Beleidsregels integrale schuldhulpverlening Lekstroom, gemeente HoutenBELEIDSREGELS INTEGRALE SCHULDHULPVERLENNG LEKSTROOM GEMEENTE HOUTEN Artikel1.Begripsbepalingen In deze regeling wordt verstaan onder: College :College van burgemeester en wethouders van de gemeente Houten; inwoner : ingezetene die op grond van de Wet gemeentelijke basisadministratiepersoonsgegevens bij een gemeente is ingeschreven; schuldhulpverlening : de hulpverlening aangeboden door het College aan inwoners van de gemeente Houten met (potentiële) financiële problemen; aanvrager : persoon die zich tot het College heeft gewend voor schuldhulpverlening schuldregeling : de bemiddelingsfase tussen aanvrager en schuldeisers om een akkoord overde aflossing van de schulden tegen finale kwijting tot stand te brengen Minnelijk: zonder tussenkomst van de rechtbank (Wgs) Wettelijk: rechtbank bepaalt toetreding (Wsnp) Wgs : Wet gemeentelijke schuldhulpverlening Wsnp : Wet sanering natuurlijke personen recidive : een tweede aanmelding van eenzelfde aanvrager recidivist : aanvrager die zich wederom aanmeldt voor schuldhulpverlening trajectplan : plan van aanpak met situatie aanvrager en aanbod producten op basis vanmaatwerk Artikel2.Doelgroep gemeentelijke schuldhulpverlening Alle inwoners van de Gemeente Houten van 18 jaar en ouder kunnen zich tot het College wenden voor schuldhulpverlening. Een uitzondering op deze brede toegankelijkheid wordt gevormd door zelfstandig ondernemers, zo is bepaald in het beleidsplan. Zij kunnen een beroep doen op schuldhulpverlening mits wordt voldaan aan de volgende voorwaarden:
- a)het bedrijf is beëindigd en uitgeschreven bij de Kamer van Koophandel
- b)de schuldpositie is duidelijk
- c)de boekhouding is op orde en de administratie is volledig afgerond. Artikel3.Aanbod schuldhulpverlening Het College verleent aan aanvrager schuldhulpverlening indien het College schuldhulpverlening noodzakelijk acht. De aanvraag wordt getoetst aan de visie en algemene uitgangspunten zoals neergelegd in het beleidsplan integrale schuldhulpverlening 2012 – 2016. Indien de noodzaak niet aanwezig wordt geacht door het College, kan een aanvraag worden geweigerd. De vorm waarin de gemeente schuldhulpverlening aanbiedt, is van meerdere factoren afhankelijk en kan dus per situatie verschillen. De factoren die een rol kunnen spelen zijn: zwaarte en/of omvang van de schulden; psycho-sociale situatie; houding en gedrag van aanvrager (motivatie); een eventueel eerder gebruik van schuldhulpverlening. Het aanbod schuldhulpverlening omvat een of meer producten uit het basispakket integrale schuldhulpverlening zoals beschreven in het beleidsplan. Artikel4.Inlichtingen en medewerking 1.Aanvrager doet aan het College op verzoek of onverwijld uit eigen beweging mededeling van alle feiten en omstandigheden waarvan hem redelijkerwijs duidelijk moet zijn dat zij van invloed kunnen zijn op schuldhulpverlening, zowel bij de aanvraag als gedurende de looptijd van het schuldhulpverleningstraject. 2.Aanvrager is verplicht om alle medewerking te verlenen die redelijkerwijs nodig is gedurende de aanvraagperiode en tijdens het schuldhulpverleningstraject. Artikel5.Weigeren en beëindigen Indien aanvrager niet of in onvoldoende mate zijn verplichtingen nakomt zoals neergelegd in artikel 4, lid 1 en lid 2, kan het College besluiten om schuldhulpverlening te weigeren dan wel te beëindigen. Artikel6.Weigeringgronden Onverminderd hetgeen bepaald in artikel 3 lid 2 van de Wgs, kan het College besluiten tot weigering van de schuldhulpverlening indien: er sprake is van een schuld ontstaan door fraude waarvan de ontstaansdatum minder dan 5 jaar in het verleden ligt; er sprake is van een schuld voortkomend uit criminaliteit (bijvoorbeeld een te betalen schadevergoeding) waardoor een schuldregeling niet mogelijk is. Artikel7.Recidive Een aanvraag schuldhulpverlening kan worden geweigerd, met uitzondering van het product informatie en advies en/of doorverwijzing indien: minder dan 6 maanden voorafgaande aan de dag waarop het verzoek is ingediend, door aanvrager een traject schuldregeling succesvol is doorlopen en de nieuw schuldsituatie is aan de klant te wijten minder dan 6 maanden voorafgaande aan de dag waarop het verzoek is ingediend een schuldregeling tussentijds is beëindigd (minnelijk of wettelijk) ingevolge artikel 5 schuldhulpverlening is geweigerd of beëindigd wegensschending van verplichtingen zoals omschreven in artikel 4 lid 1 en lid 2 ingevolge artikel 6 schuldhulpverlening is geweigerd en er is geen sprake vaneen gewijzigde omstandigheid schuldhulpverlening is beëindigd op grond van artikel 8 sub f, g of h, minder dan 6 maanden voorafgaande aan de dag waarop het verzoek is ingediend, een aanvraag tot schuldregeling door aanvrager is ingetrokken. Artikel8.Beëindiginggronden Onverminderd de overige bepalingen in deze beleidsregels, kan het College besluiten tot beëindiging van de schuldhulpverlening indien: de aanvrager niet voldoet aan het genoemde in artikel 2; het schuldhulpverleningstraject succesvol is afgerond; de aanvrager in staat is om zijn schulden zelf te regelen dan wel in staat is deschulden zelfstandig te beheren; de geboden hulpverlening, gelet op de persoonlijke omstandigheden van deaanvrager, niet (langer) passend is; de schuldhulpverlening door het College niet langer noodzakelijk wordt geacht. de aanvrager zijn beschikbare aflossingscapaciteit niet wil gebruiken voor deaflossing van schulden; op grond van – zo later is gebleken – onjuiste gegevens schuldhulpverlening aande aanvrager is toegekend, terwijl indien dit ten tijde van de besluitvorming bekend wasgeweest bij het College, een andere beslissing zou zijn genomen; de aanvrager zich ten opzichte van de medewerkers, belast met werkzaamheden die voortkomen uit het schuldhulpverleningstraject, misdraagt en/of agressief gedrag vertoont. Artikel9.Doorlooptijden Beperking van de doorlooptijden gedurende het traject heeft een positief effect op zowel de aanvrager als de schuldeisers. Het College acht een termijn van gemiddeld 3 maanden om het trajectplan op te stellen een voor alle partijen acceptabele termijn. De termijn om een schuldregeling tot stand te brengen wordt gesteld op de NVVK-norm van 120 dagen Artikel10.Hardheidsclausule en onvoorziene omstandigheden 1.Het College kan in zeer bijzondere gevallen gemotiveerd afwijken van de bepalingen in deze regeling, indien onverkorte toepassing daarvan aanleiding geeft of zou leiden tot disproportionele onredelijkheid of onbillijkheid. 2.In gevallen waarin deze regeling niet voorzien, beslist het College. Artikel11.Inwerkingtreding Deze regeling treedt in werking per 1 juli 2012 en wordt aangehaald als de regeling “Beleidsregels integrale schuldhulpverlening Houten”. Toelichting op de beleidsregels integrale schuldhulpverlening gemeente Houten. Inleiding algemeenDe gemeenteraad het “Beleidsplan integrale schuldhulpverlening 2012-2016 vastgesteld. In dit beleidsplan is de visie van de gemeente Houten neergelegd op het terrein van integrale schuldhulpverlening. Onderhavige regeling is gebaseerd op de eerste actie uit paragraaf 4 van het beleidsplan te weten: het opstellen van regels met betrekking tot toelating en recidive en het opnemen van richtlijnen ten aanzien van doorlooptijden. Achterliggende gedachte is dat de gemeente Houten behoefte heeft aan heldere spelregels: de burger weet wat de voorwaarden zijn voor toelating tot de schuldhulpverlening en