Verordening maatschappelijke participatie voor kinderen gemeente Heerenveen officiële titel: Verordening maatschappelijke participatie voor kinderen gemeente Heerenveen citeertitel: Verordening maatschappelijke participatie kinderen wettelijke grondslag: artikel 8 lid 1 onderdeel g, artikel 8 lid 2 onderdeel d en artikel 35 lid 5 van de Wet werk en bijstand. De Raad van de gemeente Heerenveen; gelezen het voorstel van burgemeester en wethouders van de gemeente Heerenveen d.d. 31 januari 2012; gelet op artikel 8 lid 1 onderdeel g, artikel 8 lid 2 onderdeel d en artikel 35 lid 5 van de Wet werk en bijstand; B E S L U I T : vast te stellen de volgende Verordening maatschappelijke participatie voor kinderen WWB 2012 gemeente Heerenveen Hoofdstuk 1 Algemene bepalingen Artikel
- Begrippen Alle begrippen die in deze verordening worden gebruikt en die niet nader worden omschreven hebben dezelfde betekenis als in de Wet werk en bijstand (WWB), de Algemene wet bestuursrecht (Awb) en de Gemeentewet. In deze verordening wordt verstaan onder: de wet: de Wet Werk Bijstand (WWB). het college: het college van burgemeester en wethouders van Heerenveen de raad: de gemeenteraad van Heerenveen bijdrage: categoriale bijzondere bijstand zoals bedoeld in artikel 35, lid 5 WWB kind: een kind zoals bedoeld in artikel 35, lid 5 WWB. Artikel
- Maatschappelijke participatie De bijdrage voor maatschappelijke participatie voor kinderen biedt aan ouders met een laag inkomen de mogelijkheid hun kinderen maatschappelijk te laten participeren, ter voorkoming van een sociaal isolement of het doorbreken van een sociaal isolement. De bijdrage dient besteed te worden aan sociaal-culturele, educatieve respectievelijk sportieve activiteiten in verband met maatschappelijke participatie. Hoofdstuk 2 Recht op bijzondere bijstand voor maatschappelijke participatie voor kinderen Artikel
- Voorwaarden Uitsluitend een belanghebbende zoals bedoeld in artikel 35 lid 5 WWB, met een in aanmerking te nemen inkomen van ten hoogste een inkomen zoals bedoeld in artikel 35 lid 9 WWB op de datum van aanvraag én gedurende drie aaneengesloten maanden voorafgaand aan de datum van aanvragen komt in aanmerking voor een bijdrage op grond van deze verordening. Artikel
- Bijdrage De bijdrage bedraagt € 200 per kalenderjaar, per kind zoals bedoeld in artikel 35, lid 5 WWB. De bijdrage wordt op aanvraag verstrekt. Per kalenderjaar wordt de aanvraag uiterlijk op de laatste dag van het kalenderjaar ingediend. Degene die op 1 januari van een kalenderjaar een WWB-uitkering voor levensonderhoud ontvangt en voorts voldoet aan de voorwaarden genoemd in artikel 3 van deze verordening, krijgt de bijdrage in het eerste kwartaal ambtshalve uitbetaald. De bijdrage wordt dan door het college verstrekt zonder dat hieraan een aanvraag voorafgaat. Artikel
- Uitvoering Het college kan nadere beleidsregels met betrekking tot de uitvoering van deze regeling vaststellen. Hoofdstuk 3 Slotbepalingen Artikel
- Inwerkingtreding Deze verordening treedt in werking 8 dagen na publicatie en werkt terug tot en met 1 januari
- Artikel
- Citeertitel Deze verordening wordt aangehaald als: Verordening maatschappelijke participatie kinderen. Aldus vastgesteld in de openbare raadsvergadering van 12 april
- De griffier, De voorzitter, mevrouw W.J.M.A. Jansen de heer T.J. van der Zwan Artikelsgewijze toelichting.pdf Raadsvoorstel.pdf Algemene toelichting.pdf Raadsbesluit.pdf