Beleidsregel Planologische KruimelgevallenHET COLLEGE VAN BURGEMEESTER EN WETHOUDERS VAN DE GEMEENTE PEEL EN MAAS op basis van het voorstel van het team Omgevingsontwikkeling van de afdeling Ruimte en Samenleving gelet op artikel 2.12, lid 1, sub a onder 2 van de Wet algemene bepalingen omgevingsrecht gelet op artikel 4 van bijlage II van het Besluit omgevingsrecht gelet op de artikelen 4:81 t/m 4:84 van de Algemene wet bestuursrecht; BESLUIT Vast te stellen de volgende beleidsregel: Beleidsregel Planologische Kruimelgevallen Artikel1Begripsbepalingen 1Bij de toepassing van deze beleidsregel worden de volgende begripsbepalingen gehanteerd: Aan- of uitbouwEen uitbreiding van het hoofdgebouw aan de gevels, welke in directe verbinding met het hoofdgebouw staat en dat in bouwkundig en/of architectonisch opzicht te onderscheiden is van het hoofdgebouw. AchtererfgebiedErf aan de achterkant en de niet naar openbaar toegankelijk gebied gekeerde zijkant, op meer dan 1,00 meter van de voorkant, van het hoofdgebouw. Agrarisch bedrijfEen bedrijf dat is gericht op het voortbrengen van producten door middel van het telen van gewassen en/of het houden van dieren. AntennedragerAntennemast of andere constructie bedoeld voor de bevestiging van een antenne. Antenne-installatieInstallatie bestaande uit een antenne, een antennedrager, de bedrading en de al dan niet in een of meer techniekkasten opgenomen apparatuur, met de daarbij behorende bevestigingsconstructie. Bebouwde komDe gebieden als opgenomen in de bestemmingsplannen voor de kernen inclusief bedrijven- en industrieterreinen. BebouwingEen of meer gebouwen en/of bouwwerken, geen gebouwen zijnde. BebouwingspercentageHet percentage van het bouwperceel dat ten hoogste mag worden bebouwd. BedrijfEen inrichting of instelling gericht op het bedrijfsmatig voortbrengen, vervaardigen, bewerken, opslaan, installeren en/of herstellen van goederen dan wel het bedrijfsmatig verlenen van diensten, aan huis verbonden beroepen daaronder niet begrepen en niet zijnde een seksinrichting. Bedrijf aan huisHet door de bewoner van de woning bedrijfsmatig verlenen van diensten c.q. het uitoefenen van ambachtelijke bedrijvigheid, geheel of overwegend door handwerk, dat door zijn beperkte omvang in een woning en daarbij behorende bijgebouwen met behoud van de woonfunctie kan worden uitgeoefend, niet zijnde detailhandel, behoudens de beperkte verkoop van artikelen verband houdende met de activiteiten. Het begrip “Bedrijfsmatige activiteiten in of bij een woning” wordt synoniem gebruikt. Beroep aan huisEen beroep of het beroepsmatig verlenen van diensten op administratief, juridisch, medisch, therapeutisch, kunstzinnig, ontwerptechnisch of hiermee gelijk te stellen gebied, dat door zijn beperkte omvang in een woning en daarbij behorende bijgebouwen, met behoud van de woonfunctie kan worden uitgeoefend. De begrippen “Aan huis gebonden beroep”, “vrij beroep” en “beroepsmatige activiteiten in of bij een woning” worden synoniem gebruikt. BestemmingsgrensDe grens van een bestemmingsvlak BestemmingsvlakEen geometrisch bepaald vlak met eenzelfde bestemming. Bijbehorend bouwwerkUitbreiding van een hoofdgebouw dan wel functioneel met een zich op hetzelfde perceel bevindend hoofdgebouw verbonden, daar al dan niet tegen aangebouwd gebouw, of ander bouwwerk, met een dak. BijgebouwEen met het hoofdgebouw verbonden of daarvan vrijstaand gebouw, dat door zijn ligging, constructie, gebruik of afmeting ondergeschikt is aan dat hoofdgebouw. BorBesluit omgevingsrecht BouwenHet plaatsen, het geheel of gedeeltelijk oprichten, vernieuwen of veranderen en het vergroten van een bouwwerk, alsmede het geheel of gedeeltelijk oprichten, vernieuwen of veranderen van een standplaats. BouwgrensDe grens van een bouwvlak BouwlaagEen boven het peil gelegen