waaraan hij zich dient te houden en de gemeente op haar beurt weet welke verplichtingen zij aan de burger mag opleggen en wanneer zij de toegang tot de schuldhulpverlening kan weigeren of beëindigen. Hierbij speelt mee dat de gemeentelijke schuldhulpverlening vanaf het moment dat de Wet gemeentelijke schuldhulpverlening in werking treedt zijnde 1 juli 2012 onder het regime van de Algemene wet bestuursrecht (Awb) komt te vallen. Op dat moment is het dus van belang om regels met betrekking tot toelating tot de schuldhulpverlening, het opleggen van verplichtingen en het weigeren van hulp in een juridisch vat te hebben gegoten. Artikel 1. BegripsbepalingenDit artikel is gebaseerd op artikel 1 van het wetsvoorstel Wet gemeentelijke schuldhulpverlening. Artikel 2. Doelgroep gemeentelijke schuldhulpverleningConform de visie zoals neergelegd in het beleidsplan 2012-2016 staat schuldhulpverlening in beginsel open voor alle inwoners van Houten van 18 jaar en ouder. Een specifiek doelgroepenbeleid wordt niet gevoerd door de gemeente. Artikel 3. Aanbod schuldhulpverleningIn lid 1 is aangegeven dat het College schuldhulpverlening verleent indien het College schuldhulpverlening noodzakelijk acht. Op deze manier wordt enerzijds recht gedaan aan het beleidsmatige uitgangspunt van de eigen verantwoordelijkheid. Daar waar de burger in staat moet worden geacht om de (dreigende) schuldenproblematiek zelf aan te pakken en te regelen, kan schuldhulpverlening achterwege blijven. Anderzijds wordt middels dit lid, evenals lid 2, recht gedaan aan het beleidsmatige uitgangspunt dat schuldhulpverlening selectief en gericht ingezet dient te worden. Lid 2: Dit artikel toont de kern van schuldhulpverlening nieuwe stijl: een gerichte en selectieve toepassing van schuldhulpverlening. De inzet van producten kan per situatie verschillen. Het doen van het uiteindelijke aanbod schuldhulpverlening is altijd (in meer of mindere mate) maatwerk. Artikel 4. Verplichtingen en gevolgen schending daarvanMet dit artikel wordt de eigen verantwoordelijkheid van de hulpvrager voorop gesteld. Het behoort tot de verantwoordelijkheid van mensen zelf om tijdig de benodigde informatie te geven (lid 1) en medewerking te verlening (lid 2). Dit zowel in de fase van aanvraag als gedurende de looptijd van een traject. Wat betreft de verplichting tot medewerking is in lid 2 een aantal verplichtingen benoemd. Dit is geen limitatieve opsomming. 1 met inwoner wordt bedoeld een 'natuurlijk persoon' Artikel 5. Weigeren en beëindigen Indien aanvrager niet of in onvoldoende mate zijn verplichtingen nakomt zoals neergelegd in artikel 4, leden 1 en 2, kan het College besluiten om schuldhulpverlening te weigeren dan wel te beëindigen. Alvorens dat te doen wordt, conform lid 2, aanvrager een termijn geboden om alsnog, de gevraagde medewerking te verlenen of informatie te verstrekken. De termijn die aan aanvrager wordt gesteld is in dit artikel bewust niet benoemd. De termijn dient een redelijke te zijn. Wat redelijk is, hangt samen met het type verplichting en wordt nader uitgewerkt in de werkprocessen. Komt aanvrager ook gedurende de herstelperiode zijn verplichting niet na, dan kan het College besluiten tot weigering of beëindiging van de schuldhulpverlening.. Artikel 5 is geformuleerd als een zogenaamde “kan”-bepaling. Het College heeft de bevoegdheid tot weigering of beëindiging, maar niet de verplichting. Dit geeft het College met name ruimte om van een weigering of beëindiging af te zien, indien elke vorm van verwijtbaarheid ontbreekt. Artikel 6. WeigeringsgrondenEen schuld ontstaan door fraude zoals omschreven in artikel 6, sub a, dan wel een schuld voortkomend uit criminaliteit (bijvoorbeeld strafboetes, schadevergoeding