BEHEERVERORDENING BEGRAAFPLAATSENDe raad van de gemeente Reimerswaal; gelezen het voorstel van het college van 15 november 2011, nr. 11.030402; gelet op artikel 35 van de Wet op de lijkbezorging en artikel 149 van de Gemeentewet; besluit vast te stellen de volgende verordening: Verordening op het beheer en het gebruik van de gemeentelijke begraafplaats(
- en)voor de gemeente Reimerswaal Hoofdstuk1INLEIDENDE BEPALINGEN Artikel1Begripsbepalingen In deze verordening wordt verstaan onder: a. begraafplaatsen: de begraafplaatsen in de kernen Hansweert, Kruiningen, Krabbendijke, Rilland, Waarde en Yerseke; b. graf: een zandgraf of keldergraf; c. grafkelder: een betonnen of gemetselde constructie waarin een of meerdere lijken worden begraven of asbussen worden bijgezet; d. asbus: een bus ter berging van as van een overledene; e. urn: een voorwerp ter berging van een of meer asbussen; f. particulier graf: een graf waarvoor aan een natuurlijk persoon of rechtspersoon het uitsluitend recht is verleend tot: 1. het doen begraven en begraven houden van lijken; 2. het doen bijzetten en bijgezet houden van asbussen met of zonder urnen. g. algemeen graf: een graf bij de gemeente in beheer waarin gelegenheid wordt geboden tot het doen begraven van lijken; h. particulier urnengraf: een graf waarvoor aan een natuurlijk persoon of rechtspersoon het uitsluitend recht is verleend tot: het doen bijzetten en bijgezet houden van asbussen met of zonder urnen. i. algemeen urnengraf: een graf bij de gemeente in beheer waarin gelegenheid wordt geboden tot het doen bijzetten van asbussen met of zonder urnen; j. particuliere urnennis: een nis waarvoor aan een natuurlijk persoon of rechtspersoon het uitsluitend recht is verleend tot het doen bijzetten en bijgezet houden van asbussen met of zonder urnen; k. verstrooiingsplaats: een plaats waarop as wordt verstrooid; l. grafbedekking: gedenkteken en grafbeplanting op een graf. m. beheerder: de ambtenaar die belast is met de dagelijkse leiding van de begraafplaats(
- en)of degene die hem vervangt; n. rechthebbende: natuurlijk persoon of rechtspersoon aan wie een uitsluitend recht is verleend op een particulier graf, een particulier urnengraf of een particuliere gedenkplaats, dan wel degene die redelijkerwijze geacht kan worden in diens plaats te zijn getreden; o. gebruiker: natuurlijk persoon of rechtspersoon aan wie een recht tot gebruik van een ruimte in een algemeen graf of een algemeen urnengraf is verleend, dan wel degene die redelijkerwijze geacht kan worden in diens plaats te zijn getreden. Artikel2Uitbreiding begrippen particulier en algemeen graf 1Voor de toepassing van het bij of krachtens deze verordening bepaalde wordt, voor zover van belang onder 'particulier graf' mede verstaan: particulier urnengraf en particuliere urnennis. 2Voor de toepassing van het bij of krachtens deze verordening bepaalde wordt, voor zover van belang onder 'algemeen graf' mede verstaan: algemeen urnengraf. Hoofdstuk2OPENSTELLING, ORDE EN RUST OP DE BEGRAAFPLAATS Artikel3Openstelling begraafplaats(
- en)1De begraafplaatsen zijn voor iedereen dagelijks toegankelijk tussen zonsop- en zonsondergang. 2Ter handhaving van de orde en rust op de begraafplaatsen kunnen de toegangen tijdelijk worden gesloten. 3Het is verboden gedurende de tijd dat de begraafplaatsen niet voor het publiek geopend zijn, zich daarop te bevinden, anders dan voor het bijwonen van een begrafenis of de bezorging van as. Artikel4Ordemaatregelen 1Het is aan de steenhouwers, hoveniers en daarmee gelijk te stellen personen verboden, anders dan met toestemming van burgemeester en wethouders, werkzaamheden voor derden aan grafbedekkingen op de begraafplaatsen te verrichten. Deze toestemming kan mondeling worden gegeven. 2Bezoekers, personeel van uitvaartondernemingen en personen die werkzaamheden op de begraafplaatsen hebben te verrichten, zijn verplicht zich in het belang van de orde, rust en netheid te houden aan de aanwijzingen van de beheerder. 3De beheerder kan personen die zich niet aan de in het eerste lid bedoelde aanwijzing houden van de begraafplaats verwijderen of laten verwijderen. 4Het is verboden met motorrijtuigen op de begraafplaats(
