Verordening op de heffing en invordering van verbrede rioolheffingen januari-februari 2011De raad van de gemeente Schijndel; gezien het voorstel van burgemeester en wethouders d.d. 9 november 2010; gelet op artikel 228a van de Gemeentewet; Besluit Vast te stellen de volgende: “Verordening op de heffing en invordering van verbrede rioolheffingen januari-februari 2011”. Artikel1Begripsomschrijvingen In deze verordening wordt verstaan onder: water: huishoudelijk afvalwater, bedrijfsafvalwater, hemelwater of grondwater; locatie: een gebouwde onroerende zaak of een zelfstandig gedeelte daarvan; gemeentelijke riolering: een voorziening of combinatie van voorzieningen voor inzameling, verwerking, zuivering of transport van afvalwater, hemelwater of grondwater, in eigendom, in beheer of in onderhoud bij de gemeente; kalenderjaar: de periode van 1 januari tot en met 31 december; lozingsperiode: het aantal maanden dat de incidentele lozing heeft plaats gevonden. Artikel2Aard van de belasting Onder de naam rioolheffing wordt een directe belasting geheven ter bestrijding van de kosten die voor de gemeente verbonden zijn aan: de inzameling en het transport van huishoudelijk afvalwater en bedrijfsafvalwater; en de inzameling van afvloeiend hemelwater en de verwerking van het ingezamelde hemelwater, alsmede het treffen van maatregelen teneinde structureel nadelige gevolgen van de grondwaterstand voor de aan de grond gegeven bestemming zoveel mogelijk te voorkomen of beperken. Artikel3Belastbaar feit en belastingplicht 1.De belasting wordt geheven: van degene die bij het begin van het kalenderjaar het genot heeft krachtens eigendom, bezit of beperkt recht van een locatie van waaruit direct of indirect water wordt afgevoerd op de gemeentelijke riolering, verder te noemen: eigenarendeel; en van de gebruiker van een locatie van waaruit direct of indirect water wordt afgevoerd op de gemeentelijke riolering, verder te noemen: gebruikersdeel. 2.Indien gedeelten van een in het voorgaande lid bedoelde locatie blijkens hun indeling bestemd zijn om als afzonderlijk geheel te worden gebruikt, wordt de heffing geheven ter zake van elk als zodanig bestemd gedeelte, met dien verstande dat indien twee of meer van die gedeelten tezamen als één geheel worden gebruikt, deze als één locatie worden aangemerkt. 3.Met betrekking tot het eigenarendeel wordt, als genothebbende krachtens eigendom, bezit of beperkt recht aangemerkt degene die bij het begin van het kalenderjaar als zodanig in de kadastrale registratie is vermeld, tenzij blijkt dat hij op dat tijdstip geen genothebbende krachtens eigendom, bezit of beperkt recht is. 4.Met betrekking tot het gebruikersdeel, wordt als gebruiker aangemerkt: degene die naar de omstandigheden beoordeeld de locatie al dan niet krachtens eigendom, bezit, beperkt recht of persoonlijk recht gebruikt; ingeval een gedeelte van een locatie – niet een gedeelte als bedoeld in het tweede lid – voor gebruik is afgestaan: degene die dat gedeelte voor gebruik heeft afgestaan; bij gebruik van een locatie door meer dan één persoon, tezamen niet een huishouding vormend, één van de gebruikers van de locatie. 5.Onder de naam incidentele rioolheffing wordt een belasting geheven voor het direct of indirect afvoeren van water op de gemeentelijke riolering op basis van een tijdelijke toestemming. 6.De belasting als bedoeld in het vijfde lid wordt geheven van degene aan wie de tijdelijke toestemming is verleend. Artikel4Maatstaf van heffing 1.De heffingsmaatstaf voor de belasting voor het eigenarendeel, is de waarde in het economisch verkeer van de locatie, zoals deze op de voet van hoofdstuk IV van de Wet waardering onroerende zaken voor de onroerende zaak vastgestelde waarde zoals deze voor het in artikel 6 bedoelde kalenderjaar geldt. 2.Ingeval voor de locatie geen waarde op de voet van hoofdstuk IV van de Wet waardering onroerende zaken is vastgesteld, wordt de heffingsmaatstaf van die locatie bepaald met overeenkomstige toepassing van het bepaalde bij of krachtens de artikelen 17, 18 en 20, tweede lid, van de Wet waardering onroerende zaken. 3.De belasting voor het gebruikersdeel, wordt geheven naar een vast bedrag per locatie van waaruit water direct of indirect via de gemeentelijke riolering wordt afgevoerd. 4.De incidentele rioolheffing wordt geheven over de lozingsperiode, alsmede de hoeveelheid water die in die periode via het riool wordt afgevoerd. 5.Indien de lozingsperiode als bedoeld in het voorgaande lid, het kalenderjaar overschrijdt wordt de totale hoeveelheid afgevoerd water omgerekend op basis van het gemiddelde verbruik per maand naar het aantal maanden van de lozingsperiode die binnen het kalenderjaar vallen. Artikel5Tarief 1.het tarief voor het eigenarendeel bedraagt 0,0135% van de heffingsmaatstaf 2.Het tarief voor het gebruikersdeel bedraagt: € 24,
AI-uitleg op basis van de officiële wettekst. Indicatief, vervangt geen juridisch advies.