zijn. Hoofdstuk2Resultaatgerichte compensatie Artikel2De te bereiken resultaten De op basis van artikel 4, lid 1. van de wet via compenserende maatregelen te bereiken resultaten zijn:a. een schoon en leefbaar huis;b. wonen in een geschikt huis;c. beschikken over goederen voor primaire levensbehoeften;d. beschikken over schone, draagbare en doelmatige kleding;e. het thuis kunnen zorgen voor kinderen die tot het gezin behoren;f. zich verplaatsen in en om de woning; g. zich lokaal verplaatsen per vervoermiddel;h. de mogelijkheid om contacten te hebben met medemensen en deel te nemen aan recreatieve, maatschappelijke of culturele activiteiten. Hoofdstuk3Hoe te komen tot de te bereiken resultaten Artikel3Scheiding aanmelding en aanvraag 1Aan een aanvraag voor een individuele voorziening ex artikel 1, lid 1. aanhef en onder g sub 6 van de wet gaat een aanmelding voor een gesprek vooraf indien:a. De aanvraag afkomstig is van een belanghebbende die nog niet eerder een aanvraag in het kader van de wet heeft gedaan;b. De aanvraag afkomstig is van een belanghebbende die al eerder een gesprek heeft gevoerd maar waarbij sprake is van gewijzigde omstandigheden of gewijzigde te bereiken resultaten;c. Belanghebbende of het college daarom verzoekt. Artikel4Aanmelding voor een gesprek Een aanmelding voor een gesprek kan schriftelijk, elektronisch, mondeling of telefonisch worden gedaan bij de gemeente Borsele door of namens een persoon met een beperking, een chronisch psychisch probleem of een psychosociaal probleem die behoefte heeft aan compensatie ten behoeve van het bevorderen van zijn deelname aan het maatschappelijk verkeer en het zelfstandig functioneren. Artikel5Het gesprek 1Bij het voeren van het gesprek zal de International Classification of Functions, Disabilities and Health als basis voor het begrippenkader worden gehanteerd. 2Als de belanghebbende een mantelzorger is wordt met de mantelzorger en zo mogelijk met de verzorgde geïnventariseerd welke belemmeringen de belanghebbende ondervindt bij de uitvoering van de mantelzorg. Artikel6Het verslag 1Het gesprek wordt afgesloten met een verslag. Opmerkingen van belanghebbende over dit verslag kunnen als bijlage aan het verslag worden toegevoegd. 2Het voeren van een gesprek kan aanleiding zijn voor het indienen van een aanvraag voor een individuele voorziening ex artikel 1, lid 1. aanhef en onder g sub 6 van de wet. 3De aanvraag zoals bedoeld in lid 1. wordt na afloop van het gesprek ingediend door middel van een aanvraagformulier dat direct wordt ingevuld en ondertekend. Artikel7De mondelinge aanvraag Indien een aanvraag mondeling (via de telefoon of op een andere manier) plaatsvindt wordt dit per omgaande schriftelijk bevestigd. Bij deze bevestiging wordt een aanvraagformulier meegezonden. Hoofdstuk4Beoordeling van de te bereiken resultaten Paragraaf1Algemene regels Artikel8Het maken van een afweging 1Bij het beoordelen welke voorzieningen getroffen gaan worden, neemt het college het verslag van het gesprek, indien aanwezig. als uitgangspunt. Het college gaat uit van de behoeften en persoonskenmerken van de belanghebbende. Daarbij zal onderzoek gedaan worden naar de noodzaak en mogelijkheid tot leveren van maatwerk ten aanzien van het te bereiken resultaat. 2Alle voorliggende, algemeen gebruikelijke en collectieve voorzieningen die beschikbaar en bruikbaar zijn, worden, als ze al niet tot een oplossing hebben geleid in het gesprek, of als er geen gesprek heeft plaatsgevonden, eerst beoordeeld. Paragraaf2De te bereiken resultaten Artikel9Een schoon en leefbaar huis 1Het eerste te bereiken resultaat ten aanzien van het voeren van een huishouden bestaat uit het kunnen wonen in een huis dat schoon is. 2Het kunnen wonen in een huis dat schoon is zoals bedoeld in lid 1 geldt ten aanzien van de noodzakelijk te gebruiken woonruimten, zoals: woonkamer, keuken, slaapkamer en sanitaire ruimten. 