← Nederland

Verordening reinigingsheffingen Peel en Maas 2013 (Peel en Maas)

Verordening reiningingsheffingen Peel en Maas 2013DE RAAD VAN DE GEMEENTE PEEL EN MAAS Gelet op het voorstel 2012-123e van burgemeester en wethouders Gelet op het bepaalde in 229 van de Gemeentewet Gelet op het bepaalde in artikel 15.33 van de wet milieubeheer Gehoord de beraadslagingen Besluit vast te stellen de volgende verordening: Verordening reinigingsheffingen Peel en Maas Hoofdstuk1Algemene bepalingen Artikel1Algemene bepalingen Krachtens deze verordening worden geheven:

  1. een afvalstoffenheffing;
  2. reinigingsrechten. Artikel2Begripsomschrijvingen 1“Gebruik maken” in hoofdstuk II Afvalstoffenheffing: gebruik maken in de zin van artikel 15.33 Wet milieubeheer; 2Huishoudelijke afvalstoffen: afvalstoffen afkomstig uit particuliere huishoudens, afvalwater en autowrakken daaronder niet begrepen, behoudens voor zover het afgegeven of ingezamelde bestanddelen van die afvalstoffen betreft, die zijn aangewezen als gevaarlijke afvalstoffen; 3Grof bedrijfsafval: afvalstoffen, met uitzondering van autowrakken, afkomstig van bedrijven en instellingen, welke door aard, omvang of hoeveelheid niet periodiek worden ingezameld; 4Klein chemisch afval (k.c.a.): de van particuliere huishoudens afkomstige chemische afvalstoffen; 5Herbruikbare afvalstoffen: de als zodanig door het college van burgemeester en wethouders aangewezen afvalstoffen (o.a. oud papier, karton, glas, textiel, oud ijzer/metalen en elektrische en elektronische apparatuur). Hoofdstuk2Afvalstoffenheffing Artikel3Aard van de belasting en belastbaar feit 1Onder de naam 'afvalstoffenheffing' wordt een directe belasting geheven als bedoeld in artikel 15.33 van de Wet milieubeheer. 2De afvalstoffenheffing als bedoeld in deze verordening en de daarbij behorende tarieventabel wordt naar afzonderlijke grondslagen geheven ter zake van het gebruik van een perceel ten aanzien waarvan krachtens artikel 10.21 en 10.22 van de Wet milieubeheer een verplichting tot het inzamelen van huishoudelijke afvalstoffen geldt. Artikel4Belastingplicht 1De belasting wordt geheven van: a. degene die in de gemeente naar de omstandigheden beoordeeld al dan niet krachtens eigendom, bezit, beperkt recht of persoonlijk recht gebruik maakt van een perceel ten aanzien waarvan ingevolge de artikelen 10.21 en 10.22 van de Wet milieubeheer een verplichting tot het inzamelen van huishoudelijke afvalstoffen geldt. b. degene op wiens aanvraag afval wordt opgehaald; c. degene die herbruikbare afvalstoffen achterlaat op één daartoe van gemeentewege ter beschikking gestelde plaats. 2Voor de toepassing van het eerste lid, sub a, wordt: a. gebruik maken van een perceel door de leden van een huishouden aangemerktals gebruik maken door het door de in artikel 231, tweede lid, onderdeel b, van de Gemeentewet bedoelde gemeenteambtenaar aangewezen lid van dat huishouden; b.. gebruikmaken door degene aan wie een deel van een perceel in gebruik is gegeven, aangemerkt als gebruikmaken door degene die dat deel in gebruik heeft gegeven, met dien verstande dat degene die dat deel in gebruik heeft gegeven, bevoegd is de heffing als zodanig te verhalen op degene aan wie dat deel in gebruik is gegeven; c. het ter beschikking stellen van een perceel voor volgtijdig gebruik aangemerkt als gebruikmaken door degene die dat perceel ter beschikking heeft gesteld, met dien verstande dat degene die het perceel ter beschikking heeft gesteld, bevoegd is de heffing als zodanig te verhalen op degene aan wie het perceel ter beschikking is gesteld. Artikel5Maatstaven van heffing en belastingtarief afvalstoffenheffing De belasting wordt geheven naar de maatstaven en tarieven, opgenomen in de bij deze verordening behorende tarieventabel hoofdstuk 1 en
