“VERORDENING VOORZIENINGEN RAADSLEDEN GROOTEGAST 2010” HOOFDSTUKIBEGRIPSOMSCHRIJVINGEN Artikel1 In deze verordening wordt verstaan onder: raadslid: lid van de gemeenteraad; Rechtspositiebesluit raads- en commissieleden: het Koninklijk Besluit van 22 maart 1994, Stb. 244 Reisregeling Binnenland: de vigerende regeling van de Minister van Binnenlandse Zaken en koninkrijksrelaties, regelende de vergoedingen krachtens het Reisbesluit Binnenland, Koninklijk Besluit van 1 maart 1993, Stb. 144 HOOFDSTUKIIVERGOEDING WERKZAAMHEDEN EN VASTE ONKOSTENVERGOEDING Artikel2Vergoeding voor de werkzaamheden Aan het raadslid wordt een vergoeding voor de werkzaamheden toegekend die gelijk is aan het bedrag, vermeld in tabel I van het Rechtspositiebesluit raads- en commissieleden. Artikel3Onkostenvergoeding Aan het raadslid wordt een onkostenvergoeding voor aan de uitoefening van het raadslidmaatschap verbonden kosten toegekend die gelijk is aan het bedrag, vermeld in tabel II van het Rechtspositiebesluit raads- en commissieleden. Aan een raadslid van wie de arbeidsverhouding ingevolge artikel 4, aanhef en onderdeel f, van de Wet op de loonbelasting 1964 voor de toepassing van die wet als dienstbetrekking wordt aangemerkt, wordt in afwijking van het eerste lid een onkostenvergoeding toegekend die gelijk is aan het bedrag, vermeld in tabel III van het Rechtspositiebesluit raads- en commissieleden. Artikel4Verlaging vergoeding werkzaamheden bij arbeidsongeschiktheid De vergoeding voor de werkzaamheden, bedoeld in artikel 2, kan op verzoek van een raadslid worden verlaagd in het geval hij een uitkering ontvangt in verband met gehele of gedeeltelijke arbeidsongeschiktheid. Artikel5Compensatie korting werkloosheidsuitkering In het geval een raadslid een uitkering op grond van de Werkloosheidswet ontvangt en de na toepassing van artikel 20 van die wet ontstane korting op deze uitkering ten gevolge van het uitoefenen van het raadslidmaatschap meer bedraagt dan de in artikel 2 bedoelde vergoeding voor de werkzaamheden die het raadslid ontvangt, wordt deze vergoeding ten laste van de gemeente verhoogd tot het bedrag van bedoelde korting. In het geval dat een raadslid een uitkering op grond van het Besluit Werkloosheid onderwijs- en onderzoekpersoneel ontvangt en de na toepassing van artikel 6, vierde lid, van dat besluit ontstane korting op deze uitkering ten gevolge van het uitoefenen van het raadslidmaatschap meer bedraagt dan de in artikel 2 bedoelde vergoeding voor de werkzaamheden die het raadslid ontvangt, wordt deze vergoeding ten laste van de gemeente verhoogd tot het bedrag van bedoelde korting. Artikel6Berekening en betaling vaste vergoedingen Overeenkomstig het bepaalde in de artikelen 1, onder e, en 8 van het Rechtspositiebesluit raads- en commissieleden vangen de vergoedingen in de artikelen 2 en 3 aan op de dag van het afleggen van de eed of belofte bedoeld in artikel 14 van de Gemeentewet. Overeenkomstig het bepaalde in de artikelen 1, onder e, en 8 van het Rechtspositiebesluit raads- en commissieleden eindigen de vergoedingen bedoeld in de artikelen 2 en 3 op de dag bedoeld in artikel C4, tweede lid, van de Kieswet, dan wel het tijdstip bedoeld in de artikelen X1, eerste en derde lid, X6 en X8, tweede, derde en vijfde lid van de Kieswet. De vergoedingen, bedoeld in de artikelen 2 en 3, worden maandelijks uitbetaald. HOOFDSTUKIIIOVERIGE VOORZIENINGEN Artikel7Reiskosten De ten behoeve van de gemeente gemaakte kosten in verband met reizen buiten het grondgebied van de gemeente, ter uitvoering van een besluit van het gemeentebestuur, worden aan het raadslid vergoed. De in het eerste lid bedoelde vergoeding betreft: bij gebruik van openbare middelen van vervoer en van een (trein)taxi: een volledige vergoeding van de in redelijkheid noodzakelijk gemaakte reiskosten; bij gebruik van een eigen motorvoertuig of bromfiets: een vergoeding van de in redelijkheid noodzakelijk gemaakte reiskosten overeenkomstig de bedragen in de Reisregeling binnenland. Artikel8Verblijfkosten De in redelijkheid noodzakelijk gemaakte verblijfskosten ter zake van reizen buiten het grondgebied van de gemeente, bedoeld in artikel 7, worden aan het raadslid vergoed, tot ten hoogste de bedragen, vastgesteld in de Reisregeling binnenland. Artikel9Cursus, congres, seminar of symposium De kosten van deelname van een raadslid aan