en doorlopend gedeelte van een gebouw, dat door op gelijke of bij benadering gelijke hoogte liggende vloeren of balklagen binnenwerks is begrensd, zulks met inbegrip van de begane grond en met uitsluiting van onderbouw en zolder. BouwperceelEen aaneengesloten stuk grond waarop ingevolge de regels zelfstandige, bij elkaar behorende bebouwing is toegelaten. BouwvlakEen geometrisch bepaald vlak, waarmee de gronden zijn aangeduid, waar ingevolge de regels bepaalde gebouwen en bouwwerken, geen gebouwen zijnde zijn toegelaten. BouwwerkElke constructie van enige omvang van hout, steen, metaal of ander materiaal, die hetzij direct, hetzij indirect met de grond is verbonden, hetzij direct of indirect steun vindt in of op de grond. DetailhandelHet bedrijfsmatig te koop aanbieden, waaronder begrepen de uitstalling ten verkoop, het verkopen, verhuren en leveren van goederen aan personen die die goederen kopen of huren voor gebruik, verbruik of aanwending anders dan in de uitoefening van een beroeps- of bedrijfsactiviteit. Detailhandel volumineusDetailhandel die vanwege de aard en omvang van de gevoerde artikelen een groot oppervlak nodig heeft. DienstverleningHet bedrijfsmatig verlenen van diensten, waarbij het publiek rechtstreeks (al dan niet via een balie) te woord wordt gestaan en geholpen, waaronder een belwinkel en internetcafé. GarageStalling voor auto of ander voertuig. GebouwElk bouwwerk, dat een voor mensen toegankelijke, overdekte, geheel of gedeeltelijk met wanden omsloten ruimte vormt. HoofdgebouwGebouw, of gedeelte daarvan, dat noodzakelijk is voor de verwezenlijking van de geldende of toekomstige bestemming van een perceel en, indien meer gebouwen op het perceel aanwezig zijn, gelet op die bestemming het belangrijkst is. Het begrip “hoofdbouw” wordt synoniem gebruikt. HuishoudenEen verzameling van één of meer personen die een woonruimte bewoont en daar zichzelf voorziet of door derden wordt voorzien, in dagelijkse levensbehoeften. Ondergeschikt bouwdeelDelen van een bouwwerk die geen onderdeel uitmaken van een bouwwerk, maar hier een fysiek en functioneel onderdeel van vormen. OverkappingEen bouwwerk, geen gebouw zijnde, omsloten door maximaal één wand en voorzien van een gesloten dak. Indien de overkapping een carport betreft, tellen belendende wanden niet mee. Peil• Voor gebouwen, waarvan de toegang onmiddellijk aan de weg grens: de hoogte van de weg ter plaatse van de hoofdtoegang;• In andere gevallen: de gemiddelde hoogte van het bestaande aansluitende afgewerkte maaiveld. PerceelsgrensDe grens van een bouwperceel. Recreatiewoningeen gebouw, bestemd om uitsluitend door een gezin of een daarmee gelijk te stellen groep van personen, die zijn hoofdverblijf elders heeft, gedurende een gedeelte van het jaar, overwegend het zomerseizoen,voor recreatieve doeleinden te worden bewoond. SeksinrichtingHieronder wordt in ieder geval verstaan een prostitutiebedrijf, seksbioscoop, seksautomatenhal, sekstheater of parenclub, al dan niet in combinatie met elkaar. VoorgevelrooilijnEen als zodanig aangegeven denkbeeldige lijn die strak loopt langs de voorgevel van een gebouw tot aan de perceelsgrenzen en waar de voorgevel van een hoofdgebouw op moet zijn georiënteerd. De begrippen “voorgevel en “voorgevellijn worden synoniem gebruikt. WaboWet algemene bepalingen omgevingsrecht WoningEen complex van ruimten, uitsluitend bedoeld voor de huisvesting van één afzonderlijk huishouden of één huishouden plus maximaal drie personen of maximaal vier personen die geen huishouden vormen. WoonbebouwingHet geheel van bebouwing ten dienste van wonen op een perceel met een woonbestemming. 2Voor begripsbepalingen waarin deze beleidsregel niet voorziet, gelden de bepalingen van het desbetreffende bestemmingsplan. 