- en)te rijden: a. elders dan op de daartoe aangewezen rijwegen anders dan voor een begrafenis of voor het vervoeren van materialen; b. sneller dan 10 km per uur. 5Het college kan ontheffing verlenen van het verbod, bedoeld in de aanhef en onder a van het vierde lid. Artikel5Plechtigheden 1Herdenkingsbijeenkomsten, onthullingen van gedenktekens en dergelijke plechtigheden op de begraafplaats kunnen slechts plaatsvinden nadat deze ten minste zes werkdagen tevoren zijn gemeld aan de beheerder. Datum en uur van de plechtigheid en de wijze waarop deze zal plaatsvinden worden in overleg met de aanvrager door de beheerder vastgesteld. 2De deelnemers aan de plechtigheid, bedoeld in het eerste lid zijn verplicht zich in het belang van de orde, rust en netheid te houden aan de aanwijzingen van de beheerder. Artikel6Opgravingen en ruimen Bij het opgraven van lijken zijn geen andere personen aanwezig dan degenen die door de beheerder met deze werkzaamheden zijn belast. Hoofdstuk3VOORSCHRIFTEN VOOR LIJKBEZORGING Artikel7Kennisgeving begraven en asbezorging, openen en sluiten van het graf 1Degene die wil doen begraven, as wil doen bijzetten of as wil doen verstrooien, geeft daarvan uiterlijk om 12.00 uur van de werkdag voorafgaande aan die waarop de begraving, bijzetting of verstrooiing zal plaatsvinden, schriftelijk kennis aan de beheerder. De zaterdag geldt voor de toepassing van deze bepaling niet als werkdag. Indien de burgemeester toestemming heeft gegeven om het lijk binnen 36 uur na het overlijden te begraven moet de kennisgeving aan de beheerder zo tijdig mogelijk worden gedaan. 2Het openen van een graf ter begraving of voor het bezorgen van as, en het daarna sluiten van een graf, alsmede het bedienen van de hulpmiddelen mag uitsluitend geschieden door het personeel van de begraafplaats op aanwijzingen en onder toezicht van de beheerder. De nabestaanden kunnen deze werkzaamheden onder toezicht van de beheerder geheel of gedeeltelijk zelf verrichten indien zij hun wens daartoe uiterlijk om 12.00 uur van de voorafgaande werkdag mondeling of schriftelijk aan de beheerder hebben kenbaar gemaakt. De zaterdag geldt voor de toepassing van deze bepaling niet als werkdag. Zij dienen bij deze werkzaamheden de aanwijzingen van de beheerder op te volgen. Artikel8Gebouwen en muziekinstallatie Niet opgenomen. Artikel9Over te leggen stukken 1Tot begraving wordt niet overgegaan dan nadat het verlof tot begraven is overgelegd aan de beheerder. 2Indien de begraving of de bezorging van as in een particulier graf zal plaatsvinden, dient een machtiging daartoe aan de beheerder te worden overgelegd ondertekend door de rechthebbende of, indien deze is overleden, door degene die in de uitvaart voorziet. 3Begraving of bijzetting in een particulier graf waarvan de uitgiftetermijn binnen de wettelijke minimum grafrusttermijn afloopt, kan alleen plaatsvinden onder gelijktijdige verlenging van de uitgiftetermijn met een zodanige periode dat de alsdan resterende uitgiftetermijn ten minste gelijk is aan de wettelijke minimum grafrusttermijn. De verlenging dient te worden aangevraagd door de rechthebbende. 4De in het vorige lid bedoelde periode van verlenging wordt naar boven toe afgerond op gehele jaren. 5De beheerder onderzoekt of de overgelegde stukken toereikend zijn. Artikel10Tijden van begraven en asbezorging 1De tijd van begraven en het bezorgen van as is: • op werkdagen van 10.00 tot 15.00 uur; • op zaterdag van 9.30 tot 12.00 uur. 2Het college kan in bijzondere gevallen van deze tijden afwijken. Hoofdstuk4INDELING EN UITGIFTE VAN DE GRAVEN Artikel11Indeling graven en asbezorging 1Op de begraafplaats(