3Met het oog op een schoon en leefbaar huis kan een individuele voorziening getroffen worden voor het lichte en/of het zware huishoudelijke werk. 4Indien de belanghebbende een of meer huisgenoten heeft die beschikbaar en in staat zijn werkzaamheden over te nemen wordt dit eerst in het kader van gebruikelijke zorg beoordeeld. 5Voor zover aanwezige algemene of collectieve voorzieningen voor de hulp bij het huishouden in de individuele situatie van belanghebbende kunnen leiden tot het te bereiken resultaat worden deze mogelijkheden eerst beoordeeld. 6Voor zover de in lid 4 en lid 5 genoemde mogelijkheden beschikbaar en bruikbaar zijn worden ten aanzien van die onderdelen geen individuele voorzieningen verstrekt. Artikel10Wonen in een geschikt huis 1Het tweede te bereiken resultaat ten aanzien van het voeren van een huishouden bestaat uit het normaal gebruik kunnen maken van de woning waar men over beschikt. 2Onder het normaal gebruik van een woning wordt in ieder geval verstaan de mogelijkheid om normale elementaire woonfuncties te kunnen verrichten, zoals slapen, eten, lichaamsreiniging, het doen van essentiële huishoudelijke werkzaamheden en horizontale en verticale verplaatsingen binnen de woning 3Met het oog op het normale gebruik van de woning kan een individuele voorziening worden getroffen ten aanzien van de bereikbaarheid, toegankelijkheid en bruikbaarheid van de woning. Deze voorziening kan in de vorm van een bouwkundige of woontechnische of een niet-bouwkundige of niet-woontechnische woonvoorziening of een uitraasruimte worden getroffen. 4Voor zover de belanghebbende kan verhuizen naar een geschikte woning of een gemakkelijker geschikt te maken woning welke verhuizing kan leiden tot het te bereiken resultaat zal deze mogelijkheid eerst beoordeeld worden. 5Voor zover de in het vorige lid genoemde mogelijkheden beschikbaar en bruikbaar zijn worden ten aanzien van die onderdelen geen individuele voorzieningen verstrekt. Een verhuiskostenvergoeding kan dan wel verstrekt worden. 6De hoogte van de maximale verhuiskostenvergoeding en de hoogte van de maximale vergoeding van een uitraasruimte worden jaarlijks door het college vastgesteld en vastgelegd in het Financieel besluit maatschappelijke ondersteuning gemeente Borsele. Artikel11Beschikken over goederen voor primaire levensbehoeften 1Met het oog op het beschikken over goederen voor primaire levensbehoeften kan een individuele voorziening worden getroffen ten aanzien van het doen van boodschappen, voor wat betreft levensmiddelen, schoonmaakmiddelen, en toiletartikelen, evenals het bereiden van maaltijden. 2Indien de belanghebbende een of meer huisgenoten heeft die beschikbaar en in staat zijn werkzaamheden over te nemen of voor zover de belanghebbende gebruik kan maken van een aanwezige en bruikbare boodschappenservice of maaltijdvoorziening die in de individuele situatie van de belanghebbende kan leiden tot het te bereiken resultaat wordt deze mogelijkheid eerst beoordeeld. 3Voor zover de in het vorige lid genoemde mogelijkheden beschikbaar en bruikbaar zijn worden ten aanzien van die onderdelen geen individuele voorzieningen verstrekt. Artikel12Beschikken over schone, draagbare en doelmatige kleding 1Met het oog op het beschikken over schone, draagbare en doelmatige kleding kan een individuele voorziening worden getroffen ten aanzien van het wassen, drogen en strijken en opruimen van de dagelijkse was. 2Indien de belanghebbende meerdere leden van de huishouding beschikbaar heeft en in staat zijn werkzaamheden over te nemen, wordt dit eerst in het kader van gebruikelijke zorg beoordeeld. 