3Indien begripsbepalingen uit deze beleidsregel strijdig zijn met de begripsbepalingen uit het bestemmingsplan, dan gelden de begripsbepalingen uit het bestemmingsplan. Artikel2Wijze van meten 1Bij de toepassing van deze beleidsregels wordt als volgt gemeten: De bouwhoogte van een bouwwerk: vanaf het peil tot aan het hoogste punt van een gebouw of van een bouwwerk, geen gebouw zijnde, met uitzondering van ondergeschikte bouwonderdelen, zoals schoorstenen, antennes, en naar de aard daarmee gelijk te stellen bouwonderdelen. De goothoogte van een bouwwerk: vanaf het peil tot aan de bovenkant van de goot, c.q. de druiplijn, het boeibord, of een daarmee gelijk te stellen constructiedeel. De inhoud van een bouwwerk:tussen de onderzijde van de begane grondvloer, de buitenzijde van de gevels (en/of het hart van de scheidingsmuren) en de buitenzijde van daken en dakkapellen. De lengte, breedte en diepte van een gebouw: tussen (de lijnen, getrokken door) de buitenwerkse gevelvlakken (en/of het hart van de scheidingsmuren). De oppervlakte van een bouwwerk: tussen de buitenwerkse gevelvlakken en/of het hart van de scheidingsmuren, neerwaarts geprojecteerd op het gemiddelde niveau van het afgewerkte bouwterrein ter plaatse van het bouwwerk. 2Voor de wijze van meten waarin deze beleidsregel niet voorziet, gelden de bepalingen van het desbetreffende bestemmingsplan. 3Indien de wijze van meten uit deze beleidsregel strijdig is met de wijze van meten uit het bestemmingsplan, dan geldt de wijze van meten uit het bestemmingsplan. Artikel3Bijbehorende bouwwerken binnen de bebouwde kom 1Bijbehorende bouwwerken, waaronder bijgebouwen, bij woningen en andere hoofdgebouwen binnen de bebouwde kom komen in de hieronder vermelde situaties in aanmerking voor de toepassing van artikel 2.12, lid 1 sub a onder 2 Wabo juncto artikel 4, lid 1 onder a bijlage II Bor, mits.• het aantal woningen gelijk blijft (geen woningsplitsing of vermeerdering van het aantal zelfstandige woningen in het woongebouw);• het bijbehorende bouwwerk qua oppervlakte en inhoud ondergeschikt is aan het hoofdgebouw; 1Uitbreiding van woningen aan de voorgevel Ondergeschikte uitbreidingen aan de oorspronkelijke voorgevel op de begane grond van een woning zijn met inachtneming van de volgende regels toegestaan:a. de uitbreiding vóór de voorgevel mag maar één bouwlaag omvatten met een maximale goothoogte van 3,30 meter; b. de afstand van de uitbreiding tot de perceelsgrens aan de zijde van de openbare weg dient ten minste 5,00 meter te bedragen. 2Uitbreiding van woningen aan de zijgevel Ondergeschikte uitbreidingen aan de oorspronkelijke zijgevel op de begane grond van een woning zijn met inachtneming van de volgende regels toegestaan:a. de afstand van de uitbreiding tot de zijdelingse perceelsgrens moet nul of minimaal 1,00 meter bedragen;b. de uitbreiding mag een maximale goothoogte van 3,30 meter hebben, waarbij de maximale bebouwingshoogte moet passen bij de verschijningsvorm van het hoofdgebouw/woning;c. de uitbreiding moet minimaal 1,00 meter achter de voorgevel plaatsvinden. Als de uitbreiding een garage betreft moet een afstand van ten minste 5,00 meter tot de perceelsgrens aan de zijde van de openbare weg in acht genomen worden. 3Uitbreiding van woningen aan de achtergevel Ondergeschikte uitbreidingen aan de oorspronkelijke achtergevel op de begane grond van een woning zijn met inachtneming van de volgende regels toegestaan:a. de uitbreiding mag een maximale goothoogte van 3,30 meter hebben, waarbij de maximale bouwhoogte moet passen bij de verschijningsvorm van het hoofdgebouw/woning;b. het overblijvende onbebouwde gedeelte van het perceel, gelegen achter de achtergevel mag niet minder worden dan 25m² aaneengesloten oppervlak. 