← Nederland

Verordening op de heffing en invordering van passagegelden Súdwest Fryslân 2011 (Súdwest-Fryslân)

Verordening op de heffing en invordering van passagegelden Súdwest Fryslân 2011De raad van de gemeente Súdwest Fryslân; gelezen het voorstel van burgemeester en wethouders d.d. 27 april 2011; gelet op Artikel 229, eerste lid, aanhef en onderdelen a en b, van de Gemeentewet; b e s l u i t: vast te stellen de Verordening op de heffing en invordering van passagegelden Súdwest Fryslân 2011 (Verordening passagegelden Súdwest Fryslân 2011) Artikel1Begripsomschrijvingen Deze verordening verstaat onder: a. vaartuig: een drijvend lichaam dat wegens zijn drijfvermogen wordt gebezigd dan wel bestemd is of geschikt is voor het vervoer te water van persoon of goederen of voor het dragen of vervoeren van al dan niet met het drijvende lichaam één geheel uitmakende voorwerpen; b. bedieningstijden: de tijden waarop de bruggen regulier worden bediend zoals vastgesteld in de “Verordening bediening bruggen”. c. abonnement: het recht om gedurende de periode 1 april tot 1 november, tijdens reguliere bedieningstijden, gebruik te maken van de in artikel 2 bedoelde diensten, zonder daarvoor een recht per doorvaart verschuldigd te zijn. Artikel2Belastbaar feit Onder de naam “passagegeld”: a. worden rechten geheven voor alle vaartuigen waarvoor van gemeentewege bruggen worden geopend of open worden gehouden. b. worden rechten geheven voor alle vaartuigen waarvoor van gemeentewege sluizen worden geopend of open worden gehouden. Artikel3Belastingplicht Belastingplichtig is degene op wiens aanvraag de in artikel 2 bedoelde dienst wordt verleend. Artikel4Vrijstellingen Het bruggeld wordt niet geheven ter zake van: a. volg- en bijboten behorende tot vaartuigen, waarvoor bruggeld verschuldigd is, mits zij daaraan zijn bevestigd; b. vaartuigen die uitsluitend ten behoeve van rijk, provincie, gemeente of waterschap worden gebruikt; c. politievaartuigen; d. een vaartuig dat uitsluitend in gebruik is voor charitatieve doeleinden; e. vaartuigen, welke ingevolge een wettelijk voorschrift, een overeenkomst of anderszins rechtens moeten worden gedoogd. Artikel5Tarieven 1Het recht als bedoeld in artikel 2, onder a., bedraagt per vaartuig, tijdens reguliere bedieningstijden: a. per doorvaart € 1,00 b. voor een abonnement, per kalenderjaar, per brug € 30,00 2Het recht als bedoeld in artikel 2, onder a., bedraagt per vaartuig, tijdens reguliere bedieningstijden: a. per doorvaart door de opeenvolgende bruggen binnen de steden Bolsward, Workum en Sneek € 2,00 b. voor een abonnement, per kalenderjaar, per doorvaart door de opeenvolgende bruggen binnen de steden Bolsward, Workum en Sneek € 30,00 3het recht als bedoeld in artikel 2, onder b., voor de sluizencomplexen in Makkum, Workum en Stavoren bedraagt per vaartuig: a. per doorvaart € 5,00 b. voor een abonnement, per kalenderjaar, per sluis € 75,00 4Van de heffing bedoeld in het eerste lid zijn de Sluisbrug, de Vallaatsbrug en de beweegbare brug in de Suderseewei (Rondweg) te Makkum uitgezonderd. Artikel6Belastingjaar Met betrekking tot het bruggeld dat per jaar wordt geheven is het belastingjaar gelijk aan het kalenderjaar. Artikel7Wijze van heffing Het bruggeld wordt geheven bij wege van aanslag dan wel mondelinge of schriftelijke kennisgeving, waaronder mede wordt begrepen een stempelafdruk, zegel, nota of ander schriftuur. Het gevorderde bedrag wordt mondeling, dan wel door toezending of uitreiking van een schriftelijke kennisgeving aan de belastingschuldige bekendgemaakt. Artikel8Termijnen van betaling 1In afwijking van artikel 9, eerste lid, van de Invorderingswet 1990 moeten de rechten worden betaald ingeval de kennisgeving als bedoeld in artikel 6: a. mondeling wordt gedaan: op het moment van het doen van de kennisgeving; b. schriftelijk wordt gedaan: op het moment van het uitreiken van de kennisgeving, dan wel in geval van toezending daarvan, binnen één maand na de dagtekening van de kennisgeving. 2De Algemene termijnenwet is niet van toepassing op de in de voorgaande leden gestelde termijnen. Artikel9Kwijtschelding Bij de invordering van de passagegelden wordt geen kwijtschelding verleend. Artikel10Nadere regels door het college van burgemeester en wethouders Het college van burgemeester en wethouders kan nadere regels geven met betrekking tot de heffing en de invordering van de passagegelden. Artikel11Overgangsrecht De ‘Verordening op de heffing en invordering van passagegelden 2011’ van: - de gemeente Bolsward, vastgesteld op 30 november 2010; - de gemeente Sneek, vastgesteld op 30 november 2010; - e gemeente Nijefurd, vastgesteld op 30 november 2010; - de gemeente Wymbritseradiel, vastgesteld op 30 november 2010; - de gemeente Wûnseradiel, vastgesteld op 29 november 2010; wordt ingetrokken met ingang van de in artikel 12, tweede lid, genoemde datum van ingang van de heffing, met dien verstande dat zij van toepassing blijft op de belastbare feiten die zich voor die datum hebben voorgedaan. Artikel12Inwerkingtreding 1Deze verordening treedt in werking met ingang van de eerste dag na die van bekendmaking. 2De datum van ingang van de heffing is 1 januari 2011. 3Deze verordening wordt aangehaald als: Verordening passagegelden Súdwest Fryslân 2011. Aldus vastgesteld in de openbare raadsvergadering van 26 mei 2011Drs. H.H. Apotheker , voorzitter. Drs. K. Schraagen , griffier.

🔗 Naar officiële bron

AI-uitleg op basis van de officiële wettekst. Indicatief, vervangt geen juridisch advies.