Coffeeshopbeleid gemeente Etten-Leur Coffeeshopbeleid gemeente Etten-Leur April 2012 Inhoudsopgave Inleiding Gedoogbeleid Coffeeshopbeleid gemeente Etten-Leur Gedoogcriteria Toelichting gedoogcriteria Overgangsbepalingen Sluiting Bibob toetsing Handhaving Volksgezondheidsaspecten Bijlagen
(1997)voor Midden en West Brabant is voor het maximum van 500 gram gekozen. In aansluiting hierop heeft Etten-Leur ook bewust gekozen om het maximum van 500 gram aan te houden. De hoeveelheid van 500 gram handelsvoorraad is inclusief de aanwezige joints in de coffeeshops. Per joint wordt een hoeveelheid van 0,2 gram cannabis gerekend. Gedoogcriterium 12: slecht levensgedrag Om aansluiting te vinden bij de Drank- en horecawetgeving wordt gebruik gemaakt van het ruime begrip ‘slecht levensgedrag’. Dit houdt onder andere in het hebben van een crimineel verleden, zoals ook expliciet in het gedoogcriterium wordt aangegeven. Er is in ieder geval sprake van slecht levensgedrag als er sprake is van een crimineel verleden verband houdende met drugshandel, heling, geweldsdelicten of (vuur)wapenhandel. De beoordeling van slecht levensgedrag heeft betrekking op alle strafbare feiten (overtredingen en misdrijven) gepleegd door betrokkene en alle veroordelingen en transacties gedurende de afgelopen 10 jaar. Dit gedoogcriterium is van toepassing op de leidinggevenden van de coffeeshop en anderen die werkzaam zijn in de shop. Voor de definitie van leidinggevende wordt aangesloten bij de definitie in de Drank- en Horecaverordening Etten-Leur. Gedoogcriterium 13: criminele activiteiten Uit landelijke onderzoeken is gebleken dat de cannabisbranche gevoelig is voor (georganiseerde) criminaliteit. Criminele activiteiten vanuit een coffeeshop hebben direct of indirect een negatieve uitstraling naar het woon- en leefklimaat in de omgeving van de coffeeshop. Hierdoor ontstaat er een aantasting van de openbare orde en veiligheid. Tegen criminele activiteiten wordt daarom streng opgetreden. Gedoogcriterium 14: verkoop op of aan de weg of in de buurt van een school Uit ervaringen in het verleden is gebleken dat het voorkomt dat drugshandelaren trachten softdrugs te verkopen op of aan de weg of in de buurt van scholen. Deze drugshandelaren halen hun voorraad vaak bij de coffeeshops. Indien dat het geval is dan dient dit consequenties te hebben. Zeker nu buitenlanders niet meer in Nederlandse coffeeshops terecht kunnen en de coffeeshops maar een beperkt aantal leden kunnen bedienen, is er een grote kans dat de straathandel gaat toenemen. Op de straathandel is geen kwaliteitscontrole mogelijk, daarnaast brengt de straathandel vaak overlast en criminaliteit met zich mee. Daarom dient straathandel, die in relatie staat tot de exploitatie van de coffeeshop, te allen tijde te worden voorkomen. Ook moet voorkomen worden dat jeugdigen in aanraking komen met softdrugs gezien de schadelijke effecten. De handel in de nabijheid van scholen moet dan ook worden afgewend. Gedoogcriterium 15: overtreding sluitingstijden Voor coffeeshops zijn strikte openingstijden vastgesteld om aantasting van het woon- en leefklimaat door overlast van aan- en afrijdende auto’s en bezoekers te voorkomen. De openingstijden voor de Etten-Leurse coffeeshop is van 10.00u tot 23.00u. Gedoogcriterium 16: geen alcoholhoudende drank De verkoop van softdrugs wordt alleen gedoogd vanuit droge horeca-inrichtingen. Dit criterium is ingegeven vanwege het versterkende effect van alcohol op de werking van drugs. Bij constatering van de aanwezigheid of verkoop van alcoholhoudende drank in de coffeeshop zal worden opgetreden. Gedoogcriterium 17: afwezigheid leidinggevende Het gedogen van de coffeeshop, opgenomen in de lijst van bijlage 1, is verbonden aan de exploitant zoals vastgelegd in deze lijst. De exploitant is volledig verantwoordelijk voor hetgeen er gebeurt in zijn inrichting. Ook als er een leidinggevende, niet zijnde de exploitant, is aangesteld dan blijft de exploitant volledig verantwoordelijk voor zijn inrichting. De exploitant kan zich nooit aan zijn verantwoordelijkheid onttrekken door afwezig te zijn. Op de gedoogverklaring mag naast de exploitant maximaal twee andere leidinggevenden worden vermeld. De exploitant en/of één van de leidinggevenden dient dagelijks aanwezig te zijn in de coffeeshop, zodat hij ook de algemene dagelijkse leiding heeft over de coffeeshop en ook werkelijk invulling kan geven aan (de afgeleide) verantwoordelijkheid van de exploitant. Voor de definitie van leidinggevende wordt aangesloten bij de definitie zoals die is opgenomen in de Drank- en Horecaverordening.