4Bouwen of uitbreiden van bijgebouwen bij woningen vóór de voorgevel Het bouwen of uitbreiden van bijgebouwen vóór de voorgevel van woningen is met inachtneming van de volgende regels toegestaan: a. er moet sprake zijn van een hoeksituatie, dwz. Het perceel moet zowel aan de voorzijde als aan een van de zijdelingse perceelsgrenzen grenzen aan de openbare weg;b. de goothoogte mag maximaal 2,20 meter bedragen;c. de oppervlakte mag maximaal 15m² bedragen;d. Het totale oppervlak aan bijgebouwen op het perceel mag maximaal 100 m² bedragen. Indien de oppervlakte van het bouwperceel (het totale perceel, exclusief de begane grondvloeroppervlakte van de hoofdbouw) meer bedraagt dan 250 m², mag van het meerdere 15% worden bebouwd, met dien verstande dat de totale oppervlakte van de bijgebouwen niet meer mag bedragen dan 200m². 5Bouwen of uitbreiden van bijgebouwen bij woningen op een zij- of achtererf Het bouwen of uitbreiden van bijgebouwen op een zij- of achtererf van woningen is met inachtneming van de volgende regels toegestaan:a. het bijgebouw mag uit maximaal één bouwlaag bestaan;b. de maximale oppervlakte mag 100m² bedragen;c. de goothoogte mag maximaal 3,30 meter en de bouwhoogte moet passen bij de verschijningsvorm van de woning;d. het bouwperceel mag niet voor meer dan 75% worden bebouwd;e. de afstand tot de zijdelingse perceelsgrens moet nul of minimaal 1,00 meter bedragen;f. Het totale oppervlak aan bijgebouwen mag maximaal 100 m² bedragen. Indien de oppervlakte van het bouwperceel (het totale perceel, exclusief de begane grondvloeroppervlakte van de hoofdbouw) meer bedraagt dan 250m², mag van het meerdere 15% worden bebouwd en opgeteld worden bij voornoemde 100m², met dien verstande dat de totale oppervlakte van de bijgebouwen niet meer mag bedragen dan 200m². 6Uitbreiding van of een bijgebouw bij een ander hoofdgebouw dan een woning Uitbreiding van of een bijgebouw bij een ander hoofdgebouw dan een woning is met inachtneming van de volgende regels toegestaan: a. Het aansluitende terrein mag voor niet meer dan 50% bebouwd worden;b. de oppervlakte die op grond van het bestemmingsplan voor bebouwing in aanmerking komt mag voor niet meer dan 50% worden overschreden. Artikel4Bijbehorende bouwwerken buiten de bebouwde kom 1Bijbehorende bouwwerken, waaronder bijgebouwen, bij woningen en andere hoofdgebouwen buiten de bebouwde kom komen in de hieronder vermelde situaties in aanmerking voor de toepassing van artikel 2.12, lid 1 sub b onder 2 Wabo juncto artikel 4, lid 1 onder b bijlage II Bor, mits.• het bijbehorend bouwwerk, gemeten vanaf het aansluitend terrein, niet hoger is dan 5 meter;• het bijbehorend bouwwerk een bruto oppervlakte heeft van maximaal 150m² • het bouwen niet tot gevolg heeft dat het aansluitende terrein voor niet meer dan 50% wordt bebouwd;• de oppervlakte die op grond van het bestemmingsplan of de beheersverordening voor bebouwing in aanmerking komt niet met meer dan 50% wordt overschreden;• het bijbehorend bouwwerk qua oppervlakte en inhoud ondergeschikt is aan de hoofdbouw;• het aantal woningen gelijk blijft (geen woningsplitsing of vermeerdering van het aantal zelfstandige woningen in het woongebouw);• De totale inhoud van een woning inclusief alle bijbehorende bouwwerken ook na uitbreiding niet meer bedraagt dan 1.000m³, met dien verstande dat bestaande woningen die reeds een inhoud van 1000m³ of meer hebben eenmalig met 30m² mogen worden uitgebreid; • De afstand tussen een nieuw te bouwen gebouw en de bestaande gebouwen maximaal 15 meter bedraagt. 1Uitbreiding aan de voorgevel Ondergeschikte uitbreidingen aan de oorspronkelijke voorgevel op de begane grond van een hoofdgebouw/woning zijn met inachtneming van de volgende regels toegestaan:a. de uitbreiding vóór de voorgevel mag maar één bouwlaag omvatten met een maximale goothoogte van 3,30 meter; b. de afstand van de uitbreiding tot de perceelsgrens aan de zijde van de openbare weg dient ten minste 5,00 meter te bedragen. 