3Voor zover de in het vorige lid genoemde mogelijkheden beschikbaar en bruikbaar zijn worden ten aanzien van die onderdelen geen individuele voorzieningen verstrekt. Artikel13Het thuis kunnen verzorgen voor kinderen die tot het gezin behoren 1Het vijfde te bereiken resultaat ten aanzien van het voeren van een huishouden bestaat uit de dagelijkse, gebruikelijke zorg voor in het huishouden aanwezige kinderen.Met het oog op het thuis kunnen zorgen voor kinderen die tot het gezin behoren, kan een individuele voorziening worden getroffen ten aanzien van het – zo mogelijk tijdelijk ter overbrugging van een periode noodzakelijk voor het nemen van meer definitieve maatregelen – vervangen van de ouder die in principe voor de kinderen zorgt. 2Voor zover de belanghebbende gebruik kan maken van een aanwezige en bruikbare voor- tussen- en naschoolse opvang, kinderopvang of andere opvangmogelijkheden die in de individuele situatie van de belanghebbende kunnen leiden tot het te bereiken resultaat worden deze mogelijkheden eerst beoordeeld. 3Voor zover de in het vorige lid genoemde mogelijkheden beschikbaar en bruikbaar zijn worden ten aanzien van die onderdelen geen individuele voorzieningen verstrekt. Artikel14Zich verplaatsen in en om de woning 1In verband met het normale gebruik van de woning kan voor het verplaatsen in en om de woning een individuele voorziening worden getroffen bestaande uit een rolstoel voor dagelijks zittend gebruik. 2Voor zover de belanghebbende gebruik kan maken van een aanwezige en bruikbare rolstoelpool die in de individuele situatie van de belanghebbende kan leiden tot het te bereiken resultaat wordt deze mogelijkheden eerst beoordeeld. 3Voor zover de in het vorige lid genoemde mogelijkheden beschikbaar en bruikbaar zijn worden ten aanzien van die onderdelen geen individuele voorzieningen verstrekt. Artikel15Zich lokaal verplaatsen per vervoermiddel 1Met het oog op het zich lokaal verplaatsen per vervoermiddel, kan een individuele voorziening worden getroffen ten aanzien van het verplaatsen over de korte afstand rond de woning en het verplaatsen over de langere afstand binnen de directe woon en leefomgeving. 2Voor zover de belanghebbende gebruik kan maken van algemeen gebruikelijke of algemene voorzieningen, een scootermobielpool of van een collectief vervoerssysteem van deur tot deur die in de individuele situatie van de belanghebbende kunnen leiden tot het te bereiken resultaat worden deze mogelijkheden eerst beoordeeld. 3Voor zover de in het vorige lid genoemde mogelijkheden beschikbaar en bruikbaar zijn worden ten aanzien van die onderdelen geen andere individuele voorzieningen verstrekt. Lid 4 en lid 5 van dit artikel zijn ten opzichte van de conceptverordening die is aangeboden ten behoeve van de vergadering van 5 januari komen te vervallen. Artikel16De mogelijkheid om contacten te hebben met medemensen en deel te nemen aan recreatieve, maatschappelijke of culturele activiteiten 1Met het oog op de mogelijkheid om contacten te hebben met medemensen en deel te nemen aan recreatieve, maatschappelijke of culturele activiteiten kan een individuele voorziening worden getroffen ten aanzien van het vervoer naar de gewenste bestemmingen tot een maatschappelijk aanvaardbaar niveau. 2Voor zover de belanghebbende gebruik kan maken van een of meer aanwezige en bruikbare (vrijwilligers)organisaties die in de individuele situatie van belanghebbende kan leiden tot het te bereiken resultaat worden deze mogelijkheden eerst beoordeeld. 