bijlage 1). Het merendeel is niet vergund (illegaal). De gemeente is in beginsel gerechtigd op basis van voortschrijdend inzicht en nieuwe ontwikkelingen haar beleid aan te passen. Dit is mogelijk indien een acceptabele overgangstermijn in acht wordt genomen. De raad heeft een overgangstermijn vastgesteld voor de maximale duur van 3 jaar (Basisnota). 2 Doelstellingen uitstallingenbeleidMet het uitstallingenbeleid wordt gestreefd naar: Het bevorderen van de ruimtelijke kwaliteit van de bebouwde omgeving en de openbare ruimte. Het voorkomen van overlast, het bevorderen van verkeersveiligheid, het creëren van een ongehinderde doorgang voor voetgangers. Het bevorderen van een goed stedelijk klimaat. De kernwinkelgebieden aantrekkelijk te maken voor het winkelend publiek en daarmee de verblijfsduur en bestedingen van consumenten te verhogen. Via een algemene regel in de APV (artikel 2.1.5.1.) uitstallingen toestaan, mits voldaan wordt aan een aantal voorwaarden. Uitstallingen in de kernwinkelgebieden via een aanwijzingsbesluit van het college niet meer toe te staan (nulbeleid). Een gemeentebrede vrijstelling hanteren voor de categorie bloemen, planten, groente, fruit. Uitzonderingssituaties tot een minimum beperken. Uitvoerbare en handhaafbare beleidsregels, inclusief overgangsmaatregelen. 3 Definitie uitstalling Een uitstalling is een los element dat voor of in de directe omgeving van een pand in de openbare ruimte wordt geplaatst dan wel aanwezig is om al dan niet de aandacht te vestigen op een winkel of onderneming die in het pand gevestigd is. Hieronder wordt verstaan: kleding-, schoenenrekken, (elektrische) speeltoestellen, viskarren, broodkarren, rekken voor het uitstallen van fruit, kaarten, bloemen, uitzoekbakken, reclameborden, hobbelbeesten (bijv. bij een speelgoedwinkel), sandwichborden, lopers etc. Een uitstalling is niet gelijk aan een standplaats (artikel 5.2.3. APV). Van een standplaats is sprake indien de verkoopactiviteit terplekke, buiten in de openbare ruimte, plaatsvindt. Bij een uitstalling zijn de te verkopen waren weliswaar uitgestald, maar vindt de feitelijke verkoopactiviteit in het pand plaats. Een uitstalling is voor ondernemers vooral bedoeld om de aandacht op het pand/de winkel te vestigen en de consument te bewegen tot het doen van aankopen in het pand. 4 Juridisch kader Deze beleidsregel is geformuleerd op grond van artikel 2.1.5.1 APV Sittard-Geleen (“voorwerpen of stoffen op, aan of boven de weg”), alsmede de adviezen van de Welstands– en Monumentencommissies, van 20 januari 2009 (
bijlage 5). Conclusies uit de adviezen: de commissies achten voor het bereiken van de doelstellingen van het uitstalbeleid (paragraaf 3.2) een nulbeleid in alle gebieden de ‘optimale’ en in feite de enige weg. In ieder geval vinden zij een nulbeleid voor de kernwinkelgebieden van zowel Sittard als Geleen noodzakelijk en onontkoombaar. In de kernwinkelgebieden is een nulbeleid noodzakelijk omdat de gebruiks-, belevings- en toekomstwaarde van de kernwinkelgebieden daarbij gebaat is. De beleidsregel is mede tot stand gekomen in overleg met een klankbordgroep van ondernemers, alsmede een extra bijeenkomst met ondernemers op 21 september 2008. 