2Uitbreiding aan de zijgevel Ondergeschikte uitbreidingen aan de oorspronkelijke zijgevel op de begane grond van een hoofdgebouw/woning zijn met inachtneming van de volgende regels toegestaan:a. de afstand van de uitbreiding tot de zijdelingse perceelsgrens moet minimaal 3,00 meter bedragen;b. de uitbreiding mag maar één bouwlaag omvatten met een maximale goothoogte van 3,30 meter;c. de uitbreiding moet minimaal 1,00 meter achter de voorgevel van de woning plaatsvinden. Als de uitbreiding een garage betreft moet een afstand van ten minste 5,00 meter tot de perceelsgrens aan de zijde van de openbare weg in acht genomen worden. 3Uitbreiding aan de achtergevel Ondergeschikte uitbreidingen aan de oorspronkelijke achtergevel op de begane grond van een hoofdgebouw/woning zijn met inachtneming van de volgende regels toegestaan: a. de uitbreiding van de woning en de bouw of uitbreiding van een aangebouwd bijgebouw mag maximaal één bouwlaag omvatten met een maximale goothoogte van 3,30 meter. b. Het totale oppervlak aan bijgebouwen mag maximaal 100m² bedragen. Indien de oppervlakte van het bouwperceel (het totale perceel, exclusief de begane grondvloeroppervlakte van de hoofdbouw) meer bedraagt dan 250m², mag van het meerdere 15% worden bebouwd en opgeteld worden bij voornoemde 100m², met dien verstande dat de totale oppervlakte van de bijgebouwen niet meer mag bedragen dan 200m². 4Bouwen of uitbreiden van bijgebouwen bij woningen vóór de voorgevel Het bouwen of uitbreiden van bijgebouwen vóór de voorgevel van woningen is met inachtneming van de volgende regels toegestaan: a. de goothoogte mag maximaal 2,20 meter bedragen;b. de oppervlakte mag maximaal 15m² bedragen;c. Het totale oppervlak aan bijgebouwen mag maximaal 100m² bedragen. Indien de oppervlakte van het bouwperceel (het totale perceel, exclusief de begane grondvloeroppervlakte van de hoofdbouw) meer bedraagt dan 250m², mag van het meerdere 15% worden bebouwd en opgeteld worden bij voornoemde 100m², met dien verstande dat de totale oppervlakte van de bijgebouwen niet meer mag bedragen dan 200m². 5Bouwen of uitbreiden van bijgebouwen bij woningen op een zij- of achtererf Het bouwen of uitbreiden op een zij- of achtererf van woningen is met inachtneming van de volgende regels toegestaan: a. het bijgebouw uit maximaal één bouwlaag bestaat;b. de goothoogte maximaal 3,30 meter en de bouwhoogte maximaal 5,00 meter bedraagt;c. de afstand tot de zijdelingse perceelsgrens nul of minimaal 2,00 meter bedraagt;d. de afstand tussen de woning en het bijgebouw maximaal 25 meter bedraagt;e. het totale oppervlak aan bijgebouwen mag maximaal 100m² bedragen. Indien de oppervlakte van het bouwperceel (het totale perceel, exclusief de begane grondvloeroppervlakte van de hoofdbouw) meer bedraagt dan 250m², mag van het meerdere 15% worden bebouwd en opgeteld worden bij voornoemde 100m², met dien verstande dat de totale oppervlakte van de bijgebouwen niet meer mag bedragen dan 200m². 6Uitbreiding van of een bijgebouw bij een ander hoofdgebouw dan een woning Het bouwen of uitbreiden van een kas of een bedrijfsgebouw van lichte constructie is met inachtneming van de volgende regels toegestaan:a. het bruto vloeroppervlak mag ten hoogste 150m² bedragen;b. het moet ten dienste staan van een agrarisch bedrijf. Artikel5Gebouwen ten behoeve van infrastructurele of openbare voorzieningen Gebouwen ten behoeve van infrastructurele of openbare voorzieningen komen voor de toepassing van artikel 2.12, lid 1 sub b onder 2 Wabo juncto artikel 4, lid 2 bijlage II Bor in aanmerking mits:• het bruto-vloeroppervlak van het gebouw niet groter is dan 50m²;• het gebouw bestaat uit één bouwlaag;• het gebouw niet hoger is dan 5,00 meter. Artikel6Bouwwerken, geen gebouwen