Verordening op de heffing en de invordering van toeristenbelasting in de gemeente Woerden 2012 De raad van de gemeente Woerden, gelezen het voorstel d.d. 1 november 2011 van burgemeester en wethouders; gelet op artikel 224 van de Gemeentewet; besluit; vast te stellen de "Verordening op de heffing en de invordering van toeristenbelasting in de gemeente Woerden 2012" Artikel1Begripsomschrijvingen Voor de toepassing van deze verordening wordt verstaan onder: a. kampeermiddel: tent, tentwagen, kampeerauto, caravan dan wel enig ander onderkomen of ander voertuig of gewezen voertuig of een gedeelte daarvan, voor zover geen bouwwerk zijnde waarvoor een omgevingsvergunning voor een bouwactiviteit als bedoeld in artikel 2.1, eerste lid, onderdeel a, Wet algemene bepalingen omgevingsrecht is vereist; een en ander voor zover deze onderkomens of voertuigen geheel of ten dele blijvend zijn bestemd of opgericht dan wel worden of kunnen worden gebruikt voor recreatief nachtverblijf; b. kampeerterrein: terrein of plaats, geheel of gedeeltelijk ingericht, en volgens die inrichting bestemd, om daarop gelegenheid te geven tot het plaatsen of geplaatst houden van kampeermiddelen geheel of nagenoeg geheel ten behoeve van recreatief nachtverblijf; c. vakantie-onderkomens: bungalows, , appartementen, woningen en andere verblijfsruimten niet zijnde groepsverblijving, in hoofdzaak bestemd voor en gebezigd als verblijf voor vakantie- en andere recreatieve doeleinden; d. vaste standplaats: een terrein of terreingedeelte dat deel uitmaakt van een kampeerterrein en dat ter beschikking wordt gesteld voor de plaatsing van eenzelfde kampeermiddel gedurende een seizoen of een jaar; e. volgtijdige standplaats: een terrein of terreingedeelte dat deel uitmaakt van een kampeerterrein en dat ter beschikking wordt gesteld voor de volgtijdige plaatsing van verschillende kampeermiddelen; f. woning: een huis, een naar aard en inrichting vergelijkbare ander onderkomen of een deel van een huis of een vergelijkbaar onderkomen; g. particulier: een natuurlijk persoon die buiten de uitoefening van een bedrijf of beroep gelegenheid biedt tot verblijf; h. particulier verhuurde woning: een woning die door een particulier ter beschikking wordt gesteld voor het houden van verblijf met overnachting tegen een vergoeding in welke vorm dan ook; i. kamers: woningen en andere verblijfsruimten, of gedeelten daarvan, niet zijnde vakantie-onderkomens, welke niet niet in hoofdzaak bestemd zijn als verblijf voor vakantie- en andere recreatieve doeleinden, doch welke in bepaalde perioden van het jaar voor die doeleinden worden verhuurd dan wel te huur worden aangeboden. Artikel2Belastbaar feit Onder de naam 'toeristenbelasting' wordt een directe belasting geheven voor het houden van verblijf met overnachting binnen de gemeente tegen een vergoeding in welke vorm dan ook door personen die niet als ingezetene zijn opgenomen in de gemeentelijke basisadministratie persoonsgegevens van de gemeente. Artikel3Belastingplicht Belastingplichtig is degene die gelegenheid biedt tot verblijf als bedoeld in artikel
- De belastingplichtige is bevoegd de belasting als zodanig te verhalen op degene die verblijf houdt als bedoeld in artikel
- Als er geen persoon is aan te wijzen die gelegenheid biedt tot verblijf, is degene belastingplichtig die verblijf houdt als bedoeld in artikel
- Artikel3Vrijstellingen De belasting wordt niet geheven voor het verblijf:
- van degene die verblijft in een toegelaten instelling als bedoeld in artikel 5, eerste lid, van de Wet Toelating Zorginstellingen ;
- van een vreemdeling als bedoeld in artikel 29, eerste lid, van de Vreemdelingenwet 2000 , die rechtmatig in Nederland verblijft in de zin van artikel 8, letters c, d, f, g, h, van voornoemde wet , en voor zover deze persoon verblijf houdt als bedoeld in artikel 1 van de Verordening, onder verantwoordelijkheid van het Centraal Orgaan opvang Asielzoekers.
- gereserveerd.
- op vaartuigen voor welk verblijf havengelden zijn verschuldigd. Artikel4Aanmeldingsplicht De belastingplichtige bedoeld in artikel 2, eerste lid, is gehouden, voordat hij voor de eerste maal na het in werking treden van deze verordening tot overnachten verschaft, zulks schriftelijk te melden aan de door het college van burgemeester en wethouders aangewezen gemeenteambtenaren, bedoeld in artikel 231, tweede lid, onderdelen b en d, van de gemeentewet. Artikel5Maatstaf van de heffing De belasting wordt geheven naar het aantal overnachtingen in het belastingjaar. Artikel6Forfaitaire berekeningswijze van de maatstaf van heffing 1 Het aantal personen dat heeft overnacht wordt bepaald op het aantal slaapplaatsen per hotel, kampeermiddel, vaste standplaats, vakantie-onderkomen, woning, particulier verhuurde woning en kamer. 2 Het aantal malen dat door de in het eerste lid bedoelde aantal personen per slaapplaats is overnacht, wordt ingeval verblijf wordt gehouden in: a. hotels: bepaald op 275 b. overige verblijven: bepaald op 185 Artikel7Afwijkende maatstaf van heffing Op een door de belastingplichtige, bedoeld in artikel 3 gedaan schriftelijk verzoek wordt de maatstaf van heffing vastgesteld op het door de belastingplichtige door middel van een nachtregister aan te geven werkelijke aantal overnachtingen indien blijkt dat dit afwijkt van het op grond van artikel 6 berekende aantal. Artikel8Belastingtarief Per overnachting bedraagt het tarief 1 voor hotels € 1,35 per persoon per overnachting 2 voor overige verblijven € 1,00 per persoon per overnachting Artikel9Belastingjaar Het belastingjaar is gelijk aan het kalenderjaar. Artikel10Wijze van heffing De belasting wordt bij wege van aanslag geheven. Artikel11aanslaggrens Een belastingaanslag wordt niet opgelegd als het aantal overnachtingen, waartoe gelegenheid wordt of is gegeven, tijdens het belastingjaar minder dan tien zal of heeft belopen. Artikel12Termijnen van betaling
- In afwijking van artikel 9, eerste lid, van de Invorderingswet 1990 moeten de aanslagen worden betaald in twee gelijke termijnen. De eerste termijn vervalt op de laatste dag van de maand volgend op de maand die in de dagtekening van het aanslagbiljet is vermeld, en de tweede termijn twee maanden later.
- De Algemene termijnenwet is niet van toepassing op de in het eerste lid gestelde termijnen. Artikel13Nadere regels door het college van burgemeester en wethouders Het college van burgemeester en wethouders kan nadere regels geven voor de heffing en de invordering van de toeristenbelasting. Artikel14Kwijtschelding Bij de invordering van de toeristenbelasting wordt geen kwijtschelding verleend. Artikel15Inwerkingtreding en citeertitel
- Deze verordening treedt in werking met ingang van 1 januari
- De datum van ingang van de heffing is 1 januari
- Deze verordening wordt aangehaald als "Verordening toeristenbelasting 2012" Aldus vastgesteld in de openbare raadsvergadering van 21 december 2011, de griffier, de voorzitter, E.M. Geldorp mr. H.W. Schmidt