5 Gebieden en uitstalcriteria 5.1 Gebieden Op basis van de doelstellingen en uitgangspunten van het uitstallingenbeleid, en de adviezen van de Welstands– en Monumentencommissies, van 20 januari 2009, wordt onderscheidt gemaakt naar kernwinkelgebieden (centra) en overige gebieden (buitenwijken). 1) Kernwinkelgebieden (centra) In het kernwinkelgebied geldt een nulbeleid voor uitstallingen. Het kernwinkelgebied is aangegeven en gemarkeerd op bijgevoegde tekening (
bijlage 3). Dit kernwinkelgebied is door middel van een aanwijzingsbesluit van het college aangewezen als gebied waarin het niet is toegestaan uit te stallen. In de kernwinkelgebieden zijn, gelet op de adviezen van de commissies, onderstaande waarden van evident belang: Omgevingsniveau: Qua gebruikswaarde worden grenzen gesteld en is duidelijk, hetgeen publiek en privaat terrein is. Qua belevingswaarde kan de gebruiker in de openbare ruimte meer waarnemen dan alleen de gebouwde omgeving, hii/zij kan zich een integraal beeld vormen van de architectonische en monumentale uitstraling van de panden, de contouren van de stedelijke wanden en het verloop van de rooilijnen. In een historische binnenstad als die van Sittard betekent dit dat monumentale kwaliteiten beter zichtbaar worden en dat het zo kenmerkende slingerende stratenpatroon integraal door de bezoeker kan worden ervaren. Qua toekomstwaarde betekent dit dat de openbare ruimte flexibel en multifunctioneel bruikbaar wordt: naast de verstilde leegte s’ morgens vroeg is er het ongehinderde gebruik door de bezoekers van de winkelstraten en onbelemmerde ruimte voor manifestaties, optochten e.d. Opgebouwniveau: Qua belevingswaarde voegt de bedrijfspresentatie zich naar de architectuur, reclame beperkt zich tot bedrijfspresentatie. Productpresentatie vindt in de etalage plaats en in de winkelruimte. Monumentale waarden worden weer waargenomen en de gebouwen krijgen maximale ruimte om bij te dragen aan de ambiance van het (historisch) stedenbouwkundig ensemble. Qua gebruikswaarde omdat de architectuur en de bedrijfspresentatie elkaar kunnen aanvullen en geen van beide de overhand neemt en de bedrijfspresentatie ‘in’ het bedrijf plaats vindt en de etalageruimte weer het voorportaal wordt van de winkelruimte. Ook vanuit optiek openbare orde en (verkeers)veiligheid, mede in relatie tot de aanwezige hoge bezoekersstroom, worden in het kernwinkelgebied geen uitstallingen toegestaan. 2) Overige gebieden (buitenwijken)Hetgeen niet is gemarkeerd op bijgevoegde tekening (
bijlage 3) als kernwinkelgebied, wordt gerangschikt onder het begrip “overige gebieden”. In de overige gebieden dient volgens de commissies een beleid te gelden, dat onder strikte voorwaarden uitstallen mogelijk maakt. Richtlijnen die de commissies daarbij meegeven zijn om de maximale uitsteekmaat van de uitstalling tot 1 meter voor de voorgevel van de winkel, en de breedte van de uitstalruimte tot de breedte van het winkelfront te beperken. Daarnaast wordt gewezen op een vrije doorgang van de straat van minimaal 3,5 meter. 5.2 Gebiedsgewijze uitstalcriteria Criteria in het door B&W aangewezen gebied: kernwinkelgebied (aanwijzingsbesluit B&W artikel 2.1.5.