  3. Artikel6Belastingjaar Het belastingjaar is gelijk aan het kalenderjaar. Artikel7Wijze van heffing 1De belasting bedoeld in hoofdstuk 1 van de tarieventabel wordt bij wege van aanslag geheven. 2De belasting bedoeld in hoofdstuk 2 van de tarieventabel wordt geheven door middel van een gedagtekende kennisgeving waarop het verschuldigde bedrag is vermeld. Artikel8Ontstaan van de belastingschuld en heffing naar tijdsgelang voor de jaarlijks verschuldigde afvalstoffenheffing 1De belasting als bedoeld in hoofdstuk 1 van de tarieventabel is verschuldigd bij het begin van het belastingjaar of, zo dit later is, bij de aanvang van de belastingplicht. 2Indien de belastingplicht in de loop van het belastingjaar aanvangt, is de belasting verschuldigd voor zoveel twaalfde gedeelten van de voor dat jaar verschuldigde belasting als er in dat jaar, na de aanvang van de belastingplicht, nog volle kalendermaanden overblijven. 3Indien de belastingplicht in de loop van het belastingjaar eindigt, bestaat aanspraak op ontheffing voor zoveel twaalfde gedeelten van de voor dat jaar verschuldigde belasting als er in dat jaar, na het einde van de belastingplicht, nog volle kalendermaanden overblijven. 4De situatie aan het begin van het belastingjaar of zo dit later is, bij aanvang van de belastingplicht, is bepalend voor de tariefstelling van een éénpersoonshuishouding of meerpersoonshuishouding. Artikel9Ontstaan van de belastingschuld voor de overige afvalstoffenheffing De belasting als bedoeld in de onderdelen opgenomen onder hoofdstuk 2 van de tarieventabel is verschuldigd bij de aanvraag tot inzameling van afval of bij aanvang van het gebruik van de ter beschikking gestelde plaats. Hoofdstuk3Reinigingsrecht Artikel10Belastbaar feit Onder de naam 'reinigingsrecht' worden rechten geheven zowel voor het genot van door of vanwege het gemeentebestuur verstrekte diensten als voor het gebruik van voor de openbare dienst bestemde gemeentebezittingen, werken of inrichtingen die bij de gemeente in beheer of onderhoud zijn. Over het recht is B.T.W. verschuldigd. Artikel11Belastingplicht De rechten worden geheven van degene op wiens aanvraag dan wel ten behoeve van wie de dienst wordt verricht of van degene die van de bezittingen, werken of inrichtingen gebruik maakt. Artikel12Maatstaf van heffing en tarief 1De rechten worden geheven naar de maatstaven en de tarieven, opgenomen in hoofdstuk 3 van de bij deze verordening behorende tarieventabel. 2Voor de berekening van de rechten wordt een gedeelte van een in de tarieventabel genoemde eenheid als een volle eenheid aangemerkt. Artikel13Belastingjaar Het belastingjaar is gelijk aan het kalenderjaar. Artikel14Wijze van heffing De belasting bedoeld in hoofdstuk 3 van de tarieventabel wordt bij wege van aanslag geheven. Artikel15Ontstaan van de belastingschuld en heffing naar tijdsgelang voor de jaarlijks verschuldigde rechten 1De rechten bedoeld in hoofdstuk 3 zijn verschuldigd bij het begin van het belastingjaar of, zo dit later is, bij de aanvang van de belastingplicht. 2Indien de belastingplicht in de loop van het belastingjaar aanvangt, is de belasting verschuldigd voor zoveel twaalfde gedeelten van de voor dat jaar verschuldigde belasting als er in dat jaar, na de aanvang van de belastingplicht, nog volle kalendermaanden overblijven. 3Indien de belastingplicht in de loop van het belastingjaar eindigt, bestaat aanspraak op ontheffing voor zoveel twaalfde gedeelten van de voor dat jaar verschuldigde belasting als er in dat jaar, na het einde van de belastingplicht, nog volle kalendermaanden overblijven. Hoofdstuk4Nadere bepalingen Artikel16Termijnen van betaling 1Bij niet-automatische incoasso: De aanslag moet worden betaald in twee gelijke termijnen, waarvan de eerste vervalt op de laatste dag van de maand volgend op de maand die in de dagtekening van het aanslagbiljet is vermeld en de tweede een maand later. 2Bij automatische incasso: De aanslag moet worden betaald in zoveel gelijke termijnen als er na de maand van de dagtekening van het aanslagbiljet nog niet geëindigde maanden in het kalenderjaar overblijven, met dien verstande dat het aantal termijnen tenminste vier en maximaaal tien bedraagt. 3De in hoofdstuk 2 van de tarieventabel opgenomen bedragen moeten worden betaald binnen 21 dagen na de dagtekening. 4De Algemene Termijnenwet is niet van toepassing op de in dit artikel gestelde termijnen. Artikel17Kwijtschelding Bij de invordering van de afvalstoffenheffing kan kwijtschelding worden verleend voor de in hoofdstuk 1 opgenomen onderdelen 1.1, 1.2.1, 1.3.1.1 en 1.3.2.1 tot maximaal het voor een overeenkomstig huishouden geldende tarief voor een 140 liter restcontainer en een 140 liter gft-container. Artikel18Nadere regels door het college van burgemeester en wethouders Het college van burgemeester en wethouders kan nadere regels geven met betrekking tot de heffing en invordering van de afvalstoffenheffing en het reinigingsrecht. Artikel19Inwerkingtreding nieuwe en intrekking oude verordening 1De Verordening reinigingsheffingen Peel en Maas vastgesteld bij raadsbesluit van 20 december 2011 wordt ingetrokken met ingang van de in het derde lid genoemde datum van ingang van de heffing, met dien verstande dat zij van toepassing blijft op de belastbare feiten die zich voor die datum hebben voorgedaan. 2Deze verordening treedt in werking met ingang van de eerste dag na die van bekendmaking. 3De datum van ingang van de heffing is 1 januari
