Verordening afvalstoffenheffing Leeuwarden 2011 Artikel1Begripsomschrijvingen In deze verordening wordt verstaan onder: Perceel: een perceel – of een zelfstandig gedeelte ervan – ten aanzien waarvan krachtens artikel 10.21 en 10.22 van de Wet milieubeheer een verplichting tot het inzamelen van huishoudelijke afvalstoffen geldt. Artikel2Aard van de belasting en strafbaar feit Onder de naam "afvalstoffenheffing" wordt een directe belasting geheven als bedoeld in artikel 15.33 van de Wet milieubeheer. De afvalstoffenheffing als bedoeld in deze verordening en de daarbij behorende tarieventabel wordt naar afzonderlijke grondslagen geheven voor het feitelijk gebruik van een perceel ten aanzien waarvan krachtens de artikelen 10.21 en 10.22 van de Wet milieubeheer een verplichting tot het inzamelen van huishoudelijke afvalstoffen geldt. Artikel3Belastingplicht De belasting wordt geheven van degene die in de gemeente feitelijk gebruik maakt van een perceel ten aanzien waarvan krachtens de artikelen 10.21 en 10.22 van de Wet milieubeheer een verplichting tot het inzamelen van huishoudelijke afvalstoffen geldt. Voor de toepassing van het eerste lid wordt als gebruiker aangemerkt: a. degene die naar de omstandigheden beoordeeld al dan niet krachtens eigendom, bezit, beperkt recht of persoonlijk recht feitelijk gebruik maakt van het perceel; b. ingeval een gedeelte van een perceel in gebruik is afgestaan: degene die dat gedeelte in gebruik heeft afgestaan. Artikel4Maatstaf van heffing en belastingtarief De belasting wordt geheven naar de maatstaven en tarieven, opgenomen in de bij deze verordening behorende tarieventabel. Artikel5Belastingjaar Het belastingjaar is gelijk aan het kalenderjaar. Artikel6Wijze van heffing
- De belasting bedoeld in hoofdstuk 1 van de tarieventabel wordt geheven bij wege van aanslag geheven. De belasting bedoeld in hoofdstuk 2 van de tarieventabel wordt geheven door middel van een mondelinge dan wel een schriftelijke gedagtekende kennisgeving. Het gevorderde bedrag wordt mondeling, dan wel door toezending of uitreiking van de schriftelijke kennisgeving aan de belastingschuldige bekendgemaakt. Artikel7Ontstaan van de belastingschuld en heffing naar tijdsgelang De belasting is verschuldigd bij het begin van het belastingjaar of, zo dit later is, bij de aanvang van de belastingplicht. Indien de belastingplicht in de loop van het belastingjaar aanvangt, is de belasting bedoeld in hoofdstuk 1 van de bij deze verordening behorende tarieventabel, verschuldigd voor zoveel twaalfde gedeelten van de voor dat jaar verschuldigde belasting als er in dat jaar, na de aanvang van de belastingplicht, nog volle kalendermaanden overblijven. Indien de belastingplicht in de loop van het belastingjaar eindigt, bestaat aanspraak op ontheffing voor zoveel twaalfde gedeelten van de voor dat jaar verschuldigde belasting als er in dat jaar, na het einde van de belastingplicht, nog volle kalendermaanden overblijven. Het tweede en het derde lid zijn niet van toepassing indien de belastingplichtige binnen de gemeente verhuist en aldaar een ander perceel in feitelijk gebruik neemt. De belasting bedoeld in hoofdstuk 2 van de tarieventabel is verschuldigd bij de aanvang van de dienstverlening. Artikel8Tijdstip van betaling en betaling in termijnen In afwijking van artikel 9, eerste lid, van de Invorderingswet 1990 moet de aanslagen worden betaald binnen dertig dagen na dagtekening van de aanslag. In afwijking van het eerste lid geldt dat zolang de verschuldigde bedragen door middel van automatische betalingsincasso kunnen worden afgeschreven, de aanslagen moeten worden betaald in acht gelijke termijnen. De