Zolang de overtreder zich houdt aan deze voorwaarden, wordt de overtreding ongemoeid gelaten. Nieuwe ondernemers met (nieuwe) uitstallingen dienen direct te voldoen aan het nulbeleid. Deze criteria worden van kracht binnen 3 maanden na datum bekendmaking van dit beleid (overgangsperiode). Zo niet zal handhavend worden opgetreden (
handhavingprotocol). Voor de overige gebieden: 3 maanden. Na 3 maanden is het alleen toegestaan uit te stallen indien wordt voldaan wordt aan de gestelde voorwaarden (
Zo niet zal handhavend worden opgetreden (
handhavingsprotocol). Vrijstelling gemeentebreed: 3 maanden. Na 3 maanden is het alleen toegestaan om bloemen, planten(bakken), fruit, groente uit te stallen indien wordt voldaan aan de gestelde voorwaarden (
Zo niet zal handhavend worden opgetreden (
handhavingsprotocol). Rechtsgeldige vergunningen op basis van oud beleid: na kenbaar maken van het beleid (publicatiedatum (= inwerkingtreding) geldt een overgangstermijn van 3 jaar. Na 3 jaar wordt de vergunning definitief ingetrokken (
ook artikel 6.5 lid 1 APV). Vanaf dat moment gelden de algemene regels zoals gesteld in artikel 2.1.5.1 APV. Zo niet zal handhavend worden opgetreden (
protocol). Indien in strijd met de rechtsgeldige vergunning wordt uitgestald, zal handhavend worden opgetreden (
protocol). Ondernemers met illegale uitstallingen en bestaande vergunninghouders worden stapsgewijs, straat voor straat aangeschreven. In de brieven aan de ondernemers wordt aangegeven dat het verboden is een uitstalling te plaatsen dan wel aanwezig te hebben, in strijd met de gebiedsgewijze criteria. De nieuwe beleidsregels en bijbehorende overgangstermijnen worden meegezonden. Nieuwe ondernemers met (nieuwe) uitstallingen dienen direct te voldoen aan het nieuwe beleid. Vergunningaanvragen worden niet in behandeling genomen. Aanvragers om een vergunning wordt medegedeeld (geen besluit in de zin van de Awb) dat er geen vergunningenstelsel is voor uitstallingen en dat algemene regels gelden ingevolge artikel 2.1.5.1. lid 1a, 1b, 1i, 1j APV. 8 Toezicht en Handhaving In geval van overtredingen is het bestuur in de regel gehouden om tot handhaving over te gaan (beginselplicht tot handhaving). De handhaafbaarheid van regels is een kritische succesfactor voor een succesvolle handhaving. Regels dienen daarom uitvoerbaar en handhaafbaar te zijn. Handhaving heeft een nalevingsdoel. Het doel van handhaving is erop gericht dat de regels met betrekking tot uitstallingen daadwerkelijk worden nageleefd. Consequent toezicht en controles maakt dit inzichtelijk. Het uitstallingenbeleid kan alleen met adequate handhaving tot het gewenste resultaat leiden. Diverse controles zullen worden uitgevoerd. 8.1 Uitgangspunten voor handhaving uitstallingen Toepasselijkheid op het gehele grondgebied van de gemeente. De eerste 3 maanden na inwerkingtreding van het beleid en de verordening worden ondernemers geïnformeerd over en in de gelegenheid gesteld te voldoen aan de overgangsmaatregelen. De beginselplicht om handhavend op te treden bij overtreding van wet- en regelgeving, tenzij zeer bijzondere omstandigheden zich hiertegen verzetten (hardheidsclausule). Het toepassen van een strafrechtelijke maatregel in de vorm van een proces-verbaal door Stadstoezicht Westelijke Mijnstreek en/of politie. Bij onvoldoende naleving follow-up door het toepassen van een bestuursrechtelijke maatregel in de vorm van het opleggen van een dwangsom met als richtbedrag € 200 per overtreding met een maximum van € 600 door de afd. Handhaving. Dit is afgestemd op de ernst van de overtreding en heeft tot doel de overtreding ongedaan te maken. Indien een dwangsomtraject