3Voor zover de in het vorige lid genoemde mogelijkheden beschikbaar en bruikbaar zijn worden ten aanzien van die onderdelen geen individuele voorzieningen verstrekt. Hoofdstuk5Verstrekking in natura, als persoonsgebonden budget en als financiële tegemoetkoming. Eigen bijdragen en eigen aandeel. Paragraaf1Verstrekking van voorzieningen Artikel17Mogelijke verstrekkingswijzen 1De te treffen voorzieningen kunnen als voorziening in natura, als persoonsgebonden budget en als financiële tegemoetkoming worden verstrekt. Artikel18Financieel besluit maatschappelijke ondersteuning Het college van burgemeester en wethouders legt alle bedragen voor te verstrekken individuele voorzieningen vast in het Besluit maatschappelijke ondersteuning gemeente Borsele. Artikel19Overwegende bezwaren Het college legt in het gemeentelijk Besluit maatschappelijke ondersteuning gemeente Borsele vast in welke situaties sprake is van overwegende bezwaren zodat er geen voorzieningen in natura of persoonsgebonden budget wordt verstrekt. Paragraaf2Verstrekking in natura Artikel20Inhoud beschikking 1Een woonvoorziening wordt slechts verleend indien de aanvrager zijn hoofdverblijf heeft of zal hebben in de woonruimte waaraan de voorziening wordt getroffen. 2In afwijking van het gestelde in het eerste lid kan een woonvoorziening getroffen worden voor het bezoekbaar maken van één woonruimte indien de aanvrager zijn hoofdverblijf heeft in een AWBZ-instelling. De hoogte van de maximale vergoeding wordt jaarlijks door het college vastgesteld en vastgelegd in het Besluit maatschappelijke ondersteuning gemeente Borsele. 3Bij het treffen van een voorziening in natura wordt in de beschikking vastgelegd:a. welke de te treffen voorziening is;b. wat de duur is van de verstrekking;c. hoe de voorziening in natura verstrekt wordt en d. of er sprake is van een overeenkomst waarin deze verstrekking is geregeld. 4Als er sprake is van een te betalen eigen bijdrage wordt dit in de beschikking opgenomen. Paragraaf3Verstrekking als persoongebonden budget Artikel21Inhoud beschikking 1Bij het treffen van een voorziening in de vorm van een persoonsgebonden budget wordt in de beschikking vastgelegd:
  24. a)Voor welk te bereiken resultaat het persoonsgebonden budget gebruikt moet worden, eventueel aangevuld met een programma van eisen waaraan bij de besteding voldaan moet worden.
  25. b)Wat de omvang van het persoonsgebonden budget is en hoe deze omvang tot stand is gekomen.
  26. c)Wat de duur is van de verstrekking waarvoor het persoonsgebonden budget bedoeld is
  27. d)Welke regels gelden ten aanzien van verantwoording van het persoonsgebonden budget. 2Als er sprake is van een te betalen eigen bijdrage wordt dit in de beschikking opgenomen. Paragraaf4Verstrekking als financiële tegemoetkoming Artikel22Inhoud beschikking 1Bij het treffen van een voorziening in de vorm van een financiële tegemoetkoming wordt in de beschikking vastgelegd:a. voor welk te bereiken resultaat de financiële tegemoetkoming bestemd is;b. wat de duur van de verstrekking is;c. of er sprake is van een overeenkomst waarin deze verstrekking is geregeld end. wat de hoogte van de financiële tegemoetkoming is. 2Als er sprake is van een te betalen eigen aandeel wordt dit in de beschikking opgenomen. Paragraaf5Eigen bijdrage en eigen aandeel Artikel23Eigen bijdrage en eigen aandeel 1Bij het verstrekken van een voorziening is een eigen bijdrage of een eigen aandeel verschuldigd ten aanzien van de volgende resultaten:a. een schoon en leefbaar huis;b. wonen in een geschikt huis;c. beschikken over goederen voor primaire levensbehoeften;d. beschikken over schone, draagbare en doelmatige kleding;e. het thuis kunnen zorgen voor kinderen die tot het gezin behoren;f. zich verplaatsen in, om en nabij de woning voor zover het geen rolstoel betreft;g. zich lokaal verplaatsen per vervoermiddel;h. de mogelijkheid om contacten te hebben met medemensen en deel te nemen aan recreatieve, maatschappelijke of culturele activiteiten. 