- Overgangsbepalingen Het nieuwe beleid wordt vastgesteld per 1 mei
- Voor een beperkt aantal situaties die bij het vaststellen van dit beleid of op een later tijdstip in strijd zijn met de gedoogcriteria, worden de navolgende overgangsbepalingen vastgesteld. Afstandscriterium De minister van Veiligheid en Justitie heeft vastgesteld dat het afstandscriterium tussen een coffeeshop en scholen voor voortgezet en middelbaar beroepsonderwijs op 1 januari 2014 in werking treedt. Dat wil zeggen dat alle coffeeshops, die op die datum niet voldoen aan het afstandscriterium zoals genoemd in deze beleidsnota de verkoop van cannabis dienen te staken. Zo niet dan zijn zij in overtreding en volgen sancties op basis van het handhavingsbeleid voor niet-gedoogde verkooppunten, niet zijnde woningen. Op het moment van vaststellen van deze beleidsnotitie is de coffeeshop gelegen buiten het afstandscriterium van 350 meter loopafstand van een school voor voortgezet onderwijs of middelbaar beroepsonderwijs. Maximum aantal leden Gedoogcriterium 3 (maximaal 2000 leden per coffeeshop) treedt conform het landelijke beleid pas op 1 januari 2013 in werking. Tot die tijd mag de coffeeshop een onbeperkt aantal lidmaatschappen uitgeven.
- Sluiting Waarschuwing In beginsel wordt na overtreding van één van de gedoogcriteria onmiddellijk tot sluiting overgegaan. Bij enkele overtredingen wordt de exploitant door of vanwege de burgemeester eerst schriftelijk gewaarschuwd. In bijlage 2 wordt weergeven voor welke overtredingen eerst een waarschuwing wordt gegeven. Bij een volgende overtreding volgt in dat geval sluiting. Een waarschuwing gegeven voor overtreding van één of meer van de gedoogcriteria geldt ook als waarschuwing voor elk van de andere gedoogcriteria. Er kan dan direct tot sluiting worden overgegaan voor een periode van drie maanden. De geldigheidsduur van een waarschuwing is vijf jaar. Indien de omstandigheden daartoe aanleiding geven kan de burgemeester altijd gemotiveerd van het geven van een waarschuwing afzien en direct tot sluiting overgaan. Termijn Sluiting van een coffeeshop vindt in de regel plaats voor een periode van 3 tot maximaal 24 maanden, zoals beschreven in de handhavingsmatrix (bijlage 2). Bij herhaalde overtreding van de genoemde gedoogcriteria vindt sluiting plaats voor een langere periode of voor onbepaalde tijd. Ook dit is opgenomen in de handhavingsmatrix. De burgemeester kan een andere sluitingstermijn vaststellen indien de omstandigheden daartoe aanleiding geven.
