Nr. 290943/291486 De raad van de gemeente Oldebroek; gelezen het voorstel van burgemeester en wethouders van 9 oktober 2017; gelet op artikel 228 van de Gemeentewet; B E S L U I T: vast te stellen de volgende verordening: Verordening op de heffing en de invordering van precariobelasting
- Artikel1Aard van de heffing en belastbaar feit Onder de naam 'precariobelasting' wordt een directe belasting geheven voor het hebben van een kraam, een verkoopwagen of een daarmee gelijk te stellen vervoermiddel en het daarbij innemen van grond voor uitstalling van te verkopen artikelen of eetwaren op of boven voor de openbare dienst bestemde gemeentegrond, anders dan op de week- of jaarmarkt. Artikel2Begripsomschrijvingen In deze verordening wordt verstaan onder dagdeel: morgen: van 06.00-13.00 uur; middag: van 13.00-18.30 uur; avond: van 18.30-22.00 uur. Artikel3Belastingplicht De precariobelasting wordt geheven van degene die een kraam, een verkoopwagen of een daarmee gelijk te stellen vervoermiddel heeft en daarbij grond inneemt voor uitstalling van te verkopen artikelen of eetwaren op of boven voor de openbare dienst bestemde gemeentegrond of van degene voor wie zo'n voorwerp of zulke voorwerpen op of boven voor de openbare dienst bestemde gemeentegrond aanwezig is of zijn, anders dan op de week- of jaarmarkt. Artikel4Maatstaf van heffing en belastingtarief
- Het tarief bedraagt voor een belastbaar feit in de kernen Wezep en Oldebroek, zoals omschreven in artikel 1, per dagdeel, per vierkante meter ingenomen grond € 1,10, met een maximum van € 350,- per dagdeel per kwartaal.
- Voor de berekening van de belasting geldt een gedeelte van een dagdeel als een volledig dagdeel en een gedeelte van een vierkante meter als een hele vierkante meter.
- Voor een belastbaar feit in de kernen Hattemerbroek, ’t Loo, Noordeinde en Oosterwolde bedraagt het tarief € 0,
- Artikel5Wijze van heffing De precariobelasting wordt geheven via aanslag. Artikel6Tijdstip van verschuldigdheid en van betaling
- De belasting is verschuldigd bij het begin van de belastingplicht en moet, in afwijking van artikel 9, eerste lid van de Invorderingswet 1990, worden betaald binnen één maand na de dagtekening van het aanslagbiljet.
- De Algemene termijnenwet is niet van toepassing op de in het eerste lid vermelde termijn. Artikel7Kwijtschelding Bij de invordering van precariobelasting wordt geen kwijtschelding verleend. Artikel8Vrijstellingen De belasting wordt niet geheven:
- voor het hebben van voorwerpen welke volgens wettelijk voorschrift of privaatrechtelijke overeenkomst kosteloos of tegen vergoeding moeten worden toegestaan;
- als huur, pacht, erfpacht of marktgeld is verschuldigd;
- van charitatieve of culturele instellingen. Artikel9Nadere regels door het college van burgemeester en wethouders Het college van burgemeester en wethouders kan nadere regels geven over de heffing en de invordering van precariobelasting. Artikel10Overgangsrecht De 'Verordening precariobelasting 2017' van 10 november 2016 wordt ingetrokken met ingang van 1 januari
- Die verordening blijft echter wel van toepassing op de belastbare feiten die voor die datum hebben plaatsgevonden. Artikel11Inwerkingtreding
- Deze verordening treedt in werking met ingang van de achtste dag na die van de bekendmaking.
- De datum van ingang van de heffing is 1 januari
- Artikel 12 Citeertitel Deze verordening kan worden aangehaald als: ‘Verordening precariobelasting 2018’. Aldus besloten in de openbare vergadering van de gemeenteraad van Oldebroek op 9 november
- , voorzitter mr. A. Hoogendoorn. , griffier J. Tabak.