2De bedragen en het percentage die gelden voor een eigen bijdrage of een eigen aandeel zijn gelijk aan de bedragen zoals opgenomen in het Financieel besluit maatschappelijke ondersteuning, Stb. 2006 nr. 450, artikel 4.1, lid 1, zoals jaarlijks aangepast door de Minister van Volksgezondheid, Welzijn en Sport. 3Bij lid 1 zijn er uitzonderingen waarbij voorkomen moet worden dat er dubbele bijdragen worden geheven. Voor sportrolstoelen wordt géén eigen bijdrage geheven. Hoofdstuk6Procedurele bepalingen rond onderzoek, advies en besluitvorming, intrekking en terugvordering. Artikel24Beslistermijn De termijn waarbinnen een besluit genomen moet worden bedraagt voor:a. Een voorziening voor het wonen in een schoon en leefbaar huis: maximaal 8 weken.b. Een voorziening voor het beschikken over goederen voor primaire levensbehoeften: maximaal 8 weken.c. Een voorziening voor het beschikken over schone, draagbare en doelmatige kleding: maximaal 8 weken.d. Een voorziening voor het thuis kunnen zorgen voor kinderen die tot het gezin behoren: maximaal 8 weken.e. Een voorziening voor het wonen in een geschikt huis:1. als het gaat om een voorziening waarvoor geen bouwkundige offertes opgevraagd moeten worden: maximaal 8 weken;2. als het gaat om voorzieningen waar wel bouwkundige offertes opgevraagd moeten worden: maximaal 16 weken.f. Een voorziening voor het zich verplaatsen in en om de woning: maximaal 16 weken.g. Een voorziening voor het zich lokaal verplaatsen per vervoermiddel: maximaal 8 weken.h Een voorziening voor het ontmoeten van medemensen het op basis daarvan sociale verbanden aangaan: maximaal 8 weken. Artikel25Beperkingen 1Een voorziening kan slechts worden toegekend voor zover:a. De noodzaak voor het te bereiken resultaat langdurig is, tenzij kortdurende hulp bij het huishouden leidt tot het te bereiken resultaat.b. De te verstrekken voorziening als de goedkoopst-compenserende voorziening aan te merken is. 2Geen voorziening wordt toegekend:a. Als er een andere oplossing is.b. Indien de voorziening algemeen gebruikelijk is.c. Indien de belanghebbende niet woonachtig is in de gemeente Borsele.d. Voor zover de aanvraag betrekking heeft op kosten die de belanghebbende voorafgaand aan het moment van aanvragen of het moment van beschikken heeft gemaakt en niet meer is na te gaan of deze voorziening noodzakelijk was en als goedkoopst-compenserend aan te merken valt.e. Voor zover een voorziening als die waarop de aanvraag betrekking heeft al eerder in het kader van enige wettelijke bepaling of regeling is verstrekt en de normale afschrijvingstermijn van de voorziening nog niet verstreken is, tenzij de eerder vergoede of verstrekte voorziening verloren is gegaan als gevolg van omstandigheden die niet aan belanghebbende zijn toe te rekenen, of tenzij belanghebbende geheel of gedeeltelijk tegemoet komt in de veroorzaakte kosten.f. Indien de belanghebbende door gedrag het verstrekken dan wel onderhouden of verantwoorden onmogelijk maakt. Artikel26Advisering 1Het college is bevoegd om, voor zover dit van belang kan zijn voor de beoordeling van het recht op de aangevraagde voorziening, degene door wie een aanvraag is ingediend of bij gebruikelijke zorg diens relevante huisgenoten:a. Op te roepen in persoon te verschijnen op een door het college te bepalen plaats en tijdstip en te bevragen.b. Op een door het college te bepalen plaats en tijdstip door een of meer daartoe aangewezen deskundigen te doen bevragen en/of onderzoeken. 