- Bibob toetsing Criminele activiteiten kunnen zich overal manifesteren. Bijvoorbeeld in of vanuit de horeca, coffeeshops, belwinkels maar ook in woningen en bedrijven. Om activiteiten te ontplooien is de georganiseerde misdaad aangewezen op lokale infrastructuren en faciliteiten. Het uitvoeren van illegale activiteiten is vrijwel onmogelijk zonder gebruik te maken van diensten van de legale markt (zoals distributie, financiële handelingen, vergunningen en huisvesting). Daarnaast zijn criminele groeperingen altijd op zoek naar manieren om crimineel vermogen wit te wassen, bijvoorbeeld door te investeren in vastgoed. De georganiseerde misdaad bestaat dus voor een deel niet ondanks maar dankzij de wet- en regelgeving van (lokale) overheden. Zo kunnen overheden (zoals door vergunningen en subsidieregels) onbewust illegale activiteiten faciliteren. Om gemeenten de noodzakelijke instrumenten in handen te geven om preventief in te grijpen is de Wet Bibob ontwikkeld. De Wet Bibob maakt het mogelijk om het bonafide karakter en de integriteit van vergunningaanvragers of opdrachtnemers te ‘screenen’ alvorens te beslissen of een vergunning moet worden geweigerd of ingetrokken. Op grond van artikel 3 van de Wet Bibob kan een beschikking (vergunning of subsidie) geweigerd worden of ingetrokken wanneer: Er sprake is van een ernstig gevaar dat de beschikking mede gebruikt zal worden voor het benutten van voordelen uit strafbare feiten (bijvoorbeeld witwassen van zwart geld); Er sprake is van een ernstig gevaar dat de beschikking mede gebruikt zal worden voor het plegen van strafbare feiten (bijvoorbeeld als dekmantel) Feiten en omstandigheden erop wijzen of redelijkerwijs doen vermoeden dat ter verkrijging van de aangevraagde dan wel verkregen beschikking een strafbaar feit is gepleegd (bijvoorbeeld valsheid in geschrifte of omkoping) Voor het vaststellen van de mate van gevaar kan de gemeente zich laten bijstaan door het landelijke Bureau Bibob van het ministerie van Veiligheid en Justitie. In het nieuwe drugsbeleid is de inzet van de Wet Bibob bij coffeeshops geïntensiveerd. Gemeenten met veel coffeeshops worden opgeroepen om deze te laten screenen door het Landelijk Bureau Bibob. De gemeente Etten-Leur toetst alle gedoogverklaringen voor coffeeshops op integriteit.
- Handhaving Handhaving gedoogcriteria De handhaving van het coffeeshopbeleid is in beginsel een bestuurlijke aangelegenheid. Het strafrecht is slechts ondersteunend. Voor een goede naleving van het beleid is regelmatige controle en een strikte handhaving noodzakelijk. De partners van de lokale driehoek (burgemeester, officier van justitie en korpschef van de politie) hebben afspraken gemaakt over een goede afstemming en een geïntegreerde inzet van het strafrechtelijk en bestuursrechtelijk instrumentarium. Overigens met behoud van de eigen verantwoordelijkheden. De regie over de controle en handhaving van het coffeeshopbeleid is in handen van de gemeente. In de lokale driehoek worden regelmatig de ontwikkelingen besproken en de resultaten van controles. Ook worden hier de effecten van het beleid gevolgd. De bestuurlijke aanpak van overtredingen is vastgelegd in een handhavingsmatrix (zie bijlage 2). De handhavingsmatrix heeft tot doel: De handhavingsactiviteiten van de gemeente, politie en justitie op elkaar af te stemmen en zoveel mogelijk complementair te laten zijn De zwaarte van de maatregel qua intensiteit zo goed mogelijk te laten aansluiten bij de ernst van de overtreding Duidelijkheid en kenbaarheid geven