REGELING STIMULERING INNOVATIEVE ONDERNEMERS 3 / 2009 - 2011REGELING STIMULERING INNOVATIEVE ONDERNEMERS 3 / 2009 - 2011 Het college van burgemeester en wethouders van de gemeente Zaanstad, Gemeente zaanstad overwegende: dat het wenselijk is nadere regels te stellen m.b.t. de subsidie ter stimulering van innovatief ondernemerschap; gelet op: de Algemene wet bestuursrecht en de Algemene subsidieverordening; besiuit: vast te stellen de volgende: Artikel1Begripsbepalingen In deze regeling wordt verstaan onder: Innovatieve ondernemers: Ondernemers / ondernemingen gevestigd in de gemeente Zaanstad die een innovatief idee hebben, dat patenteerbaar lijkt en waarvoor een nieuwheidonderzoek gewenst is of dat al gepatenteerd is zonder dat verdere ontwikkeling is gestart en waarvoor extra financiele ondersteuning bijdraagt tot het omzetten van het idee naar een te realiseren product. Gemeentelijk economisch beleid: Beleid zoals vastgelegd in de ZMOP-II uitvoeringsnotitie Pijler en BDU Economie. Paragraaf B1.3 Stimulansen voor innovatie en kenniseconomie, '" p. 16, vastgesteld door de gemeenteraad op 24 februari
- Collegeakkoord: C11 (Een krachtige Economie) Verordening: Algemene subsidieverordening Zaanstad. Artikel2Doel van de regeling Door middel van deze regeling wil Zaanstad de innovatie bij het MKB bevorderen. Verder hoopt de gemeente dat mede door de financiele steun de deelnemende bedrijven op termijn doorgroeien tot moderne industriele productiebedrijven in de Zaanstreek die zorgen voor nieuwe bedrijvigheid en werkgelegenheid. Bovendien beperkt innovatie zich meestal niet tot de lokale economie en kan het in sommige gevallen zelfs versterking van internationale samenwerking tot gevolg hebben. Artikel3Reikwijdte Deze regeling is van toepassing op door het college te verstrekken incidentele subsidies voor innovatieve ondernemers, die hun bedrijf gevestigd hebben binnen de gemeentegrenzen van de gemeente Zaanstad en die beogen hun innovatieve productidee te laten patenteren en daarna ook verder te ontwikkelen tot een produceerbaar product. Artikel4Subsidiabele Activiteiten Voor subsidieverlening komen alle activiteiten in aanmerking die noodzakelijk zijn voor de toetsing van patenteerbaarheid (nieuwheidonderzoek, patentaanvraag, patent houden), productontwikkeling en alle activiteiten die te maken hebben met de realisatie van de productie en eerste verkoop van het product. Artikel5Subsidiabele periode De Subsidiabele periode loopt van 1 januari 2009 tot en met 31 december
- Artikel6Subsidieplafond 1.Deze subsidieregeling heeft een subsidieplafond van € 120.000,
- 2.Bij dreigende overschrijding van het beschikbare subsidiebudget zal toekenning plaatsvinden in volgorde van ontvangst van de aanvraag. Artikel7Hoogte subsidie 1.Het subsidiebedrag is per ondernemer maximaal € 20.000, 2.Van de in aanmerking komende kosten wordt maximaal 50% gesubsidieerd. Artikel8Aanvraag 1.De subsidieaanvraag wordt middels een schriftelijk aanvraagformulier ingediend bij BTO Zaanstad. BTO Zaanstad levert de subsidieaanvraag inclusief bindend advies ter beoordeling bij het college aan. 2.De aanvraag bevat in ieder geval de volgende gegevens: de adresgegevens van het bedrijf; het aantal werknemers; de winst- en verliesrekening van het bedrijf (voor bedrijven die verplicht zijn deze jaarlijks aan de fiscus te leveren) of de omzetcijfers van het bedrijf over de laatste drie jaren. Bedrijven die 1 of 2 jaar bestaan, kunnen volstaan met aanlevering van de aangifte omzetbelasting van minstens drie kwartalen. de planning en stand van zaken ten aanzien van het innovatieve product; innovatief karakter en patenteerbaarheid van het product; (planning) nieuwheidonderzoek; de uitgaven en begroting van de kosten en arbeidsuren die betrekking hebben op het innovatieve product. 3.Voor zover de aanvrager tevens bij een of meerdere andere bestuursorganen of andere financiers/sponsors subsidie heeft gevraagd, doet hij hiervan mededeling in de aanvraag, onder vermelding van de stand van zaken met betrekking tot de beoordeling van die aanvraag of aanvragen. Artikel9Subsidiecriteria De subsidie wordt slechts verieend indien voldaan wordt aan de volgende criteria: De subsidieaanvraag wordt middels een schriftelijk aanvraagformulier ingediend bij BTO Zaanstad. BTO Zaanstad levert de subsidieaanvraag inclusief bindend advies ter beoordeling bij het college aan. De innovatieve ondernemer voldoet aan de omschrijving in artikel
