Nadere subsidieregels WCO, onderdeel Cultuur(artikel 1.3. en artikel 9, lid 2 van de Algemene Subsidieverordening) Nadere subsidieregels voor de amateurkunst Algemeen. Deze nadere subsidieregels zijn gebaseerd op Titel 4.2 (Subsidies van de Algemene wet bestuursrecht) en op de algemene subsidieverordening Deventer 2000. De nadere subsidieregels worden alleen maar toegepast voor zover de Raad van de gemeente Deventer de middelen voor de uitvoering beschikbaar heeft gesteld. De bedragen die beschikbaar worden gesteld zijn tevens het maximum wat aan subsidie per nadere subsidieregel kan worden toegekend. Subsidieontvangers zijn verplicht het college van burgemeester en wethouders of door dit college aan te wijzen ambtenaren, toegang te verlenen tot activiteiten die direct of indirect worden gesubsidieerd. Hoofdstuk 5 Nadere subsidieregels voor de amateurkunst. 1. Reikwijdte De subsidieregeling Amateurkunst heeft tot doel de deelname aan en de ontwikkeling van amateurkunst te stimuleren en te ondersteunen en kunstactiviteiten mogelijk te maken. Burgemeester en wethouders kunnen aan een organisatie een waarderingssubsidie verlenen voor activiteiten in het kader van amateuristische kunstbeoefening. Amateurverenigingen en -groepen statutair gevestigd in de gemeente Deventer kunnen een beroep doen op deze regeling. Het college van burgemeester en wethouders verstaat onder “amateurs” diegenen die zonder betaling en/of winstoogmerk een vorm van kunst beoefenen. De regeling treedt in werking per 1 januari 2003. In een overgangsperiode van maximaal 3 jaar zal, waarop grond van veranderde toekenningscriteria het subsidiebedrag voor een vereniging meer of minder dan € 500 afwijkt van het subsidiebedrag dat werd toegekend in het voorgaande jaar als uitvloeisel van de voorafgaande regeling (exclusief concert- of concourssubsidie), het verschil per jaar maximaal € 500 zijn. Na drie jaar zal de regeling worden geëvalueerd. 2. Structurele en projectsubsidie De subsidieregeling Amateurkunst kent twee vormen van ondersteuning. Dit zijn: Structurele subsidie: jaarlijkse bijdrage in de kosten van reguliere activiteiten van organisaties op het terrein van amateurkunstbeoefening, die werken op non-profit basis (bijvoorbeeld verenigingen). Deze subsidie is niet bestemd voor organisaties die uitsluitend op projectbasis werken. Structurele subsidies zijn maximumbedragen. Projectsubsidie: bijdrage in de kosten van eenmalige presentaties, c.q. activiteiten die op projectbasis worden ondernomen. Projectsubsidies zijn variabele bedragen. 3. Algemene voorwaarden Aanvragen kunnen worden ingediend door organisaties die rechtspersoonlijkheid naar burgerlijk recht bezitten (verenigingen, stichtingen). Er is geen sprake van commercieel oogmerk. Aanvragers dienen werkzaam te zijn in de volgende gebieden van amateurkunstbeoefening: muziek, zang, dans, toneel, opera/operette, literatuur, beeldende kunst, fotografie, nieuwe media. Onder lid wordt verstaat een lid dat actief deelneemt aan de artistieke activiteiten van een organisatie (werkend lid) en tenminste € 30 per jaar aan contributie betaalt. Peildatum is 1 oktober in het jaar voorafgaand aan het begrotingsjaar. Donateurs, ereleden en andere niet-actieve leden vallen hier niet onder. De hoofdvestiging van de amateurkunstvereniging moet zich in de gemeente Deventer bevinden en de hoofdactiviteiten moeten gericht zijn op Deventer. Om voor een structurele subsidie in aanmerking te komen dient de organisatie aangesloten te zijn bij de Culturele Raad Deventer. 4.Structureel aanbod De subsidie voor structureel aanbod bestaat uit de volgende bestanddelen: Basissubsidie: een gestandaardiseerd bedrag van € 600 per organisatie. Hafabra-verenigingen met tenminste 40 actieve leden ontvangen boven op de basissubsidie nog een bedrag (dirigentenvergoeding) van € 1.000. Ledensubsidie: een bedrag per actief lid, gedifferentieerd per tak van amateurkunstbeoefening, te weten: € 40 voor muziek; € 25 voor zang; € 20 voor toneel, dans, literatuur, beeldende kunst, fotografie, nieuwe media. Verenigingen met verschillende disciplines dienen het aantal leden per discipline op te geven. Hierin mogen geen dubbeltellingen voorkomen. 5.Incidenteel aanbod Per presentatie of activiteit kan een subsidie van maximaal € 1.000 beschikbaar worden gesteld. Het toe te kennen subsidiebedrag is niet hoger dan 75% van de kosten. De projectsubsidie voor de Deventer Opera- en Operettevereniging is maximaal € 3.000 per jaar. Indien een vereniging eens in de twee of drie jaar een grotere voorstelling verzorgt dan kan de vereniging voor die presentatie tot maximaal driemaal de projectsubsidie van ten hoogste € 1.000 ontvangen onder de voorwaarde dat de vereniging dan in het (
AI-uitleg op basis van de officiële wettekst. Indicatief, vervangt geen juridisch advies.