- en)kunnen worden uitgegeven: a. particuliere graven en particuliere urnengraven; b. particuliere urnennissen. 2In een particulier graf mag slechts één lijk begraven worden, in een urnengraf mag slechts één urn of asbus geplaatst worden, in een urnennis mogen één of meerdere urn(en)/asbus(sen) geplaatst worden. 3De graven hebben een afmeting van 2 x 1,10 meter, urnengraven hebben een afmeting van 1 x 1,10 meter. Artikel12Aantal overledenen in algemene graven In een algemeen graf mag slechts één lijk begraven worden, in een algemeen urnengraf mag slechts één urn of asbus geplaatst worden. Artikel13Volgorde van uitgifte 1De particuliere graven worden slechts voor directe begraving en in volgorde van ligging uitgegeven. 2Het college kan een particulier graf toewijzen anders dan voor directe begraving en buiten de volgorde van uitgifte, indien dit wegens de situatie op de begraafplaats(
- en)niet bezwaarlijk is. Artikel14Categorieën Het college kan bij nader vast te stellen regels de algemene en particuliere graven onderverdelen in categorieën. Het college bepaalt voor de verschillende categorieën de situering en oppervlakte. Artikel15Termijnen particuliere graven 1Het college verleent, voor zover de daartoe bestemde ruimte van de begraafplaats(
- en)dat toelaat, op een daartoe bij hen schriftelijk in te dienen aanvraag, voor de tijd van, vijfentwintig jaar recht op een particulier graf. De termijn begint te lopen op de datum waarop het particuliere graf is uitgegeven. 2Het in het eerste lid van dit artikel bedoelde recht wordt op aanvraag van de rechthebbende verlengd telkens met een termijn van tien jaar, mits de aanvraag voor het verstrijken van de lopende termijn wordt ingediend. Artikel15aTermijnen algemene graven 1Het college verleent, voor zover de daartoe bestemde ruimte van de begraafplaats(
- en)dat toelaat, op een daartoe bij hen schriftelijk in te dienen aanvraag, voor de tijd van, 10 of 20 jaar recht op een algemeen graf. De termijn begint te lopen op de datum waarop het algemene graf is uitgegeven. 2Het in het eerste lid van dit artikel bedoelde recht van 10 jaar wordt op aanvraag van de belanghebbende eenmalig verlengd met een termijn van tien jaar, mits de aanvraag voor het verstrijken van de lopende termijn wordt ingediend. Bij een algemeen graf welke direct wordt uitgegeven voor 20 jaar is er geen verlenging meer mogelijk. Artikel16Grafkelder Het college kan aan de rechthebbende op een particulier graf vergunning verlenen tot het daarin voor eigen rekening doen aanbrengen van een grafkelder overeenkomstig de door het college te stellen voorwaarden. Artikel17Overschrijving van verleende rechten 1Het recht op een particulier graf kan op aanvraag van de rechthebbende worden overgeschreven op naam van een ander natuurlijk persoon of rechtspersoon. 2Na het overlijden van de rechthebbende kan het recht op het particuliere graf worden overgeschreven op naam van een natuurlijk persoon of rechtspersoon, indien de aanvraag daartoe wordt gedaan binnen zes maanden na het overlijden van de rechthebbende. Indien de overleden rechthebbende in het graf dient te worden begraven, of indien de asbus met zijn resten in het graf dient te worden bijgezet, dient het verzoek tot overschrijving daaraan voorafgaand te worden gedaan. 3Indien na het overlijden van de rechthebbende de aanvraag tot overschrijving aan het college niet wordt gedaan binnen de in het tweede lid van dit artikel gestelde termijn van zes maanden, is het college bevoegd het recht op het particuliere graf te doen vervallen. 