eerste termijn vervalt een maand na de dagtekening van het aanslagbiljet en elk van de volgende termijnen telkens een maand later. De Algemene Termijnenwet is niet van toepassing op de in de voorgaande leden gestelde termijnen. Artikel9Kwijtschelding Bij de invordering van de afvalstoffenheffing bedoeld in in hoofdstuk 1 van de bij deze verordening behorende tarieventabel kan kwijtschelding worden verleend. Binnen de kaders van de wet wordt de meest ruimhartige vorm voor de beoordeling van het kwijtscheldingsverzoek gehanteerd. Artikel10Overdracht bevoegdheden door de raad Het college van burgemeester en wethouders is bevoegd tot het redactioneel aanpassen van deze verordening en de bijbehorende tarieventabel alsmede het wijzigen van de tarieven die voortvloeien uit hogere regelgeving. Artikel11Nadere regels door het college van burgemeester en wethouders Het college van burgemeester en wethouders kan nadere regels geven met betrekking tot de heffing en invordering van de afvalstoffenheffing. Artikel12Citeertitel Deze verordening wordt aangehaald als "Verordening afvalstoffenhefing Leeuwarden 2011". Artikel13Inwerkingtreding De "Verordening Reinigingsheffingen Leeuwarden 2010", vastgesteld bij raadsbesluit van 14 december 2009, wordt ingetrokken met ingang van de in het derde lid genoemde datum van ingang van de heffing, met dien verstande dat zij van toepassing blijft op de belastbare feiten die zich voor die datum hebben voorgedaan. Deze verordening treedt in werking met ingang van de eerste dag na die van bekendmaking. De datum van ingang van de heffing is 1 januari
- Aldus vastgesteld in de openbare vergadering van 15 december
- De voorzitter, De griffier, Algemeen (*) Tarief overeenkomstig de tarieven van OMRIN. 2010 2011 stijging Hoofdstuk 1 1.1 De belasting voor het inzamelen van huishoudelijke afvalstoffen bedraagt, per perceel, per jaar € 275,56 € 252,30 -12,25% 1.2 In afwijking van het gestelde in 1.1, bedraagt het tarief voor een perceel met een huishouding van één persoon op de peildatum van 1 januari van het belastingjaar, per perceel, per jaar € 240,65 € 194,08 -12,25% 1.3 Indien de belastingplicht in de loop van het belastingjaar aanvangt, is het moment van aanvang bepalend voor het aantal personen van het huishouden. 1.4 De belasting als bedoeld in 1.1 en 1.2, wordt vermeerderd voor het op 1 januari van het belastingjaar, of indien de belastingplicht later aanvangt, bij aanvang van de belastingplicht, in bruikleen hebben van een extra (= boven hetgeen volgens de APV aan het perceel is verstrekt): container voor restafval van 240 liter, per container, per jaar € 113,25 € 91,34 -12,25% 1.5 Indien de container groter is dan 240 liter, wordt het tarief genoemd in 1.2 vermenigvuldigd met het aantal eenheden of gedeelten van eenheden naar grootte van de container. Hoofdstuk 2 2.1 Onverminderd het bepaalde in hoofdstuk 1 bedraagt de belasting voor het brengen van huishoudelijke afvalstoffen, zoals bouw- en sloopafval, dakleer, gipsplaten en gipsblokken, hout en puin, naar de milieustraat, per hoeveelheid gelijk aan of minder dan de inhoud van een 2.1.1 kofferbak van een personenwagen, per kofferbak (*) € 5,00 € 5,00 0,00% 2.1.2 kleine aanhanger, per aanhanger klein (*) € 12,00 € 12,00 0,00% 2.1.3 grote aanhanger per aanhanger groot (*) € 35,00 € 35,00 0,00% 2.2 Voor het brengen van de volgende huishoudelijke afvalstoffen is geen belasting verschuldigd: asbest, glas, grof afval, grof snoeiafval, grond, klein chemisch afval, kringloopgoederen, metalen, papier, tapijten, textiel, wit- en bruingoed. Behorende bij het raadsbesluit van 15 december
- De griffier van Leeuwarden,