richting coffeeshopexploitanten over de maatregelen die genomen kunnen worden bij overtreding van de gedoogcriteria Toezicht De gedoogde coffeeshops worden regelmatig gecontroleerd. Indien er aanleiding toe bestaat, zoals klachten of signalen uit de buurt met betrekking tot overlast, wordt er intensiever toezicht uitgeoefend. Daarnaast worden normaliter minimaal vier maal per jaar coffeeshopcontroles gehouden. Mogelijk dat in de aanvang van het aangescherpte gedoogbeleid intensiever zal worden gecontroleerd. Controle lidmaatschap Softdrugs mogen in een coffeeshop alleen verkocht worden aan houders van een lidmaatschap van de betreffende shop. De coffeeshophouder is verplicht om een ledenadministratie bij te houden. Bij controles worden de ledenadministratie en paspoorten van de aanwezigen gecontroleerd. Dit betekent een uitvoerige controle die meer tijd in beslag zal nemen dan tot nu toe. Sluitingsbeleid ten aanzien van gedoogde coffeeshops Bij het overtreden van de gedoogcriteria zal de burgemeester in principe overgaan tot sluiting; in sommige gevallen krijgt de ondernemer door een kans in de vorm van een waarschuwing (zie paragraaf 7). Grondslag voor de sluiting is de Opiumwet (artikel 13b) en de algemene sluitingsbevoegdheid van artikel 174 lid 2 of 3 Gemeentewet. Sluiting wordt beschouwd als het meest effectieve middel om overtreding door coffeeshops te beëindigen en herhaling te voorkomen. Bestrijding neveneffecten De invoering van het ingezetenencriterium leidt ertoe dat buitenlandse toeristen geen wiet meer kunnen kopen in de Nederlandse coffeeshops. Vanwege prijs, kwaliteit en de tolerante houding tegenover cannabisgebruikers blijft Nederland desondanks aantrekkelijk voor niet-ingezetene consumenten. Lokale kleinhandelaren zullen actief gaan inspelen op de vraag en verhogen het aanbod op straat. Dit kan leiden tot een (aanzienlijke) groei van de straathandel. Met steden als Antwerpen (53 kilometer) en Brussel (107 kilometer) op relatief korte afstand is de kans groot dat vooral Belgische bezoekers richting Etten-Leur (blijven) komen. Het is van belang om deze ‘neveneffecten’ van meet af aan de kop in te drukken door effectief te handhaven. Het is immers moeilijker een eenmaal op gang gekomen ontwikkeling om te buigen dan deze vanaf het begin te voorkomen. Daartoe is door de driehoek een operationeel handhavingsplan politiedistrict Breda vastgesteld. Voor nadere inhoudelijke informatie wordt naar dit plan verwezen. De ontwikkelingen in de neveneffecten zullen scherp worden gevolgd.
- Volksgezondheidsaspecten Een belangrijke insteek van het Nederlandse drugsbeleid is bescherming van de volksgezondheid. Het drugsgebruik onder Nederlanders is het afgelopen decennium nagenoeg gelijk gebleven. Het cannabisgebruik onder jongeren vertoont zelfs een lichte daling. Ondanks deze dalende trend neemt de hulpvraag als gevolg van cannabisgebruik toe, zowel onder jongeren als onder ouderen. Specifieke aandachtsgroepen zijn het uitgaanspubliek en probleemjongeren. Landelijk wordt de aanpak van de drugsproblematiek vanuit het gezondheidsaspect voortgezet waarbij nadrukkelijk de aandacht wordt gericht op de jeugd. Middelengebruik op jonge leeftijd vergroot het risico op verslaving, is schadelijk voor de hersenen, die nog in ontwikkeling zijn, en kan leiden tot verminderd denkvermogen, concentratiestoornissen, schooluitval en werkeloosheid. Het risico hierop is groter naarmate er op jongere leeftijd mee wordt gestart. Bij kwetsbare jongeren maakt overmatig middelengebruik vaak