← Nederland

Verordening op de heffing en de invordering van precariobelasting 2012 (Súdwest-Fryslân)

Verordening op de heffing en de invordering van precariobelasting 2012De raad van de gemeente Súdwest Fryslân; gelezen het voorstel van burgemeester en wethouders d.d. 8 november 2011; gelet op artikel 228 van de Gemeentewet; b e s l u i t: vast te stellen de Verordening op de heffing en de invordering van precariobelasting 2012 Artikel1Begripsomschrijvingen Deze verordening verstaat onder: a. dag: een periode van 24 uren, aanvangende te 00.00 uur, of een gedeelte daarvan; b. week: een periode van zeven achtereenvolgende dagen; c. maand: een kalendermaand; d. jaar: een kalenderjaar; e. zomerseizoen: het aaneengesloten tijdvak tussen 1 april en 1 november daaraanvolgend. f. vergunning: een door het gemeentebestuur verleende en in een gemeentelijke registratie opgenomen toestemming op grond waarvan een persoon een of meer voorwerpen onder, op of boven voor de openbare dienst bestemde gemeentegrond mag hebben. Artikel2Belastbaar feit Onder de naam precariobelasting wordt een directe belasting geheven ter zake van het hebben van voorwerpen onder, op of boven voor de openbare dienst bestemde gemeentegrond, bedoeld of genoemd in deze verordening. Artikel3Belastingplicht 1De precariobelasting wordt geheven van degene die het voorwerp of de voorwerpen onder, op of boven voor de openbare dienst bestemde gemeentegrond heeft, dan wel van degene ten behoeve van wie dat voorwerp of die voorwerpen onder, op of boven voor de openbare dienst bestemde gemeentegrond aanwezig zijn. 2In afwijking in zoverre van het eerste lid wordt, indien de gemeente een vergunning heeft verleend voor het hebben van het voorwerp of de voorwerpen onder, op of boven voor de openbare dienst bestemde gemeentegrond, degene aan wie de vergunning is verleend of diens rechtsopvolger aangemerkt als degene bedoeld in het eerste lid, tenzij blijkt dat hij niet het voorwerp of de voorwerpen onder, op of boven voor de openbare dienst bestemde gemeentegrond heeft. Artikel4Maatstaf van heffing en belastingtarief 1De precariobelasting bedraagt voor het hebben van een terras, per zomerseizoen, per vierkante meter (m2) a. op A-locatie € 22,95 b. op B-locatie € 15,30 2De in het eerste lid bedoelde locaties worden bepaald aan de hand van de in de bij deze verordening behorende locatietabel. 3Voor de berekening van de in het eerste lid bedoelde belasting wordt uitgegaan van de grootste buitenwerkse maten en wordt, indien meer dan één voorwerp door eenzelfde belastingplichtige wordt gehouden en deze naar maatschappelijke opvattingen bij elkaar horen, voor de berekening van de belasting de tussenliggende ruimte mede in aanmerking genomen. Indien de gemeente een vergunning heeft verleend voor het hebben van het voorwerp of de voorwerpen onder, op of boven voor de openbare dienst bestemde gemeentegrond, wordt voor de berekening van de precariobelasting aangesloten bij de in die vergunning vastgestelde maten. 4Indien de gemeente een vergunning heeft verleend voor het hebben van het voorwerp of de voorwerpen onder, op of boven voor de openbare dienst bestemde gemeentegrond, wordt voor de berekening van de precariobelasting aangesloten bij de geldigheidsduur van die vergunning, tenzij blijkt dat het belastbaar feit zich gedurende een kortere periode heeft voorgedaan. In dat geval bestaat aanspraak op ontheffing. Artikel5Belastingtijdvak 1In de gevallen waarin de gemeente een vergunning heeft verleend voor het hebben van het voorwerp of de voorwerpen onder, op of boven voor de openbare dienst bestemde gemeentegrond, is het belastingtijdvak de periode waarvoor de vergunning is verleend. 2In andere dan de in het eerste lid bedoelde gevallen, is het belastingtijdvak de in het zomerseizoen gelegen aaneengesloten periode gedurende welke het belastbaar feit zich voordoet of heeft voorgedaan. Artikel6Wijze van heffing De precariobelasting wordt bij wege van aanslag geheven. Artikel7Ontstaan van de belastingschuld en heffing naar tijdsgelang 1De precariobelasting is verschuldigd bij de aanvang van het belastingtijdvak of, zo dit later is, bij de aanvang van de belastingplicht. 