- De innovatieve ondernemer heeft een bedrijf met een hoofdactiviteit in een van de volgende sectoren: creatief (creatieve diensten en productie), food of gerelateerd aan food (moderne industriele productiebedrijven) of toerisme. De innovatieve ondernemer werkt met minstens een andere ondememer in Zaanstad samen om het innovatieve product te ontwikkelen / produceren. De innovatieve ondernemer is gevestigd in Zaanstad. De innovatieve ondernemer staat ingeschreven bij de KvK te Zaanstad. De bedrijfsgrootte is maximaal 50 fte. Het bedrijf heeft een gezonde vermogenspositie. Het idee is innovatief ((internationaal) uniek) en patenteerbaar. Nieuwheidonderzoek is / wordt aantoonbaar uitgevoerd. Er wordt intern aantoonbaar 500 of meer uur besteed aan de ontwikkeling van het nieuwe product. De omvang van het project is reeel om binnen 3 jaar na de beschikking tot productie te geraken. De startdatum en datum van oplevering liggen binnen de gestelde grenzen van de subsidieperiode, genoemd in artikel
- Artikel10Advies Aan BTO Zaanstad zal door het college gevraagd worden een bindend advies uit te brengen over deelname van specifieke innovatieve bedrijven aan de SlO-regeling ter voorbereiding van de beslissing van het college. Dit advies heeft betrekking op de volgende criteria: innovatief karakter en patenteerbaarheid van het product, de planning en stand van zaken ten aanzien van het innovatieve product, de kosten en het aantal uren dat aan de ontwikkeling wordt besteed en de kans tot productie binnen de gestelde termijn. Artikel11Beslissingstermijn 1.Conform artikel 17 van de verordening wordt op de subsidieaanvraag, op basis van volgorde van indiening, door of namens het college beslist binnen dertien weken na ontvangst van de aanvraag. 2.De in het eerste lid gestelde termijn kan, met redenen omkleed, met ten hoogste dertien weken vertengd worden. Artikel12Weigeringsgronden Naast de in artikel 9 en 18 van de verordening genoemde weigeringsgronden wordt de subsidie niet verieend indien: Niet voldaan is aan de eisen en criteria genoemd in deze regeling. Het subsidieplafond is bereikt. BTO een negatief advies geeft. Artikel13Verantwoording In afwijking van artikel 13B van de verordening dient de subsidieontvanger binnen 12 weken na afloop van de gesubsidieerde activiteit, doch uiterlijk 31 januari 2012 de volgende bescheiden in bij het college: een inhoudelijk verslag waaruit blijkt dat het doel is gerealiseerd en de activiteiten (o.a. het nieuwheidonderzoek) zijn uitgevoerd; een overzicht van de activiteiten, de hieraan verbonden uitgaven en inkomsten en urenstaten waaruit blijkt dat 500 uur of meer is besteed aan de ontwikkeling van het nieuwe product. Een balans naar de toestand aan het begin een aan het einde van het subsidietijdvlak met een toelichting daarop. Artikel14Subsidievaststelling Conform artikel 21 van de verordening wordt de subsidie uiterlijk binnen 13 weken na ontvangst van in artikel 13 bedoelde gegevens, dit betekent uiterlijk 1 mei 2012, ambtshalve vastgesteld. Artikel15Voorschotten 1.Op een subsidie waarvan een beschikking tot subsidieverlening, kan op verzoek van de aanvrager, door of namens het college een voorschot worden verieend van 75 procent van het bij subsidieverlening verleende subsidiebedrag. 2.De betaling van het voorschot wordt opgeschort zodra het college kennis heeft genomen van de ontbinding van de aanvrager, conservatoir beslag op (een deel) van het vermogen van de aanvrager, een ten aanzien van de aanvrager verleende surseance van betaling dan wel uitgesproken faillissement. Artikel16Hardheidsclausule Het college kan, in bijzondere gevallen, afwijken van het bepaalde in deze regeling, indien een strikte toepassing daarvan zal leiden tot een onevenredige benadeling van de aanvrager of subsidieontvanger. Artikel17Onvoorziene gevallen In gevallen waarin deze regeling niet voorziet beslist het college. Artikel18Citeerartikei Deze regeling kan worden aangehaald als: Regeling Stimulering Innovatieve Ondernemers 3 2009 -2011 Artikel19Inwerkingtreding Deze regeling treedt vanaf 1 januari 2009 in werking. Artikel20Werkingsduur Deze regeling heeft een werkingsduur tot uiterlijk 1 juli
- Aldus vastgesteld in de vergadering van 3 december 2008 Bekendgemaakt op ( ) door het plaatsen van de subsidieregeling in het Gemeenteblad nr. 22 Het College van burgemeesteren wethouders van Zaanstad mr. G.H. Faber, burgemeester drs. A.J. van den Berg, gemeentesecretaris