zijnde 1Bouwwerken, geen gebouwen zijnde komen in de hieronder vermelde situaties in aanmerking voor de toepassing van artikel 2.12, lid 1 sub b onder 2 Wabo juncto artikel 4, lid 3 bijlage II Bor. 1Binnen de woonbestemming passende bouwwerken, geen gebouwen zijnde Het oprichten van binnen de woonbestemming passende bouwwerken, geen gebouwen zijnde, is met inachtneming van de volgende regels toegestaan: I. Het oprichten van erfafscheidingen:a. Indien het een erfafscheiding vóór de voorgevelbouwgrens betreft, mag de hoogte niet meer bedragen dan 2,00 meter en moet er sprake zijn van een open constructie in die zin dat minimaal 75% van de erfafscheiding in de hoogte aaneengesloten transparant moet zijn;b. Indien het een erfafscheiding langs de zijgevel en/of achter de achtergevel betreft of andere binnen de woonbestemming passende bouwwerken, dan mag de hoogte niet meer dan 2,50 meter bedragen. II. Het oprichten van priëlen en overkappingen, alsmede naar hun aard daarmee vergelijkbare bouwwerken:a. het gezamenlijk oppervlak van deze bouwwerken mag maximaal 50m² bedragen;b. het bebouwingspercentage dat volgens de bestemming is toegelaten mag niet worden overschreden, met dien verstande dat, als de oppervlakte van het bouwperceel (het totale perceel, exclusief de begane grondvloeroppervlakte van de hoofdbouw) meer bedraagt dan 250m², van het meerdere 15% mag worden bebouwd;c. een carport mag, gemeten vanaf de voorgevel van de woning, maximaal de helft van de diepte van de voortuin beslaan, waarbij het gedeelte van de carport dat ligt vóór de voorgevel van de woning aan alle zijden geopend dient te zijn. 2Overige bouwwerken, geen gebouwen zijnde Het oprichten van overige bouwwerken, geen gebouwen zijnde zoals geluidsschermen, lichtmasten en andere naar hun aard daarmee vergelijkbare bouwwerken, is met inachtneming van de volgende regels toegestaan:• de bruto-oppervlakte mag niet meer bedragen dan 50m²;• de hoogte mag niet meer bedragen dan 10 meter. Artikel7Dakkapel, dakopbouw of gelijksoortige uitbreiding van een gebouw Dakkapellen, dakopbouwen of gelijksoortige uitbreiding van gebouwen komen niet voor de toepassing van artikel 2.12, lid 1 sub b onder 2 Wabo juncto artikel 4, lid 4 bijlage II Bor in aanmerking. Indien dakkapellen, dakopbouwen of gelijksoortige uitbreidingen van gebouwen niet voldoen aan het gestelde ten aanzien hiervan in artikel 2 en 3 van bijlage II Bor (categorieën van gevallen waarin voor bouwactiviteiten geen omgevingsvergunning is vereist), dienen ze, voorzien van een motivering, voor beoordeling en besluitvorming aan het college te worden voorgelegd. Artikel8Antenne-installaties Antenne-installaties komen niet voor de toepassing van de onderhavige beleidsregel in aanmerking. Ieder verzoek met betrekking tot het plaatsen van een antenne-installatie welke niet voldoet aan het gestelde ten aanzien hiervan in artikel 2 van bijlage II Bor (categorieën van gevallen waarin voor bouwactiviteiten en planologische gebruiksactiviteiten geen omgevingsvergunning is vereist), maar welke in aanmerking komt voor de toepassing van artikel 2.12, lid 1 sub b onder 2 Wabo juncto artikel 4, lid 5 bijlage II Bor, zal, voorzien van een motivering, ter beoordeling en besluitvorming aan het college worden voorgelegd. Artikel9Installatie bij een glastuinbouwbedrijf voor warmtekrachtkoppeling Installaties voor warmtekrachtkoppeling, als bedoeld in artikel 1, lid 1 onder w van de Electriciteitswet 1998, bij een glastuinbouwbedrijf komen voor de toepassing van artikel 2.12, lid 1 sub b onder 2 Wabo juncto artikel 4, lid 6 bijlage II Bor in aanmerking mits:a. gelegen binnen het bestemmingsvlak;b. de afmetingen de maximaal volgens het bestemmingsplan geldende bebouwingsvoorschriften niet overschrijdt;c. de noodzaak door de aanvrager is aangetoond;d. de