opnieuw wordt gestart kan een hoger bedrag worden opgelegd, dan wel bestuursdwang worden toegepast. Het hanteren van korte termijnen, teneinde snelle resultaten te bewerkstelligen. In deze beleidsregel zijn de bestaande instrumenten en de te volgen procedures uiteen gezet, teneinde de handhaving op een effectieve wijze te kunnen aanpakken. Het stappenplan en het handhavingprotocol dienen als (interne) werkinstructie voor de betrokken partners, waarbij aangegeven wordt welke partner stappen neemt en welke stappen er genomen worden, als een samenstel van voor de overheid bindende regels die naar buiten toe rechtstreekse werking hebben (beleidsregels) en door belanghebbenden en de rechter getoetst kunnen worden. 8.2 Stappenplan en handhavingprotocol uitstallingen Het strafrecht bevat een waardevolle aanvulling op het bestuursrechtelijk instrumentarium. De ervaring leert dat een gecombineerde aanpak een meerwaarde heeft. Toepassing van een primair strafrechtelijke aanpak biedt uitkomst bij de handhaving van overtredingen van geringere omvang (APV). Om een zo groot mogelijk effect te bewerkstelligen wordt gekozen voor primair een strafrechtelijke maatregel (lik-op-stuk), opgevolgd door een bestuursrechtelijke maatregel. Bij niet naleving van de regelgeving zullen de volgende handhavingstappen worden ondernomen: waarschuwing (overtreder wordt in de gelegenheid gesteld de overtreding binnen een gestelde termijn ongedaan te maken); onvoldoende naleving: strafrechtelijke maatregel: procesverbaal; onvoldoende naleving: bestuursrechtelijke maatregel in de vorm van een dwangsom; onvoldoende naleving: opnieuw dwangsom of toepassing bestuursdwang. Deze stappen zijn uitgewerkt in het Handhavingprotocol (
bijlage 2). Hierin worden de operationele taken beschreven voor de uitvoering van de handhavingstaak. 9 EvaluatieHet Uitstallingenbeleid zal 2 jaar na inwerkingtreding geëvalueerd worden teneinde vast te stellen of door het beperkt uitstallen in voldoende mate voldaan wordt aan de doelstellingen van het beleid. Deze evaluatie zal worden voorgelegd aan de raad. Eén jaar na inwerkingtreding zal door de wethouder stand van zaken worden gemeld in de Commissie RMDS. Deze evaluatie zal aan de gemeenteraad worden voorgelegd. BIJLAGE1Overzichtslijst rechtsgeldige uitstalvergunningen Stadsdeel Sittard Adres Ondernemer datum besluit Evt. einddatum Bestaande onderneming (KvK)
checklist) en geeft waarschuwing Brief met sommatie tot beëindiging overtreding binnen 24 uur (waarschuwing) direct uitreiken (brief 1) Na verstrijken termijn (binnen 24 uur) hercontrole uitvoeren Indien strijdigheid niet verholpen -procesverbaal uitschrijven door BOA Stadstoezicht/politie Hercontrole uitvoeren (binnen 24 uur) Indien strijdigheid niet verholpen rapportage + foto maken door BOA Stadstoezicht/politie terugrapporteren aan juridisch medewerker afdeling Handhaving ter voorbereiding dwangsombeschikking Vooraankondiging dwangsombeschikking college van B&W verzenden door jurist afdeling Handhaving (vooraankondiging brief 2) Overtreder kan binnen 1 week zijn
nswijze kenbaar maken bij het college Juridisch medewerker wacht