deel uit van een bredere problematiek zoals psychosociale en gedragsstoornissen, frequent schoolverzuim en crimineel gedrag. Daarom is het belangrijk dat op tijd gesignaleerd wordt, dat bij jongeren sprake is van problematisch middelengebruik en snel hulp wordt geboden. Preventie Door de jaren heen is er door de verslavingszorg met veel coffeeshops een breed preventiebeleid opgezet. Belangrijke onderdelen daarvan zijn: het systematisch monitoren van middelengebruik onder de doelgroep en het vroegtijdig signaleren van vervuilingen, nieuwe trends en nieuwe middelen. Dit preventiebeleid is essentieel, omdat het belangrijke beleidsinformatie oplevert voor alle partijen die een rol spelen in het omgaan met middelenmisbruik en de risico’s. Preventieve interventies voor het verminderen van cannabisgebruik en het in een vroeg stadium signaleren van problemen zijn nog steeds van groot belang. Daarom wordt door de gemeente Etten-Leur de verplichting tot preventie gekoppeld aan de gedoogverklaring om een coffeeshop te exploiteren. Bij de aanvraag van een gedoogverklaring dient de ondernemer aan te geven welke preventieve maatregelen hij neemt. Kwaliteit van cannabis en gezondheidseffecten Met de invoering van de wietpas wordt een deel van de cannabisgebruikers aangewezen op de illegale markt. Zij kunnen geen wiet meer halen bij de gedoogde coffeeshops en worden afhankelijk van de straathandel of tussenpersonen. Bij de gedoogde coffeeshops is het leveren van goede kwaliteit wiet en hasj uitermate belangrijk. De onderlinge concurrentie tussen shops is groot en bij het niet voldoen aan de kwaliteitseisen kan de burgemeester de zaak sluiten. Coffeeshops hebben belang bij een positief imago en zullen geen drugs verkopen aan jongeren of andere risicovolle drugs slijten. Bij de illegale straathandel valt deze regulerende werking weg; kwaliteitseisen zijn niet of minder relevant en jongeren zal niet gevraagd worden naar hun legitimatie. Op die manier is de kans groot dat gebruikers geconfronteerd worden met kwalitatief slechte drugs. Met alle gezondheidsrisico’s van dien. Ook dit vormt een belangrijke reden om de illegale straathandel aan te pakken en sterk in te zetten op toezicht en handhaving. Daarnaast zal in het communicatietraject rondom het ontmoedigen van de illegale handel aandacht worden besteed aan de gevolgen van het gebruik van slechte kwaliteit wiet. Gebruikers, en met name jongeren, moeten erop worden gewezen dat het gebruiken van slechte kwaliteit drugs ernstige gezondheidsklachten tot gevolg kan hebben. Verslavingsproblemen Naast alcohol heeft cannabis een grote invloed op de ontwikkeling van jongeren. Middelengebruik op jonge leeftijd vergroot het risico op verslaving. Veel verslaafden hebben naast verslavingsproblemen ook psychiatrische stoornissen en problemen op het gebied van huisvesting, inkomen en op het justitiële vlak. Uit onderzoek blijkt dat het aantal cannabisgebruikers dat hulp zoekt landelijk stijgt. Ook in Etten-Leur is deze ontwikkeling te zien. Het aanpakken van verslavingsproblemen blijft om aandacht vragen. Via de coffeeshops wordt sterk ingezet op preventie. Door preventieve maatregelen verplicht te stellen bij het afgeven van de gedoogverklaring wordt dit geborgd. Als de illegale handel en thuisteelt toeneemt, bestaat de kans dat verslavingen minder snel worden geconstateerd. Via campagnes en voorlichting op scholen wordt drugsgebruik door jongeren tegengegaan. Ook voor oudere gebruikers speelt voorlichting een cruciale rol. In deze campagnes kan