cursussen, congressen, seminars en symposia die in het gemeentebelang door of namens de gemeente worden aangeboden of verzorgd komen voor rekening van de gemeente. De gezamenlijke fractievoorzitters, verenigd in de agendacommissie van de raad, bepalen bij meerderheid, welke cursussen, congressen, seminars en symposia door of namens de gemeente aan de raadsleden worden aangeboden. Artikel10Computergebruik Aan raadsleden wordt, voor de uitoefening van het raadslidmaatschap, jaarlijks een tegemoetkoming verleend voor aanschaf en gebruik van een computer, bijbehorende software en een printer. Aan raadsleden wordt een tegemoetkoming verleend in de kosten voor het gebruik van papier en printinkt. De raad stelt de hoogte van de in het eerste en tweede lid bedoelde tegemoetkomingen vast. De tegemoetkoming wordt bij het tussentijds terugtreden van een raadslid verstrekt naar rato van de duur van het raadslidmaatschap. In bijzondere gevallen kan op verzoek de tegemoetkoming zoals bedoeld in lid 1 worden verrekend met een door de gemeente ten behoeve van het betreffende raadslid aangeschafte computer met bijbehorende software en printer. Hiertoe wordt een beschikbaarstellingsverklaring opgesteld en getekend. Artikel11Spaarloonregeling Het raadslid van wie de arbeidsverhouding ingevolge artikel 4, aanhef en onderdeel f, van de Wet op de loonbelasting 1964 voor de toepassing van die wet als dienstbetrekking wordt aangemerkt, kan - op aanvraag en binnen de voorwaarden op grodn van de belastingwetgeving - deelnemen aan de voor het gemeentepersoneel geldende spaarloonregeling. Artikel12Vergoeding lidmaatschap commissies Een lid van de raad dat: lid is van de vertrouwenscommissie bedoeld in art. 61. derde lid van de Gemeentewet lid is van de rekenkamerfunctie, bedoeld in art. 81a van de Gemeentewet lid is van een onderzoekscommissie als bedoeld in art. 155a van de Gemeentewet ontvangt voor de duur van het lidmaatschap van de commissie, dan wel van de duur van de activiteiten een toelage van 5% van de vergoeding op jaarbasis als bedoeld in artikel 2 van deze verordening. HOOFDSTUKIVBETAALBAARSTELLING EN DECLARATIE Artikel13Betaling van tegemoetkomingen en te vergoeden kosten De tegemoetkoming voor het gebruik van een computer en papier/inkt wordt betaalbaar gesteld in de maand december van het lopende exploitatiejaar. De hoogte van de vergoedingen en de tegemoetkoming wordt berekend naar rato van de zittingsduur. Bij een tussentijds vertrek wordt de vergoeding betaalbaar gesteld naar rato van de zittingsduur. Betaling van kosten op grond van de artikelen 7, 8 en 9 van deze verordening vindt plaats door: betaling uit eigen middelen; oF rechtstreekse toezending van de factuur aan de gemeente. Artikel14Declaratie van vooruit betaalde kosten Voor de vergoeding van de kosten, bedoeld in de artikelen 7, 8 en 9 van deze verordening wordt gebruik gemaakt van een vastgesteld declaratieformulier, indien deze kosten uit eigen middelen vooruit zijn betaald. Het declaratieformulier wordt volledig ingevuld en ondertekend binnen 3 maanden na het ontstaan van de kosten bij de griffier ingediend, onder bijvoeging van de originele bewijsstukken. HOOFDSTUKVSLOTBEPALING, CITEERTITEL EN INWERKINGTREDING Artikel15Slotbepaling Voor gevallen, waarin deze verordening niet of niet naar billijkheid voorziet, kan met instemming van de gezamenlijke fractievoorzitters, verenigd in de agendacommissie van de raad, en met inachtnemning van de geldende wettelijke bepalingen een bijzondere regeling worden getroffen. Artikel16Citeertitel Deze verordening wordt aangehaald als Verordening voorzieningen raadsleden. Artikel17Inwerkingtreding Deze verordening treedt in werking op 22 juni 2010 en werkt terug tot en met 9 maart 2010, met dien verstande dat artikel 10 op grond van het besluit dd. 11 januari 2010 (Stcrt 2010, 856) tot wijziging van het Rechtspositiebesluit raads- en commissieleden, terugwerkt tot 1 januari 2009. Artikel18Intrekking oude verordening Door vaststelling van deze verordening wordt de Verordening Geldelijke Voorzieningen Raadsleden, vastgesteld op 5 september 1995 ingetrokken. Aldus vastgesteld door de gemeenteraad van Grootegast in zijn openbare vergadering van 22 juni 2010. H.R. Kastermans, K.B. Dijkstra, raadsgriffier raadsvoorzitter
AI-uitleg op basis van de officiële wettekst. Indicatief, vervangt geen juridisch advies.