4Na het verstrijken van de in het tweede lid genoemde termijn van zes maanden kan het college het particuliere graf alsnog op naam stellen van een nieuwe rechthebbende, tenzij dit recht betrekking heeft op een particulier graf dat inmiddels is geruimd. Artikel18Afstand doen van graven Zonder aanspraak te kunnen maken op enige vergoeding kan de rechthebbende schriftelijk afstand doen ten behoeve van de gemeente van het recht op het particuliere graf. Van de ontvangst van zodanige verklaring doen burgemeester en wethouders schriftelijk mededeling aan de rechthebbende. Hoofdstuk5GRAFBEDEKKINGEN Artikel19Vergunning grafbedekking 1Voor het hebben van een grafbedekking is een schriftelijke vergunning nodig van het college. 2Het college kan nadere regels vaststellen omtrent de wijze van aanvragen van de vergunning, de aard en de afmetingen van de grafbedekking en de wijze van aanbrengen. 3Het college kan de vergunning weigeren indien: a. niet voldaan wordt aan de vastgestelde nadere regels, b. de grafbedekking afbreuk doet aan het aanzien van de begraafplaats; c. de duurzaamheid van de materialen onvoldoende is; d. de constructie van de grafbedekking ondeugdelijk is. Artikel20Onderhoud door de gemeente 1Het college voorziet in het onderhouden van de begraafplaats, waaronder het schoonhouden van de grafbedekking. Onder onderhoud is niet begrepen het opnieuw opstellen van het gedenkteken. 2Wanneer de grafbedekking naar het oordeel van het college niet geschikt is voor onderhoud door de gemeente dient dit door en voor rekening van de rechthebbende te gebeuren. Artikel21Onderhoud door rechthebbende of gebruiker 1Het (doen) plaatsen, aanbrengen, herstellen, vernieuwen of verwijderen van de grafbedekking geschiedt door, voor rekening van en voor risico van de rechthebbende of de gebruiker. 2De rechthebbende of de gebruiker is verplicht de grafbedekking behoorlijk te onderhouden of te herstellen. 3Indien de rechthebbende of de gebruiker nalaat de grafbedekking behoorlijk te onderhouden of te herstellen, kan het college de hiervoor in aanmerking komende voorwerpen of zo nodig de gehele grafbedekking doen verwijderen. Het verwijderde blijft gedurende twaalf weken ter beschikking van de rechthebbende of de gebruiker en vervalt daarna aan de gemeente, zonder dat deze tot enige vergoeding verplicht is. 4De verwijdering vindt niet plaats dan nadat het college de rechthebbende of de gebruiker door middel van een verklaring schriftelijk op de hoogte heeft gesteld van de toestand van de grafbedekking. Wanneer het adres van de rechthebbende of de gebruiker niet bekend is maakt het college de verklaring bij de ingang van de begraafplaats op het mededelingenbord bekend. Bij het graf wordt een verwijzing naar de mededeling aangebracht. 5Het college kan de rechthebbende of de gebruiker per aanschrijving verplichten een beschadiging aan de grafbedekking te herstellen binnen de door het college gestelde termijn indien de beschadiging zodanig is dat deze naar het oordeel van het college het uiterlijk aanzien van de begraafplaats schaadt of indien de beschadiging van de grafbedekking gevaar op levert voor derden. Artikel22Niet-blijvende grafbeplanting Niet-blijvende beplanting op een graf die in een verwaarloosde staat verkeert kan door de beheerder worden verwijderd zonder dat aanspraak kan worden gemaakt op schadevergoeding. Losse bloemen, planten, kransen en dergelijke kunnen, wanneer zij verwelkt zijn, door de beheerder worden verwijderd. Linten, siervazen en dergelijke voorwerpen worden gedurende dertien weken ter beschikking gehouden van de rechthebbende of, wanneer het een algemeen graf betreft, van de belanghebbende indien deze daartoe tevoren een aanvraag heeft ingediend bij de beheerder. Artikel23Verwijdering grafbedekking na verstrijken van de termijn 1De grafbedekking kan na het verstrijken van de termijn van uitgifte van het graf door het college worden verwijderd. 