2Indien de belastingplicht in de loop van het belastingtijdvak aanvangt, is de precariobelasting verschuldigd voor zoveel zevende gedeelten van de voor dat tijdvak verschuldigde belasting als er in dat tijdvak, na de aanvang van de belastingplicht, nog volle kalendermaanden in het zomerseizoen overblijven. 3Indien de belastingplicht in de loop van het belastingtijdvak eindigt, bestaat aanspraak op ontheffing voor zoveel zevende gedeelten van de voor dat tijdvak verschuldigde precariobelasting als er in dat tijdvak, na het einde van de belastingplicht, nog volle kalendermaanden in het zomerseizoen overblijven, tenzij blijkt dat het bedrag van de ontheffing minder bedraagt dan €10,00 4Voor belastingbedragen tot € 10,00 vindt geen invordering plaats. Voor de toepassing van de vorige volzin wordt het totaal van op een aanslagbiljet verenigde verschuldigde bedragen precariobelasting of andere heffingen aangemerkt als één belastingbedrag. Artikel8Termijnen van betaling 1In afwijking van artikel 9, eerste lid, van de Invorderingswet 1990 moeten de aanslagen worden betaald in twee gelijke termijnen waarvan de eerste termijn vervalt op de laatste dag van de maand volgend op de maand die in de dagtekening van het aanslagbiljet is vermeld en de tweede termijn twee maanden later. 2In afwijking van het eerste lid geldt, zolang de verschuldigde bedragen door middel van automatische betalingsincasso kunnen worden afgeschreven overeenkomstig de voorwaarden gesteld in het ‘Reglement voor de automatische incasso van de gemeentelijke belastingen in de gemeente Súdwest Fryslân’, dat de aanslagen moeten worden betaald in acht gelijke maandelijkse termijnen. De eerste termijn vervalt op de laatste dag van de maand volgend op de maand die in de dagtekening van het aanslagbiljet is vermeld en elk van de volgende termijnen telkens een maand later. 3De Algemene Termijnenwet is niet van toepassing op de in de voorgaande leden gestelde termijnen. Artikel9Kwijtschelding Bij de invordering van de precariobelasting wordt geen kwijtschelding verleend. Artikel10Nadere regels door het college van burgemeester en wethouders Het college van burgemeester en wethouders kan nadere regels geven met betrekking tot de heffing en de invordering van de precariobelasting. Artikel11Overgangsrecht De ‘Verordening precariobelasting 2011’ van: a. De gemeente Bolsward, vastgesteld op 30 november 2010; b. De gemeente Sneek, vastgesteld op 30 november 2010; c. De gemeente Nijefurd, vastgesteld op 30 november 2010; d. De gemeente Wymbritseradiel, vastgesteld op 30 november 2010; e. De gemeente Wûnseradiel, vastgesteld op 29 november 2010; worden ingetrokken met ingang van de in artikel 12, tweede lid, genoemde datum van ingang van de heffing, met dien verstande dat zij van toepassing blijft op de belastbare feiten die zich voor die datum hebben voorgedaan. Artikel12Inwerkingtreding 1Deze verordening treedt in werking met ingang van de eerste dag na die van bekendmaking. 2De datum van ingang van de heffing is 1 januari 2012. 3Deze verordening wordt aangehaald als: Verordening precariobelasting 2012. Aldus vastgesteld in de openbare raadsvergadering van 15 december 2011 Drs. H.H. Apotheker ,voorzitter. G.W. Stegenga , plaatsvervangend griffier. Locatietabel1 Behorende bij de ‘Verordening precariobelasting 2012’. Plaats terras locatie Abbega B Allingawier B Arum B Blauwhuis B Bolsward A Burgwerd B Cornwerd B Dedgum B Engwier B Exmorra B Ferwoude B Folsgare B Gaast B Gaastmeer B Gauw B Goënga B Greonterp B Hartwerd B Heeg A It Heidenskip B Hemelum B Hichtum B Hieslum B Hindeloopen A Hommerts B Idsegahuizum B Idzega B IJlst A Jutrijp B Kimswerd B Kornwerderzand en Breezanddijk B Koudum A Koufurderrige B Loënga B Lollum B Longerhouw B Makkum A Molkwerum B Nijhuizum B Nijland B Offingawier B Oosthem B Oppenhuizen B Oudega B Parrega B Piaam B Pingjum B Sandfirden B Scharl en Laaxum B Scharnegoutum B Schettens B Schraard B Smallebrugge B Sneek A Stavoren A Tirns B Tjerkwerd B Uitwellingerga B Warns B Westhem B Witmarsum B Wolsum B Wons B Workum A Woudsend A Ypecolsga B Ysbrechtum B Zurich B Aldus vastgesteld in de openbare raadsvergadering van 15 december 2011, De plv. griffier.

🔗 Naar officiële bron

AI-uitleg op basis van de officiële wettekst. Indicatief, vervangt geen juridisch advies.