aan slachtoffer e.d.) zoals omschreven in artikel 6, sub b, is een ernstige belemmering om te komen tot een succesvolle schuldregeling. Het College zal op grond hiervan beslissen tot weigering van een aanbod schuldhulpverlening, met uitzondering van de producten informatie en advies en/of doorverwijzing. Artikel 7. Recidive Wat betreft de bevoegdheid tot weigering van een aanbod schuldhulpverlening in relatie tot eerdere trajecten / contacten schuldhulpverlening, zijn in dit artikel regels gesteld. Op basis van het principe van eigen verantwoordelijkheid, wordt een nadrukkelijke grens gesteld aan het kunnen doen van hernieuwde aanvragen. Dit artikel gaat evenwel niet alleen over eigen verantwoordelijkheid. Dit artikel gaat ook over prioriteitstelling: keuzes tot al dan niet toelaten tot de schuldhulpverlening dienen mede te worden gemaakt tegen de organisatorische achtergrond van beschikbare formatie en tijd. Bij het gebruik van artikel 7 en dus de vraag wanneer welk type hulpverlening wordt geweigerd, is het van belang om de in artikel 8 genoemde begrippen / producten goed te onderscheiden. Bij het bepalen of een persoon al eerder gebruik heeft gemaakt van schuldhulpverlening telt de verleende schuldhulpverlening c.q. de contacten daaromtrent vóór de inwerkingtreding van deze beleidsregels ook mee. De grote beleidsvrijheid zoals aan de gemeente gegeven om een dergelijke recidivebepaling op te nemen, ontslaat de gemeente niet van de verplichting om, daar waar een onevenredige situatie ontstaat voor de burger, af te wijken van het bepaalde van artikel 8 indien nodig (ingevolge artikel 10: de hardheidsclausule). Uitgangspunt is en blijft evenwel het bepaalde in artikel 8. Artikel 8. BeëindiginggrondenIn dit artikel wordt beschreven wanneer schuldhulpverlening kan worden beëindigd. Het artikel laat sowieso de werking van artikel 5 onaangetast. Van de acht gronden zoals benoemd, verdienen de gronden onder d. en e. bijzondere aandacht gelet op de visie zoals neergelegd in het beleidsplan schuldhulpverlening. Daar waar Houten wil staan voor een selectieve en gerichte toepassing van schuldhulpverlening, kan dat betekenen dat schuldhulpverlening wordt beëindigd indien de vorm van hulpverlening niet langer aansluit bij de persoonlijke omstandigheden van de schuldenaar. Een voorbeeld hiervan is wanneer er gedurende schuldhulpverlening sprake is van het verkrijgen van een vermogen zoals een erfenis, waarmee de schulden volledig kunnen worden afgelost. Zie in dat licht ook een duidelijk link met artikel 3 lid 2 van deze beleidsregels. In geval van agessie wordt aangesloten bij het bestaande agressiebeleid van de gemeente Houten. Artikel 9. Wachttijd en doorlooptijdenDe doorlooptijden genoemd in dit artikel zijn te definieren als een termijn van orde. De termijn om te komen tot een trajectplan en daarmee de start van een schuldregeling is op een gemiddelde termijn gesteld. Korter kan en mag, maar verlengen is tevens toegestaan, mits in het belang van alle partijen en gemotiveerd, kan deze termijn met nogmaals gemiddeld drie maanden verlengd worden. Voor de termijn om een schuldregeling tot stand te brengen wordt aangesloten bij de NVVK-norm van 120 dagen. In het algemeen geldt dat de haalbaarheid van doorlooptijden afhangt van veel diverse factoren waarop niet altijd invloed kan worden uitgeoefend. Een strakke naleving kan ten koste gaan van het eindresultaat en is daardoor niet altijd wenselijk. Artikel 10. Hardheidsclausule en onvoorziene omstandighedenDit artikel geeft ruimte aan het College om in bijzondere (lid 1) c.q. onvoorziene (lid 2) gevallen af te wijken van de regels zoals neergelegd in deze regeling. Artikel 11. InwerkingtredingToelichting niet noodzakelijk.