2Het voornemen tot verwijdering van de grafbedekking maakt het college ten minste een jaar voorafgaande aan het tijdstip waarop de grafbedekking zal worden verwijderd per brief aan de rechthebbende of, wanneer het een algemeen graf betreft, aan de belanghebbende bekend. Wanneer het adres van de rechthebbende of belanghebbende niet bekend is, maakt het college het voornemen tot verwijdering van de grafbedekking gedurende ten minste een jaar voorafgaande aan het tijdstip waarop de grafbedekking zal worden verwijderd door middel van een bij het graf te plaatsen bordje en bij de ingang van de begraafplaats bekend. 3Indien de grafbedekking niet binnen 2 jaar na de verwijdering is afgehaald, vervalt deze aan de gemeente, zonder dat de gemeente tot enige vergoeding verplicht is. Hoofdstuk6RUIMING VAN GRAVEN, URNENGRAVEN EN URNENNISSEN Artikel24Ruiming, bezorging van overblijfselen en as Niet opgenomen. Hoofdstuk7GEDEELTE VOOR KERKGENOOTSCHAP Artikel25Afwijkende regels en kennisgeving onderhoudsbehoefte van graven 1Het college kan na overleg met het bestuur van het kerkgenootschap ten aanzien van de openstelling van het gedeelte, de indeling van graven, de onderverdeling van graven in categorieën en de eisen voor de grafbedekking op het ter beschikking van het kerkgenootschap gestelde deel van de begraafplaats nadere regels stellen die afwijken van de regels krachtens de artikelen 3, eerste lid, 11, tweede lid, 14 en 19, derde lid, van deze verordening. 2Het college stelt het bestuur van het kerkgenootschap schriftelijk ervan in kennis dat de grafbedekking van een of meer graven onderhoud en herstel behoeft, wanneer het kerkgenootschap schriftelijk om een dergelijke kennisgeving heeft verzocht. Hoofdstuk8IN STAND HOUDEN HISTORISCHE GRAVEN EN OPVALLENDE GRAFBEDEKKING Artikel26Lijst 1Het college houdt een lijst bij van graven die van historische betekenis zijn of waarvan de grafbedekking een opvallende kwaliteit heeft. 2De gemeenteraad beslist over het verwijderen van grafbedekkingen die op de in het eerste lid bedoelde lijst staan. Hoofdstuk9INRICHTING REGISTER Artikel27Voorschriften 1Het college stelt voorschriften vast voor het register van de begraven lijken. 2Het register wordt bijgehouden door de beheerder. Hoofdstuk10SLOTBEPALINGEN Artikel28Intrekking oude regeling De verordening op het beheer en gebruik van de gemeentelijke begraafplaatsen, vastgesteld op 24 november 2009, wordt ingetrokken. Artikel29Overgangsbepaling 1Besluiten van het college die genomen zijn krachtens de verordening op het beheer en gebruik van de gemeentelijke begraafplaatsen gelden als besluiten genomen krachtens deze verordening. 2Indien voor het tijdstip van inwerkingtreding van deze verordening een aanvraag om vergunning op grond van de verordening op het beheer en gebruik van de gemeentelijke begraafplaatsen is ingediend en voor het tijdstip van inwerkingtreding van deze verordening niet op de aanvraag is beslist, wordt daarop deze verordening toegepast. Artikel30Strafbepaling Overtreding van de artikelen 3, 4, 5 en 7 van deze verordening kan worden gestraft met hechtenis van ten hoogste twee maanden of een geldboete van de tweede categorie. Artikel31Inwerkingtreding Deze verordening treedt in werking op 1 januari 2012. Artikel32Citeertitel Deze verordening wordt aangehaald als: Beheerverordening begraafplaatsen gemeente Reimerswaal. Aldus vastgesteld in de raadsvergadering van 20 december 2011. T. Jansengriffier A.J. Huismanvoorzitter