  4. 4Deze verordening kan worden aangehaald als "Verordening reinigingsheffingen Peel en Maas 2013.” Aldus vastgesteld in de raadsvergadering van : 18 december 2012De raad van de gemeente Peel en Maas, de griffier, de voorzitter,drs. A.G. Joosten W.J.G. Delissen-van Tongerlo Bijlage 1 Tarieventabel behorende bij de verordening reinigingsheffingen Peel en Maas 2013 HOOFDSTUK 1 AFVALSTOFFENHEFFING Onderdeel Omschrijving Tarief in € 1 Basisbedrag 1.1 De belasting bedraagt per perceel per belastingjaar 160,00 1.2 Toeslag 1.2.1 Indien het in onderdeel 1.1 bedoelde perceel wordt gebruikt door meer dan één persoon, wordt het in dat onderdeel genoemde bedrag verhoogd met 50,00 1.2.2 Indien het in onderdeel 1.1 bedoelde perceel naast een restafvalcontainer van 140 liter van een extra restafvalcontainer van 140 liter wordt voorzien, wordt het in dat onderdeel genoemde bedrag per extra container verhoogd met 95,00 1.2.3 Indien het in onderdeel 1.1 bedoelde perceel in plaats van een 140 liter restafvalcontainer een 240 liter restafvalcontainer beschikbaar is gesteld, wordt in dat onderdeel genoemde bedrag verhoogd met 95,00 1.3 In afwijking van het bepaalde in de onderdelen 1 en 1.2 gelden voor de percelen in het gebied waar de nieuwe inzamelmethodiek Peel en Maas wordt toegepast, de volgende tarieven 1.3.1 Basisbedrag 1.3.1.1 De belasting bedraagt per perceel per belastingjaar 148,00 1.3.2 Toeslag 1.3.2.1 Indien het in onderdeel 1.3 bedoelde perceel, wordt gebruikt door meer dan één persoon, wordt het in onderdeel 1.3.1.1 genoemde bedrag verhoogd met 50,00 HOOFDSTUK 2 OVERIGE MAATSTAVEN EN TARIEVEN AFVALSTOFFENHEFFING 2.1 Het recht milieupark Panningen bedraagt voor het brengen van grof huishoudelijk afval, bouw- en sloopafval (hout, puin, dakleer, asbest), autobanden met velg en overige banden 2.1.2 tot maximaal 0,5 m3 geldt een tarief van 2,50 2.1.3 tot maximaal 1m3 geldt een tarief van 5,00 2.1.4 De belasting genoemd onder 2.1 wordt niet geheven voor het achterlaten van: a. klein chemisch afval b. per soort gescheiden herbruikbare afvalstoffen c. personenautobanden zonder velg (max. 4 stuks) 2.2 Voor het op aanvraag aan huis ophalen van grof huishoudelijk afval (geen bouw- en sloopafval) bedraagt 2.2.1 het voorrijdtarief 20,00 2.2.2 vermeerderd met per m3 afval (maximaal 2 m3 per keer) 5,00 2.3 Voor het op aanvraag ophalen van snoeiafval (maximaal 2 m3 per keer) bedraagt het tarief 20,00 HOOFDSTUK 3 REINIGINGSRECHTEN 3.1 Het recht in Helden, Panningen, Egchel, Koningslust, Beringe, Grashoek bedraagt per belastingjaar voor het beschikbaar stellen, het gebruik en/of ledigen van containers en/of ledigen van containers en het verwijderen van de daarin verzamelde bedrijfsafvalstoffen indien het betreft eenmaal per 2 weken: 3.1.1 Een bedrijfscontainer van 140 liter voor verenigingen en niet commerciële instellingen; 150,50 3.1.2 Één bedrijfscontainer van 240 liter voor restafval 264,50 3.1.3 Voor elke volgende beschikbaar gestelde bedrijfscontainer van 240 liter voor restafval, vermeerderd met: 204,00 3.2 Onverminderd het bepaalde in 3.1 bedraagt het recht per belastingjaar voor het beschikbaar stellen, het gebruik en/of ledigen van een gft-container van 140 liter, eenmaal per 2 weken, per container 67,20 3.3 Het recht in Baarlo en Maasbree bedraagt per belastingjaar voor het beschikbaar stellen, het gebruik en/of het ledigen van containers en het verwijderen van de daarin verzamelde afvalstoffen indien het betreft: 3.3.1 Eén container van 140 liter voor restafval 198,00 3.3.2 In combinatie met een emmer/container van 40 liter voor gft-afval 204,00 3.3.3 In combinatie met een container van 140 liter voor gft-afval 222,00 3.3.4 Voor een volgende beschikbare gestelde container van 140 liter 105,00

🔗 Naar officiële bron

AI-uitleg op basis van de officiële wettekst. Indicatief, vervangt geen juridisch advies.