ook de problematiek rondom andere uitgaansdrugs zoals GHB worden meegenomen. Aldus vastgesteld op 10 april 2012 De burgemeester van Etten-Leur, Mw. H. van Rijnbach-de Groot. Bijlage 1 Overzicht gedoogde coffeeshops Hieronder wordt een overzicht gegeven van de bij de gemeente Etten-Leur en de politie Midden en West Brabant, geregistreerde coffeeshops met exploitanten van de op 1 maart 2012 gedoogde coffeeshop(s) in de gemeente Etten-Leur. Naam coffeeshops Adres Exploitant Noorderlight X Wilhelminalaan 16 Dhr. R. Chilh Bijlage 2 Handhavingsmatrix Onderstaande matrix wordt gehanteerd voor de bestuursrechtelijke handhaving van het coffeeshopbeleid voor gedoogde coffeeshops. Indien een sanctie leidt tot het einde van de gedoogstatus dan is vanaf dat moment het handhavingsbeleid voor niet-gedoogde verkooppunten, niet zijnde woningen van toepassing. Overtreding 1e constatering 2e constatering 3e constatering 4e overtreding Gedoogcriterium 1 Einde gedoogstatus Gedoogcriterium 2 Schriftelijke waarschuwing Sluiting voor 3 maanden Sluiting voor 12 maanden Sluiting voor onbepaalde tijd en einde gedoogstatus Gedoogcriterium 3 Sluiting voor onbepaalde tijd en einde gedoogstatus Gedoogcriterium 4 Schriftelijke waarschuwing Sluiting voor 3 maanden Sluiting voor 12 maanden Sluiting voor onbepaalde tijd en einde gedoogstatus Gedoogcriterium 5 Schriftelijke waarschuwing Sluiting voor 3 maanden Sluiting voor 12 maanden Sluiting voor onbepaalde tijd en einde gedoogstatus Gedoogcriterium 6 Schriftelijke waarschuwing Sluiting voor 3 maanden Sluiting voor 12 maanden Sluiting voor onbepaalde tijd en einde gedoogstatus Gedoogcriterium 7 Einde gedoogstatus Gedoogcriterium 8 Schriftelijke waarschuwing Sluiting voor 3 maanden Sluiting voor 12 maanden Sluiting voor onbepaalde tijd en einde gedoogstatus Gedoogcriterium 9 Sluiting voor onbepaalde tijd en einde gedoogstatus Gedoogcriterium 10 Schriftelijke waarschuwing Sluiting voor 3 maanden Sluiting voor 12 maanden Sluiting voor onbepaalde tijd en einde gedoogstatus Gedoogcriterium 11 Schriftelijke waarschuwing Sluiting voor 3 maanden Sluiting voor 12 maanden Sluiting voor onbepaalde tijd en einde gedoogstatus Gedoogcriterium 12 Sluiting voor onbepaalde tijd en einde gedoogstatus bij crimineel verleden leidinggevende Schriftelijke waarschuwing bij crimineel verleden werknemer Sluiting voor 3 maanden Sluiting voor 12 maanden Sluiting voor onbepaalde tijd en einde gedoogstatus Gedoogcriterium 13 Schriftelijke waarschuwing Sluiting voor 3 maanden Sluiting voor 12 maanden Sluiting voor onbepaalde tijd en einde gedoogstatus Gedoogcriterium 14 Schriftelijke waarschuwing Sluiting voor 3 maanden Sluiting voor 12 maanden Sluiting voor onbepaalde tijd en einde gedoogstatus Gedoogcriterium 15 Schriftelijke waarschuwing Sluiting voor 3 maanden Sluiting voor 12 maanden Sluiting voor onbepaalde tijd en einde gedoogstatus Gedoogcriterium 16 Schriftelijke waarschuwing Sluiting voor 3 maanden Sluiting voor 12 maanden Sluiting voor onbepaalde tijd en einde gedoogstatus Gedoogcriterium 17 Schriftelijke waarschuwing Sluiting voor 3 maanden Sluiting voor 12 maanden Sluiting voor onbepaalde tijd en einde gedoogstatus Einde gedoogstatus: Nadat de gedoogstatus is komen te vervallen valt de inrichting niet meer onder de werking van deze notitie en wordt, bij constatering van overtreding van de Opiumwet, bestuursrechtelijk opgetreden overeenkomstig het door de burgemeester op basis van artikel 13b Opiumwet vastgestelde handhavingsbeleid voor niet gedoogde verkooppunten.