nswijzentermijn af en neemt deze in afweging aanschrijving mee Na afloop van de begunstigingstermijn vindt hercontrole op verwijdering plaats door toezichthouder/BOA/politie. Indien geen verwijdering heeft plaatsgevonden, dan wel de situatie niet is aangepast conform de vergunningvoorschriften stelt de toezichthouder/BOA/politie de juridisch medewerker van de afdeling Handhaving in kennis en geeft de juridisch medewerker uitvoering aan het dwangsombesluit en adviseert gelijktijdig over nieuw te nemen bestuursrechtelijke maatregel (brief 3). De begunstigingstermijn ter voorkoming van het opleggen van de dwangsom wordt vastgesteld op 24 uur na verzenddatum van het definitieve besluit. In het besluit wordt tevens de standaard bezwarenclausule opgenomen. De juridisch medewerker stuurt brief (brief 4) aan overtreder met melding dat niet is voldaan aan de sommatie en dat dwangsom is verbeurd Betalingsverzoek verzenden door de juridisch medewerker Schriftelijke aanmaning indien geen betaling heeft plaatsgevonden binnen de gestelde termijn door de Financiële administratie Indien nog niet is betaald, inschakelen deurwaarder via een dwangbevel betaling af te dwingen door de Financiële administratie Het hoofd van de afdeling Handhaving is gemandateerd om te besluiten tot het opleggen van een last onder dwangsom namens Burgemeester en Wethouders (mandaatregeling). BIJLAGE3Overzichten kernwinkelgebieden Sittard-Centrum en Geleen-Centrum Kernwinkelgebied Sittard-Centrum Aanwijzigingsbesluit college d.d. 26 mei 2009 Behorende bij kaart Welstandscluster Sittard-Centrum 01 Straat 1 Agnetenwal 2 Begijnenhofstraat 3 Begijnenhofwal 4 Bergstraat 5 Brandstraat 6 Christian Kisselsstraat 7 De Wieër 8 Deken Tijssenstraat 9 De Limpensstraat 10 Dobbelsteynporte 11 Dominicanenwal 12 Elisabeth van Barstraat 13 Engelenhof 14 Engelenkampstraat 15 Fort Sanderbout 16 Gats 17 Gruizenstraat 18 Haspelsestraat 19 Heinseweg 20 Helstraat 21 Kapittelstraat 22 Kerkepad 23 Kerkplein 24 Kerkstraatje 25 Kloosterplein 26 Leyenbroekerweg: van Engelenkampstraat tot P Kennedysingel 27 Limbrichterstraat 28 Linde 29 Lindenhof 30 Markt 31 Misboekstraat 32 Molenbeekstraat 33 Nieuwstraat 34 Odasingel 35 Oude Broeksittarderweg 36 Oude Markt 37 Oude Rosmolenstraat 38 Overhovenerstraat 39 Paardestraat 40 Paradijsstraat 41 Parallelweg: van Stationsplein tot Elisabeth van Barstraat 42 Parklaan 43 Plakstraat 44 President Kennedysingel 45 Pullestraat 46 Putstraat 47 Rectorijgetske 48 Rijksweg Noord: van Rijksweg Zuid tot Elisabeth van Barstraat 49 Rijksweg Zuid: van Wilhelminastraat tot Rijksweg Noord 50 Rosmolenstraat 51 Sjiefbaan 52 Sjteegske 53 Spoorstraat 54 Stationsdwarsstraat 55 Stationsplein 56 Stationsstraat 57 Steenweg 58 Tempelplein 59 Voorstad 60 Walramstraat 61 Walstraat 62 Wilhelminastraat Kernwinkelgebied Geleen-Centrum Aanwijzingsbesluit college uitstallingen d.d. 26 mei 2009 Behorende bij kaart Welstandscluster 06 Geleen-Centrum Straat 1 Agnes Printhagenstraat 2 Annapad 3 Annastraat 4 Ansemburgstraat 5 Bernhardstraat 6 Dr Poelslaan 7 Elisabethstraat 8 Graaf Huynlaan 9 Gravenstraat 10 Groenstraat: van H. Hermanslaan tot Rijksweg Centrum 11 Gravenhof 12 Henri Hermanslaan: van Mauritslaan tot Groenstraat 13 Koningsplein 14 Markt 15 Marktpad 16 Martin Luther Kingplein 17 Mauritslaan 18 Oude Maastrichterweg 19 Passage 20 Raadhuisstraat 21 Rijksweg Centrum 22 Rijksweg Noord: van Rijksweg Centrum tot Dr Poelslaan 23 Rijksweg Zuid: van Rijksweg Centrum tot Pr. De Lignestraat 24 Salmstraat BIJLAGE4Aanwijzingsbesluit B&W (Uitstalverbod) Burgemeester en wethouders van de gemeente Sittard-Geleen, overwegende dat in het hierna aan te wijzen gebied uitstallingen op, aan of boven de weg verboden zijn; gelet op het bepaalde in de artikel 2.1.5.1. van de Algemene plaatselijke verordening Sittard-Geleen; gelet op het bepaalde in de Beleidsregel “Uitstallingenbeleid gemeente Sittard-Geleen” b e s l u i t e n: het volgende vast te stellen: AANWIJZINGSBESLUIT UITSTALLINGENVERBOD EX ARTIKEL 2.1.5.1. LID 1A VAN DE ALGEMENE PLAATSELIJKE VERORDENING SITTARD-GELEEN
AI-uitleg op basis van de officiële wettekst. Indicatief, vervangt geen juridisch advies.