overwegingen om af te wijken van de voorschriften van het bestemmingsplan zorgvuldig zijn onderbouwd. Artikel10Installatie bij een agrarisch bedrijf voor productie duurzame energie Installaties voor de productie van duurzame energie, waarmee energie wordt geproduceerd door het bewerken van uitwerpselen van dieren tot krachtens artikel 5, lid 2 van het Uitvoeringsbesluit Meststoffenwet aangewezen eindproducten van een krachtens voornoemd artikellid omschreven bewerkingsprocedé dat ziet op het vergisten van ten minste 50 gewichtsprocenten uitwerpselen van dieren met in de omschrijving van dat procedé genoemde bestanddelen, bij een agrarisch bedrijf komen niet voor de toepassing van de onderhavige beleidsregel in aanmerking. Ieder verzoek in dit kader welke in aanmerking komt voor de toepassing van artikel 2.12, lid 1 sub b onder 2 Wabo juncto artikel 4, lid 7 bijlage II Bor, zal, voorzien van een motivering, ter beoordeling en besluitvorming aan het college worden voorgelegd. Artikel11Evenementen Het gebruik van gronden of bouwwerken ten behoeve van evenementen komt niet voor de toepassing van de onderhavige beleidsregel in aanmerking. Met betrekking tot evenementen wordt nader beleid opgesteld. Ieder verzoek met betrekking tot het gebruik van gronden of bouwwerken ten behoeve van evenementen, welke in aanmerking komt voor de toepassing van artikel 2.12, lid 1 sub b onder 2 Wabo juncto artikel 4, lid 8 bijlage II Bor, zal, voorzien van een motivering, ter beoordeling en besluitvorming aan het college worden voorgelegd. Artikel12Gebruiken van bouwwerken, al dan niet in samenhang met inpandige bouwactiviteiten 1Het gebruik van woonbebouwing voor bedrijven aan huis en beroepen aan huis, als genoemd in bijlage 1 of hiermee naar aard en omvang gelijk te stellen bedrijven en beroepen, al dan niet in samenhang met inpandige bouwactiviteiten, binnen de bebouwde kom komt in aanmerking voor de toepassing van artikel 2.12, lid 1 sub b onder 2 Wabo juncto artikel 4, lid 9 bijlage II Bor mits: a. de woonfunctie van het perceel in overwegende mate aanwezig blijft;b. degene die gebruiker van de woning is, dient ook degene is die het huisverbonden beroep of bedrijf uitoefent. Personeel is niet toegestaan;c. maximaal 40% van de begane grondvloeroppervlakte van de woning en de voor de woonfunctie bestemde bijgebouwen wordt gebruikt voor bedrijven aan huis en beroepen aan huis met een maximum van 25m² bij bouwpercelen tot 750m², 35m² bij bouwpercelen van 750m² tot 1500m² en 45m² bij bouwpercelen vanaf 1500m²;d. het gebruik geen ernstige hinder voor het woonmilieu oplevert c.q. geen afbreuk doet aan het woonkarakter van de wijk of de buurt;e. het gebruik geen dusdanige verkeersaantrekkende activiteiten betreft die kunnen leiden tot een nadelige beïnvloeding van de normale afwikkeling van het verkeer dan wel tot een onevenredige parkeerdruk op de openbare ruimte;f. het geen bedrijvigheid betreft die vergunnings- of meldingsplichtig is op grond van de Wet milieubeheer of andere milieuwetgeving, tenzij het gebruik de woonfunctie op zichzelf en in relatie tot zijn omgeving niet aantast en het woon- en leefklimaat van de omgeving niet wordt aangetast;g. het geen activiteiten betreft die in de regel worden uitgeoefend in winkelpanden of op een industrieterrein;h. in de woning of de voor de woonfunctie bestemde bijgebouwen mag maximaal 50m² gebruikt worden ten bate van internetverkoop waarbij ter plaatse opslag en verzending plaatsvindt. Internetverkoop waarbij ter plaatse alleen de elektronische transactie plaatsvindt en geen opslag en verzending plaatsvindt is zonder meer toegestaan;i. Er geen buitenopslag plaatsvindt;j. reclame-uitingen ten dienste van het bedrijf aan huis of het beroep aan huis beperkt blijven tot het plaatsen van een bord met als maximale afmetingen 1,00 meter x 0,50 meter aan de voor- of zijgevel of in de voor- of zijtuin op een hoogte van maximaal 2,00 meter. Neon- of andere lichtreclame is in dit kader niet toegestaan;k. er geen detailhandel plaatsvindt, behoudens beperkte verkoop in het klein in direct verband met het aan huis gebonden beroep/bedrijf. 