2Het college vraagt een door hem daartoe aangewezen adviesinstantie om advies indien:a. Het handelt om een aanvraag van een persoon die niet eerder een voorziening heeft gehad cq. met wie niet eerder een gesprek als bedoeld in artikel 3 is gevoerd.b. Het handelt om een aanvraag van een persoon die wel eerder een voorziening heeft gehad of een gesprek zoals bedoeld in artikel 3 heeft gevoerd, maar waarvan de medische omstandigheden zodanig zijn veranderd dat die gewijzigde omstandigheden de noodzaak van een voorziening of de soort van voorziening kunnen beïnvloeden.c. Het college dat overigens gewenst vindt. Artikel27Wijziging situatie Degene aan wie op grond van deze verordening een voorziening is verstrekt, is verplicht zo spoedig mogelijk en schriftelijk aan het college mededeling te doen van feiten en omstandigheden, waarvan redelijkerwijs duidelijk moet zijn dat deze van invloed kunnen zijn op het recht op een voorziening. Artikel28Intrekking 1Het college kan een besluit, genomen op grond van deze verordening, geheel of gedeeltelijk intrekken indien:a. Niet of niet meer wordt voldaan aan de voorwaarden gesteld bij of krachtens deze verordening.b. Een besluit is genomen op grond van gegevens waarvan gebleken is dat die gegevens zodanig onjuist waren dat, waren de juiste gegevens bekend geweest, een andere beslissing zou zijn genomen. 2Een besluit tot verlening van een financiële tegemoetkoming of een persoonsgebonden budget kan worden ingetrokken indien blijkt dat de tegemoetkoming of het budget binnen zes maanden na uitbetaling niet is aangewend voor de bekostiging van het resultaat waarvoor de verlening heeft plaatsgevonden. Artikel29Terugvordering 1Indien het recht op een voorziening is ingetrokken kan op basis daarvan een al uitbetaalde financiële tegemoetkoming of persoonsgebonden budget worden teruggevorderd. 2Ingeval het recht op een in eigendom verstrekte voorziening is ingetrokken kan deze voorziening worden teruggevorderd indien de voorziening is verleend op basis van valselijk verstrekte gegevens. 3Ingeval het recht op een in bruikleen verstrekte voorziening is ingetrokken kan deze voorziening worden teruggehaald indien de voorziening is verleend op basis van valselijk verstrekte gegevens. Hoofdstuk7Slotbepalingen Artikel30Hardheidsclausule Het college kan in bijzondere gevallen ten gunste van de belanghebbende afwijken van de bepalingen van deze verordening indien toepassing van de verordening tot onbillijkheden van overwegende aard leidt. Artikel31Indexering Het college kan jaarlijks per 1 januari de in het kader van deze verordening en het op deze verordening berustende gemeentelijk Financieel besluit maatschappelijke ondersteuning gemeente Borsele geldende bedragen verhogen of verlagen aan de hand van de prijsindex voor de gezinsconsumptie, zoals bepaald in artikel 4.5 lid 1 van het Financieel besluit maatschappelijke ondersteuning (Stb. 2006, 450). Artikel32Evaluatie Het door het gemeentebestuur gevoerde beleid wordt na 2 jaar na inwerkingtreding geëvalueerd. Indien de evaluatie daartoe aanleiding geeft wordt het beleid vervolgens aangepast. Artikel33Inwerktreding Deze verordening treedt in werking na datum publicatie (voorzien voor 11-01-2012).De hier voorgaande verordening voorzieningen maatschappelijke ondersteuning gemeente Borsele 2007 komt hiermee te vervallen. Artikel34Citeertitel Deze verordening wordt aangehaald als verordening voorzieningen maatschappelijke ondersteuning gemeente Borsele 2012. Vastgesteld in de raadsvergadering van 5 januari 2012,De griffier, De voorzitter,

🔗 Naar officiële bron

AI-uitleg op basis van de officiële wettekst. Indicatief, vervangt geen juridisch advies.