2Het gebruik van niet-woonbebouwing in afwijking van de bestemming komt niet voor de toepassing van de onderhavige beleidsregel in aanmerking. Ieder verzoek met betrekking tot het gebruik van niet-woonbebouwing in dit kader, welke in aanmerking komt voor de toepassing van artikel 2.12, lid 1 sub b onder 2 Wabo juncto artikel 4, lid 9 bijlage II Bor, zal, voorzien van een motivering, voor beoordeling en besluitvorming aan het college worden voorgelegd. Artikel13Recreatiewoningen Het gebruik van een recreatiewoning voor bewoning komt niet voor de toepassing van de onderhavige beleidsregel in aanmerking. Ieder verzoek met betrekking tot het gebruik van een recreatiewoning voor bewoning, welke in aanmerking komt voor de toepassing van artikel 2.12, lid 1 sub a onder 2 Wabo juncto artikel 4, lid 10 bijlage II Bor, zal, voorzien van een motivering, voor beoordeling en besluitvorming aan het college worden voorgelegd. Artikel14Hardheidsclausule Het college handelt overeenkomstig deze beleidsregel, tenzij dat voor een of meer belanghebbenden gevolgen zou hebben die wegens bijzondere omstandigheden onevenredig zijn in verhouding tot de met de beleidsregel te dienen doelen, dit ter beoordeling van het college. Artikel15Privaatrechtelijke belemmeringen Het gestelde in deze beleidsregel wordt niet toegepast indien sprake is van privaatrechtelijke belemmeringen, als genoemd in het Burgerlijk Wetboek. Artikel16Planschade Het gestelde in deze beleidsregel wordt slechts toegepast indien er een planschade afwentelingsovereenkomst is afgesloten met de initiatiefnemer. Artikel17Inwerkingtreding De beleidsregel treedt in werking de dag nadat zij is bekend gemaakt. Artikel18Citeertitel Deze beleidsregel wordt aangehaald als “Beleidsregel Planologische Kruimelgevallen”. Artikel19Intrekking De “Beleidsregel Planologische Kruimelgevallen”, als vastgesteld door ons college bij besluit van 1 maart 2011, nummer 9 – 10a, wordt hierbij ingetrokken. Aldus besloten in de vergadering van het college van burgemeester en wethouders van de gemeente Peel en Maas van 13 maart 2012 Het college van burgemeester en wethouders van Peel en Maas De gemeentesecretaris/directeur de burgemeesterDrs. H. Mensink W.J.G. Delissen – van Tongerlo Bedrijven en beroepen aan huis1 Beroep aan huis Bedrijf aan huis Advocaat Autorijschool (geen theorie) Accountant – administratieconsulent Bloemschikker Alternatieve genezer Computerservice (o.a. systeembouw/-analyse) Belastingconsulent Decorateur Bouwkundig architect Fietsenreparateur Dierenarts Fitnessstudio Fysiotherapeut Fotograaf Gerechtsdeurwaarder Goud- en zilversmid Huidtherapeut Glazenwasser Huisarts Hoedenmaker Interieurarchitect Hondentrimmer Juridisch adviseur Instrumentenmaker Kunstenaar Kaarsenmaker Logopedist Kapper Medisch specialist Klompenmaker Notaris Koeriersdienst Oefentherapeut Cesar/Mensendieck Lijstenmaker Organisatieadviseur Loodgieter Orthopedagoog Meubelmaker Psycholoog Muziekinstrumentenmaker Raadgevend adviseur Nagelstudio/pedicure Redacteur Pottenbakker Registeraccountant Prothesenmaker Stedenbouwkundige Reisorganisatie (kleinschalig) Tandarts Reparatie van kleine consumentenartikelen (antiek/radio’s-Tv’s/ horloges etc.) Tandarts – specialist Schoonheidsspecialist/kapsalon (al dan niet beëdigd) tolk-vertaler Traiteur Tuin- en landschapsarchitect Tv/radio reparateur Verloskundige Zadelmaker Toelichting1
AI-uitleg op basis van de officiële wettekst. Indicatief, vervangt geen juridisch advies.